diff --git a/wet/wet-personenvervoer-2000/BWBR0011470/README.md b/wet/wet-personenvervoer-2000/BWBR0011470/README.md index f90533fdfd4..b1a23f52112 100644 --- a/wet/wet-personenvervoer-2000/BWBR0011470/README.md +++ b/wet/wet-personenvervoer-2000/BWBR0011470/README.md @@ -32,8 +32,11 @@ k. vervoerder: degene die openbaar vervoer of besloten busvervoer verricht, niet l. concessie: recht om met uitsluiting van anderen openbaar vervoer te verrichten in een bepaald gebied gedurende een bepaald tijdvak; m. concessieverlener: het tot verlening van een concessie bevoegde gezag, bedoeld in artikel 20; n. concessiehouder: vergunninghoudende vervoerder aan wie een concessie is verleend; -o. Communautaire vergunning: vergunning als bedoeld in artikel 3bis van verordening (EEG) nr. 684/92 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 16 maart 1992 houdende gemeenschappelijke regels voor het internationaal vervoer van personen met touringcars en met autobussen (PbEG 1992 L74); +o. communautaire vergunning: vergunning als bedoeld in artikel 4 van verordening 1073/2009/EG; p. verordening 1371/2007/EG: verordening nr. 1371/2007 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 23 oktober 2007 betreffende de rechten en verplichtingen van reizigers in het treinverkeer (PbEU L 315); +q. verordening 1071/2009/EG: verordening (EG) nr. 1071/2009 van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke voorwaarden waaraan moet zijn voldaan om het beroep van wegvervoerondernemer uit te oefenen en tot intrekking van Richtlijn 96/26/EG van de Raad (PbEU L 300); +r. verordening 1073/2009/EG: verordening (EG) nr. 1073/2009 van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels voor toegang tot de internationale markt voor touringcar- en autobusdiensten en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 561/2009 (PbEU L 300); +s. vervoersmanager: vervoersmanager als bedoeld in artikel 2 van verordening 1071/2009/EG. q. verordening (EG) 1370/2007: verordening nr. 1370/2007 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 23 oktober 2007 betreffende het openbaar personenvervoer per spoor en over de weg en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 1191/69 van de Raad en Verordening (EEG) nr. 1107/70 van de Raad (PbEU 2007, L 315). ### Paragraaf 2. Werkingssfeer @@ -62,7 +65,7 @@ c. openbaar vervoer langs geleidesystemen. **2.** De voordracht voor een algemene maatregel van bestuur waarbij wordt afgeweken van deze wet wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp daarvoor aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd. -### Paragraaf 3. Vergunningen +### Paragraaf 3. Uitvoering verordening 1071/2009/EG en verordening 1073/2009/EG ### Artikel 3a @@ -70,103 +73,142 @@ Deze paragraaf is van toepassing op openbaar vervoer, anders dan per trein, en b ### Artikel 4 -**1.** Het is verboden openbaar vervoer anders dan per trein of besloten busvervoer te verrichten zonder een daartoe verleende communautaire vergunning. +**1.** De communautaire vergunning is de Nederlandse vergunning voor de uitoefening van het beroep van ondernemer van personenvervoer over de weg, bedoeld in verordening 1071/2009/EG, voor het openbaar vervoer per bus en het besloten busvervoer, heeft een geldigheidsduur van maximaal vijf jaar en kan telkens voor maximaal vijf jaren worden verlengd. -**2.** Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing in de bij algemene maatregel van bestuur bepaalde gevallen. +**2.** Voor de toepassing van het eerste lid wordt met het verrichten van besloten busvervoer gelijkgesteld het aanbieden van dat vervoer, tenzij dit aanbieden geschiedt door tussenpersonen die bemiddelen in dat vervoer bij wijze van dienstverlening of in de uitoefening van hun beroep of bedrijf. -**3.** Voor de toepassing van het eerste wordt met het verrichten van besloten busvervoer gelijkgesteld het aanbieden van dat vervoer, tenzij dit aanbieden geschiedt door tussenpersonen die bemiddelen in dat vervoer bij wijze van dienstverlening of in de uitoefening van hun beroep of bedrijf. +**3.** Onze Minister is de bevoegde instantie voor verordening 1071/2009/EG. + +**4.** Bij algemene maatregel van bestuur kan met inachtneming van artikel 1, vijfde lid, van verordening 1071/2009/EG vrijstelling van die verordening worden verleend. + +**5.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gegeven voor de eisen met betrekking tot betrouwbaarheid, vakbekwaamheid en financiële draagkracht voor het openbaar vervoer anders dan per bus of per trein. ### Artikel 4a -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** Een vervoerder heeft geen toegang tot het beroep van wegvervoerondernemer indien op basis van het tweede lid, artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur jegens de vervoerder toepassing vindt. + +**2.** Onze Minister weigert de verlening of verlenging van een communautaire vergunning of gaat over tot intrekking of schorsing van die vergunning in het geval en onder de voorwaarden van artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. ### Artikel 4b -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** Onze Minister weigert de verlening of verlenging van de communautaire vergunning indien de vervoerder niet of niet meer voldoet aan de vereisten voor de uitoefening van het beroep van wegvervoerondernemer, bedoeld in artikel 3 van verordening 1071/2009/EG. + +**2.** Onze Minister verklaart een vervoersmanager ongeschikt om leiding te hebben over de vervoersactiviteiten van een vervoerder indien hij niet langer voldoet aan de eis van betrouwbaarheid van verordening 1071/2009/EG. + +**3.** Onze Minister gaat over tot intrekking of schorsing van de communautaire vergunning volgens de daarvoor geldende procedure van verordening 1071/2009/EG indien de vervoerder definitief niet meer voldoet aan de vereisten voor de uitoefening van het beroep van wegvervoerondernemer van die verordening. + +**4.** Onze Minister stelt bij een besluit tot intrekking van de communautaire vergunning een termijn voor rehabilitatie vast. ### Artikel 5 -Onze Minister beslist op een aanvraag voor een vergunning. +**1.** + +De voorwaarden betreffende de betrouwbaarheidseis voor een vervoerder zijn: + +a. de overlegging van een niet ouder dan twee maanden zijnde met het oog op de uitoefening van de functie van wegvervoerder verleende verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens; +b. het ontbreken van een niet ouder dan twee jaar zijnde onherroepelijke rechterlijke uitspraak waarbij is vastgesteld dat de vervoerder de geldende voorschriften inzake de financiële loon- en arbeidsvoorwaarden niet is nagekomen; +c. het ontbreken van een minder dan twee jaar oud zijnde onherroepelijke veroordeling en onherroepelijke sanctie jegens de vervoerder, wegens een zeer ernstige inbreuk op de communautaire wetgeving, die bij verordening 1071/2009/EG als zodanig is aangewezen; +d. het aantal minder dan twee jaar oud zijnde onherroepelijke veroordelingen en onherroepelijke sancties jegens de vervoerder wegens een bij regeling van Onze Minister, met inachtneming van het daaromtrent krachtens verordening 1071/2009/EG bepaalde, aangewezen ernstige inbreuken op de communautaire wetgeving, overschrijdt niet de daarvoor bij die regeling vastgestelde grenzen, en +e. de één of meer door de vervoerder aangewezen vervoersmanagers zijn niet ingevolge verordening 1071/2009/EG, door een bevoegde instantie voor die verordening, ongeschikt verklaard om de leiding te hebben over de vervoeractiviteiten van een vervoerder of zijn na een dergelijke ongeschiktverklaring gerehabiliteerd. + +**2.** + +De voorwaarden betreffende de betrouwbaarheidseis voor een vervoersmanager zijn: + +a. de overlegging van een niet ouder dan twee maanden zijnde met het oog op de uitoefening van de functie van vervoermanager verleende verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens; +b. het ontbreken van een rechterlijke uitspraak als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, waarbij hij de leiding had over vervoeractiviteiten van de betrokken vervoerder; +c. het ontbreken van een minder dan twee jaar oud zijnde onherroepelijke veroordeling en onherroepelijke sanctie jegens hem, wegens een zeer ernstige inbreuk op de communautaire wetgeving, die bij verordening 1071/2009/EG als zodanig is aangewezen; +d. het aantal minder dan twee jaar oud zijnde onherroepelijke veroordelingen en onherroepelijke sancties jegens hem, wegens bij regeling van Onze Minister, met inachtneming van het daaromtrent krachtens verordening 1071/2009/EG bepaalde, aangewezen ernstige inbreuken op de communautaire wetgeving, overschrijdt niet de daarvoor bij die regeling aangewezen grenzen, en +e. het ontbreken van een veroordeling en sanctie als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, waarbij hij de leiding had over de vervoeractiviteiten van de betrokken vervoerder. + +**3.** + +De griffier van een gerecht als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie verstrekt aan Onze Minister van Veiligheid en Justitie: + +a. een afschrift van een uitspraak waarbij is vastgesteld dat de vervoerder de geldende voorschriften inzake de financiële arbeidsvoorwaarden niet is nagekomen, en +b. een uitspraak waarbij een in onderdeel a bedoelde uitspraak is vernietigd. + +**4.** Voor de toepassing van het eerste lid, onderdelen c en d, en het tweede lid, onderdelen c, d en e, worden veroordelingen en sancties die vóór 4 december 2011 onherroepelijk zijn geworden, niet in aanmerking genomen. ### Artikel 5a -**1.** De vervoerder die openbaar vervoer of besloten busvervoer verricht, alsmede de bestuurder van een bus of auto waarmee openbaar vervoer of besloten busvervoer wordt verricht, draagt er zorg voor dat in de bus of auto waarmee dat vervoer wordt verricht een geldig vergunningbewijs aanwezig is. +**1.** Onze Minister verklaart in afwijking van artikel 5, eerste lid, een vervoerder die niet voldoet aan onderdelen b of c van dat artikellid, toch als betrouwbaar, indien het verlies van de betrouwbaarheid een onevenredig strenge sanctie is. -**2.** Vergunningbewijzen kunnen op aanvraag door Onze Minister worden verstrekt aan de vergunninghouder. +**2.** Onze Minister verklaart, in afwijking van artikel 5, tweede lid, een vervoersmanager, die niet voldoet aan onderdelen b, c of e van dat artikellid, toch als betrouwbaar, indien het verlies van de betrouwbaarheid een onevenredig strenge sanctie is. + +**3.** De bekendmaking van een beschikking inhoudende het verlies van de betrouwbaarheid van een vervoerder geschiedt in één geschrift met de bekendmaking van het daarmee samenhangende besluit tot schorsing of intrekking van de communautaire vergunning. + +**4.** De bekendmaking van een beschikking inhoudende het verlies van de betrouwbaarheid van een vervoersmanager geschiedt in één geschrift met de bekendmaking van het daarmee samenhangende besluit tot ongeschiktverklaring van de vervoersmanager. + +**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gegeven voor de toepassing van het eerste en tweede lid waarbij wordt aangegeven wanneer het verlies van betrouwbaarheid in ieder geval een onevenredig strenge sanctie is. + +**6.** De voordracht voor een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het vijfde lid wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp daarvoor aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd. ### Artikel 5b -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** Een vervoerder waarvan de communautaire vergunning wegens het niet voldoen aan de betrouwbaarheidseis door Onze Minister is geschorst, is na het verstrijken van de termijn van die schorsing voor de toepassing van verordening 1071/2009/EG, verordening 1073/2009/EG en van deze wet gerehabiliteerd. + +**2.** Een vervoersmanager die vanwege het niet voldoen aan de betrouwbaarheidseis door Onze Minister ongeschikt is verklaard om de leiding te hebben over de vervoeractiviteiten van een vervoerder, is na het verstrijken van de termijn van die ongeschiktverklaring voor de toepassing van verordening 1071/2009/EG en van deze wet gerehabiliteerd. + +**3.** Een vervoerder waarvan de communautaire vergunning vanwege het niet voldoen aan de betrouwbaarheidseis door Onze Minister is ingetrokken, is na het verstrijken van de termijn, bedoeld in artikel 4b, vierde lid, voor de toepassing van verordening 1071/2009/EG, verordening 1073/2009/EG en van deze wet gerehabiliteerd. + +**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen andere maatregelen voor rehabilitatie of maatregelen van gelijke werking en nadere regels voor de betrouwbaarheid worden vastgesteld. + +**5.** De voordracht voor een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het vierde lid wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp daarvoor aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd. ### Artikel 5c -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** Onze Minister verwerkt persoonsgegevens ten behoeve van uitvoering van verordening 1071/2009/EG en verordening 1073/2009/EG en het bij of krachtens deze wet gestelde, in het bijzonder in het belang van de handhaving van de vereisten voor de toegang tot het beroep van vervoerder en de betrouwbaarheid van de vervoersmanager. + +**2.** Onze Minister is verantwoordelijke als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Wet bescherming persoonsgegevens, voor de in het eerste lid bedoelde gegevens. + +**3.** Bij regeling van Onze Minister kunnen regels worden gegeven voor de toepassing van het eerste lid. ### Artikel 6 -**1.** Een vergunning als bedoeld in artikel 4, eerste lid, wordt verleend voor een periode van vijf jaar. +**1.** Onze Minister wijst een exameninstituut aan dat verantwoordelijk is voor de organisatie en de certificering van de examens, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van verordening 1071/2009/EG. -**2.** Een vergunning kan worden geweigerd, gewijzigd, geschorst of ingetrokken. Een vergunning wordt geschorst voor bepaalde tijd. - -**3.** Een vergunning wordt steeds geweigerd, indien binnen een periode van twee jaar direct voorafgaande aan de datum van indiening van een aanvraag voor een vergunning een eerder aan de aanvrager verleende vergunning is ingetrokken op grond van artikel 99, onderdeel a, of onderdeel b, voor zover het betreft de eis van betrouwbaarheid. - -**4.** De vergunning kan worden geweigerd in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. - -**5.** Voordat toepassing wordt gegeven aan het vierde lid, kan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, bedoeld in artikel 8 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, om een advies als bedoeld in artikel 9 van die wet worden gevraagd. - -**6.** Een vergunning kan onder beperkingen worden verleend. Aan een vergunning kunnen voorschriften worden verbonden. - -**7.** De beperkingen waaronder een vergunning wordt verleend en de aan een vergunning verbonden voorschriften kunnen ambtshalve of op aanvraag worden gewijzigd, geschorst of ingetrokken. +**2.** Onze Minister kan de aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, intrekken indien het exameninstituut zijn taak ernstig verwaarloost of niet voldoet aan artikel 8 en de bijlagen I tot en met III van verordening 1071/2009/EG. ### Artikel 7 -**1.** +**1.** Het is verboden openbaar vervoer anders dan per trein of besloten busvervoer te verrichten zonder geldige communautaire vergunning. -Een vergunning vervalt van rechtswege: +**2.** Het is verboden openbaar vervoer anders dan per trein of besloten busvervoer te verrichten zonder de aanwezigheid in het voertuig van een eensluidend gewaarmerkt afschrift van de communautaire vergunning, bedoeld in het eerste lid. -a. zes maanden na het overlijden of het intreden van wettelijke onbekwaamheid van degene aan wie de vergunning is verleend; -b. zodra de rechtspersoon waaraan de vergunning is verleend, heeft opgehouden te bestaan; -c. zodra de overeenkomst van de vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid of de maatschap waaraan de vergunning is verleend, is ontbonden; -d. zodra degene aan wie de vergunning is verleend, zijn activiteiten als vervoerder heeft beëindigd. +**3.** Het is verboden een gewaarmerkt afschrift van een communautaire vergunning al dan niet tegen betaling ter beschikking te stellen van een derde ten behoeve van het verrichten van vervoer als bedoeld in het eerste lid. -**2.** Belanghebbenden kunnen binnen zes maanden na het overlijden of na het intreden van de wettelijke onbekwaamheid, bij Onze Minister een aanvraag indienen om de vergunning te stellen op naam van de erfgenaam of, indien er meer erfgenamen zijn, op naam van de gezamenlijke erven, dan wel op naam van één of meer door de belanghebbenden aangewezen vertegenwoordigers. +**4.** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op degene aan wie door de houder van een communautaire vergunning een gewaarmerkt afschrift van de communautaire vergunning ter beschikking is gesteld. -**3.** Onze Minister beslist binnen drie maanden op de aanvraag, bedoeld in het tweede lid. Indien Onze Minister de aanvraag inwilligt, geschiedt dat voor een periode van ten hoogste één jaar na het verstrijken van de in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde periode. - -**4.** De in het derde lid bedoelde periode van één jaar kan door Onze Minister eenmaal met ten hoogste een half jaar worden verlengd. - -**5.** Het eerste lid vindt geen toepassing zolang Onze Minister nog niet onherroepelijk op de in het tweede lid bedoelde aanvraag heeft beslist. +**5.** Ter uitvoering van besluiten van volkenrechtelijke organisaties kan bij algemene maatregel van bestuur vrijstelling worden verleend van het eerste en tweede lid. ### Artikel 8 -Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de verlening, weigering, wijziging, schorsing of intrekking van een vergunning en de aan een vergunning verbonden voorschriften en beperkingen. Deze regels bevatten in ieder geval bepalingen over: +**1.** Onze Minister is de bevoegde instantie voor verordening 1073/2009/EG. -a. de wijze waarop een aanvraag om verlening, wijziging of intrekking van een vergunning wordt ingediend; -b. de termijn waarbinnen op een aanvraag wordt beslist; -c. de afgifte, geldigheid en het gebruik van vergunningbewijzen voor bussen en auto's; -d. de vergoeding die de aanvrager is verschuldigd voor de behandeling van een aanvraag als bedoeld in onderdeel a en voor de afgifte van vergunningbewijzen. +**2.** + +Het is een in een lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte gevestigde vervoerder, verboden om: + +a. geregeld vervoer als bedoeld in artikel 2 van verordening 1073/2009/EG te verrichten in strijd met het bij of krachtens die verordening bepaalde; +b. een bijzondere vorm van geregeld vervoer als bedoeld in artikel 2 van verordening 1073/2009/EG te verrichten in strijd met het bij of krachtens die verordening bepaalde; +c. ongeregeld vervoer als bedoeld in artikel 2 van verordening 1073/2009/EG te verrichten in strijd met het bij of krachtens die verordening bepaalde, en +d. vervoer voor eigen rekening als bedoeld in artikel 2 van verordening 1073/2009/EG te verrichten in strijd met het bij of krachtens die verordening bepaalde. + +**3.** Op cabotagevervoer door een in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte gevestigde vervoerder, dat in Nederland op grond van verordening 1073/2009/EG is toegestaan, is hoofdstuk III van deze wet niet van toepassing. ### Artikel 9 -**1.** Een vergunning wordt, behoudens in bij algemene maatregel van bestuur aan te geven gevallen, slechts verleend aan een vervoerder die voldoet aan eisen van betrouwbaarheid, kredietwaardigheid en vakbekwaamheid. +**1.** Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld over de vergoeding die de aanvrager is verschuldigd voor de behandeling van een aanvraag tot verlening of wijziging van een communautaire vergunning of tot afgifte van een gewaarmerkt afschrift van een communautaire vergunning. -**2.** Onze Minister kan ontheffing verlenen van de in het eerste lid bedoelde eis van vakbekwaamheid. +**2.** -**3.** Een ontheffing als bedoeld in het tweede lid kan onder beperkingen worden verleend en aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden. +Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld over de vergoeding en de betaling daarvan die de aanvrager is verschuldigd voor: -**4.** Onze Minister kan een ontheffing, de beperkingen waaronder een ontheffing is verleend en de aan een ontheffing verbonden voorschriften ambtshalve of op aanvraag wijzigen of intrekken. - -**5.** - -Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over: - -a. de eisen van betrouwbaarheid, kredietwaardigheid en vakbekwaamheid; -b. de gevallen waarin Onze Minister ontheffing kan verlenen; -c. de beperkingen waaronder een ontheffing kan worden verleend; -d. de voorschriften die aan een ontheffing kunnen worden verbonden; -e. de vergoeding die is verschuldigd voor de behandeling van de aanvraag om verlening van een ontheffing alsmede voor afgifte van verklaringen van Onze Minister betreffende het voldoen aan eisen van kredietwaardigheid of vakbekwaamheid. - -**6.** Voor zover dit noodzakelijk is om vast te stellen of wordt voldaan aan de eisen bedoeld in het eerste lid, kan Onze Minister gegevens omtrent gedrag en strafrechtelijke gegevens verwerken. +a. het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening, wijziging of verlenging van een op grond van verordening 1073/2009/EG te verlenen respectievelijk verleende vergunning voor geregeld vervoer; +b. het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening van een afschrift van de vergunning, bedoeld in onderdeel a; +c. het in behandeling nemen van een op grond van verordening 1073/2009/EG af te geven attest voor het vervoer voor eigenrekening, en +d. het in behandeling nemen van een aanvraag voor een op grond van verordening 1073/2009/EG af te geven reisbladenboekje. ### Artikel 10 @@ -174,16 +216,7 @@ Vervallen ### Artikel 11 -**1.** - -Het is de houder van een vergunning verboden te handelen in strijd met: - -a. een vergunning, de beperkingen waaronder een vergunning is verleend en de aan een vergunning verbonden voorschriften; -b. de beperkingen waaronder een ontheffing is verleend en de aan een ontheffing verbonden voorschriften. - -**2.** Het is de houder van een vergunning verboden een vergunningbewijs al dan niet tegen betaling ter beschikking te stellen van een derde ten behoeve van het verrichten van vervoer, als bedoeld in artikel 4. - -**3.** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op degene aan wie door de houder van een vergunning een vergunningbewijs ter beschikking is gesteld. +Vervallen ### Paragraaf 4. Algemene verplichtingen @@ -959,7 +992,7 @@ b. de verplichting tot betaling en het recht op terugbetaling. ### Artikel 76 -**1.** Het is verboden taxivervoer te verrichten zonder een daartoe verleende vergunning. +**1.** Het is verboden taxivervoer te verrichten zonder een daartoe door Onze Minister verleende vergunning. **2.** Een vergunning als bedoeld in het eerste lid wordt verleend voor onbepaalde tijd. @@ -967,9 +1000,70 @@ b. de verplichting tot betaling en het recht op terugbetaling. **4.** Een in het eerste lid bedoelde vergunning wordt, behoudens in bij algemene maatregel van bestuur bepaalde gevallen, slechts verleend aan een vervoerder die voldoet aan eisen van betrouwbaarheid en vakbekwaamheid. -**5.** Onze Minister kan vrijstelling verlenen van het derde lid en van de in het vierde lid bedoelde eis van vakbekwaamheid. +**5.** Onze Minister kan vrijstelling of ontheffing verlenen van het derde lid en van de in het vierde lid bedoelde eis van vakbekwaamheid. -**6.** De artikelen 5 tot en met 9 en 11 zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de in artikel 9, vijfde lid, bedoelde regels over de eisen van kredietwaardigheid niet van toepassing zijn op de vervoerder die taxivervoer verricht. +**6.** Een vrijstelling of ontheffing als bedoeld in het vijfde lid kan onder beperkingen worden verleend en er kunnen voorschriften aan worden verbonden. + +### Artikel 76a + +**1.** Een vergunning kan worden geweigerd, gewijzigd, geschorst of ingetrokken. Een vergunning wordt geschorst voor bepaalde tijd. + +**2.** Een vergunning wordt steeds geweigerd indien binnen een periode van twee jaar direct voorafgaande aan de datum van indiening van een aanvraag voor een vergunning een eerder aan de aanvrager verleende vergunning is ingetrokken op grond van artikel 99, eerste lid, onderdeel a of onderdeel b, voor zover het betreft de eis van betrouwbaarheid. + +**3.** De vergunning kan worden geweigerd in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. + +**4.** Voordat toepassing wordt gegeven aan het derde lid, kan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, bedoeld in artikel 8 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, om een advies als bedoeld in artikel 9 van die wet worden gevraagd. + +**5.** Een vergunning kan onder beperkingen worden verleend. Aan een vergunning kunnen voorschriften worden verbonden. + +**6.** De beperkingen waaronder een vergunning wordt verleend en de aan een vergunning verbonden voorschriften kunnen ambtshalve of op aanvraag worden gewijzigd, geschorst of ingetrokken. + +### Artikel 76b + +**1.** + +Een vergunning vervalt van rechtswege: + +a. zes maanden na het overlijden of het intreden van wettelijke onbekwaamheid van degene aan wie de vergunning is verleend; +b. zodra de rechtspersoon waaraan de vergunning is verleend, heeft opgehouden te bestaan; +c. zodra de overeenkomst van de vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid of de maatschap waaraan de vergunning is verleend, is ontbonden, of +d. zodra degene aan wie de vergunning is verleend, zijn activiteiten als vervoerder heeft beëindigd. + +**2.** Belanghebbenden kunnen binnen zes maanden na het overlijden of na het intreden van de wettelijke onbekwaamheid bij Onze Minister een aanvraag indienen om de vergunning te stellen op naam van de erfgenaam of, indien er meer erfgenamen zijn, op naam van de gezamenlijke erven, dan wel op naam van één of meer door de belanghebbenden aangewezen vertegenwoordigers. + +**3.** Onze Minister beslist binnen drie maanden op de aanvraag, bedoeld in het tweede lid. Indien Onze Minister de aanvraag inwilligt, geschiedt dat voor een periode van ten hoogste één jaar na het verstrijken van de in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde periode. + +**4.** De in het derde lid bedoelde periode van één jaar kan door Onze Minister eenmaal met ten hoogste een half jaar worden verlengd. + +**5.** Het eerste lid vindt geen toepassing zolang Onze Minister nog niet onherroepelijk op de in het tweede lid bedoelde aanvraag heeft beslist. + +### Artikel 76c + +Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de verlening, weigering, wijziging, schorsing of intrekking van een vergunning en de aan een vergunning verbonden voorschriften en beperkingen. Deze regels bevatten in ieder geval bepalingen over: + +a. de wijze waarop een aanvraag om verlening, wijziging of intrekking van een vergunning wordt ingediend; +b. de termijn waarbinnen op een aanvraag wordt beslist; +c. de afgifte, geldigheid en het gebruik van vergunningbewijzen voor auto's, en +d. de vergoeding die de aanvrager is verschuldigd voor de behandeling van een aanvraag als bedoeld in onderdeel a en voor de afgifte van vergunningbewijzen. + +### Artikel 76d + +**1.** + +Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over: + +a. de eisen van betrouwbaarheid en vakbekwaamheid; +b. de vergoeding die is verschuldigd voor de behandeling van de aanvraag om verlening van een ontheffing alsmede voor afgifte van verklaringen van Onze Minister betreffende het voldoen aan eisen van vakbekwaamheid. + +**2.** Voor zover dit noodzakelijk is om vast te stellen of wordt voldaan aan de eisen van betrouwbaarheid en vakbekwaamheid, kan Onze Minister gegevens omtrent gedrag en strafvorderlijke en justitiële gegevens verwerken. + +### Artikel 76e + +**1.** Het is de houder van een vergunning verboden te handelen in strijd met een vergunning, de beperkingen waaronder een vergunning is verleend, de aan een vergunning verbonden voorschriften en met de in artikel 76, zesde lid, bedoelde beperkingen en voorschriften. + +**2.** Het is de houder van een vergunning verboden een vergunningbewijs al dan niet tegen betaling ter beschikking te stellen van een derde ten behoeve van het verrichten van taxivervoer. + +**3.** Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op degene aan wie door de houder van een vergunning een vergunningbewijs ter beschikking is gesteld. ### Paragraaf 2. Geschillen en klachten @@ -1018,7 +1112,7 @@ c. de keuring van zodanige apparatuur en voorzieningen dan wel de installatie da ### Artikel 80 -Het is verboden taxivervoer te verrichten in strijd met de bij of krachtens de artikelen 79, 81, 82a en 82b gestelde regels. +Het is verboden taxivervoer te verrichten in strijd met de bij of krachtens de artikelen 79, 81, 81a, 82a en 82b gestelde regels. ### Paragraaf 4. Tarieven @@ -1087,7 +1181,7 @@ b. de aansluiting op bij of krachtens artikel 79 gestelde regels. **4.** De in het eerste lid bedoelde gemeentelijke verordening stelt regels over het minimum aantal binnen de gemeente betrokken organisatorische verbanden. -**5.** De in het derde lid bedoelde regels kunnen mede betrekking hebben op verlening van vergunningen aan de in dit artikel bedoelde organisatorische verbanden en degenen die daarvan deel uitmaken, alsmede op de intrekking, wijziging en schorsing van die vergunningen. De artikelen 6, vierde en vijfde lid, en 99, eerste lid, onderdeel c, en tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing. +**5.** De in het derde lid bedoelde regels kunnen mede betrekking hebben op verlening van vergunningen aan de in dit artikel bedoelde organisatorische verbanden en degenen die daarvan deel uitmaken, alsmede op de intrekking, wijziging en schorsing van die vergunningen. De artikelen 76a, derde lid, en 99, eerste lid, onderdeel c, en tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing. **6.** @@ -1155,13 +1249,13 @@ Vervallen **1.** -Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn belast: +Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet, van verordening 1071/2009/EG en van verordening 1073/2009/EG zijn belast: a. de bij besluit van Onze Minister aangewezen personen; b. de bij besluit van de bestuursorganen, bedoeld in artikel 20, tweede en derde lid, aangewezen personen, voor zover het de door hen verleende concessies betreft, voor het bepaalde bij of krachtens de artikelen 19, 29, 30 tot en met 40, 46 en 63c, eerste, tweede en derde lid, met uitzondering van openbaar vervoer per trein waarvoor op grond van deze wet Onze Minister het bevoegde bestuursorgaan is, en elfde lid voor zover niet de Autoriteit Consument en Markt is belast met dat toezicht en c. de bij besluit van het college van burgemeester en wethouders van de desbetreffende gemeenten aangewezen personen, voor zover het betreft het toezicht op naleving van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 82a en 82b. -**2.** Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn voorts belast de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering bedoelde ambtenaren en de met betrekking tot deze wet krachtens artikel 17, eerste lid, onder 2°, van de Wet op de economische delicten aangewezen ambtenaren. +**2.** Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet, van verordening 1071/2009/EG en van verordening 1073/2009/EG zijn voorts belast de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering bedoelde ambtenaren en de met betrekking tot deze wet krachtens artikel 17, eerste lid, onder 2°, van de Wet op de economische delicten aangewezen ambtenaren. **3.** Onverminderd het bepaalde in het eerste en tweede lid zijn met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens de artikelen 70 tot en met 74 bepaalde mede belast personen die daartoe door de vervoerder zijn aangewezen. @@ -1201,11 +1295,7 @@ De reiziger die de leeftijd van veertien jaar nog niet heeft bereikt, is verplic ### Artikel 93 -**1.** Onze Minister is de handhavende instantie, bedoeld in artikel 30 van verordening 1371/2007/EG. - -**2.** Onze Minister is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van de bij of krachtens deze wet gestelde verplichtingen en van verordening 1371/2007/EG. - -**3.** De Autoriteit Consument en Markt is bevoegd tot het opleggen van een last onder dwangsom ter handhaving van artikel 19a, vierde lid. +Onze Minister is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang ter handhaving van de bij of krachtens verordening 1071/2009/EG, bij of krachtens verordening 1073/2009/EG en van de bij of krachtens deze wet gestelde verplichtingen. ### Artikel 93a @@ -1255,10 +1345,10 @@ Indien naar het oordeel van de in de artikelen 87 of 89 bedoelde ambtenaren en **1.** -Onze Minister kan een vergunning volgens bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen regels, wijzigen, schorsen of intrekken: +Onze Minister kan een vergunning als bedoeld in artikel 76, eerste lid, volgens bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen regels, wijzigen, schorsen of intrekken: a. indien is gehandeld in strijd met het bij of krachtens deze wet bepaalde; -b. indien niet langer wordt voldaan aan een van de in artikel 9, eerste lid, en artikel 76, vierde lid bedoelde eisen, tenzij een ontheffing als bedoeld in het tweede lid van dat artikel is verleend; +b. indien niet langer wordt voldaan aan een van de in artikel 76, vierde lid, bedoelde eisen, tenzij een vrijstelling of ontheffing als bedoeld in het vijfde lid voor zover het de eis van vakbekwaamheid betreft, is verleend; c. in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. **2.** Voordat toepassing wordt gegeven aan het eerste lid, kan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, bedoeld in artikel 8 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, om een advies als bedoeld in artikel 9 van die wet worden gevraagd. @@ -1281,7 +1371,7 @@ Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat het recht tot strafvor ### Artikel 103 -Overtreding van de artikelen 4, 11, tweede en derde lid, 76, eerste en zesde lid, voor zover in laatstbedoeld lid wordt verwezen naar artikel 11, tweede en derde lid zijn misdrijven. +Overtreding van de artikelen 7, eerste, derde en vierde lid, 76, eerste lid, en 76e, tweede en derde lid, wordt aangemerkt als een misdrijf. ## Hoofdstuk VIII. Overige bepalingen