2010-10-08 | BWBR0008074 | Reglement rijbewijzen
This commit is contained in:
parent
2532385c78
commit
30d175a0f7
1 changed files with 31 additions and 5 deletions
|
|
@ -3,7 +3,7 @@ titel: Reglement rijbewijzen
|
|||
bwb_id: BWBR0008074
|
||||
type: AMvB
|
||||
status: geldend
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2008-06-17'
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2010-09-07'
|
||||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0008074
|
||||
citeertitel: Reglement rijbewijzen
|
||||
---
|
||||
|
|
@ -157,7 +157,7 @@ c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wij
|
|||
|
||||
Het motorrijtuig waarmee rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 wordt gegeven in het kader van de opleiding voor het praktijk-examen voor rijbewijs B, dient te zijn voorzien van:
|
||||
|
||||
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft, daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen, dan wel, indien het motorrijtuig niet is voorzien van een koppelingspedaal, een andere inrichting waarmee hij de aandrijving van het motorrijtuig door de motor kan onderbreken;
|
||||
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft, daarmee de bedrijfsrem en, indien het motorrijtuig is voorzien van een koppelingspedaal, de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen;
|
||||
b. een binnen- en een buitenspiegel waarmee degene die rijonderricht geeft het achter en rechts naast hem gelegen weggedeelte kan overzien;
|
||||
c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven.
|
||||
|
||||
|
|
@ -167,7 +167,7 @@ c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wij
|
|||
|
||||
Bij het geven van rijonderricht in de zin van de Wet rijonderricht motorrijtuigen 1993 in het kader van de opleiding voor het praktijk-examen voor rijbewijs C, D of E dient te worden voldaan aan de volgende eisen:
|
||||
|
||||
a. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven, dient te zijn voorzien van inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft, daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen, dan wel, indien het motorrijtuig niet is voorzien van een koppelingspedaal, van een andere inrichting waarmee hij de aandrijving van het motorrijtuig door de motor kan onderbreken;
|
||||
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft, daarmee de bedrijfsrem en, indien het motorrijtuig is voorzien van een koppelingspedaal, de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen;
|
||||
b. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven, dient te zijn voorzien van twee of meer buitenspiegels waarmee degene die rijonderricht geeft het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien;
|
||||
c. het motorrijtuig waarmee rijonderricht wordt gegeven, dient te zijn voorzien van een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven;
|
||||
d. degene aan wie rijonderricht wordt gegeven in het kader van de opleiding voor het praktijk-examen voor rijbewijs C of D, dient in het bezit te zijn van een rijbewijs B dat hetzij nog geldig is hetzij zijn geldigheid heeft verloren door het verstrijken van de geldigheidsduur;
|
||||
|
|
@ -537,6 +537,26 @@ a. het daartoe bevoegde gezag in de Nederlandse Antillen of in Aruba,
|
|||
b. het daartoe bevoegde gezag n een andere lidstaat van de Europese Gemeenschap of in een andere staat die partij is bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, of
|
||||
c. het daartoe bevoegde gezag buiten Nederland, anders dan in de Nederlandse Antillen, Aruba, een andere lidstaat van de Europese Gemeenschap of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, indien dat rijbewijs ingevolge artikel 46, vierde lid, bij ministeriële regeling is aangewezen.
|
||||
|
||||
### Artikel 42a
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 42b
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 42c
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 42d
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 42e
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 43
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
|
@ -834,6 +854,10 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
**5.** Het onderzoek naar de rijvaardigheid voor de rijbewijscategorie E bestaat uit een praktijkexamen.
|
||||
|
||||
### Artikel 53a
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2. Aanvraag van verklaringen van rijvaardigheid
|
||||
|
||||
### Artikel 54
|
||||
|
|
@ -1135,7 +1159,7 @@ Het motorrijtuig waarmee de rijproef voor het rijbewijs A wordt afgelegd, dient
|
|||
|
||||
Het motorrijtuig waarmee de rijproef voor het rijbewijs B wordt afgelegd, dient te zijn voorzien van:
|
||||
|
||||
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat de examinator daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen, dan wel, indien het motorrijtuig niet is voorzien van een koppelingspedaal, een andere inrichting waarmee de examinator de aandrijving van het motorrijtuig door de motor kan onderbreken;
|
||||
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft, daarmee de bedrijfsrem en, indien het motorrijtuig is voorzien van een koppelingspedaal, de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen;
|
||||
b. een binnen- en een buitenspiegel waarmee de examinator het achter en rechts naast hem gelegen weggedeelte kan overzien;
|
||||
c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1143,7 +1167,7 @@ c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wij
|
|||
|
||||
Het motorrijtuig waarmee de rijproef voor het rijbewijs C, D of E wordt afgelegd, dient te zijn voorzien van:
|
||||
|
||||
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat de examinator daarmee de bedrijfsrem en de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen, dan wel, indien het motorrijtuig niet is voorzien van een koppelingspedaal, een andere inrichting waarmee de examinator de aandrijving van het motorrijtuig door de motor kan onderbreken;
|
||||
a. inrichtingen die zo zijn aangebracht dat degene die rijonderricht geeft, daarmee de bedrijfsrem en, indien het motorrijtuig is voorzien van een koppelingspedaal, de koppeling vanaf zijn zitplaats doeltreffend kan bedienen;
|
||||
b. twee of meer buitenspiegels waarmee de examinator het rechts en links naast en achter hem gelegen weggedeelte kan overzien;
|
||||
c. een bij ministeriële regeling vastgestelde aanduiding, aangebracht op de wijze als bij die regeling is voorgeschreven.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2246,6 +2270,8 @@ c. het Centraal Bureau voor de Statistiek, voor statistische doeleinden, voor zo
|
|||
d. het Verbond van Verzekeraars, ten behoeve van het vaststellen van rechten en plichten in het kader van de uitvoering van verzekeringsovereenkomsten, voor zover het betreft de datum van afgifte van bromfietscertificaten;
|
||||
e. overige door Onze Minister aangewezen belanghebbenden ten behoeve van het bij de aanwijzing aangegeven doel.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk VIIIa. Experiment verlaging minimumleeftijd buschauffeurs
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk IX. Overgangsbepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 174
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue