From 2ef23d4f03089dfb777389782c5ea47ffec2191d Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Thu, 19 Dec 2019 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] =?UTF-8?q?2019-12-19=20|=20BWBR0032230=20|=20Besluit=20ui?= =?UTF-8?q?tvoering=20EU-verordeningen=20financi=C3=ABle=20markten?= MIME-Version: 1.0 Content-Type: text/plain; charset=UTF-8 Content-Transfer-Encoding: 8bit --- .../BWBR0032230/README.md | 96 +++++++++---------- 1 file changed, 48 insertions(+), 48 deletions(-) diff --git a/amvb/besluit-uitvoering-eu-verordeningen-financiële-markten/BWBR0032230/README.md b/amvb/besluit-uitvoering-eu-verordeningen-financiële-markten/BWBR0032230/README.md index 081be0c6efd..a8f10b06521 100644 --- a/amvb/besluit-uitvoering-eu-verordeningen-financiële-markten/BWBR0032230/README.md +++ b/amvb/besluit-uitvoering-eu-verordeningen-financiële-markten/BWBR0032230/README.md @@ -15,32 +15,32 @@ citeertitel: Besluit uitvoering EU-verordeningen financiële markten In dit besluit wordt verstaan onder: - *bevoegde autoriteit:* de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 2; -- *verordening (EG) nr. 924/2009 (grensoverschrijdende betalingen):* verordening (EG) nr. 924/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende grensoverschrijdende betalingen in de Gemeenschap en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2560/2001 (PbEU 2009 L 266); -- *verordening (EG) nr. 1060/2009 (ratingbureaus):* verordening (EG) nr. 1060/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 inzake ratingbureaus (PbEU 2009 L 302); -- *verordening (EU) nr. 583/2010 (essentiële beleggersinformatie):* verordening (EU) nr. 583/2010 van de Europese Commissie van 1 juli 2010 tot uitvoering van Richtlijn 2009/65/EG van het Europees Parlement en de Raad wat betreft essentiële beleggersinformatie en de voorwaarden waaraan moet worden voldaan als de essentiële beleggersinformatie of het prospectus op een andere duurzame drager dan papier of via een website wordt verstrekt (PbEU 2010 L 176); -- *verordening (EU) nr. 1031/2010 (veiling van broeikasgasemissierechten):* verordening (EU) nr. 1031/2010 van de Europese Commissie van 12 november 2010 inzake de tijdstippen, het beheer en andere aspecten van de veiling van broeikasgasemissierechten overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap (PbEU 2010 L 302); -- *verordening (EU) nr. 236/2012 (short selling en kredietverzuimswaps):* verordening (EU) nr. 236/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2012 betreffende short selling en bepaalde aspecten van kredietverzuimswaps (PbEU 2012 L 86); -- *verordening (EU) nr. 260/2012 (betaaldiensten):* verordening (EU) nr. 260/2012 van 14 maart 2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van technische en bedrijfsmatige vereisten voor overmakingen en automatische afschrijvingen in euro en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 924/2009 (PbEU 2012 L 94); -- *verordening (EU) nr. 648/2012 (EMIR):* verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli inzake otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters (PbEU 2012, L 201); -- *verordening (EU) nr. 345/2013 (Europese durfkapitaalfondsen):* verordening (EU) nr. 345/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2013 betreffende Europese durfkapitaalfondsen (PbEU 2013, L 115); -- *verordening (EU) nr. 346/2013 (Europese sociaalondernemerschapsfondsen):* verordening (EU) nr. 346/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2013 inzake Europese sociaalondernemerschapsfondsen (PbEU 2013, L 115); -- *verordening (EU) nr. 575/2013 (Kapitaalvereisten):* verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PbEU 2013, L 176); -- *verordening (EU) nr. 596/2014 (marktmisbruik):* verordening (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende marktmisbruik (Verordening marktmisbruik) en houdende