2013-07-01 | BWBR0012289 | Vreemdelingencirculaire 2000 (B)

This commit is contained in:
Coornhert 2013-07-01 12:00:00 +00:00
parent d335aa5db9
commit 2dad1dd156

View file

@ -3346,7 +3346,7 @@ Op grond van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder a, sub 1, Vb verleent de
1. gedurende vijf jaren geen grond is geweest voor intrekking van de verblijfsvergunning;
2. de vreemdeling het inburgeringsexamen heeft behaald of hiervan is vrijgesteld of ontheven; en
3. de vreemdeling voldoet aan de algemene toelatingsvoorwaarden van artikel 16, eerste lid, Vw, met uitzondering van de subcategorieën c en k.
3. de vreemdeling voldoet aan de algemene toelatingsvoorwaarden van artikel 16, eerste lid, Vw, met uitzondering van de subcategorieën b, c en i.
In aanvulling op artikel 3.51, tweede lid, aanhef en onder a en b, Vb verleent de IND de gezinsleden van de houder van de Europese blauwe kaart een verblijfsvergunning als:
@ -3360,16 +3360,21 @@ De IND ontheft de vreemdeling op grond van artikel 3.80a, derde lid, Vb van het
Op grond van artikel 3.80a, vierde lid, Vb past de IND in ieder geval de hardheidsclausule toe als:
a. ondanks aantoonbaar geleverde inspanning de vreemdeling redelijkerwijs niet in staat kan worden geacht het inburgeringsexamen te behalen. Hiervan is sprake als:
a. de vreemdeling met voldoende inzet minimaal 600 uur heeft deelgenomen aan een inburgeringscursus bij een instelling met het Blik op Werk Keurmerk en minimaal 4 keer niet is geslaagd voor onderdelen van het inburgeringsexamen; of
b. de vreemdeling met voldoende inzet minimaal 600 uur heeft deelgenomen aan een alfabetiseringscursus bij een instelling met het Blik op Werk Keurmerk en de vreemdeling aangetoond heeft met een door DUO afgenomen toets naar het leervermogen dat de vreemdeling niet het leervermogen heeft om het inburgeringsexamen te halen; of
c. de vreemdeling tegen zijn of haar wil in het land van herkomst is achtergelaten en voldoet aan de voorwaarden van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder a, sub 1, Vb.
Vanaf 1 juli 2013 zal DUO advies geven of iemand voldoet aan de criteria genoemd onder a en b (naar aanleiding van de zogenaamde inspanningstoets). De IND gaat bij de beoordeling van deze ontheffingsgrond in beginsel uit van de door de vreemdeling overgelegd advies van DUO. De vreemdeling die in aanmerking wil komen voor deze ontheffingsgrond moet deze inspanningstoets zelf aanvragen bij DUO. Voor het aanmeldformulier en meer informatie over deze procedure raadpleeg de website van DUO www.inburgeren.nl.
In het kader van de overgangsregeling per 1 juli 2013 past de IND ook de hardheidsclausule toe als de vreemdeling ondanks aantoonbaar geleverde inspanning de vreemdeling redelijkerwijs niet in staat kan worden geacht het inburgeringsexamen te behalen.
Hiervan is sprake als:
• de vreemdeling niet gealfabetiseerd is in zijn eigen taal en de Nederlandse taal;
• van de vreemdeling gezien zijn leeftijd en overige omstandigheden, niet kan worden verwacht dat hij Nederlands leert lezen en schrijven binnen een periode van vijf jaar; en
• de vreemdeling de toets gesproken Nederlands (TGN) op A2 niveau heeft behaald; of
b. de vreemdeling tegen zijn of haar wil in het land van herkomst is achtergelaten en voldoet aan de voorwaarden van artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder a, sub 1, Vb.
• de vreemdeling de toets gesproken Nederlands (TGN) op A2 niveau heeft behaald.
De IND gaat bij de beoordeling van deze ontheffingsgrond in beginsel uit van een door de vreemdeling overgelegde verklaring met een advies (naar aanleiding van het zogenaamde haalbaarheidsonderzoek) van het ROC Amsterdam.
De vreemdeling die in aanmerking wil komen voor deze ontheffingsgrond moet dit haalbaarheidsonderzoek zelf aanvragen bij het ROC Amsterdam en de kosten voor dit haalbaarheidsonderzoek betalen.
De IND gaat bij de beoordeling van deze ontheffingsgrond in beginsel uit van een door de vreemdeling overgelegde verklaring met een advies (naar aanleiding van het zogenaamde haalbaarheidsonderzoek) van het ROC Amsterdam. Vanaf 1 juli 2013 wordt dit haalbaarheidsonderzoek niet meer door het ROC Amsterdam gedaan. Alle adviezen van aanvragen voor een haalbaarheidsonderzoek ingediend vóór 1 juli 2013 worden meegenomen in de besluitvorming.
De IND neemt het ROC-advies niet over als:
@ -3577,22 +3582,22 @@ De IND beschouwt het inburgeringsdiploma of bewijsstukken waaruit moet blijken d
De IND beschouwt conform het Besluit inburgering en de Wet inburgering als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling is vrijgesteld van het afleggen van het inburgeringsexamen één van onderstaande bescheiden:
• een diploma of getuigschrift van een opleiding van wetenschappelijk onderwijs, hoger onderwijs, algemeen voortgezet onderwijs, beroepsonderwijs of leerlingwezen als de vreemdeling onderwijs heeft gevolgd in de Nederlandse taal en in het bezit is van een op wettelijke basis uitgereikt diploma of getuigschrift van een hiergenoemde opleiding;
• een diploma Staatsexamen Nederlands als tweede taal, programma I of II als de aanvrager het Staatsexamen Nederlands als tweede taal, programma I of II, heeft afgelegd;
• een diploma Staatsexamen Nederlands als tweede taal, programma I of II als de aanvrager het Staatsexamen Nederlands als tweede taal, programma I of II, heeft afgelegd;
• een Belgisch diploma of getuigschrift, behaald in Nederlandstalig onderwijs, met een voldoende voor het vak Nederlands;
• een Surinaams diploma, behaald in het Nederlandstalig onderwijs, met een voldoende voor het vak Nederlands;
• een diploma, certificaat of ander document afkomstig uit Aruba, Curaçao, of Sint Maarten, behaald in het Nederlandstalig onderwijs, met een voldoende voor het vak Nederlands;
• een diploma, certificaat of ander document, van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba behaald in het Nederlandstalig onderwijs, met een voldoende voor het vak Nederlands;
• een diploma van het Europees baccalaureaat van de Europese school (Trb. 1957, 246), voor zover dat baccalaureaat het vak Nederlands als eerste of tweede taal omvat en voor dat vak een voldoende is behaald;
• een diploma, certificaat of ander document afkomstig uit Aruba, Curaçao, of Sint-Maarten, behaald in het Nederlandstalig onderwijs, met een voldoende voor het vak Nederlands;
• een diploma, certificaat of ander document, van de openbare lichamen Bonaire, Sint-Eustatius of Saba behaald in het Nederlandstalig onderwijs, met een voldoende voor het vak Nederlands;
• een diploma van het Europees baccalaureaat van de Europese school (Trb 1957, 246), voor zover dat baccalaureaat het vak Nederlands als eerste of tweede taal omvat en voor dat vak een voldoende is behaald;
• het getuigschrift International Baccalaureate Middle Years certificate, International General Certificate of Secondary Education of Internationaal Baccalaureaat, als een cursus Engels-Nederlandstalig onderwijs of een cursus Internationaal baccalaureaat met daarin het vak Nederlands is gevolgd en voor dat vak een voldoende is behaald;
• het inburgeringsdiploma van de Wet inburgering;
• een certificaat Naturalisatietoets zoals dit luidde voor 1 april 2007 waaruit blijkt dat aanvrager is geslaagd voor de volgende zes onderdelen: kennis van staatsinrichting en maatschappij, spreek-, luister-, schrijf- en leesvaardigheid;
• een certificaat Inburgering in het kader van de Wet Inburgering Nieuwkomers, wanneer uiterlijk 31 december 2006 het inburgeringstraject is afgerond, en bijbehorende verklaring van het ROC waaruit blijkt dat een profieltoets met de uitkomst voor de onderdelen luisteren en spreken niveau NT2-2 is behaald, voor de onderdelen lezen en schrijven niveau NT2-1 en voor het onderdeel Maatschappij Oriëntatie niveau 2 of 80% als die toets is afgelegd na 31 augustus 2001 respectievelijk 85% als de toets voor 1 september 2001 is afgelegd;
• een certificaat Inburgering in het kader van de Wet Inburgering Nieuwkomers, wanneer het inburgeringstraject doorliep in 2007 of 2008, en bijbehorende verklaring van het ROC waaruit moet blijken dat voor de onderdelen luisteren, spreken, lezen en schrijven ten minste niveau NT2-2 is behaald en voor het onderdeel Maatschappij Oriëntatie niveau 2 of 80% als die toets is afgelegd na 31 augustus 2001 respectievelijk 85% als de toets voor 1 september 2001 is afgelegd;
• een certificaat Naturalisatietoets zoals dit luidde voor 1 april 2007 waaruit blijkt dat aanvrager is geslaagd voor de volgende zes onderdelen: kennis van staatsinrichting en maatschappij; spreek-, luister-, schrijf- en leesvaardigheid;
• een certificaat Inburgering in het kader van de Wet Inburgering, wanneer uiterlijk 31 december 2006 het inburgeringstraject is afgerond, en bijbehorende verklaring van het ROC waaruit blijkt dat een profieltoets met de uitkomst voor de onderdelen luisteren en spreken niveau NT2-2 is behaald, voor de onderdelen lezen en schrijven niveau NT2-1 en voor het onderdeel Maatschappij Oriëntatie niveau 2 of 80% als die toets is afgelegd na 31 augustus 2001 respectievelijk 85% als de toets voor 1 september 2001 is afgelegd;
• een certificaat Inburgering in het kader van de Wet Inburgering, wanneer het inburgeringstraject doorliep in 2007 of 2008, en bijbehorende verklaring van het ROC waaruit moet blijken dat voor de onderdelen luisteren, spreken, lezen en schrijven ten minste niveau NT2-2 is behaald en voor het onderdeel Maatschappij Oriëntatie niveau 2 of 80% als die toets is afgelegd na 31 augustus 2001 respectievelijk 85% als de toets voor 1 september 2001 is afgelegd;
• een Certificaat Inburgering Oudkomers van de Regeling certificaat inburgering oudkomers, waaruit blijkt dat voor de onderdelen luisteren en spreken niveau NT2-2 is behaald en niveau NT2-1 voor de onderdelen lezen en schrijven;
• een document Korte Vrijstellingstoets bedoeld in artikel 2.7, tweede lid, Besluit inburgering zoals dat besluit luidde tot 1 januari 2013, waaruit blijkt dat aanvrager niveau B1 van het Europese Raamwerk voor Moderne Vreemde talen heeft gehaald;
• een beschikking van het College van B&W waarin staat dat de vaststelling van een inburgeringsprogramma in het kader van de Wet Inburgering achterwege is gelaten omdat de vreemdeling de kennis, inzicht en vaardigheden in voldoende mate op andere wijze zou verwerven;
• een beschikking van het College van B&W waarin staat dat de vaststelling van een inburgeringsprogramma in het kader van de Wet Inburgering achterwege is gelaten omdat een toets als bedoeld in artikel 5, vierde lid, Wet Inburgering met goed gevolg is afgelegd;
• een bewijs waaruit moet blijken dat de vreemdeling op grond van artikel 4 Besluit Naturalisatietoets zoals deze geldig was op 1 april 2003 is of was ontheven van de wettelijke verplichting om alle in dat artikel bedoelde toetsonderdelen af te leggen;
• een bewijs waaruit moet blijken dat de vreemdeling ingevolge artikel 4 Besluit Naturalisatietoets zoals deze geldig was op 1 april 2003 is of was ontheven van de wettelijke verplichting om alle in dat artikel bedoelde toetsonderdelen af te leggen;
• een brief van DUO waarin staat dat DUO vanwege aantoonbaar geleverde inspanningen van de vreemdeling tot het oordeel komt dat het voor de vreemdeling redelijkerwijs niet mogelijk is het inburgeringsexamen te halen (in geval van vreemdelingen die na 31 december 2012 inburgeringsplichtig zijn geworden);
• een brief van DUO waarin staat dat de vreemdeling door een psychische of lichamelijke belemmering, of een verstandelijke handicap blijvend niet in staat is het inburgeringsexamen te halen (in geval van vreemdelingen die na 31 december 2012 inburgeringsplichtig zijn geworden);
• een brief van het College van B&W waarin staat dat het college vanwege aantoonbaar geleverde inspanningen van de vreemdeling tot het oordeel komt dat het voor de vreemdeling redelijkerwijs niet mogelijk is het inburgeringsexamen te halen (in geval van vreemdelingen die voor 1 januari 2013 inburgeringsplichtig zijn geworden); of
@ -3608,8 +3613,9 @@ De IND beschouwt als bewijsmiddel voor de medische ontheffing:
De IND beschouwt als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling ondanks geleverde inspanning redelijkerwijs niet in staat kan worden geacht het inburgeringsexamen af te leggen:
• een door DUO afgegeven advies, waarin DUO aangeeft dat de vreemdeling ondanks de aangetoonde inspanningen het inburgeringsexamen niet kan halen; of
• een verklaring van het ROC van Amsterdam, waarin deze aangeeft dat de vreemdeling analfabeet is en wegens beperkt leervermogen in samenhang met onder meer vooropleiding en leeftijd in redelijkheid niet in staat kan worden geacht het inburgeringsexamen binnen vijf jaar af te leggen; en
• de door de DUO verstrekte resultatenbrief van het afleggen van de toets gesproken Nederlands (TGN), met het resultaat geslaagd (A2-niveau).
• de door DUO verstrekte resultatenbrief van het afleggen van de toets gesproken Nederlands (TGN), met het resultaat geslaagd (A2-niveau).
#### 13.2. Verblijfsspecifiek
@ -4084,20 +4090,16 @@ Op grond van artikel 3.96a, derde lid, Vb ontheft de IND de vreemdeling van de w
##### 2.1.2. Ontheffing met een beroep op de hardheidsclausule
Op grond van artikel 3.96a, vierde lid, Vb past de IND in ieder geval de hardheidsclausule toe als de vreemdeling ondanks aantoonbaar geleverde inspanning redelijkerwijs niet in staat kan worden geacht het inburgeringsexamen te behalen:
Op grond van artikel 3.96a, vierde lid, Vb past de IND in ieder geval de hardheidsclausule toe als de vreemdeling ondanks aantoonbaar geleverde inspanning redelijkerwijs niet in staat kan worden geacht het inburgeringsexamen te behalen.
• omdat de vreemdeling niet gealfabetiseerd is in de eigen taal en de Nederlandse taal;
• omdat op grond van leeftijd en overige omstandigheden niet van de vreemdeling kan worden verwacht dat de vreemdeling Nederlands leert lezen en schrijven binnen een periode van vijf jaar; en
• terwijl de vreemdeling de toets gesproken Nederlands (TGN) op A2 niveau heeft behaald.
In dit verband wordt ook verwezen naar paragraaf B9/7.1, ad 2 Vc.
In dit verband wordt verwezen naar paragraaf B9/7.1, ad 2 Vc.
De IND maakt in ieder geval geen gebruik van de in artikel 3.96a, vierde lid, Vb gegeven bevoegdheid als de vreemdeling stelt dat hij:
• geen aanbod tot een inburgeringsvoorziening heeft gekregen;
• geen inburgeringsvoorziening opgelegd heeft gekregen
• geen inburgeringsvoorziening heeft opgelegd gekregen;
• geen aanbod tot een taalkennisvoorziening heeft gekregen;
• geen taalkennisvoorziening opgelegd heeft gekregen; of
• geen taalkennisvoorziening heeft opgelegd gekregen; of
• nooit heeft geweten dat hij het inburgeringsexamen moet behalen.
### 3. Specifieke beleidsregels status langdurig ingezetene