2010-10-10 | BWBR0019082 | Vergoedingenbesluit Wet Nationale ombudsman 2006

This commit is contained in:
Coornhert 2010-10-10 12:00:00 +00:00
parent 4a602920b6
commit 2aa25eb4c5

View file

@ -15,7 +15,8 @@ citeertitel: Vergoedingenbesluit Wet Nationale ombudsman 2006
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
b. verzoekschrift: schriftelijk verzoek als bedoeld in artikel 9:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
b. verzoekschrift: schriftelijk verzoek als bedoeld in artikel 9:18, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht;
c. openbare lichamen: de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
### Artikel 2
@ -25,7 +26,8 @@ De vergoeding, bedoeld in artikel 1c, eerste lid, van de Wet Nationale ombudsman
a. voor provincies: € 0,0055 per 25 september 2010 en terugwerkend tot en met 1 januari 2010: € 0,0057 per inwoner per jaar;
b. voor gemeenten: € 0,1772 per 25 september 2010 en terugwerkend tot en met 1 januari 2010: € 0,1826 per inwoner per jaar;
c. voor waterschappen: € 0,0104 per 25 september 2010 en terugwerkend tot en met 1 januari 2010: € 0,0108 per ingezetene per jaar.
c. voor waterschappen: € 0,0104 per 25 september 2010 en terugwerkend tot en met 1 januari 2010: € 0,0108 per ingezetene per jaar;
d. voor openbare lichamen: USD 0,1821 per inwoner per jaar.
**2.** Voor de berekening van de vergoeding, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder a en b, wordt uitgegaan van de door het Centraal Bureau voor de Statistiek openbaar gemaakte bevolkingscijfers per 1 januari van het jaar waarover de vergoeding is verschuldigd.
@ -41,7 +43,7 @@ c. voor waterschappen: € 0,0104 per 25 september 2010 en terugwerkend tot en
**1.** De vergoeding, bedoeld in artikel 2, wordt jaarlijks uiterlijk op 30 november van het jaar waarover de vergoeding is verschuldigd, voldaan aan het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
**2.** Onze Minister stelt jaarlijks voor de provincies, gemeenten en waterschappen het bedrag van de vergoeding vast, gerekend over de periode 1 januari tot en met 31 december. Deze vaststelling geschiedt uiterlijk op 1 augustus van het jaar waarover de vergoeding is verschuldigd.
**2.** Onze Minister stelt jaarlijks voor de provincies, gemeenten, openbare lichamen en waterschappen het bedrag van de vergoeding vast, gerekend over de periode 1 januari tot en met 31 december. Deze vaststelling geschiedt uiterlijk op 1 augustus van het jaar waarover de vergoeding is verschuldigd.
### Artikel 5