diff --git a/kb/reglement-rijnpatenten-1998/BWBR0008934/README.md b/kb/reglement-rijnpatenten-1998/BWBR0008934/README.md index 78da90380b8..a2df5b829bc 100644 --- a/kb/reglement-rijnpatenten-1998/BWBR0008934/README.md +++ b/kb/reglement-rijnpatenten-1998/BWBR0008934/README.md @@ -101,7 +101,7 @@ De Centrale Commissie voor de Rijnvaart kan voor de toepassing van dit reglement ### Artikel 2.01 -**1.** Degene die het grote patent wil verkrijgen moet ten minste 21 jaar oud zijn en de nodige kwalificatie bezitten, alsmede een vaartijd aantonen van tenminste vier jaar als lid van een dekbemanning, waarvan aan boord van een motorschip in de binnenvaart tenminste twee jaren als matroos of matroos-motordrijver dan wel ten minste één jaar als volmatroos. +**1.** Degene die het grote patent wil verkrijgen moet ten minste 21 jaar oud zijn en de nodige kwalificatie bezitten, alsmede een vaartijd aantonen van ten minste vier jaar als lid van een dekbemanning, waarvan aan boord van een motorschip in de binnenvaart ten minste twee jaren als matroos of matroos-motordrijver dan wel ten minste één jaar als volmatroos. De gegadigde moet tevens in het bezit zijn van een marifoonbedieningscertificaat als bedoeld in bijlage 5 van de Regionale regeling betreffende de marifoondienst in de Binnenvaart. **2.** @@ -119,13 +119,13 @@ De vaartijd moet zijn doorlopen op een schip voor het voeren waarvan respectieve Tot de vaartijd als bedoeld in het eerste lid, die niet als matroos, matroos-motordrijver of volmatroos verricht hoeft te zijn, wordt meegerekend: a. de tijd van de opleiding, met een maximum van twee jaren, indien de gegadigde in het bezit is van een door de bevoegde autoriteit erkende verklaring inzake een met goed gevolg afgesloten beroepsopleiding met praktijkgedeelten op het gebied van de binnenvaart, -b. de aangetoonde vaartijd, met een maximum van één jaar, die op zee als lid van een dekbemanning is doorgebracht, waarbij 250 zeedagen als één jaar vaartijd gelden. +b. de aangetoonde vaartijd, met een maximum van twee jaren, die op zee als lid van een dekbemanning is doorgebracht, waarbij 250 zeedagen als één jaar vaartijd gelden. **4.** Bovendien moet het riviergedeelte, waarvoor het grote patent wordt aangevraagd als matroos, matroos-motordrijver, volmatroos of stuurman aan boord van een motorschip, voor het voeren waarvan een groot patent is vereist, in een tijdvak van tien jaren voorafgaand aan de aanvraag tenminste zestien maal zijn bevaren, waarvan binnen de laatste drie jaren tenminste drie maal in elke richting. Deze eis is niet van toepassing voor het riviergedeelte benedenstrooms van het Spijksche Veer. ### Artikel 2.02 -**1.** Degene die het kleine patent wil verkrijgen moet ten minste 21 jaar oud zijn en de nodige kwalificatie bezitten alsmede een vaartijd aantonen van ten minste één jaar aan boord van een motorschip in de binnenvaart als matroos of matroos-motordrijver. +**1.** Degene die het kleine patent wil verkrijgen moet ten minste 21 jaar oud zijn en de nodige kwalificatie bezitten, alsmede een vaartijd aantonen van ten minste één jaar aan boord van een motorschip in de binnenvaart als matroos of als matroos-motordrijver. De gegadigde moet tevens in het bezit zijn van een marifoonbedieningscertificaat als bedoeld in bijlage 5 van de Regionale regeling betreffende de marifoondienst in de Binnenvaart. **2.** @@ -236,12 +236,13 @@ c. gedeelte van de Rijn waarvoor het patent wordt aangevraagd. **2.** -Bij de aanvraag moeten worden overgelegd: +2. Bij de aanvraag moeten worden overgelegd: a. een recente pasfoto; -b. een medische verklaring als bedoeld in de bijlage B2, die niet ouder dan 3 maanden mag zijn. Ingeval van twijfel aan de lichamelijke en geestelijke geschiktheid kan de bevoegde autoriteit verlangen dat verklaringen van een arts of een specialist worden overgelegd; -c. voorzover vereist, een bewijs van de vaartijd en van de reizen op bepaalde riviergedeelten; -d. een kopie van de identiteitskaart of het paspoort. +b. een medische verklaring als bedoeld in bijlage B2, die niet ouder dan drie maanden mag zijn. Ingeval van twijfel aan de lichamelijke en geestelijke geschiktheid kan de bevoegde autoriteit verlangen dat verklaringen van een arts of een specialist worden overgelegd; de lichamelijke en geestelijke geschiktheid kan eveneens worden aangetoond met een geldig vaarbevoegdheidsbewijs, dat door de Centrale Commissie voor de Rijnvaart is erkend en waarvoor dezelfde eisen gelden als bedoeld in bijlage B1 en B2 en als bedoeld in artikel 4.01; +c. voor zover vereist, een bewijs van de vaartijd en van de reizen op bepaalde riviergedeelten; +d. een kopie van de identiteitskaart of het paspoort; +e. voor zover vereist, een kopie van het marifoonbedieningscertificaat als bedoeld in bijlage 5 van de Regionale regeling betreffende de marifoondienst in de Binnenvaart. **3.** @@ -372,7 +373,7 @@ b. de kandidaat voor een nieuw patent, teneinde tot een nieuw examen te worden t ### Artikel 5.01 -**1.** Patenten, afgegeven overeenkomstig de voorschriften die van toepassing zijn tot aan de inwerkingtreding van dit reglement dan wel waarvan de geldigheid volgens die voorschriften is verlengd, blijven geldig met inachtneming van die voorschriften. +**1.** Patenten, afgegeven overeenkomstig de voorschriften die van toepassing zijn tot aan de inwerkingtreding van dit reglement dan wel waarvan de geldigheid volgens die voorschriften is verlengd, blijven geldig met inachtneming van die voorschriften tot de eerste vernieuwing van het bewijs van lichamelijke en geestelijke geschiktheid. **2.** Artikel 4.01 met betrekking tot de controle van de lichamelijke en geestelijke geschiktheid is van toepassing op het in het eerste lid bedoelde Rijnschipperspatent, kleine patent en sportpatent, waarbij het anomaalquotiënt bij het kleuronderscheidingsvermogen 0,7 tot 3,0 mag bedragen. De houders van een patent die bij de inwerkingtreding van dit reglement reeds de leeftijd, bedoeld in artikel 4.01, eerste lid, onderdeel *a*, hebben bereikt moeten hun lichamelijke en geestelijke geschiktheid bij de eerstvolgende voorgeschreven onderzoeksdatum laten controleren. Bij de eerste verlenging van de gebleken lichamelijke en geestelijke geschiktheid wordt aan hun een patent volgens het model van de bijlage A1 afgegeven.