diff --git a/wet/wet-verontreiniging-zeewater/BWBR0002975/README.md b/wet/wet-verontreiniging-zeewater/BWBR0002975/README.md index de616aeec1e..162748b1a36 100644 --- a/wet/wet-verontreiniging-zeewater/BWBR0002975/README.md +++ b/wet/wet-verontreiniging-zeewater/BWBR0002975/README.md @@ -14,24 +14,21 @@ citeertitel: Wet verontreiniging zeewater **1.** -Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt verstaan onder: +In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: + +lozen: het zich ontdoen van stoffen door deze vanaf of vanuit werken opgericht op de zeebodem, vaartuigen of luchtvaartuigen in zee te brengen, dan wel het zich in zee ontdoen van werken opgericht op de zeebodem, vaartuigen of luchtvaartuigen; Onze Minister: Onze Minister van Verkeer en Waterstaat; -het Verdrag: het op 15 februari 1972 te Oslo tot stand gekomen Verdrag, met bijlagen, ter voorkoming van verontreiniging van de zee tengevolge van het storten uit schepen en luchtvaartuigen (*Trb.* 1972, 62); +Protocol: het op 7 november 1996 te Londen tot stand gekomen Protocol bij het op 29 december 1972 te Londen tot stand gekomen Verdrag inzake de voorkoming van verontreiniging van de zee ten gevolge van het storten van afval en andere stoffen (Trb. 1998, 134 en Trb. 2000, 27); -lozen: zich ontdoen van stoffen door deze door of van vaartuigen of luchtvaartuigen in het water van de zee te brengen; +Verdrag: het op 22 september 1992 te Parijs tot stand gekomen Verdrag inzake de bescherming van het mariene milieu in het noordoostelijk deel van de Atlantische Oceaan (Trb. 1993, 16); -het VN-Zeerechtverdrag: het op 10 december 1982 te Montego-Bay totstandgekomen Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee (Trb. 1983, 83). +VN-Zeerechtverdrag: het op 10 december 1982 te Montego-Bay tot stand gekomen Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee (Trb. 1983, 83); -**2.** Onder lozen wordt voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde mede verstaan het zich ontdoen van stoffen door deze op zee aan boord van een vaartuig te verbranden. +zee: alle mariene wateren, met uitzondering van de binnenwateren van staten, met inbegrip van de bodem en de ondergrond daarvan. -**3.** - -Onder vaartuigen worden voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde mede verstaan: - -a. installaties, opgericht op de bodem van de territoriale zee of van dat deel van de Noordzee, waarvan de grenzen samenvallen met die van het aan Nederland toekomende gedeelte van het continentaal plat; -b. luchtkussenvaartuigen. +**2.** Onder lozen wordt in deze wet en de daarop berustende bepalingen mede verstaan het zich ontdoen van stoffen door deze op zee op of vanaf een werk opgericht op de zeebodem of een vaartuig te verbranden. ### Artikel 1a @@ -44,27 +41,17 @@ b. luchtkussenvaartuigen. Deze wet is niet van toepassing op: a. het lozen, voorzover daaromtrent regelen zijn gesteld bij of krachtens de Wet voorkoming verontreiniging door schepen (*Stb.* 1983, 683); -b. het lozen, het aan boord nemen en het ten vervoer afgeven van splijtstoffen, ertsen of radioactieve stoffen, voorzover voor een van die gedragingen een vergunning is vereist op grond van artikel 15 of artikel 29 van de Kernenergiewet. +b. het lozen, het aan boord nemen en het ten vervoer afgeven van splijtstoffen, ertsen of radioactieve stoffen, voorzover op een van die gedragingen artikel 15 of artikel 29 van de Kernenergiewet van toepassing is; +c. gedragingen aan boord van oorlogsschepen, marinehulpschepen en andere schepen die in gebruik zijn voor de uitvoering van de militaire taak; +d. gedragingen waaromtrent regels zijn gesteld bij of krachtens de Mijnbouwwet; +e. het plaatsen van stoffen met een ander oogmerk dan het zich er enkel van ontdoen; +f. het achterlaten van stoffen die aanvankelijk in zee zijn geplaatst met een ander oogmerk dan het zich ervan ontdoen. ### Artikel 3 **1.** -Het is verboden de bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen: - -a. te lozen, dan wel -b. aan boord van een vaartuig of luchtvaartuig te nemen met het oogmerk om die stoffen te lozen, dan wel -c. af te geven met het oogmerk om die stoffen te doen lozen. - -**2.** Bij een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid kan worden bepaald dat met betrekking tot daarbij aangewezen stoffen de in dat lid gestelde verboden niet gelden indien deze stoffen op een daarbij aan te geven wijze worden of zullen worden geloosd. - -**3.** Het eerste lid is niet van toepassing op stoffen die slechts als sporen in andere stoffen voorkomen en die daaraan niet zijn toegevoegd met het doel om tezamen met die andere stoffen te worden geloosd. - -**4.** De voordracht tot een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid wordt Ons gedaan door Onze Ministers van Verkeer en Waterstaat en van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. - -### Artikel 4 - -Het is verboden afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen, die niet vallen onder de in artikel 3, eerste lid, bedoelde verboden: +Het is verboden afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen: a. te lozen, dan wel b. aan boord van een vaartuig of luchtvaartuig te nemen met het oogmerk om die stoffen te lozen, dan wel @@ -72,29 +59,35 @@ c. af te geven met het oogmerk om die stoffen te doen lozen, tenzij voor dat lozen of voor dat aan boord nemen een ontheffing is verleend. +**2.** Een ontheffing kan slechts worden verleend in overeenstemming met het Protocol en het Verdrag. + +### Artikel 4 + +Vervallen + ### Artikel 5 -De in de artikelen 3, eerste lid, en 4 omschreven verboden gelden niet voor het lozen van afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen, voorzover die handeling samenhangt met of voortvloeit uit het normale gebruik van het vaartuig of luchtvaartuig, mits dat gebruik niet ten doel heeft het lozen van dergelijke stoffen. +De in de artikel 3, eerste lid, omschreven verboden gelden niet voor het lozen van afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen, voorzover die handeling samenhangt met of voortvloeit uit het normale gebruik van het werk, vaartuig, of luchtvaartuig, mits dat gebruik niet ten doel heeft het lozen van dergelijke stoffen. ### Artikel 6 -In de gevallen, waarin door overmacht het in artikel 3, eerste lid, of het in artikel 4 omschreven verbod om te lozen wordt overtreden, maakt de schipper van het vaartuig of de gezagvoerder van het luchtvaartuig van het voorval melding in het scheepsdagboek of het journaal. Tevens doet hij van dit voorval onverwijld mededeling aan Onze Minister. +In de gevallen, waarin door overmacht het in artikel 3, eerste lid, aanhef en onderdeel a, omschreven verbod wordt overtreden, maakt de schipper van het vaartuig of de gezagvoerder van het luchtvaartuig van het voorval melding in het scheepsdagboek of het journaal. Tevens doet hij van dit voorval onverwijld mededeling aan Onze Minister. ### Artikel 6a -**1.** Degene aan wie gevaarlijke afvalstoffen in de zin van de Wet milieubeheer worden afgegeven met het oogmerk deze te doen lozen, is verplicht elke zodanige afgifte aan een door gedeputeerde staten van de provincie waarin hij die afvalstoffen in ontvangst neemt, aan te wijzen instantie te melden, met inachtneming van daartoe door Onze Minister vast te stellen regels. +**1.** Degene aan wie gevaarlijke afvalstoffen in de zin van de Wet milieubeheer worden afgegeven met het oogmerk deze te doen lozen, is verplicht elke zodanige afgifte te melden aan de desbetreffende instantie, bedoeld in artikel 10.40 van de Wet milieubeheer. -**2.** Van de melding, bedoeld in het eerste lid, wordt op diens verzoek mededeling gedaan aan Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. +**2.** Op een melding als bedoeld in het eerste lid zijn de regels die zijn vastgesteld krachtens artikel 10.41 van de Wet milieubeheer van overeenkomstige toepassing. **3.** Het is een persoon als bedoeld in het eerste lid, verboden gevaarlijke afvalstoffen in ontvangst te nemen zonder dat hem daarbij een omschrijving en een begeleidingsbrief als bedoeld in artikel 10.39 van de Wet milieubeheer worden verstrekt. ### Artikel 6b -Het is verboden afvalstoffen waarop de verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 14 juni 2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen (PbEU L 190) van toepassing is, binnen Nederlands grondgebied te brengen, indien dat naar het oordeel van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, in strijd zou zijn met het belang van de bescherming van het milieu. +Vervallen ### Artikel 7 -**1.** Een ontheffing als bedoeld in artikel 4 wordt verleend door Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. +**1.** Een ontheffing als bedoeld in artikel 3 wordt verleend door Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. **2.** Aan de ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden. De voorschriften kunnen worden gewijzigd of aangevuld. @@ -104,12 +97,7 @@ Het is verboden afvalstoffen waarop de verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Eu **2.** Op de voorbereiding van een beschikking op een verzoek om verlening van een ontheffing onderscheidenlijk wijziging van de aan de ontheffing verbonden voorschriften zijn afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht en afdeling 13.2 van de Wet milieubeheer van toepassing, behoudens het bepaalde in het derde en vierde lid. -**3.** - -Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht en afdeling 13.2 van de Wet milieubeheer zijn niet van toepassing, indien het verzoek betrekking heeft op het in het buitenland aan boord van een Nederlands vaartuig of luchtvaartuig nemen van afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen, met het oogmerk die stoffen te lozen, en de Staat op wier grondgebied dat aan boord nemen geschiedt, partij is bij: - -a. het op 15 februari 1972 te Oslo tot stand gekomen Verdrag, met bijlagen, ter voorkoming van verontreiniging van de zee tengevolge van het storten vanuit schepen of luchtvaartuigen (*Trb.* 1972, 62), dan wel bij -b. het op 29 december 1972 te Londen tot stand gekomen verdrag, met bijlagen, ter voorkoming van verontreiniging van de zee door het storten van afval en vuil (*Trb.* 1973, 172). +**3.** Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht en afdeling 13.2 van de Wet milieubeheer zijn niet van toepassing, indien het verzoek betrekking heeft op het in het buitenland aan boord van een Nederlands vaartuig of luchtvaartuig nemen van afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen, met het oogmerk die stoffen te lozen, en de Staat op wier grondgebied dat aan boord nemen geschiedt, partij is bij het Protocol of het Verdrag. **4.** Voorts kan Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer bepalen dat afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht en afdeling 13.2 van de Wet milieubeheer niet van toepassing zijn indien het verzoek betrekking heeft op afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen, waarvan door een ongewoon voorval de afvoer op korte termijn nodig is. @@ -165,15 +153,15 @@ Vervallen ### Artikel 17 -De ambtenaren van de rijksbelastingdienst, bevoegd inzake douane, geven geen toestemming tot vertrek uit Nederland indien zij ernstige redenen hebben om te vermoeden dat in strijd met een der in de artikelen 3, eerste lid , en 4 omschreven verboden is of zal worden gehandeld. +De ambtenaren van de rijksbelastingdienst, bevoegd inzake douane, geven geen toestemming tot vertrek uit Nederland indien zij ernstige redenen hebben om te vermoeden dat in strijd met een in artikel 3, eerste lid, omschreven verbod is of zal worden gehandeld. ### Artikel 18 -Onze Minister doet jaarlijks verslag aan de Staten-Generaal over de aan deze wet gegeven toepassing. Dit verslag kan worden opgenomen als bijlage bij de memorie van toelichting op de Rijksbegroting. +Vervallen ### Artikel 19 -Een op grond van artikel 1, vierde lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet verleende vergunning voor het in het water van de volle zee brengen van afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen wordt voor de toepassing van deze wet gelijkgesteld met een ontheffing als bedoeld in artikel 4. +Vervallen ### Artikel 20