2009-07-01 | BWBR0002320 | Algemene wet inzake rijksbelastingen
This commit is contained in:
parent
96b2a63605
commit
2feb71cd8b
1 changed files with 35 additions and 43 deletions
|
|
@ -18,7 +18,7 @@ citeertitel: Algemene wet inzake rijksbelastingen
|
|||
|
||||
**2.** Onder rijksbelastingen worden verstaan belastingen welke van rijkswege door de rijksbelastingdienst worden geheven.
|
||||
|
||||
**3.** Met betrekking tot de heffing van rijksbelastingen blijven de afdelingen 5.2 en 10.2.1 van de Algemene wet bestuursrecht buiten toepassing.
|
||||
**3.** Met betrekking tot de heffing van rijksbelastingen blijven titel 5.2 en afdeling 10.2.1 van de Algemene wet bestuursrecht buiten toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
|
|
@ -90,8 +90,6 @@ b. een voorlopige conserverende aanslag niet wordt verrekend met een conserveren
|
|||
|
||||
**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot het door de inspecteur nemen van een beschikking of het doen van uitspraak strekkende tot - al dan niet nadere - vaststelling van een ingevolge de belastingwet verschuldigd of terug te geven bedrag.
|
||||
|
||||
**3.** De inspecteur vermeldt op het aanslagbiljet of in de kennisgeving van de beschikking of uitspraak in ieder geval de termijn of de termijnen waarbinnen het verschuldigde of terug te geven bedrag moet worden betaald.
|
||||
|
||||
### Artikel 5a
|
||||
|
||||
Vervallen
|
||||
|
|
@ -556,7 +554,7 @@ c. € 297 indien anders dan door een natuurlijke persoon beroep is ingesteld.
|
|||
|
||||
### Artikel 27c
|
||||
|
||||
Artikel 8:62 van de Algemene wet bestuursrecht is slechts van toepassing voorzover het beroep is gericht tegen een uitspraak waarbij een boete geheel of gedeeltelijk is gehandhaafd. In andere gevallen heeft het onderzoek ter zitting plaats met gesloten deuren, maar kan de rechtbank bepalen dat het onderzoek openbaar is, voorzover de belangen van partijen daardoor niet worden geschaad.
|
||||
Artikel 8:62 van de Algemene wet bestuursrecht is slechts van toepassing voorzover het beroep is gericht tegen een uitspraak waarbij een bestuurlijke boete geheel of gedeeltelijk is gehandhaafd. In andere gevallen heeft het onderzoek ter zitting plaats met gesloten deuren, maar kan de rechtbank bepalen dat het onderzoek openbaar is, voorzover de belangen van partijen daardoor niet worden geschaad.
|
||||
|
||||
### Artikel 27d
|
||||
|
||||
|
|
@ -778,7 +776,7 @@ c. € 447 indien anders dan door een natuurlijke persoon beroep in cassatie is
|
|||
|
||||
**2.** De advocaten kunnen in plaats van de zaak mondeling bij pleidooi toe te lichten een schriftelijke toelichting overleggen of toezenden.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel 8:62 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing voor zover het beroep in cassatie is gericht tegen een uitspraak waarbij de gehele of gedeeltelijke handhaving van een boete in het geding is.
|
||||
**3.** Artikel 8:62 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing voor zover het beroep in cassatie is gericht tegen een uitspraak waarbij de gehele of gedeeltelijke handhaving van een bestuurlijke boete in het geding is.
|
||||
|
||||
**4.** In andere gevallen dan in het derde lid bedoeld, heeft de mondelinge behandeling plaats met gesloten deuren, maar kan de Hoge Raad bepalen dat de behandeling openbaar is, voor zover de belangen van partijen daardoor niet worden geschaad.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1205,7 +1203,7 @@ b. de formalisering niet leidt tot een lagere schuld dan de schuld die zonder to
|
|||
|
||||
### Artikel 66
|
||||
|
||||
Van de bij beschikking opgelegde boete kan door Onze Minister gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend.
|
||||
Van de bij beschikking opgelegde bestuurlijke boete kan door Onze Minister gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend.
|
||||
|
||||
### Afdeling 6. Geheimhouding
|
||||
|
||||
|
|
@ -1225,27 +1223,27 @@ c. bekendmaking plaatsvindt aan degene op wie de gegevens betrekking hebben voor
|
|||
|
||||
## Hoofdstuk VIIIA. Bestuurlijke boeten
|
||||
|
||||
### Afdeling 1. Beboetbare feiten
|
||||
### Afdeling 1. Overtredingen
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 1. Verzuimboeten
|
||||
|
||||
### Artikel 67a
|
||||
|
||||
**1.** Indien de belastingplichtige de aangifte voor een belasting welke bij wege van aanslag wordt geheven niet, dan wel niet binnen de ingevolge artikel 9, derde lid, gestelde termijn heeft gedaan, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem, gelijktijdig met de vaststelling van de aanslag, een boete van ten hoogste € 1 134 kan opleggen.
|
||||
**1.** Indien de belastingplichtige de aangifte voor een belasting welke bij wege van aanslag wordt geheven niet, dan wel niet binnen de ingevolge artikel 9, derde lid, gestelde termijn heeft gedaan, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem, gelijktijdig met de vaststelling van de aanslag, een bestuurlijke boete van ten hoogste € 1 134 kan opleggen.
|
||||
|
||||
**2.** Indien over een jaar zowel een aanslag als een conserverende aanslag wordt vastgesteld, wordt de in het eerste lid bedoelde boete uitsluitend opgelegd bij het vaststellen van de aanslag. Wordt over een jaar uitsluitend een conserverende aanslag vastgesteld, dan wordt die boete opgelegd bij het vaststellen van de conserverende aanslag.
|
||||
|
||||
### Artikel 67b
|
||||
|
||||
**1.** Indien de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige de aangifte voor een belasting welke op aangifte moet worden voldaan of afgedragen niet, dan wel niet binnen de in artikel 10 bedoelde termijn heeft gedaan, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem een boete van ten hoogste € 113 kan opleggen.
|
||||
**1.** Indien de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige de aangifte voor een belasting welke op aangifte moet worden voldaan of afgedragen niet, dan wel niet binnen de in artikel 10 bedoelde termijn heeft gedaan, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete van ten hoogste € 113 kan opleggen.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de inhoudingsplichtige de aangifte loonbelasting niet, niet binnen de in artikel 10 bedoelde termijn, dan wel onjuist of onvolledig heeft gedaan, vormt dit, in afwijking van het eerste lid, een verzuim terzake waarvan de inspecteur hem een boete van ten hoogste € 1134 kan opleggen.
|
||||
**2.** Indien de inhoudingsplichtige de aangifte loonbelasting niet, niet binnen de in artikel 10 bedoelde termijn, dan wel onjuist of onvolledig heeft gedaan, vormt dit, in afwijking van het eerste lid, een verzuim terzake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete van ten hoogste € 1134 kan opleggen.
|
||||
|
||||
**3.** De bevoegdheid tot het opleggen van de boete wegens het niet dan wel niet tijdig doen van de aangifte vervalt door verloop van een jaar na het einde van de termijn waarbinnen de aangifte had moeten worden gedaan. De bevoegdheid tot het opleggen van de boete wegens het doen van een onjuiste of onvolledige aangifte vervalt door verloop van vijf jaar na het einde van het kalenderjaar van het aangiftetijdvak waarop de aangifte betrekking heeft.
|
||||
|
||||
### Artikel 67c
|
||||
|
||||
**1.** Indien de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige de belasting welke op aangifte moet worden voldaan of afgedragen niet, gedeeltelijk niet, dan wel niet binnen de in de belastingwet gestelde termijn heeft betaald, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem een boete van ten hoogste € 4 537 kan opleggen.
|
||||
**1.** Indien de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige de belasting welke op aangifte moet worden voldaan of afgedragen niet, gedeeltelijk niet, dan wel niet binnen de in de belastingwet gestelde termijn heeft betaald, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete van ten hoogste € 4 537 kan opleggen.
|
||||
|
||||
**2.** Bij niet of gedeeltelijk niet betalen legt de inspecteur de boete op, gelijktijdig met de vaststelling van de naheffingsaanslag.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1257,7 +1255,7 @@ c. bekendmaking plaatsvindt aan degene op wie de gegevens betrekking hebben voor
|
|||
|
||||
### Artikel 67d
|
||||
|
||||
**1.** Indien het aan opzet van de belastingplichtige is te wijten dat met betrekking tot een belasting welke bij wege van aanslag wordt geheven, de aangifte niet, dan wel onjuist of onvolledig is gedaan, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, gelijktijdig met de vaststelling van de aanslag, een boete kan opleggen van ten hoogste 100 percent van de in het tweede lid omschreven grondslag voor de boete.
|
||||
**1.** Indien het aan opzet van de belastingplichtige is te wijten dat met betrekking tot een belasting welke bij wege van aanslag wordt geheven, de aangifte niet, dan wel onjuist of onvolledig is gedaan, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, gelijktijdig met de vaststelling van de aanslag, een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste 100 percent van de in het tweede lid omschreven grondslag voor de boete.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -1274,7 +1272,7 @@ een en ander voor zover dat bedrag als gevolg van de opzet van de belastingplich
|
|||
|
||||
### Artikel 67e
|
||||
|
||||
**1.** Indien het met betrekking tot een belasting welke bij wege van aanslag wordt geheven aan opzet of grove schuld van de belastingplichtige is te wijten dat de aanslag tot een te laag bedrag is vastgesteld of anderszins te weinig belasting is geheven, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, gelijktijdig met de vaststelling van de navorderingsaanslag, een boete kan opleggen van ten hoogste 100 percent van de in het tweede lid omschreven grondslag voor de boete.
|
||||
**1.** Indien het met betrekking tot een belasting welke bij wege van aanslag wordt geheven aan opzet of grove schuld van de belastingplichtige is te wijten dat de aanslag tot een te laag bedrag is vastgesteld of anderszins te weinig belasting is geheven, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, gelijktijdig met de vaststelling van de navorderingsaanslag, een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste 100 percent van de in het tweede lid omschreven grondslag voor de boete.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -1285,7 +1283,7 @@ b. indien verliezen in aanmerking zijn of worden genomen, het bedrag waarop de n
|
|||
|
||||
een en ander voor zover dat bedrag als gevolg van de opzet of de grove schuld van de belastingplichtige niet zou zijn geheven.
|
||||
|
||||
**3.** De inspecteur kan, in afwijking van het eerste lid, binnen zes maanden na de vaststelling van de navorderingsaanslag, een boete opleggen indien de feiten of omstandigheden op grond waarvan wordt nagevorderd eerst bekend worden op of na het tijdstip dat is gelegen zes maanden vóór de afloop van de in artikel 16 bedoelde termijnen, en er tevens aanwijzingen bestaan dat het aan opzet of grove schuld van de belastingplichtige is te wijten dat de aanslag tot een te laag bedrag is vastgesteld of anderszins te weinig belasting is geheven. Alsdan doet de inspecteur gelijktijdig met de vaststelling van de navorderingsaanslag mededeling aan de belastingplichtige dat wordt onderzocht of in verband met de navordering het opleggen van een vergrijpboete gerechtvaardigd is.
|
||||
**3.** De inspecteur kan, in afwijking van het eerste lid, binnen zes maanden na de vaststelling van de navorderingsaanslag, een bestuurlijke boete opleggen indien de feiten of omstandigheden op grond waarvan wordt nagevorderd eerst bekend worden op of na het tijdstip dat is gelegen zes maanden vóór de afloop van de in artikel 16 bedoelde termijnen, en er tevens aanwijzingen bestaan dat het aan opzet of grove schuld van de belastingplichtige is te wijten dat de aanslag tot een te laag bedrag is vastgesteld of anderszins te weinig belasting is geheven. Alsdan doet de inspecteur gelijktijdig met de vaststelling van de navorderingsaanslag mededeling aan de belastingplichtige dat wordt onderzocht of in verband met de navordering het opleggen van een vergrijpboete gerechtvaardigd is.
|
||||
|
||||
**4.** Indien verliezen in aanmerking zijn of worden genomen en als gevolg daarvan geen navorderingsaanslag kan worden vastgesteld, kan de inspecteur de boete, bedoeld in het eerste lid, niettemin opleggen. De bevoegdheid tot het opleggen van de boete vervalt door verloop van de termijn die geldt voor het vaststellen van de navorderingsaanslag, die zou kunnen zijn vastgesteld indien geen verliezen in aanmerking zouden zijn genomen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1293,7 +1291,7 @@ een en ander voor zover dat bedrag als gevolg van de opzet of de grove schuld va
|
|||
|
||||
### Artikel 67f
|
||||
|
||||
**1.** Indien het aan opzet of grove schuld van de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige is te wijten dat belasting welke op aangifte moet worden voldaan of afgedragen niet, gedeeltelijk niet, dan wel niet binnen de in de belastingwet gestelde termijn is betaald, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem een boete kan opleggen van ten hoogste 100 percent van de in het tweede lid omschreven grondslag voor de boete.
|
||||
**1.** Indien het aan opzet of grove schuld van de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige is te wijten dat belasting welke op aangifte moet worden voldaan of afgedragen niet, gedeeltelijk niet, dan wel niet binnen de in de belastingwet gestelde termijn is betaald, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem een bestuurlijke boete kan opleggen van ten hoogste 100 percent van de in het tweede lid omschreven grondslag voor de boete.
|
||||
|
||||
**2.** De grondslag voor de boete wordt gevormd door het bedrag van de belasting dat niet of niet tijdig is betaald, voor zover dat bedrag als gevolg van de opzet of de grove schuld van de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige niet of niet tijdig is betaald.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1307,55 +1305,39 @@ een en ander voor zover dat bedrag als gevolg van de opzet of de grove schuld va
|
|||
|
||||
### Artikel 67fa
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
Bij toepassing van artikel 5:1, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht vervalt de voorwaarde van gelijktijdigheid, bedoeld in de artikelen 67a, eerste lid, 67c, tweede lid, 67d, eerste lid, 67e, eerste lid en 67f, derde lid, voor zover nodig.
|
||||
|
||||
### Afdeling 2. Voorschriften inzake het opleggen van bestuurlijke boeten
|
||||
### Afdeling 2. Aanvullende voorschriften inzake het opleggen van bestuurlijke boeten
|
||||
|
||||
### Artikel 67g
|
||||
|
||||
**1.** De inspecteur legt de boete op bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
**1.** De inspecteur legt de bestuurlijke boete op bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
**2.** Onverminderd het bepaalde in artikel 67k stelt de inspecteur de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige, uiterlijk bij de in het eerste lid bedoelde beschikking, in kennis van de gronden waarop de oplegging van de boete berust.
|
||||
|
||||
**3.** Op verzoek van de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige die de kennisgeving wegens zijn gebrekkige kennis van de Nederlandse taal onvoldoende begrijpt, draagt de inspecteur er zoveel mogelijk zorg voor dat de in die kennisgeving vermelde gronden aan de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige worden medegedeeld in een voor hem begrijpelijke taal.
|
||||
|
||||
**4.** Indien een boete gelijktijdig wordt opgelegd met de vaststelling van een belastingaanslag, wordt het bedrag van de boete afzonderlijk op het aanslagbiljet vermeld.
|
||||
**2.** In afwijking van artikel 5:9 van de Algemene wet bestuursrecht stelt de inspecteur de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige, uiterlijk bij de in het eerste lid bedoelde beschikking, in kennis van de in dat artikel bedoelde gegevens.
|
||||
|
||||
### Artikel 67h
|
||||
|
||||
Indien de grondslag voor een boete wordt gevormd door het bedrag van de belasting, wordt de opgelegde boete naar evenredigheid verlaagd bij vermindering, teruggaaf, terugbetaling of kwijtschelding van belasting, voor zover deze vermindering, teruggaaf, terugbetaling of kwijtschelding het bedrag betreft waarover de boete is berekend.
|
||||
Indien de grondslag voor een bestuurlijke boete wordt gevormd door het bedrag van de belasting, wordt de opgelegde boete naar evenredigheid verlaagd bij vermindering, teruggaaf, terugbetaling of kwijtschelding van belasting, voor zover deze vermindering, teruggaaf, terugbetaling of kwijtschelding het bedrag betreft waarover de boete is berekend.
|
||||
|
||||
### Artikel 67i
|
||||
|
||||
**1.** Geen boete wordt opgelegd aan de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige die is overleden.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een boete op het tijdstip van het overlijden van de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige niet onherroepelijk vaststaat, vernietigt de inspecteur de beschikking waarbij de boete is opgelegd op verzoek van een belanghebbende bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
**3.** Indien een boete op het tijdstip van het overlijden van de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige onherroepelijk vaststaat, maar nog niet of niet volledig is betaald, verlaagt de inspecteur op verzoek van een belanghebbende de boete tot het op dat tijdstip betaalde bedrag bij voor bezwaar vatbare beschikking.
