2002-01-01 | BWBR0004582 | Besluit opneming buitenlandse kinderen ter adoptie

This commit is contained in:
Coornhert 2002-01-01 12:00:00 +00:00
parent f44466b153
commit 2e6e278d29

View file

@ -16,7 +16,7 @@ Vastgesteld worden de volgende bepalingen, die kunnen worden aangehaald als: Bes
### Artikel 1
Onze Minister wijst, ter uitvoering van artikel 5, tweede lid, van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie, een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid aan, die krachtens zijn doelstelling tot taak heeft algemene voorlichting te verstrekken aan aspirant-adoptiefouders die een verzoek tot verlening van een beginseltoestemming hebben ingediend, hierna te noemen: aangewezen rechtspersoon.
Onze Minister wijst, ter uitvoering van artikel 5, tweede lid, van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie, een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid aan, die krachtens zijn doelstelling tot taak heeft algemene voorlichting te verstrekken aan aspirant-adoptiefouders die een verzoek tot verlening van een beginseltoestemming hebben ingediend.
### Artikel 2
@ -37,43 +37,49 @@ f. zijn werkzaamheden zijn niet gericht op winst.
### Artikel 4
Vervallen
De in artikel 1 bedoelde rechtspersoon verricht zijn taak onder de naam Bureau voorlichting interlandelijke adoptie (hierna te noemen: Bureau).
### Artikel 5
Het bestuur is slechts na voorafgaande goedkeuring van Onze Minister bevoegd de statuten te wijzigen of de aangewezen rechtspersoon te ontbinden.
Het bestuur is slechts na voorafgaande goedkeuring van Onze Minister bevoegd de statuten te wijzigen of het Bureau te ontbinden.
### Artikel 6
**1.** Behoudens het bepaalde in artikel 8 wordt de verstrekking van algemene voorlichting bekostigd uit de in artikel 4, onder e, van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie bedoelde bijdragen van aspirant-adoptiefouders. De algemene voorlichting wordt gegeven gedurende zes bijeenkomsten, waarvan de eerste inleidend is.
**1.** Behoudens het bepaalde in artikel 8, eerste lid, wordt de verstrekking van algemene voorlichting bekostigd uit de in artikel 4, onder d, van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie bedoelde bijdragen van aspirant-adoptiefouders.
**2.** Het bedrag van de in het eerste lid genoemde bijdrage wordt vastgesteld op € 210, voor de inleidende bijeenkomst en € 1.385, voor vijf daaropvolgende bijeenkomsten tezamen.
**2.** Het bedrag van de in het eerste lid genoemde bijdrage wordt vastgesteld op € 385,71.
**3.** De aangewezen rechtspersoon int de in het eerste lid bedoelde bijdragen.
**3.** Het Bureau int de in het eerste lid bedoelde bijdragen.
**4.** Omtrent de geïnde bedragen wordt maandelijks aan Onze Minister een opgave verstrekt.
### Artikel 7
De aangewezen rechtspersoon zendt jaarlijks vóór 1 oktober een begroting voor het daaropvolgende jaar ter goedkeuring aan Onze Minister. De begroting is voorzien van een toelichting en gaat vergezeld van een beschrijving van de wijze waarop de aangewezen rechtspersoon zich voorneemt zijn werkzaamheden in het komende boekjaar te verrichten. De begroting geeft inzicht in de aard en de omvang van de baten en lasten van de aangewezen rechtspersoon. De begroting kan vergezeld gaan van een aanvraag om subsidie ter tegemoetkoming in de kosten van de aangewezen rechtspersoon.
Het Bureau zendt jaarlijks vóór 1 oktober een begroting voor het daaropvolgende jaar ter goedkeuring aan Onze Minister. De begroting is voorzien van een toelichting en gaat vergezeld van een beschrijving van de wijze waarop het Bureau zich voorneemt zijn werkzaamheden in het komende boekjaar te verrichten. De begroting geeft inzicht in de aard en de omvang van de baten en lasten van het Bureau. De begroting kan vergezeld gaan van een aanvraag om subsidie ter tegemoetkoming in de kosten van het Bureau.
### Artikel 8
Onze Minister kan een subsidie verlenen ter tegemoetkoming in de kosten van de aangewezen rechtspersoon, indien de voor het begrotingsjaar voorziene baten aanmerkelijk achterblijven bij de lasten. De beschikking wordt voor 1 januari van het jaar waarvoor de subsidie is aangevraagd bekendgemaakt.
**1.** Onze Minister kan een subsidie verlenen ter tegemoetkoming in de kosten van het Bureau, indien de voor het begrotingsjaar voorziene baten aanmerkelijk achterblijven bij de lasten. De beschikking wordt voor 1 januari van het jaar waarvoor de subsidie is aangevraagd bekendgemaakt.
**2.** Op de subsidie kunnen voorschotten worden verstrekt.
### Artikel 9
Het bedrag van de subsidie als bedoeld in artikel 8, eerste lid, kan in de loop van het begrotingsjaar naar boven worden aangepast, indien de noodzaak daartoe is gebleken in verband met het aanmerkelijke achterblijven van te ontvangen bijdragen van aspirant-adoptiefouders. Een daartoe strekkende aanvraag dient uiterlijk op 1 oktober van het lopende begrotingsjaar te zijn ingediend. De aanvraag gaat vergezeld van een actueel overzicht van de financiële toestand van de aangewezen rechtspersoon.
Het bedrag van de subsidie als bedoeld in artikel 8, eerste lid, kan in de loop van het begrotingsjaar naar boven worden aangepast, indien de noodzaak daartoe is gebleken in verband met het aanmerkelijke achterblijven van te ontvangen bijdragen van aspirant-adoptiefouders. Een daartoe strekkende aanvraag dient uiterlijk op 1 oktober van het lopende begrotingsjaar te zijn ingediend. De aanvraag gaat vergezeld van een actueel overzicht van de financiële toestand van het Bureau.
### Artikel 10
**1.** De aangewezen rechtspersoon verstrekt Onze Minister alle gevraagde inlichtingen omtrent de uitvoering van zijn taak.
**1.** Het Bureau verstrekt Onze Minister alle gevraagde inlichtingen omtrent de uitvoering van zijn taak.
**2.** De aangewezen rechtspersoon zendt jaarlijks binnen vier maanden na afloop van het boekjaar aan Onze Minister een balans en een exploitatierekening alsmede een verslag van zijn werkzaamheden over het afgelopen boekjaar. Deze stukken gaan vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
**2.** Het Bureau zendt jaarlijks binnen vier maanden na afloop van het boekjaar aan Onze Minister een balans en een exploitatierekening alsmede een verslag van zijn werkzaamheden over het afgelopen boekjaar. Deze stukken gaan vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
**3.** Na ontvangst van de bescheiden als bedoeld in het tweede lid, wordt, indien subsidie was verleend, de subsidie vastgesteld overeenkomstig artikel 8, eerste lid, en met inachtneming van de aanpassingen op grond van artikel 9. Subsidiebaten mogen tot een door Onze Minister vast te stellen maximum worden gereserveerd door opneming als risicofonds op de balans. De in het fonds opgenomen subsidiebaten dienen te worden bestemd ter bekostiging van de uitvoering van de in artikel 1 omschreven taak.
**4.** Indien blijkt dat de subsidie ten gevolge van het verstrekken van onjuiste of onvolledige gegevens is vastgesteld op een bedrag dat hoger is dan wanneer het zou zijn vastgesteld op grond van juiste en volledige gegevens wordt de subsidie opnieuw vastgesteld.
**4.** Indien blijkt dat voorschotten zijn besteed in strijd met de bepalingen van dit besluit, wordt de subsidie, bedoeld in het derde lid, verminderd met het desbetreffende bedrag.
**5.** Indien blijkt dat de subsidie ten gevolge van het verstrekken van onjuiste of onvolledige gegevens is vastgesteld op een bedrag dat hoger is dan wanneer het zou zijn vastgesteld op grond van juiste en volledige gegevens wordt de subsidie opnieuw vastgesteld.
**6.** Het Bureau stort teveel ontvangen voorschotten of subsidie terstond terug, tenzij verrekening op andere wijze geschiedt. De in dit verband verkregen rentebaten worden in mindering gebracht op de opgegeven kosten.
### Artikel 11