intrekking van Richtlijn 2003/6/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijnen 2003/124, 2003/125/EG en 2004/72/EG van de Commissie; -- *verordening (EU) nr. 600/2014 (MiFIR):* verordening (EU) nr. 600/2014 van het Europees parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van verordening (EU) nr. 648/2012 (PbEU 2014, L 173); -- *verordening (EU) nr. 806/2014 (gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme):* verordening (EU) nr. 806/2014 van het Europees parlement en de Raad van 15 juli 2014 tot vaststelling van eenvormige regels en een eenvormige procedure voor de afwikkeling van kredietinstellingen en bepaalde beleggingsondernemingen in het kader van een gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme en een gemeenschappelijk afwikkelingsfonds en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1093/2010 (PbEU 2014, L 225); -- *verordening (EU) nr. 909/2014 (centrale effectenbewaarinstellingen):* verordening (EU) nr. 909/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende de verbetering van de effectenafwikkeling in de Europese Unie, betreffende centrale effectenbewaarinstellingen en tot wijziging van Richtlijnen 98/26/EG en 2014/65/EU en Verordening (EU) nr. 236/2012 (PbEU 2014, L 257); -- *verordening (EU) nr. 1286/2014 (PRIIP’s):* verordening (EU) Nr. 1286/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 26 november 2014 over essentiële-informatiedocumenten voor verpakte retailbeleggingsproducten en verzekeringsgebaseerde beleggingsproducten (PbEU 2014, L 352); -- *Verordening (EU) nr. 2015/760 (Europese langetermijnbeleggingsinstellingen):* verordening (EU) nr. 2015/760 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2015 betreffende Europese langetermijnbeleggingsinstellingen (PbEU 2015, L 123); -- *verordening (EU) nr. 2015/35 (Solvabiliteit II):* gedelegeerde verordening (EU) nr. 2015/35 van de Commissie van 10 oktober 2014 tot aanvulling van Richtlijn 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de toegang tot en uitoefening van het verzekerings- en het herverzekeringsbedrijf (Solvabiliteit II) (PbEU L 12); -- *verordening (EU) nr. 2015/751 (afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten gebaseerde betalingstransacties):* verordening (EU) nr. 2015/751 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2015 betreffende afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten gebaseerde betalingstransacties (PbEU 2015, L 123); -- *verordening (EU) nr. 2016/1011 (benchmarks):* Verordening (EU) nr. 2016/1011 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende indices die worden gebruikt als benchmarks voor financiële instrumenten en financiële overeenkomsten of om de prestatie van beleggingsfondsen te meten en tot wijziging van Richtlijnen 2008/48/EG en 2014/17/EU en Verordening (EU) nr. 596/2014 (PbEU 2016, L 171); -- *verordening (EU) nr. 2017/565 (MiFID II organisatorische vereisten):* gedelegeerde verordening (EU) nr. 2017/565 van de Commissie van 25 april 2016 houdende aanvulling van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de door beleggingsondernemingen in acht te nemen organisatorische eisen en voorwaarden voor de bedrijfsuitoefening en wat betreft de definitie van begrippen voor de toepassing van genoemde richtlijn (PbEU 2017, L 87); -- *verordening (EU) nr. 2017/1129 (prospectus):* verordening (EU) nr. 2017/1129 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 betreffende het prospectus dat moet worden gepubliceerd wanneer effecten aan het publiek worden aangeboden of tot de handel op een gereglementeerde markt worden toegelaten en tot intrekking van Richtlijn 2003/71/EG (PbEU 2017, L 168); -- *verordening (EU) nr. 2015/2365 (SFTR): * verordening (EU) nr. 2015/2365 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende de transparantie van effectenfinancieringstransacties en van hergebruik en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PbEU 2015, L 337); -- *verordening (EU) nr. 2017/2358 (productontwikkeling en -governance):* gedelegeerde verordening (EU) nr. 2017/2358 van de Commissie van 21 september 2017 tot aanvulling van Richtlijn 2016/97/EU van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot vereisten inzake producttoezicht en -governance voor verzekeringsondernemingen en verzekeringsdistributeurs (PbEU 2017, L 341); -- *verordening (EU) nr. 2017/2359 (verzekeringen met een beleggingscomponent):* gedelegeerde verordening (EU) nr. 2017/2359 van de Commissie van 21 september 2017 tot aanvulling van Richtlijn 2016/97/EU van het Europees Parlement en de Raad ten aanzien van informatievereisten en gedragsregels die van toepassing zijn op de distributie van verzekeringsgebaseerde beleggingsproducten (PbEU 2017, L 341); -- *verordening (EU) nr. 2017/2402 (securitisaties):* verordening (EU) nr. 2017/2402 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2017 tot vaststelling van een algemeen kader voor securitisatie en tot vaststelling van een specifiek kader voor eenvoudige, transparante en gestandaardiseerde securitisatie, en tot wijziging van de Richtlijnen 2009/65/EG, 2009/138/EG en 2011/61/EU en de Verordeningen (EG) nr. 1060/2009 en (EU) nr. 648/2012 (PbEU 2017, L 347); -- *verordening (EU) nr. 2017/1131 (geldmarktfondsen):* verordening (EU) nr. 2017/1131 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 inzake geldmarktfondsen (PbEU 2017, L 169). +- *verordening (EG) nr. 924/2009 (grensoverschrijdende betalingen):* verordening (EG) nr. 924/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 betreffende grensoverschrijdende betalingen in de Gemeenschap en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 2560/2001 (PbEU 2009 L 266); +- *verordening (EG) nr. 1060/2009 (ratingbureaus):* verordening (EG) nr. 1060/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 inzake ratingbureaus (PbEU 2009 L 302); +- *verordening (EU) nr. 583/2010 (essentiële beleggersinformatie):* verordening (EU) nr. 583/2010 van de Europese Commissie van 1 juli 2010 tot uitvoering van Richtlijn 2009/65/EG van het Europees Parlement en de Raad wat betreft essentiële beleggersinformatie en de voorwaarden waaraan moet worden voldaan als de essentiële beleggersinformatie of het prospectus op een andere duurzame drager dan papier of via een website wordt verstrekt (PbEU 2010 L 176); +- *verordening (EU) nr. 1031/2010 (veiling van broeikasgasemissierechten):* verordening (EU) nr. 1031/2010 van de Europese Commissie van 12 november 2010 inzake de tijdstippen, het beheer en andere aspecten van de veiling van broeikasgasemissierechten overeenkomstig Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap (PbEU 2010 L 302); +- *verordening (EU) nr. 236/2012 (short selling en kredietverzuimswaps):* verordening (EU) nr. 236/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2012 betreffende short selling en bepaalde aspecten van kredietverzuimswaps (PbEU 2012 L 86); +- *verordening (EU) nr. 260/2012 (betaaldiensten):* verordening (EU) nr. 260/2012 van 14 maart 2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van technische en bedrijfsmatige vereisten voor overmakingen en automatische afschrijvingen in euro en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 924/2009 (PbEU 2012 L 94); +- *verordening (EU) nr. 648/2012 (EMIR):* verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli inzake otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters (PbEU 2012, L 201); +- *verordening (EU) nr. 345/2013 (Europese durfkapitaalfondsen):* verordening (EU) nr. 345/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2013 betreffende Europese durfkapitaalfondsen (PbEU 2013, L 115); +- *verordening (EU) nr. 346/2013 (Europese sociaalondernemerschapsfondsen):* verordening (EU) nr. 346/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2013 inzake Europese sociaalondernemerschapsfondsen (PbEU 2013, L 115); +- *verordening (EU) nr. 575/2013 (Kapitaalvereisten):* verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PbEU 2013, L 176); +- *verordening (EU) nr. 596/2014 (marktmisbruik):* verordening (EU) nr. 596/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende marktmisbruik (Verordening marktmisbruik) en houdende intrekking van Richtlijn 2003/6/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijnen 2003/124, 2003/125/EG en 2004/72/EG van de Commissie; +- *verordening (EU) nr. 600/2014 (MiFIR):* verordening (EU) nr. 600/2014 van het Europees parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende markten voor financiële instrumenten en tot wijziging van verordening (EU) nr. 648/2012 (PbEU 2014, L 173); +- *verordening (EU) nr. 806/2014 (gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme):* verordening (EU) nr. 806/2014 van het Europees parlement en de Raad van 15 juli 2014 tot vaststelling van eenvormige regels en een eenvormige procedure voor de afwikkeling van kredietinstellingen en bepaalde beleggingsondernemingen in het kader van een gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme en een gemeenschappelijk afwikkelingsfonds en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1093/2010 (PbEU 2014, L 225); +- *verordening (EU) nr. 909/2014 (centrale effectenbewaarinstellingen):* verordening (EU) nr. 909/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 23 juli 2014 betreffende de verbetering van de effectenafwikkeling in de Europese Unie, betreffende centrale effectenbewaarinstellingen en tot wijziging van Richtlijnen 98/26/EG en 2014/65/EU en Verordening (EU) nr. 236/2012 (PbEU 2014, L 257); +- *verordening (EU) nr. 1286/2014 (PRIIP’s):* verordening (EU) Nr. 1286/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 26 november 2014 over essentiële-informatiedocumenten voor verpakte retailbeleggingsproducten en verzekeringsgebaseerde beleggingsproducten (PbEU 2014, L 352); +- *Verordening (EU) nr. 2015/760 (Europese langetermijnbeleggingsinstellingen):* verordening (EU) nr. 2015/760 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2015 betreffende Europese langetermijnbeleggingsinstellingen (PbEU 2015, L 123); +- *verordening (EU) nr. 2015/35 (Solvabiliteit II):* gedelegeerde verordening (EU) nr. 2015/35 van de Commissie van 10 oktober 2014 tot aanvulling van Richtlijn 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de toegang tot en uitoefening van het verzekerings- en het herverzekeringsbedrijf (Solvabiliteit II) (PbEU L 12); +- *verordening (EU) nr. 2015/751 (afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten gebaseerde betalingstransacties):* verordening (EU) nr. 2015/751 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2015 betreffende afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten gebaseerde betalingstransacties (PbEU 2015, L 123); +- *verordening (EU) nr. 2016/1011 (benchmarks):* Verordening (EU) nr. 2016/1011 van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2016 betreffende indices die worden gebruikt als benchmarks voor financiële instrumenten en financiële overeenkomsten of om de prestatie van beleggingsfondsen te meten en tot wijziging van Richtlijnen 2008/48/EG en 2014/17/EU en Verordening (EU) nr. 596/2014 (PbEU 2016, L 171); +- *verordening (EU) nr. 2017/565 (MiFID II organisatorische vereisten):* gedelegeerde verordening (EU) nr. 2017/565 van de Commissie van 25 april 2016 houdende aanvulling van Richtlijn 2014/65/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de door beleggingsondernemingen in acht te nemen organisatorische eisen en voorwaarden voor de bedrijfsuitoefening en wat betreft de definitie van begrippen voor de toepassing van genoemde richtlijn (PbEU 2017, L 87); +- *verordening (EU) nr. 2017/1129 (prospectus):* verordening (EU) nr. 2017/1129 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 betreffende het prospectus dat moet worden gepubliceerd wanneer effecten aan het publiek worden aangeboden of tot de handel op een gereglementeerde markt worden toegelaten en tot intrekking van Richtlijn 2003/71/EG (PbEU 2017, L 168); +- *verordening (EU) nr. 2015/2365 (SFTR): * verordening (EU) nr. 2015/2365 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende de transparantie van effectenfinancieringstransacties en van hergebruik en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PbEU 2015, L 337); +- *verordening (EU) nr. 2017/2358 (productontwikkeling en -governance):* gedelegeerde verordening (EU) nr. 2017/2358 van de Commissie van 21 september 2017 tot aanvulling van Richtlijn 2016/97/EU van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot vereisten inzake producttoezicht en -governance voor verzekeringsondernemingen en verzekeringsdistributeurs (PbEU 2017, L 341); +- *verordening (EU) nr. 2017/2359 (verzekeringen met een beleggingscomponent):* gedelegeerde verordening (EU) nr. 2017/2359 van de Commissie van 21 september 2017 tot aanvulling van Richtlijn 2016/97/EU van het Europees Parlement en de Raad ten aanzien van informatievereisten en gedragsregels die van toepassing zijn op de distributie van verzekeringsgebaseerde beleggingsproducten (PbEU 2017, L 341); +- *verordening (EU) nr. 2017/2402 (securitisaties):* verordening (EU) nr. 2017/2402 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2017 tot vaststelling van een algemeen kader voor securitisatie en tot vaststelling van een specifiek kader voor eenvoudige, transparante en gestandaardiseerde securitisatie, en tot wijziging van de Richtlijnen 2009/65/EG, 2009/138/EG en 2011/61/EU en de Verordeningen (EG) nr. 1060/2009 en (EU) nr. 648/2012 (PbEU 2017, L 347); +- *verordening (EU) nr. 2017/1131 (geldmarktfondsen):* verordening (EU) nr. 2017/1131 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 inzake geldmarktfondsen (PbEU 2017, L 169). ### Artikel 1a @@ -86,7 +86,7 @@ r. voor verordening (EU) nr. 2015/751 (afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten 1°. ten aanzien van de artikelen 3 tot en met 6, 8, eerste lid en derde tot en met zesde lid, 10 en 11: de Autoriteit Consument en Markt; 2°. ten aanzien van artikel 7: de Nederlandsche Bank; 3°. ten aanzien van de artikelen 8, tweede lid, 9 en 12: de Autoriteit Financiële Markten; -s. voor verordening (EU) nr. 2016/1011 (benchmarks): de Autoriteit Financiële Markten; +s. voor verordening (EU) nr. 2016/1011 (benchmarks): de Autoriteit Financiële Markten; t. voor verordening (EU) nr. 2017/565 (MiFID II organisatorische vereisten): de Autoriteit Financiële Markten; u. voor verordening (EU) nr. 2017/2358 (productontwikkeling en -governance): de Autoriteit Financiële Markten; v. voor verordening (EU) nr. 2017/2359 (verzekeringen met een beleggingscomponent): de Autoriteit Financiële Markten; @@ -97,24 +97,24 @@ w. voor verordening (EU) nr. 2015/2365 (SFTR): i. voor zover de tegenpartij een bank, verzekeraar, herverzekeraar of pensioenfonds is: de Nederlandsche Bank; ii. voor zover de tegenpartij geen bank, verzekeraar, herverzekeraar of pensioenfonds is: de Autoriteit Financiële Markten; -x. voor verordening (EU) nr. 2017/2402 (securitisaties): +x. voor verordening (EU) nr. 2017/2402 (securitisaties): 1°. de Nederlandsche Bank: ten aanzien van: -– de artikelen 6 tot en met 9 indien het een SSPE betreft als bedoeld in artikel 29, vierde lid, van de verordening (EU) nr. 2017/2402 (securitisaties), die is verbonden aan een initiator, oorspronkelijke kredietverstrekker of sponsor met een door de Nederlandsche Bank verleende vergunning, +– de artikelen 6 tot en met 9 indien het een SSPE betreft als bedoeld in artikel 29, vierde lid, van de verordening (EU) nr. 2017/2402 (securitisaties), die is verbonden aan een initiator, oorspronkelijke kredietverstrekker of sponsor met een door de Nederlandsche Bank verleende vergunning, – de artikelen 5 tot en met 9, 29, zesde lid, 43, vijfde tot en met achtste lid, voor zover het betreft een bank, tenzij de Europese Centrale Bank bevoegd is toezicht uit te oefenen op grond van de artikelen 4 en 6 van de verordening bankentoezicht, beleggingsonderneming in de zin van de verordening kapitaalvereisten, verzekeringsonderneming of herverzekeringsonderneming als bedoeld in artikel 13, eerste onderdeel, onderscheidenlijk vierde onderdeel, van de richtlijn solvabiliteit II, een pensioenfonds, of premiepensioeninstelling; en, – de artikelen 18, 27 en 43, tweede lid. 2°. de Autoriteit Financiële Markten: ten aanzien van: – de artikelen 3, 4, 28; -– de artikelen 6 tot en met 9, indien het een SSPE betreft als bedoeld in artikel 29, vierde lid, van de verordening (EU) nr. 2017/2402 (securitisaties), die is verbonden aan een initiator, oorspronkelijke kredietverstrekker of sponsor zonder door een toezichthouder verleende vergunning of met een door de Autoriteit Financiële Markten verleende vergunning; en, +– de artikelen 6 tot en met 9, indien het een SSPE betreft als bedoeld in artikel 29, vierde lid, van de verordening (EU) nr. 2017/2402 (securitisaties), die is verbonden aan een initiator, oorspronkelijke kredietverstrekker of sponsor zonder door een toezichthouder verleende vergunning of met een door de Autoriteit Financiële Markten verleende vergunning; en, – de artikelen 5 tot en met 9, 29 zesde lid, en artikel 43, vijfde tot en met achtste lid, voor zover het een beleggingsinstelling, of icbe betreft; y. voor verordening (EU) nr. 2017/1131 (geldmarktfondsen): 1°. ten aanzien van de gehele verordening met uitzondering van de artikelen 28 en 37, tweede lid, onderdeel c: de Autoriteit Financiële Markten; 2°. ten aanzien van de artikelen 28 en 37, tweede lid, onderdeel c: de Nederlandsche Bank. -**2.** De Europese Centrale Bank treedt in de plaats van de Nederlandsche Bank als bevoegde autoriteit als bedoeld in het eerste lid, indien dit volgt uit de artikelen 4, 5 en 6 van verordening (EU) nr. 1024/2013 van de Raad van 15 oktober 2013 waarbij aan de Europese Centrale Bank specifieke taken worden opgedragen betreffende het beleid inzake het prudentieel toezicht op kredietinstellingen (PbEU 2013, L 287). +**2.** De Europese Centrale Bank treedt in de plaats van de Nederlandsche Bank als bevoegde autoriteit als bedoeld in het eerste lid, indien dit volgt uit de artikelen 4, 5 en 6 van verordening (EU) nr. 1024/2013 van de Raad van 15 oktober 2013 waarbij aan de Europese Centrale Bank specifieke taken worden opgedragen betreffende het beleid inzake het prudentieel toezicht op kredietinstellingen (PbEU 2013, L 287). ### Artikel 2a @@ -122,8 +122,8 @@ y. voor verordening (EU) nr. 2017/1131 (geldmarktfondsen): De Nederlandsche Bank vraagt advies aan de Autoriteit Financiële Markten voordat zij: -a. beslist op een aanvraag als bedoeld in de artikelen 14, 15 en 17 van verordening (EU) nr. 648/2012 (EMIR), of in het kader van artikel 3:28a van de wet, voor zover betrekking hebbend op de artikelen 26 tot en met 35 en 51 tot en met 54 van die verordening, indien in dat kader dient te worden beoordeeld of wordt voldaan aan het bij of krachtens het Deel Gedragstoezicht financiële ondernemingen bepaalde; of -b. een vergunning intrekt op grond van artikel 20 van verordening (EU) nr. 648/2012 (EMIR). +a. beslist op een aanvraag als bedoeld in de artikelen 14, 15 en 17 van verordening (EU) nr. 648/2012 (EMIR), of in het kader van artikel 3:28a van de wet, voor zover betrekking hebbend op de artikelen 26 tot en met 35 en 51 tot en met 54 van die verordening, indien in dat kader dient te worden beoordeeld of wordt voldaan aan het bij of krachtens het Deel Gedragstoezicht financiële ondernemingen bepaalde; of +b. een vergunning intrekt op grond van artikel 20 van verordening (EU) nr. 648/2012 (EMIR). **2.** De Autoriteit Financiële Markten brengt het advies schriftelijk uit binnen zes weken na het verzoek. @@ -133,7 +133,7 @@ b. een vergunning intrekt op grond van artikel 20 van verordening (EU) nr. 648/2 ### Artikel 2b -**1.** Indien de Autoriteit Financiële Markten voornemens is een vergunning te verlenen als bedoeld in de artikelen 16 of 19 van verordening (EU) nr. 909/2014 (centrale effectenbewaarinstellingen), een vergunning in te trekken op grond van artikel 20 van die verordening of op grond van artikel 1:79 of 1:80 van de wet een besluit te nemen ter zake van overtreding van de artikelen 26 tot en met 31 en 48 tot en met 53 van die verordening, stelt zij de Nederlandsche Bank van het voorgenomen besluit in kennis. +**1.** Indien de Autoriteit Financiële Markten voornemens is een vergunning te verlenen als bedoeld in de artikelen 16 of 19 van verordening (EU) nr. 909/2014 (centrale effectenbewaarinstellingen), een vergunning in te trekken op grond van artikel 20 van die verordening of op grond van artikel 1:79 of 1:80 van de wet een besluit te nemen ter zake van overtreding van de artikelen 26 tot en met 31 en 48 tot en met 53 van die verordening, stelt zij de Nederlandsche Bank van het voorgenomen besluit in kennis. **2.** Indien de Nederlandsche Bank naar aanleiding van een inkennisstelling als bedoeld in het eerste lid, oordeelt dat zwaarwegende redenen betreffende de soliditeit van de betrokken onderneming of de stabiliteit van het financiële stelsel daar aanleiding toe geven, kan zij een bindende aanbeveling doen aan de Autoriteit Financiële Markten omtrent een besluit als bedoeld in het eerste lid. @@ -143,13 +143,13 @@ b. een vergunning intrekt op grond van artikel 20 van verordening (EU) nr. 648/2 ### Artikel 3 -**1.** Als orgaan als bedoeld in artikel 11, eerste lid, van de verordening (EG) nr. 924/2009 (grensoverschrijdende betalingen), artikel 12 van de verordening (EU) nr. 260/2012 (betaaldiensten) en artikel 15 van de verordening (EU) nr. 2015/751 (afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten gebaseerde betalingstransacties) wordt aangewezen de Stichting Klachteninstituut Financiële Dienstverlening. +**1.** Als orgaan als bedoeld in artikel 11, eerste lid, van de verordening (EG) nr. 924/2009 (grensoverschrijdende betalingen), artikel 12 van de verordening (EU) nr. 260/2012 (betaaldiensten) en artikel 15 van de verordening (EU) nr. 2015/751 (afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten gebaseerde betalingstransacties) wordt aangewezen de Stichting Klachteninstituut Financiële Dienstverlening. **2.** Op de behandeling van klachten en geschillen en op de Stichting Klachteninstituut Financiële Dienstverlening in haar hoedanigheid van orgaan als bedoeld in artikel 15 van verordening (EU) nr. 2015/751 (afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten gebaseerde betalingstransacties) zijn, voor zover een begunstigde in de zin van die verordening niet tevens een consument is in de zin van de Implementatiewet buitengerechtelijke geschillenbeslechting consumenten, de artikelen 3, tweede tot en met vierde lid, en 4 tot en met 11 van de Implementatiewet buitengerechtelijke geschillenbeslechting consumenten en de artikelen 40 tot en met 44, 45, eerste en tweede lid, 46 tot en met 48a en 48d tot en met 48f van het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 3a -Als nationale afwikkelingsautoriteit in de zin van verordening (EU) nr. 806/2014 (gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme), belast met de uitvoering en handhaving van de bij of krachtens die verordening gestelde regels, wordt aangewezen de Nederlandsche Bank. De artikelen 4 en 5 zijn van overeenkomstige toepassing. +Als nationale afwikkelingsautoriteit in de zin van verordening (EU) nr. 806/2014 (gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme), belast met de uitvoering en handhaving van de bij of krachtens die verordening gestelde regels, wordt aangewezen de Nederlandsche Bank. De artikelen 4 en 5 zijn van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 4 @@ -171,7 +171,7 @@ Als in bijlage 2 in de kolom «Bijzondere termijn openbaarmaking» een «P» sta ### Artikel 6a -**1.** De gewogen gemiddelde maximale afwikkelingsvergoeding voor binnenlandse debetkaarttransacties, bedoeld in artikel 3, derde lid, tweede volzin, van verordening (EU) nr. 2015/751 (afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten gebaseerde betalingstransacties), bedraagt tot en met 8 december 2020 € 0,02 per transactie en geldt per betalingsdienstaanbieder. +**1.** De gewogen gemiddelde maximale afwikkelingsvergoeding voor binnenlandse debetkaarttransacties, bedoeld in artikel 3, derde lid, tweede volzin, van verordening (EU) nr. 2015/751 (afwikkelingsvergoedingen voor op kaarten gebaseerde betalingstransacties), bedraagt tot en met 8 december 2020 € 0,02 per transactie en geldt per betalingsdienstaanbieder. **2.** @@ -193,14 +193,14 @@ De bevoegde autoriteit kan ter zake van overtreding van voorschriften gesteld in De toezichthouder kan met een openbare verklaring een overtreding en de naam van de overtreder openbaar maken bij een overtreding van een voorschrift, gesteld bij of krachtens: -a. verordening (EU) nr. 575/2013 (Kapitaalvereisten), indien die overtreding is gerangschikt in de derde boetecategorie, bedoeld in artikel 1:81, tweede lid, van de wet; -b. verordening (EU) nr. 909/2014 (centrale effectenbewaarinstellingen); -c. artikel 4, eerste lid, eerste zin, en derde tot en met vijfde lid, en 15, eerste en tweede lid, van verordening (EU) nr. 2015/2365 (SFTR); -d. verordening (EU) nr. 600/2014 (MiFIR); -e. verordening (EU) nr. 2017/565 (MiFID II organisatorische vereisten); -f. de verordening (EU) nr. 2017/2358 (productontwikkeling en -governance); -g. de verordening (EU) nr. 2017/2359 (verzekeringen met een beleggingscomponent); -h. de verordening (EU) nr. 2017/2402 (securitisaties). +a. verordening (EU) nr. 575/2013 (Kapitaalvereisten), indien die overtreding is gerangschikt in de derde boetecategorie, bedoeld in artikel 1:81, tweede lid, van de wet; +b. verordening (EU) nr. 909/2014 (centrale effectenbewaarinstellingen); +c. artikel 4, eerste lid, eerste zin, en derde tot en met vijfde lid, en 15, eerste en tweede lid, van verordening (EU) nr. 2015/2365 (SFTR); +d. verordening (EU) nr. 600/2014 (MiFIR); +e. verordening (EU) nr. 2017/565 (MiFID II organisatorische vereisten); +f. de verordening (EU) nr. 2017/2358 (productontwikkeling en -governance); +g. de verordening (EU) nr. 2017/2359 (verzekeringen met een beleggingscomponent); +h. de verordening (EU) nr. 2017/2402 (securitisaties). ### Artikel 8 @@ -214,10 +214,10 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden Dit besluit, met uitzondering van de artikelen 7 en 8, treedt in werking met ingang van: -a. ten aanzien van verordening (EU) nr. 236/2012 (short selling en kredietverzuimswaps): de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst; -b. ten aanzien van de overige in artikel 1 genoemde verordeningen: 1 januari 2013. +a. ten aanzien van verordening (EU) nr. 236/2012 (short selling en kredietverzuimswaps): de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst; +b. ten aanzien van de overige in artikel 1 genoemde verordeningen: 1 januari 2013. -**2.** Artikel 7 treedt in werking met ingang van 1 januari 2013. +**2.** Artikel 7 treedt in werking met ingang van 1 januari 2013. **3.** Artikel 8 treedt in werking op het tijdstip waarop de in dat artikel bedoelde wet in werking treedt.