|
||||
|
||||
**4.** Het verzoek, bedoeld in het tweede, onderscheidenlijk derde lid, wordt ingediend binnen vijf jaren nadat de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige is overleden.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 67j
|
||||
|
||||
Indien de inspecteur jegens de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige een handeling heeft verricht waaraan deze in redelijkheid de gevolgtrekking kan verbinden dat aan hem wegens een bepaalde gedraging een boete zal worden opgelegd, is, voor zoveel nodig in afwijking van hoofdstuk VIII, afdeling 2, de belastingplichtige onderscheidenlijk de inhoudingsplichtige niet langer verplicht ter zake van die gedraging enige verklaring af te leggen voorzover het betreft de boete-oplegging.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 67k
|
||||
|
||||
**1.** Alvorens een vergrijpboete op te leggen, stelt de inspecteur de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige in kennis van zijn voornemen daartoe, onder vermelding van de gronden waarop het voornemen berust.
|
||||
|
||||
**2.** De inspecteur stelt de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige in de gelegenheid binnen een door hem te stellen termijn de in die kennisgeving vermelde gronden gemotiveerd te betwisten.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 67l
|
||||
|
||||
**1.** De inspecteur kan de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige ten aanzien van wie de redelijke verwachting bestaat dat hem een bestuurlijke boete kan worden opgelegd, oproepen voor een verhoor. In deze oproep deelt de inspecteur hem mede dat hij zich desgewenst kan doen bijstaan.
|
||||
|
||||
**2.** Voordat het verhoor aanvangt, deelt de inspecteur de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige mede dat hij niet tot antwoorden verplicht is.
|
||||
|
||||
**3.** Op verzoek van de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige die de Nederlandse taal onvoldoende begrijpt, draagt de inspecteur er zorg voor dat een tolk wordt benoemd die de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige tijdens het verhoor kan bijstaan, tenzij redelijkerwijs kan worden aangenomen dat daaraan geen behoefte bestaat; aan de tolk wordt ten laste van het Rijk een vergoeding toegekend ingevolge de Wet tarieven in strafzaken.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 67m
|
||||
|
||||
De inspecteur stelt de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige op diens verzoek in de gelegenheid inzage te nemen in, dan wel kopieën, leesbare afdrukken of uittreksels te vervaardigen van de gegevensdragers waarop het voornemen tot het opleggen, dan wel het opleggen van een bestuurlijke boete berust.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 67n
|
||||
|
||||
|
|
@ -1363,12 +1345,22 @@ Een vergrijpboete wordt niet opgelegd aan de belastingplichtige die alsnog een j
|
|||
|
||||
### Artikel 67o
|
||||
|
||||
De bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete vervalt indien ter zake van het feit op grond waarvan de boete kan worden opgelegd, tegen de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige een strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting een aanvang heeft genomen, dan wel het recht tot strafvervolging is vervallen ingevolge artikel 76 van deze wet of artikel 74 van het Wetboek van Strafrecht.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 67p
|
||||
|
||||
Deze afdeling is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van anderen dan de belastingplichtige of de inhoudingsplichtige aan wie ingevolge de belastingwet een bestuurlijke boete kan worden opgelegd.
|
||||
|
||||
### Artikel 67pa
|
||||
|
||||
**1.** Met betrekking tot het opleggen van een verzuimboete vindt artikel 5:53 van de Algemene wet bestuursrecht geen toepassing.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking in zoverre van artikel 5:45 van de Algemene wet bestuursrecht vervalt de bevoegdheid om een in een belastingwet geregelde verzuim- of vergrijpboete op te leggen niet na twee, onderscheidenlijk vijf jaren nadat de overtreding heeft plaatsgevonden.
|
||||
|
||||
### Artikel 67pb
|
||||
|
||||
In afwijking van artikel 10:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht kan degene die de overtreding constateert ook worden belast met het opleggen van een bestuurlijke boete.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk IX. Strafrechtelijke bepalingen
|
||||
|
||||
### Afdeling 1. Strafbare feiten
|
||||
|
|
@ -1419,7 +1411,7 @@ wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste zes maanden of geldboete van de der
|
|||
|
||||
### Artikel 69a
|
||||
|
||||
Het recht tot strafvervolging op de voet van artikel 69 met betrekking tot een vergrijp als bedoeld in artikel 67d of 67e vervalt, indien de inspecteur aan een belastingplichtige ter zake reeds een boete heeft opgelegd.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Afdeling 1A. Strafbare feiten in algemene maatregelen van bestuur en ministeriële regelingen
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue