2009-07-01 | BWBR0005416 | Gemeentewet
This commit is contained in:
parent
4cc5287610
commit
28af8d7b44
1 changed files with 33 additions and 61 deletions
|
|
@ -1619,13 +1619,13 @@ De bepalingen van gemeentelijke verordeningen in wier onderwerp door een wet, ee
|
|||
|
||||
### Artikel 125
|
||||
|
||||
**1.** Het gemeentebestuur is bevoegd tot toepassing van bestuursdwang.
|
||||
**1.** Het gemeentebestuur is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang.
|
||||
|
||||
**2.** De bevoegdheid tot toepassing van bestuursdwang wordt uitgeoefend door het college, indien de toepassing van bestuursdwang dient tot handhaving van regels welke het gemeentebestuur uitvoert.
|
||||
**2.** De bevoegdheid tot oplegging van een last onder bestuursdwang wordt uitgeoefend door het college, indien de last dient tot handhaving van regels welke het gemeentebestuur uitvoert.
|
||||
|
||||
**3.** De bevoegdheid tot toepassing van bestuursdwang wordt evenwel uitgeoefend door de burgemeester, indien de toepassing van bestuursdwang dient tot handhaving van regels welke hij uitvoert.
|
||||
**3.** De bevoegdheid tot oplegging van een last onder bestuursdwang wordt uitgeoefend door de burgemeester, indien de last dient tot handhaving van regels welke hij uitvoert.
|
||||
|
||||
**4.** Een bestuurscommissie, een deelraad, het dagelijks bestuur van een deelgemeente of de voorzitter van het dagelijks bestuur van een deelgemeente waaraan bevoegdheden van de raad, het college of de burgemeester zijn overgedragen, bezit de bevoegdheid tot toepassing van bestuursdwang en de bevoegdheid tot het geven van een machtiging tot binnentreden van een woning slechts indien ook die bevoegdheid uitdrukkelijk is overgedragen.
|
||||
**4.** Een bestuurscommissie, een deelraad, het dagelijks bestuur van een deelgemeente of de voorzitter van het dagelijks bestuur van een deelgemeente waaraan bevoegdheden van de raad, het college of de burgemeester zijn overgedragen, bezit de bevoegdheid tot oplegging van een last onder bestuursdwang en de bevoegdheid tot het geven van een machtiging tot binnentreden van een woning slechts indien ook die bevoegdheid uitdrukkelijk is overgedragen.
|
||||
|
||||
### Artikel 126
|
||||
|
||||
|
|
@ -1665,7 +1665,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 135
|
||||
|
||||
**1.** In geval van toepassing van artikel 124 kunnen gedeputeerde staten, onderscheidenlijk de commissaris van de Koning bestuursdwang toepassen namens het gemeentebestuur en ten laste van de gemeente.
|
||||
**1.** In geval van toepassing van artikel 124 kunnen gedeputeerde staten, onderscheidenlijk de commissaris van de Koning een last onder bestuursdwang opleggen namens het gemeentebestuur en ten laste van de gemeente.
|
||||
|
||||
**2.** De gemeente heeft in dat geval voor het bedrag van de te haren laste gebrachte kosten verhaal op de overtreder.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1689,9 +1689,18 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
**1.** Besluiten van het gemeentebestuur die algemeen verbindende voorschriften inhouden, verbinden niet dan wanneer zij zijn bekendgemaakt.
|
||||
|
||||
**2.** De bekendmaking geschiedt door plaatsing in het gemeenteblad, dan wel, bij gebreke daarvan, door opneming in een andere door de gemeente algemeen verkrijgbaar gestelde uitgave.
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
**3.** Bij de bekendmaking van een besluit dat aan goedkeuring is onderworpen, wordt de dagtekening vermeld van het besluit waarbij die goedkeuring is verleend of wordt de mededeling gedaan van de omstandigheid dat ingevolge artikel 10:31, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht een besluit tot goedkeuring wordt geacht te zijn genomen.
|
||||
De bekendmaking geschiedt:
|
||||
|
||||
a. door plaatsing in het op een algemeen toegankelijke wijze uit te geven gemeenteblad;
|
||||
b. bij gebreke van een gemeenteblad, door terinzagelegging voor de tijd van twaalf weken op de gemeentesecretarie of op een andere door het college te bepalen plaats en door het doen van mededeling daarvan in een plaatselijk verschijnend dag-, nieuws- of huis-aan-huisblad.
|
||||
|
||||
**3.** Het gemeenteblad kan elektronisch worden uitgegeven. Na de uitgifte blijft het gemeenteblad elektronisch op een algemeen toegankelijke wijze beschikbaar. Indien elektronische uitgifte geheel of gedeeltelijk onmogelijk is, voorziet het gemeentebestuur in een vervangende uitgave. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden omtrent het bepaalde in de eerste en tweede volzin nadere regels gesteld.
|
||||
|
||||
**4.** Voor het inzien van een overeenkomstig het tweede lid bekendgemaakt besluit worden geen kosten in rekening gebracht.
|
||||
|
||||
**5.** Bij de bekendmaking van een besluit dat aan goedkeuring is onderworpen, wordt de dagtekening vermeld van het besluit waarbij die goedkeuring is verleend of wordt de mededeling gedaan van de omstandigheid dat ingevolge artikel 10:31, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht een besluit tot goedkeuring wordt geacht te zijn genomen.
|
||||
|
||||
### Artikel 140
|
||||
|
||||
|
|
@ -1699,7 +1708,7 @@ Besluiten van het gemeentebestuur die algemeen verbindende voorschriften inhoude
|
|||
|
||||
### Artikel 141
|
||||
|
||||
Een ieder kan op zijn verzoek een afschrift verkrijgen van de besluiten van het gemeentebestuur die ingevolge artikel 140 ter inzage liggen.
|
||||
Een ieder kan op verzoek een papieren afschrift verkrijgen van de besluiten van het gemeentebestuur die algemeen verbindende voorschriften inhouden. Het afschrift wordt verstrekt tegen ten hoogste de kosten van het maken van het afschrift.
|
||||
|
||||
### Artikel 142
|
||||
|
||||
|
|
@ -1831,10 +1840,6 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
**3.** De in het eerste lid bedoelde strafbare feiten zijn overtredingen.
|
||||
|
||||
**4.** Onder overtreder wordt verstaan: degene die de overtreding pleegt of medepleegt.
|
||||
|
||||
**5.** Artikel 51 van het Wetboek van Strafrecht is van overeenkomstige toepassing op gedragingen, bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 154a
|
||||
|
||||
**1.** De raad kan bij verordening de burgemeester de bevoegdheid verlenen om door de burgemeester aangewezen groepen van personen, op een door de burgemeester aangegeven plaats tijdelijk te doen ophouden. De ophouding kan mede omvatten, indien nodig, het overbrengen naar die plaats.
|
||||
|
|
@ -1893,84 +1898,51 @@ De voordracht voor een krachtens dit lid vast te stellen algemene maatregel van
|
|||
|
||||
**4.** De bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete wordt uitgeoefend door het college. Deze bevoegdheid wordt uitgeoefend door de burgemeester, indien de toepassing van dit middel dient tot handhaving van regels welke hij uitvoert.
|
||||
|
||||
**5.** Tot het uitreiken van een aankondiging van de beschikking waarin de bestuurlijke boete wordt opgelegd, kan slechts een ondergeschikte die tevens buitengewoon opsporingsambtenaar is, worden gemachtigd. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere eisen gesteld worden aan de ondergeschikte.
|
||||
**5.** In het overleg, bedoeld in artikel 14 van de Politiewet 1993, vindt afstemming plaats over de inzet en werkwijze met betrekking tot de aanpak van overlast in de openbare ruimte door de politie en de ondergeschikten, bedoeld in artikel 154c, tweede lid.
|
||||
|
||||
**6.** In het overleg, bedoeld in artikel 14 van de Politiewet 1993, vindt afstemming plaats over de inzet en werkwijze met betrekking tot de aanpak van overlast in de openbare ruimte door de politie en de ondergeschikten, bedoeld in het vijfde lid.
|
||||
**6.** Bij algemene maatregel van bestuur worden de verschillende boetecategorieën en de hoogte van de bestuurlijke boete bepaald. Voor zover voor een voorschrift de boetecategorie en de hoogte van de boete niet bij algemene maatregel van bestuur zijn bepaald, stelt de raad deze vast in de verordening, bedoeld in het eerste lid. De bestuurlijke boete kan voor natuurlijke personen niet hoger zijn dan € 340 per gedraging en voor rechtspersonen niet hoger zijn dan € 2250 per gedraging.
|
||||
|
||||
**7.** Bij algemene maatregel van bestuur worden de verschillende boetecategorieën en de hoogte van de bestuurlijke boete bepaald. Voor zover voor een voorschrift de boetecategorie en de hoogte van de boete niet bij algemene maatregel van bestuur zijn bepaald, stelt de raad deze vast in de verordening, bedoeld in het eerste lid. De bestuurlijke boete kan voor natuurlijke personen niet hoger zijn dan € 340 per gedraging en voor rechtspersonen niet hoger zijn dan € 2250 per gedraging.
|
||||
|
||||
**8.** Indien de overtreder aannemelijk maakt dat de bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde bestuurlijke boete wegens bijzondere omstandigheden te hoog is, wordt een lagere bestuurlijke boete opgelegd.
|
||||
|
||||
**9.** Een bestuurlijke boete kan slechts worden opgelegd aan personen die ten tijde van de overtreding 12 jaar of ouder waren. De bestuurlijke boete wordt voor personen die ten tijde van de overtreding nog geen zestien jaar oud waren, gehalveerd.
|
||||
**7.** Een bestuurlijke boete kan slechts worden opgelegd aan personen die ten tijde van de overtreding 12 jaar of ouder waren. De bestuurlijke boete wordt voor personen die ten tijde van de overtreding nog geen zestien jaar oud waren, gehalveerd.
|
||||
|
||||
### Artikel 154c
|
||||
|
||||
**1.** De bestuurlijke boete wordt opgelegd bij gedagtekende beschikking. De beschikking bevat een korte omschrijving, onder verwijzing naar de aanduiding in de verordening, van de overtreding ter zake waarvan zij is gegeven, de datum en het tijdstip waarop, alsmede de plaats waar de gedraging is geconstateerd. Voorts bevat zij het verschuldigde bedrag van de bestuurlijke boete.
|
||||
**1.** Zo mogelijk maakt het bestuursorgaan of de ondergeschikte, bedoeld in het tweede lid, terstond na constatering van de overtreding daarvan een rapport op en reikt een afschrift van dat rapport uit aan de overtreder.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
**2.** Tot het opmaken van een rapport kan slechts worden gemachtigd een ondergeschikte van het bestuursorgaan, die tevens buitengewoon opsporingsambtenaar is. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere eisen gesteld worden aan de ondergeschikte.
|
||||
|
||||
Zo mogelijk wordt door de ondergeschikte, bedoeld in artikel 154b, vijfde lid, terstond na constatering van de overtreding aan de overtreder een rapport uitgereikt, waarin de beschikking wordt aangekondigd. Dit rapport is gedagtekend en vermeldt:
|
||||
|
||||
a. de naam van de overtreder;
|
||||
b. de overtreding alsmede het overtreden voorschrift;
|
||||
c. een aanduiding van de plaats waar en het tijdstip waarop de overtreding is geconstateerd.
|
||||
d. de hoogte van de op de overtreding gestelde boete, en
|
||||
e. het bestuursorgaan dat de bestuurlijke boete zal opleggen.
|
||||
|
||||
**3.** De beschikking wordt binnen acht weken nadat de overtreding is geconstateerd aan de overtreder gezonden.
|
||||
|
||||
**4.** De beschikking vermeldt de wijze van betaling en de dag waarop de bestuurlijke boete uiterlijk moet zijn voldaan.
|
||||
|
||||
**5.** De beschikking wordt gezonden naar het adres dat de betrokkene heeft opgegeven. Indien de beschikking onbestelbaar blijkt te zijn, wordt deze gezonden naar het in de basisregistratie persoonsgegevens vermelde adres, tenzij dit hetzelfde is als het opgegeven adres. Indien de beschikking op het in de basisadministratie persoonsgegevens vermelde adres onbestelbaar blijkt te zijn, wordt de beschikking geacht aan de betrokkene bekend te zijn.
|
||||
**3.** Onverminderd artikel 5:48, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, vermeldt het rapport het bestuursorgaan dat de bestuurlijke boete zal opleggen.
|
||||
|
||||
### Artikel 154d
|
||||
|
||||
**1.** Degene die wordt verhoord met het oog op het opleggen van een bestuurlijke boete, is niet verplicht ten behoeve daarvan verklaringen omtrent de overtreding af te leggen.
|
||||
|
||||
**2.** Voor het verhoor wordt aan de betrokkene medegedeeld dat hij niet verplicht is tot antwoorden.
|
||||
Artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing op een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 154b, eerste lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 154e
|
||||
|
||||
**1.** Het bestuursorgaan legt geen bestuurlijke boete op voorzover de overtreding niet aan de overtreder kan worden verweten.
|
||||
|
||||
**2.** Het bestuursorgaan legt geen sanctie op voorzover voor de overtreding een rechtvaardigingsgrond bestond.
|
||||
De beschikking tot oplegging van de bestuurlijke boete wordt gezonden naar het adres dat de overtreder heeft opgegeven. Indien de beschikking onbestelbaar blijkt te zijn, wordt deze gezonden naar het in de basisregistratie laatst vermelde adres, tenzij dit hetzelfde is als het opgegeven adres. Indien de beschikking op het in de basisadministratie persoonsgegevens vermelde adres onbestelbaar blijkt te zijn, wordt de beschikking geacht aan de overtreder bekend te zijn.
|
||||
|
||||
### Artikel 154f
|
||||
|
||||
**1.** Het bestuursorgaan legt geen bestuurlijke boete op indien de overtreder is overleden.
|
||||
|
||||
**2.** Een bestuurlijke boete vervalt indien zij op het tijdstip van het overlijden van de overtreder niet onherroepelijk is. Een onherroepelijke bestuurlijke boete vervalt voorzover zij op dat tijdstip nog niet is betaald.
|
||||
In afwijking van artikel 5:45, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, vervalt de bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete drie jaren nadat de overtreding heeft plaatsgevonden.
|
||||
|
||||
### Artikel 154g
|
||||
|
||||
Het bestuursorgaan legt geen bestuurlijke boete op indien aan de overtreder wegens dezelfde overtreding reeds eerder een bestuurlijke boete is opgelegd.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 154h
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het bestuursorgaan legt geen bestuurlijke boete op indien tegen de overtreder wegens dezelfde gedraging:
|
||||
|
||||
a. een strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting is begonnen, of
|
||||
b. het recht tot strafvervolging is vervallen ingevolge artikel 74 of 74c van het Wetboek van Strafrecht.
|
||||
|
||||
**2.** Het recht tot strafvervolging vervalt indien het bestuursorgaan wegens dezelfde gedraging reeds een bestuurlijke boete heeft opgelegd.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 154i
|
||||
|
||||
**1.** De bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete vervalt drie jaren nadat de overtreding heeft plaatsgevonden.
|
||||
|
||||
**2.** Indien tegen de bestuurlijke boete bezwaar wordt gemaakt of beroep wordt ingesteld, wordt de vervaltermijn opgeschort tot onherroepelijk op het bezwaar of beroep is beslist.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 154j
|
||||
|
||||
**1.** Het bestuursorgaan stelt de overtreder desgevraagd in de gelegenheid de gegevens waarop het opleggen van de bestuurlijke boete, dan wel het voornemen daartoe, berust, in te zien en daarvan afschriften te vervaardigen.
|
||||
|
||||
**2.** Voorzover blijkt dat de verdediging van de overtreder dit redelijkerwijs vergt, draagt het bestuursorgaan er zoveel mogelijk zorg voor dat deze gegevens aan de overtreder worden medegedeeld in een voor hem begrijpelijke taal.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 154k
|
||||
|
||||
**1.** Tegen een op grond van artikel 154c opgelegde beschikking kan een belanghebbende beroep instellen bij de rechtbank. Het beroep wordt behandeld en beslist door de kantonrechter. Hoofdstuk 8 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
|
||||
**1.** Tegen een beschikking tot oplegging van een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 154b, eerste lid, kan een belanghebbende beroep instellen bij de rechtbank. Het beroep wordt behandeld en beslist door de kantonrechter. Hoofdstuk 8 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
|
||||
|
||||
**2.** De artikelen 6, tweede lid, 10 en 12 tot en met 20d van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat telkens voor «officier van justitie» wordt gelezen: de burgemeester of het college.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2254,7 +2226,7 @@ b. zijn bevindingen over het eerste lid, onder c.
|
|||
|
||||
**4.** Bij de bekendmaking van het besluit worden belanghebbenden in de gelegenheid gesteld binnen een te stellen termijn maatregelen te treffen waardoor de verstoring van de openbare orde wordt beëindigd. De eerste volzin is niet van toepassing, indien voorafgaande bekendmaking in spoedeisende gevallen niet mogelijk is.
|
||||
|
||||
**5.** De artikelen 5:25 tot en met 5:28 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**5.** De artikelen 5:25 tot en met 5:28 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing. De burgemeester kan van de overtreder de ingevolge artikel 5:25 van de Algemene wet bestuursrecht verschuldigde kosten invorderen bij dwangbevel.
|
||||
|
||||
### Artikel 175
|
||||
|
||||
|
|
@ -3109,7 +3081,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 249
|
||||
|
||||
Bij de invordering van gemeentelijke belastingen blijven van de Invorderingswet 1990 buiten toepassing de artikelen 5, 20, 2159, 62 en 69. Bij de invordering van gemeentelijke belastingen die op andere wijze worden geheven, blijven bovendien de artikelen 7, derde lid, en 8, eerste lid, van die wet buiten toepassing.
|
||||
Bij de invordering van gemeentelijke belastingen blijven van de Invorderingswet 1990 buiten toepassing de artikelen 5, 20, 2159, 62 en 69. Bij de invordering van gemeentelijke belastingen die op andere wijze worden geheven, blijft bovendien artikel 8, eerste lid, van die wet buiten toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 250
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue