2012-02-08 | BWBR0020586 | Wet handhaving consumentenbescherming
This commit is contained in:
parent
fb224f782b
commit
3305e50430
1 changed files with 7 additions and 8 deletions
|
|
@ -30,7 +30,7 @@ e. financiële dienst of activiteit:
|
|||
f. inbreuk: elk handelen of nalaten dat in strijd is met een van de wettelijke bepalingen, bedoeld in de bijlage bij deze wet, en dat schade toebrengt of kan toebrengen aan de collectieve belangen van consumenten;
|
||||
g. intracommunautaire inbreuk: een intracommunautaire inbreuk als bedoeld in artikel 3, onderdeel b, van verordening 2006/2004;
|
||||
h. lidstaat: een lidstaat van de Europese Unie of een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte;
|
||||
i. Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken;
|
||||
i. Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie;
|
||||
j. overtreder: degene die een overtreding pleegt of medepleegt;
|
||||
k. overtreding: een inbreuk of intracommunautaire inbreuk;
|
||||
l. verbindingsbureau: verbindingsbureau als bedoeld in artikel 3, onderdeel d, van verordening 2006/2004;
|
||||
|
|
@ -274,11 +274,11 @@ De Inspectie Verkeer en Waterstaat wordt aangewezen als bevoegde autoriteit voor
|
|||
|
||||
### Artikel 3.10
|
||||
|
||||
**1.** Met het toezicht op de naleving van de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel g van de bijlage bij deze wet, zijn belast de bij besluit van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat aangewezen ambtenaren. Van dat besluit wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
|
||||
**1.** Met het toezicht op de naleving van de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel g van de bijlage bij deze wet, zijn belast de bij besluit van Onze Minister van Infrastructuur en Milieu aangewezen ambtenaren. Van dat besluit wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Onze Minister van Verkeer en Waterstaat kan, indien naar zijn oordeel een intracommunautaire inbreuk op een van de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel g van de bijlage bij deze wet heeft plaatsgevonden:
|
||||
Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan, indien naar zijn oordeel een intracommunautaire inbreuk op een van de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel g van de bijlage bij deze wet heeft plaatsgevonden:
|
||||
|
||||
a. een bestuurlijke boete opleggen;
|
||||
b. een last onder dwangsom opleggen.
|
||||
|
|
@ -363,10 +363,9 @@ Indien een andere overheidsinstantie toezichts- of handhavingsmaatregelen neemt
|
|||
Onze Minister kan afspraken maken met:
|
||||
|
||||
a. Onze Minister van Financiën, voor wat betreft de Belastingdienst/FIOD-ECD;
|
||||
b. Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, voor wat betreft de Inspectie Verkeer en Waterstaat;
|
||||
c. Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, voor wat betreft de Voedsel en Waren Autoriteit;
|
||||
d. Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, voor wat betreft het Staatstoezicht op de Volksgezondheid;
|
||||
e. andere in aanmerking komende Ministers.
|
||||
b. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, voor wat betreft de Inspectie Verkeer en Waterstaat;
|
||||
c. Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, voor wat betreft het Staatstoezicht op de Volksgezondheid;
|
||||
d. andere in aanmerking komende Ministers.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -497,7 +496,7 @@ Een reisorganisator als bedoeld in artikel 500 van Boek 7 van het Burgerlijk Wet
|
|||
|
||||
### Artikel 8.8
|
||||
|
||||
Een handelaar neemt de bepalingen van afdeling 3A van Titel 3 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek in acht.
|
||||
Het is een handelaar niet toegestaan oneerlijke handelspraktijken te verrichten als bedoeld in Afdeling 3A van Titel 3 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek.
|
||||
|
||||
### Artikel 8.9
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue