From 31eb3c305fe6732ee7ea2880c5d379b0e8ed5744 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sun, 18 Jul 2004 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2004-07-18 | BWBR0003227 | Wet geluidhinder --- wet/wet-geluidhinder/BWBR0003227/README.md | 162 ++++++++++++++++++--- 1 file changed, 138 insertions(+), 24 deletions(-) diff --git a/wet/wet-geluidhinder/BWBR0003227/README.md b/wet/wet-geluidhinder/BWBR0003227/README.md index b79b450e562..5c6b36e7339 100644 --- a/wet/wet-geluidhinder/BWBR0003227/README.md +++ b/wet/wet-geluidhinder/BWBR0003227/README.md @@ -88,19 +88,21 @@ etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau in dB(A) met betrekking tot een w a. de waarde van het equivalente geluidsniveau over de periode 07.00- 19.00 uur (dag); b. de met 10 dB(A) verhoogde waarde van het equivalente geluidsniveau over de periode 23.00-07.00 uur (nacht); -geluidsbelasting vanwege een weg: de etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau in dB(A) op een bepaalde plaats, veroorzaakt door het gezamenlijke wegverkeer op een bepaald weggedeelte of een combinatie van weggedeelten; - geluidsbelasting binnen een woning: de geluidsbelasting binnen de ruimten van een woning, welke op grond van door Onze Minister te stellen regels als geluidsgevoelig zijn aan te merken; geluidsvermogen: de hoeveelheid geluidsenergie die door een toestel of inrichting per tijdseenheid naar de omgevende lucht kan worden uitgestraald; Onze Minister: Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; -de inspecteur: de ter plaatse bevoegde inspecteur van het staatstoezicht op de volksgezondheid, die door Onze Minister is aangewezen. +de inspecteur: de ter plaatse bevoegde inspecteur van het staatstoezicht op de volksgezondheid, die door Onze Minister is aangewezen; + +spoorweg: spoorweg als bedoeld in artikel 1 van de Spoorwegwet. **2.** Een opvangcentrum als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers is geen woning als bedoeld in deze wet. -**3.** +**3.** In deze wet en de daarop berustende bepalingen, met uitzondering van hoofdstuk IX en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder geluidsbelasting vanwege een weg: etmaalwaarde van het equivalente geluidsniveau in dB(A) op een bepaalde plaats, veroorzaakt door het gezamenlijke wegverkeer op een bepaald weggedeelte of een combinatie van weggedeelten. + +**4.** In afwijking van het eerste lid wordt bij de bepaling van de etmaalwaarde, vanwege een industrieterrein of vanwege een weg, van de gevel van @@ -111,7 +113,7 @@ In afwijking van het eerste lid wordt bij de bepaling van de etmaalwaarde, vanwe de waarde van het equivalente geluidsniveau over de periode 19.00-23.00 uur (avond) of de periode 23.00-07.00 uur (nacht) buiten beschouwing gelaten voor zover genoemde gebouwen in de betrokken periode niet als zodanig worden gebruikt. -**4.** Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat trillingen en trillinghinder voor de toepassing van de daarbij aan te wijzen hoofdstukken van deze wet of van onderdelen daarvan met onderscheidenlijk geluid en geluidhinder worden gelijkgesteld. +**5.** Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat trillingen en trillinghinder voor de toepassing van de daarbij aan te wijzen hoofdstukken van deze wet of van onderdelen daarvan met onderscheidenlijk geluid en geluidhinder worden gelijkgesteld. ## Hoofdstuk II. Toestellen en geluidwerende voorzieningen @@ -1498,43 +1500,155 @@ Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voor daarbij aan te wijzen andere gelu **2.** In afwijking van het eerste lid hebben, ingeval toepassing wordt gegeven aan hoofdstuk VIII met betrekking tot geluidhinder vanwege luchtvaartterreinen, de regels van een in het eerste lid bedoelde maatregel betrekking op de waarde van de geluidwering die de gevels van aanwezige of in aanbouw zijnde woningen en andere geluidsgevoelige bestemmingen ten minste moeten bieden. -### Artikel +## Hoofdstuk IX. Geluidsbelastingkaarten en actieplannen -Vervallen +### Paragraaf 1. Algemeen -### Artikel +### Artikel 115 -Vervallen +In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: -## Hoofdstuk IX +**geluidsbelasting Lden**: geluidsbelasting op een plaats en vanwege een bron als omschreven in bijlage I, onderdeel 1, van richtlijn nr. 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai (PbEG L 189) over alle perioden van 07.00 tot 19.00 uur, van 19.00 tot 23.00 uur en van 23.00 tot 07.00 uur van een jaar; -### Artikel +**geluidsbelasting Lnight**: geluidsbelasting op een plaats en vanwege een bron als omschreven in bijlage I, onderdeel 2, van richtlijn nr. 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai (PbEG L 189) over alle perioden van 23.00 tot 07.00 uur van een jaar; -Vervallen +**hoofdspoorweg**: krachtens artikel 2 van de Spoorwegwet aangewezen hoofdspoorweg, niet zijnde een spoorwegemplacement; -### Artikel +**verzameling van inrichtingen**: -Vervallen +a. inrichtingen op een industrieterrein dat is gezoneerd krachtens artikel 41, 53, eerste lid, 57, eerste lid of 59, eerste lid; +b. bij algemene maatregel van bestuur aangewezen inrichtingen, die zijn gelegen binnen een daarbij aangegeven gebied; -### Artikel +**andere geluidsgevoelige gebouwen**: bij algemene maatregel van bestuur als zodanig aangewezen categorieën van andere gebouwen dan woningen; -Vervallen +**geluidsgevoelige terreinen**: bij algemene maatregel van bestuur als zodanig aangewezen categorieën van terreinen; -### Artikel +**stille gebieden**: bij algemene maatregel van bestuur of overeenkomstig de maatregel als zodanig aangewezen categorieën van gebieden. -Vervallen +### Artikel 116 -### Artikel +**1.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat en gedeputeerde staten melden vóór 1 april 2005 aan Onze Minister op welke delen van rijkswegen, onderscheidenlijk provinciale wegen naar verwachting in het kalenderjaar 2006 meer dan zes miljoen maal een motorvoertuig zal passeren. -Vervallen +**2.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat meldt voor de in het eerste lid genoemde datum tevens aan Onze Minister op welke delen van hoofdspoorwegen naar verwachting in 2006 meer dan 60 000 maal een trein zal passeren. -### Artikel +**3.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat en gedeputeerde staten melden vóór 30 september 2008, vóór 1 april 2010 en vervolgens elke vijf jaar vóór 1 april aan Onze Minister op welke delen van rijkswegen, onderscheidenlijk provinciale wegen naar verwachting in het daaropvolgende kalenderjaar meer dan drie miljoen maal een motorvoertuig zal passeren. -Vervallen +**4.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat meldt voor de in het derde lid genoemde data tevens aan Onze Minister op welke delen van hoofdspoorwegen naar verwachting meer dan 30 000 maal een trein zal passeren. -### Artikel +### Artikel 117 -Vervallen +**1.** Onze Minister publiceert vóór 30 juni 2005 in de Staatscourant op welke delen van rijkswegen en provinciale wegen naar verwachting in 2006 meer dan zes miljoen maal een motorvoertuig zal passeren. + +**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op delen van hoofdspoorwegen waarop naar verwachting in 2006 meer dan 60 000 maal een trein zal passeren. + +**3.** Onze Minister publiceert vóór 31 december 2008, voor 30 juni 2010 en vervolgens elke vijf jaar voor 30 juni in de Staatscourant op welke delen van rijkswegen en provinciale wegen naar verwachting in het daaropvolgende kalenderjaar meer dan drie miljoen maal een motorvoertuig zal passeren. + +**4.** Het derde lid is van overeenkomstige toepassing op delen van hoofdspoorwegen waarop naar verwachting in het daaropvolgende kalenderjaar meer dan 30 000 maal een trein zal passeren. + +### Artikel 117a + +**1.** Onze Minister wijst vóór 30 juni 2005 als agglomeratie aan verstedelijkte gebieden met ten minste 250 000 inwoners. + +**2.** Onze Minister wijst vóór 31 december 2008, voor 30 juni 2010 en vervolgens elke vijf jaar voor 30 juni als agglomeratie aan verstedelijkte gebieden met ten minste 100 000 inwoners. + +### Paragraaf 2. Geluidsbelastingkaarten + +### Artikel 118 + +**1.** + +Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, onderscheidenlijk gedeputeerde staten, stellen vóór 30 juni 2007 en vervolgens vóór 30 juni van ten minste elk vijfde kalenderjaar, geluidsbelastingkaarten vast. Deze kaarten hebben betrekking op: + +a. de geluidsbelasting L_den en de geluidsbelasting L_night op woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen en geluidsgevoelige terreinen vanwege delen van rijkswegen en hoofdspoorwegen, onderscheidenlijk provinciale wegen als bedoeld in artikel 117; +b. stille gebieden in de omgeving van delen van rijkswegen en hoofdspoorwegen, onderscheidenlijk provinciale wegen als bedoeld in artikel 117. + +**2.** + +Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op burgemeester en wethouders van gemeenten die behoren tot krachtens artikel 117a aangewezen agglomeraties met dien verstande dat de geluidsbelastingkaarten betrekking hebben op de geluidsbelasting L_den en de geluidsbelasting L_night vanwege: + +a. wegen, +b. spoorwegen die niet deel uitmaken van een weg, +c. luchtvaartterreinen als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet luchtvaart en de luchthaven Schiphol, bedoeld in hoofdstuk 8 van de Wet luchtvaart, en +d. inrichtingen of verzamelingen van inrichtingen. + +**3.** + +De geluidsbelastingkaarten geven ten minste een weergave van: + +a. de geluidsbelasting L_den en de geluidsbelasting L_night veroorzaakt door de in het eerste, onderscheidenlijk tweede lid, bedoelde geluidsbronnen in het kalenderjaar voorafgaand aan dat van de vaststelling van de geluidsbelastingkaart en +b. het aantal woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen, geluidsgevoelige terreinen en bewoners van woningen die aan bepaalde waarden van de geluidsbelasting L_den en de geluidsbelasting L_night worden blootgesteld. + +**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent de inhoud, vormgeving en inrichting van geluidsbelastingkaarten, welke regels kunnen verschillen voor rijkswegen, provinciale wegen, hoofdspoorwegen en agglomeraties. + +### Artikel 118a + +**1.** Ten behoeve van de vaststelling van een geluidsbelastingkaart als bedoeld in artikel 118, eerste lid, verschaffen burgemeester en wethouders aan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat en gedeputeerde staten op hun verzoek, alle inlichtingen en gegevens waarover zij kunnen beschikken, voor zover die voor het opstellen van die kaart noodzakelijk zijn. + +**2.** Ten behoeve van de vaststelling van een geluidsbelastingkaart als bedoeld in artikel 118, tweede lid, verschaffen Onze Minister, Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, gedeputeerde staten en burgemeester en wethouders aan betrokken burgemeester en wethouders op hun verzoek, alle inlichtingen en gegevens waarover zij kunnen beschikken, voor zover die voor het opstellen van die kaart noodzakelijk zijn. Op een dergelijk verzoek verschaft Onze Minister van Defensie de contourenkaarten, bedoeld in artikel 30c, tweede lid, van de Luchtvaartwet. + +**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld inzake de te verschaffen inlichtingen en gegevens, waaronder de wijze waarop en de termijn waarbinnen of de datum waarvoor deze verschaft worden. + +### Artikel 119 + +**1.** Ten behoeve van de bepaling van de geluidsbelasting L_den en de geluidsbelasting L_night vanwege een weg, spoorweg, inrichting of verzameling van inrichtingen kunnen bij regeling van Onze Minister regels worden gesteld. + +**2.** Ten behoeve van de bepaling van de geluidsbelasting L_den en de geluidsbelasting L_night vanwege een luchtvaartterrein of een luchthaven kunnen bij regeling van Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Verkeer en Waterstaat en Onze Minister van Defensie regels worden gesteld. + +### Artikel 120 + +**1.** Binnen één maand na de vaststelling van een geluidsbelastingkaart als bedoeld in artikel 118, eerste en tweede lid, geven Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, gedeputeerde staten, onderscheidenlijk burgemeester en wethouders van deze vaststelling kennis in één of meer dag- , nieuws-, of huis-aan-huisbladen, dan wel op andere geschikte wijze. Hierbij geven zij aan op welke wijze kennis kan worden gekregen van de inhoud van de geluidsbelastingkaart. + +**2.** + +De in het eerste lid bedoelde bestuursorganen: + +a. stellen de geluidsbelastingkaart zo mogelijk elektronisch ter beschikking van eenieder; +b. voegen bij de geluidsbelastingkaart een overzicht van de belangrijkste punten van die kaart. + +**3.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, gedeputeerde staten, onderscheidenlijk burgemeester en wethouders zenden de geluidsbelastingkaart binnen één maand na vaststelling aan Onze Minister. + +**4.** Bij regeling van Onze Minister kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop de geluidsbelastingkaart ter beschikking van Onze Minister wordt gesteld. + +### Artikel 121 + +**1.** Indien gedeputeerde staten niet of niet tijdig voldoen aan een verplichting als bedoeld in artikel 118, eerste lid, is artikel 121 van de Provinciewet van overeenkomstige toepassing. + +**2.** Indien burgemeester en wethouders niet of niet tijdig voldoen aan een verplichting als bedoeld in artikel 118, tweede lid, is artikel 124 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat Onze Minister in de plaats treedt van gedeputeerde staten. + +### Paragraaf 3. Actieplannen + +### Artikel 122 + +**1.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, onderscheidenlijk gedeputeerde staten stellen vóór 18 mei 2008 aan de hand van de geluidsbelastingkaarten, bedoeld in artikel 118, een actieplan vast met betrekking tot de krachtens artikel 117 gepubliceerde delen van rijkswegen en hoofdspoorwegen, onderscheidenlijk provinciale wegen. Indien er sprake is van een belangrijke ontwikkeling die van invloed is op de geluidhindersituatie, en daarnaast ten minste elke vijf jaar na de vaststelling wordt het actieplan opnieuw overwogen, en zo nodig aangepast. + +**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op burgemeester en wethouders van gemeenten die behoren tot krachtens artikel 117a aangewezen agglomeraties, met dien verstande dat het actieplan betrekking heeft op de in artikel 118, tweede lid, bedoelde geluidsbronnen. + +**3.** + +Een actieplan bevat ten minste een beschrijving van: + +a. het te voeren beleid om de geluidsbelasting L_den en de geluidsbelasting L_night te beperken, en +b. de voorgenomen in de eerstvolgende vijf jaar te treffen maatregelen om overschrijding van overeenkomstig algemene maatregel van bestuur vast te stellen waarden van de geluidsbelasting L_den of de geluidsbelasting L_night te voorkomen of ongedaan te maken en de te verwachten effecten van die maatregelen. + +**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld omtrent de inhoud, vormgeving en inrichting van actieplannen. Deze regels kunnen verschillen voor rijkswegen, provinciale wegen, hoofdspoorwegen en agglomeraties. + +### Artikel 123 + +**1.** Een actieplan wordt voorbereid met overeenkomstige toepassing van de in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht geregelde procedure, met dien verstande dat in afwijking van artikel 3:15 van de Algemene wet bestuursrecht, eenieder zienswijzen naar voren kan brengen. + +**2.** Burgemeester en wethouders stellen een actieplan niet vast dan nadat de gemeenteraad een ontwerp van het actieplan is toegezonden en deze in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en zienswijze ter kennis van burgemeester en wethouders te brengen. + +### Artikel 123a + +Artikel 120 is van overeenkomstige toepassing op de vaststelling van actieplannen. + +### Paragraaf 4. Inlichtingen in verband met het opstellen van geluidsbelastingkaarten door een andere lidstaat van de Europese Unie + +### Artikel 123b + +**1.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, gedeputeerde staten en burgemeester en wethouders verschaffen op verzoek van een bevoegde autoriteit van een van de lidstaten van de Europese Unie alle inlichtingen en gegevens waarover zij kunnen beschikken, voor zover die voor het opstellen van een geluidsbelastingkaart in de desbetreffende lidstaat noodzakelijk zijn. Op een dergelijk verzoek verschaft Onze Minister van Defensie de contourenkaarten, bedoeld in artikel 30c, tweede lid, van de Luchtvaartwet. + +**2.** Artikel 118a, derde lid, is van overeenkomstige toepassing. ## Hoofdstuk X. Financiële bepalingen