2021-09-18 | BWBR0043321 | Beleidsregels ter verdeling besteedbare middelen beheerskosten Wlz 2020

This commit is contained in:
Coornhert 2021-09-18 12:00:00 +00:00
parent 6d3aac3518
commit 2c07c92d1b

View file

@ -25,6 +25,7 @@ In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
*budgethouder:* verzekerde aan wie door het zorgkantoor een persoonsgebonden budget is verleend op grond van artikel 3.3.3, eerste lid, van de Wlz;
*huisbezoek:* bezoek van het zorgkantoor aan de budgethouder om vast te stellen dat het persoonsgebonden budget rechtmatig wordt besteed en om de budgethouder beter voor te lichten;
*Minister:* Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
*Minister voor MZ:* Minister voor Medische Zorg;
*nadere aanwijzing:* Nadere aanwijzing besteedbare middelen beheerskosten Wlz 2020
*NZa:* Nederlandse Zorgautoriteit;
*persoonsgebonden budget:* een subsidie waarmee de verzekerde onder de bij of krachtens artikel 3.3.3 van de Wlz en titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht gestelde voorwaarden aan hem te verlenen zorg kan inkopen;
@ -122,14 +123,16 @@ Het Zorginstituut verdeelt het bedrag voor de zorgkantoren voor de taken,
bedoeld in artikel 4.2.4, tweede lid, van de Wet langdurige zorg, als volgt:
a. een bedrag van € 219,70 per budgethouder voor de uitvoeringskosten van het persoonsgebonden budget, vermenigvuldigd met het in de Aanwijzing geraamde aantal budgethouders per regio op 30 juni 2020, wordt verdeeld op basis van het aantal budgethouders per regio zoals blijkt uit de tweede kwartaalstaat 2020;
b. een bedrag van € 291,17 voor het voeren van bewuste-keuze gesprekken in 2020, vermenigvuldigd met het aantal budgethouders per regio zoals blijkt uit de vierde kwartaalstaat Wlz 2020 zorgkantoren;
c. een bedrag van € 559,86 per budgethouder voor elke budgethouder bij wie in 2020 één of meer huisbezoeken worden afgelegd, vermenigvuldigd met het in de Aanwijzing geschatte aantal van 15.000, wordt verdeeld naar rato van het aantal budgethouders per regio, zoals genoemd in onderdeel a van dit artikel;
a. een bedrag van € 219,70 per budgethouder voor de uitvoeringskosten van het persoonsgebonden budget, vermenigvuldigd met het in de Nadere aanwijzing geraamde aantal budgethouders per regio, wordt verdeeld naar rato van het aantal budgethouders per regio zoals blijkt uit de tweede kwartaalstaat 2020;
b. een bedrag van € 291,17 voor het voeren van bewuste-keuze gesprekken in 2020, vermenigvuldigd met het in de Nadere aanwijzing geraamde aantal bewuste-keuze gesprekken, wordt verdeeld naar rato van het aantal bewuste-keuze gesprekken zoals opgenomen in de voorlopige vaststelling 2020;
c. een bedrag van € 559,86 per budgethouder voor elke budgethouder bij wie in 2020 één of meer huisbezoeken worden afgelegd, vermenigvuldigd met het in de Nadere aanwijzing geschatte aantal huisbezoeken, wordt verdeeld naar rato van het aantal huisbezoeken zoals opgenomen in de voorlopige vaststelling 2020;
d. een bedrag van € 6,017 miljoen wordt verdeeld op basis van een gelijk bedrag per zorgkantoor;
e. een bedrag van € 3,868 miljoen voor drie zorgkantoren die in 2020 geen deel uitmaken van een concern wordt verdeeld op basis van een gelijk bedrag per zorgkantoor;
f. een bedrag van € 2,700 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor kosten met betrekking tot het PGB portaal;
g. een bedrag van € 0,414 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor de structurele uitvoeringskosten van het PGB portaal;
h. een bedrag van € 0,686 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor de kosten met betrekking tot de werkzaamheden in het kader van Te goeder trouw.
f. een bedrag van € 3,591 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor kosten met betrekking tot het PGB portaal;
g. een bedrag van € 0,614 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor de structurele uitvoeringskosten van het PGB portaal;
h. een bedrag van € 0,686 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor de kosten met betrekking tot de werkzaamheden in het kader van Te goeder trouw;
i. een bedrag van € 1,020 miljoen voor de kosten inzake openstaande vorderingen PGB-AWBZ wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN;
j. een bedrag van € 1,400 miljoen voor de kosten van PGB-indexatie wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN.
### Artikel 14
@ -156,7 +159,10 @@ e. een bedrag van € 8,825 miljoen voor cliëntvertrouwenspersonen. Dit bedrag
f. een bedrag van € 2,000 miljoen wordt verdeeld over twee Wlz-uitvoerders voor het project Volwaardig leven op basis van een uitvraag van ZN;
g. een bedrag van € 10,378 miljoen wordt verdeeld over de Wlz-uitvoerders voor het kwaliteitskader verpleeghuiszorg op basis van een uitvraag van ZN;
h. een bedrag van € 5,000 miljoen voor openstelling van de Wlz voor de GGZ wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN;
i. een bedrag van € 79,523 miljoen wordt verdeeld op basis van het aantal bij hen ingeschreven verzekerden dat aanspraak kan maken op verstrekkingen en uitkeringen ingevolge de Wlz, waarbij verzekerden, die op 1 juli 2020 vijfenzestig jaar of ouder zijn, dubbel tellen.
i. een bedrag van € 0,600 miljoen voor overheveling van hulpmiddelen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN;
j. een bedrag van € 2,560 miljoen voor kosten als gevolg van Corona wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN;
k. een bedrag van € 0,526 miljoen voor Crisisinterventie teams wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN;
l. een bedrag van € 82,083 miljoen wordt verdeeld op basis van het aantal bij hen ingeschreven verzekerden dat aanspraak kan maken op verstrekkingen en uitkeringen ingevolge de Wlz, waarbij verzekerden, die op 1 juli 2020 vijfenzestig jaar of ouder zijn, dubbel tellen.
### Artikel 16
@ -164,7 +170,7 @@ Voor de bepaling van het aantal verzekerden, bedoeld in artikel 7, onderdeel a e
### Artikel 17
Indien een Wlz-uitvoerder zijn overige taken, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv, geheel of gedeeltelijk uitbesteedt, betaalt hij aan het zorgkantoor waaraan hij deze taken uitbesteedt per verzekerde een bedrag van € 3,9012073 als vergoeding in de beheerskosten.
Indien een Wlz-uitvoerder zijn overige taken, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv, geheel of gedeeltelijk uitbesteedt, betaalt hij aan het zorgkantoor waaraan hij deze taken uitbesteedt per verzekerde een bedrag van € 3,9931037 als vergoeding in de beheerskosten.
### Artikel 17a
@ -184,14 +190,16 @@ Uiterlijk in 2023 stelt het Zorginstituut het beheerskostenbudget voor het jaar
Bij de definitieve vaststelling verdeelt het Zorginstituut het bedrag voor de zorgkantoren voor de taken, bedoeld in artikel 4.2.4, tweede lid, van de Wet langdurige zorg, als volgt:
a. een bedrag van € 219,70 per budgethouder voor de uitvoeringskosten van het persoonsgebonden budget, vermenigvuldigd met het aantal budgethouders per regio zoals blijkt uit de tweede kwartaalstaat 2020;
b. een bedrag van € 291,17 voor het voeren van bewuste-keuze gesprekken in 2020, vermenigvuldigd met het aantal bewuste-keuze gesprekken per regio zoals blijkt uit de vierde kwartaalstaat Wlz 2020 zorgkantoren;
c. een bedrag van € 559,86 per budgethouder voor elke budgethouder bij wie in 2020 één of meer huisbezoeken worden afgelegd, vermenigvuldigd met het aantal huisbezoeken per regio zoals blijkt uit de tweede kwartaalstaat Wlz 2021 zorgkantoren;
a. een bedrag van € 219,70 per budgethouder voor de uitvoeringskosten van het persoonsgebonden budget, vermenigvuldigd met het in de Nadere aanwijzing geraamde aantal budgethouders per regio, wordt verdeeld naar rato van het aantal budgethouders per regio zoals blijkt uit de tweede kwartaalstaat 2020;
b. een bedrag van € 291,17 voor het voeren van bewuste-keuze gesprekken in 2020, vermenigvuldigd met het in de Nadere aanwijzing geraamde aantal bewuste-keuze gesprekken, wordt verdeeld naar rato van het aantal bewuste-keuze gesprekken zoals opgenomen in de voorlopige vaststelling 2020;
c. een bedrag van € 559,86 per budgethouder voor elke budgethouder bij wie in 2020 één of meer huisbezoeken worden afgelegd, vermenigvuldigd met het in de Nadere aanwijzing geschatte aantal huisbezoeken, wordt verdeeld naar rato van het aantal huisbezoeken zoals opgenomen in de voorlopige vaststelling 2020;
d. een bedrag van € 6,017 miljoen wordt verdeeld op basis van een gelijk bedrag per zorgkantoor;
e. een bedrag van € 3,868 miljoen voor drie zorgkantoren die in 2020 geen deel uitmaken van een concern wordt verdeeld op basis van een gelijk bedrag per zorgkantoor;
f. een bedrag van € 2,700 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor kosten met betrekking tot het PGB portaal;
g. een bedrag van € 0,414 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor de structurele uitvoeringskosten van het PGB portaal;
h. een bedrag van € 0,686 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor de kosten met betrekking tot de werkzaamheden in het kader van Te goeder trouw.
f. een bedrag van € 3,591 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor kosten met betrekking tot het PGB portaal;
g. een bedrag van € 0,614 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor de structurele uitvoeringskosten van het PGB portaal;
h. een bedrag van € 0,686 miljoen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN voor de kosten met betrekking tot de werkzaamheden in het kader van Te goeder trouw;
i. een bedrag van € 1,020 miljoen voor de kosten inzake openstaande vorderingen PGB-AWBZ wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN;
j. een bedrag van € 1,400 miljoen voor de kosten van PGB-indexatie wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN.
### Artikel 21
@ -218,7 +226,10 @@ e. een bedrag van € 8,825 miljoen voor cliëntvertrouwenspersonen. Dit bedrag
f. een bedrag van € 2,000 miljoen wordt verdeeld over twee Wlz-uitvoerders voor het project Volwaardig leven op basis van een uitvraag van ZN;
g. een bedrag van € 10,378 miljoen wordt verdeeld over de Wlz-uitvoerders voor het kwaliteitskader verpleeghuiszorg op basis van een uitvraag van ZN;
h. een bedrag van € 5,000 miljoen voor openstelling van de Wlz voor de GGZ wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN;
i. een bedrag van € 79,523 miljoen wordt verdeeld op basis van het aantal bij hen ingeschreven verzekerden dat aanspraak kan maken op verstrekkingen en uitkeringen ingevolge de Wlz, waarbij verzekerden, die op 1 juli 2020 vijfenzestig jaar of ouder zijn, dubbel tellen.
i. een bedrag van € 0,600 miljoen voor overheveling van hulpmiddelen wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN;
j. een bedrag van € 2,560 miljoen voor kosten als gevolg van Corona wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN;
k. een bedrag van € 0,526 miljoen voor Crisisinterventie teams wordt verdeeld op basis van een uitvraag van ZN;
l. een bedrag van € 82,083 miljoen wordt verdeeld op basis van het aantal bij hen ingeschreven verzekerden dat aanspraak kan maken op verstrekkingen en uitkeringen ingevolge de Wlz, waarbij verzekerden, die op 1 juli 2020 vijfenzestig jaar of ouder zijn, dubbel tellen.
### Artikel 23
@ -226,7 +237,7 @@ Voor de bepaling van het aantal verzekerden, bedoeld in artikel 22, onderdeel a
### Artikel 24
Indien een Wlz-uitvoerder zijn overige taken, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv, geheel of gedeeltelijk uitbesteedt, betaalt hij aan het zorgkantoor waaraan hij deze taken uitbesteedt per verzekerde een bedrag van € 3,9012073 als vergoeding in de beheerskosten.
Indien een Wlz-uitvoerder zijn overige taken, bedoeld in artikel 4.4, tweede lid, van het Besluit Wfsv, geheel of gedeeltelijk uitbesteedt, betaalt hij aan het zorgkantoor waaraan hij deze taken uitbesteedt per verzekerde een bedrag van € 3,9931037 als vergoeding in de beheerskosten.
### Artikel 25