2020-12-19 | BWBR0022604 | Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging strafrechtelijke sancties

This commit is contained in:
Coornhert 2020-12-19 12:00:00 +00:00
parent 64eb7165ca
commit 36176c465f

View file

@ -42,7 +42,11 @@ k. beslissing, houdende een geldelijke sanctie: een rechterlijke uitspraak of ee
l. beslissing tot confiscatie: een rechterlijke uitspraak die leidt tot het blijvend ontnemen van een voorwerp;
m. veroordeelde: degene aan wie een sanctie is opgelegd;
n. officier van justitie: de ingevolge de artikelen 4 en 5 bevoegde officier van justitie;
o. Onze Minister: Onze Minister van Justitie en Veiligheid.
o. Onze Minister: Onze Minister van Justitie en Veiligheid;
p. Verordening 2018/1805: Verordening (EU) nr. 2018/1805 van het Europees Parlement en de Raad van 14 november 2018 inzake de wederzijdse erkenning van bevriezingsbevelen en confiscatiebevelen (PbEU 2018, L 303/1);
q. confiscatiebevel: bevel als bedoeld in artikel 2, onderdeel 2, van Verordening 2018/1805;
r. uitvaardigende autoriteit: autoriteit, bedoeld in artikel 2, onderdeel 8, subonderdeel b, van Verordening 2018/1805;
s. uitvoerende autoriteit: autoriteit, bedoeld in artikel 2, onderdeel 9, van Verordening 2018/1805.
### Artikel 2
@ -54,11 +58,19 @@ In Nederland gewezen rechterlijke uitspraken en beschikkingen kunnen overeenkoms
### Artikel 4
Bevoegd tot erkenning met het oog op tenuitvoerlegging van een in een andere lidstaat van de Europese Unie opgelegde beslissing, houdende een geldelijke sanctie of een beslissing tot confiscatie, is de officier van justitie bij het arrondissement Noord-Nederland. Onze Minister is bevoegd tot tenuitvoerlegging van deze beslissing.
**1.**
De officier van justitie bij het arrondissement Noord-Nederland is bevoegd tot erkenning van een in een andere lidstaat van de Europese Unie opgelegde beslissing houdende:
a. een geldelijke sanctie;
b. een beslissing tot confiscatie;
c. een confiscatiebevel.
**2.** Onze Minister is bevoegd tot tenuitvoerlegging van de beslissing of het bevel.
### Artikel 5
Bevoegd tot het verzenden van een in Nederland opgelegde beslissing, houdende een geldelijke sanctie of een beslissing tot confiscatie, aan een andere lidstaat van de Europese Unie met het oog op de tenuitvoerlegging aldaar zijn de officier van justitie bij het arrondissement Noord-Nederland en Onze Minister.
Onze Minister is bevoegd tot het verzenden van een in Nederland opgelegde beslissing, houdende een geldelijke sanctie, een beslissing tot confiscatie of een confiscatiebevel, aan een andere lidstaat van de Europese Unie met het oog op de tenuitvoerlegging aldaar.
### Artikel 6
@ -75,8 +87,9 @@ B. beslissingen tot confiscatie genomen in een andere lidstaat van de Europese U
1°. betaling van een geldbedrag aan de staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel;
2°. verbeurdverklaring, waarbij de rechter heeft bepaald op welke voorwerpen deze sanctie ten uitvoer moet worden gelegd.
C. confiscatiebevelen.
**2.** Het eerste lid is van toepassing in het geval de veroordeelde een natuurlijke persoon is, voor zover deze inkomsten of vermogen of zijn vaste woon- of verblijfplaats in Nederland heeft dan wel in het geval de veroordeelde een rechtspersoon is, voor zover deze inkomsten of vermogen of zijn statutaire zetel in Nederland heeft, dan wel indien het specifieke voorwerp waarop de beslissing tot confiscatie betrekking heeft zich op Nederlands grondgebied bevindt.
**2.** Het eerste lid is van toepassing in het geval de veroordeelde een natuurlijke persoon is, voor zover deze inkomsten of vermogen of zijn vaste woon- of verblijfplaats in Nederland heeft dan wel in het geval de veroordeelde een rechtspersoon is, voor zover deze inkomsten of vermogen of zijn statutaire zetel in Nederland heeft, dan wel indien het specifieke voorwerp waarop de beslissing tot confiscatie of het confiscatiebevel betrekking heeft zich op Nederlands grondgebied bevindt.
### Artikel 7
@ -107,7 +120,8 @@ b. bij rechterlijke uitspraak of beschikking opgelegde verplichting tot betaling
c. door de bevoegde autoriteiten bij beschikking opgelegde administratieve sanctie als bedoeld in artikel 2 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften;
d. genomen beslissing tot confiscatie, betreffende een geldbedrag;
e. genomen beslissing tot confiscatie, betreffende een specifiek voorwerp;
f. door de bevoegde autoriteiten bij beschikking opgelegde bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 10:5 van de Arbeidstijdenwet voor zover het overtredingen betreft van hoofdstuk 2 van het Arbeidstijdenbesluit vervoer;
f. uitgevaardigd confiscatiebevel;
g. door de bevoegde autoriteiten bij beschikking opgelegde bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 10:5 van de Arbeidstijdenwet voor zover het overtredingen betreft van hoofdstuk 2 van het Arbeidstijdenbesluit vervoer;
g. door de bevoegde autoriteiten bij beschikking opgelegde bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 174a, 174b of 174c van de Wegenverkeerswet 1994 voor zover het overtredingen betreft van de artikelen 20b, de krachtens artikel 29 genoemde artikelen en artikel 30 van die wet.
**2.** Onze Minister kan een beslissing als bedoeld in het eerste lid aan een andere lidstaat van de Europese Unie zenden met het oog op de tenuitvoerlegging aldaar, indien de veroordeelde in die andere lidstaat inkomsten of vermogen of zijn vaste woon- of verblijfplaats heeft dan wel, in het geval de veroordeelde een rechtspersoon is, deze aldaar inkomsten of vermogen of zijn statutaire zetel heeft.
@ -251,22 +265,24 @@ Ingeval de aan de uitvoerende lidstaat toegezonden beslissing strekt tot betalin
Indien de officier van justitie of Onze Minister beslist dat de tenuitvoerlegging van de beslissing in de uitvoerende lidstaat moet worden gestaakt, wordt de bevoegde autoriteit in de uitvoerende lidstaat hiervan onverwijld schriftelijk in kennis gesteld.
## Hoofdstuk III. Beslissingen tot confiscatie
## Hoofdstuk III. Confiscatie
### Afdeling 1. Erkenning en tenuitvoerlegging van buitenlandse beslissingen tot confiscatie
### Artikel 22
**1.**
**1.** Deze afdeling is van toepassing op een beslissing tot confiscatie van een andere lidstaat van de Europese Unie die niet is gebonden door Verordening 2018/1805.
**2.**
Een voor erkenning vatbare beslissing tot confiscatie wordt erkend en ten uitvoer gelegd volgens Nederlands recht. Voor zover de beslissing tot confiscatie:
a. strekt tot betaling van een geldbedrag aan de staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, wordt de beslissing ten uitvoer gelegd overeenkomstig de artikelen 6:1:9, 6:4:9, eerste lid, en 6:6:25 van het Wetboek van Strafvordering, met dien verstande dat de rechtbank Noord-Nederland bevoegd is de vordering te behandelen tot het toepassen van het dwangmiddel gijzeling en daarbij artikel 36e, elfde lid, van het Wetboek van Strafrecht van overeenkomstige toepassing is;
b. betrekking heeft op een specifiek voorwerp, wordt de beslissing overeenkomstig artikel 6:5:1 van het Wetboek van Strafvordering ten uitvoer gelegd, tenzij in deze wet anders is bepaald.
**2.** Indien de beslissing tot confiscatie betrekking heeft op een specifiek voorwerp, kan de officier van justitie met de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat overeenkomen, dat de tenuitvoerlegging geschiedt in de vorm van een verplichting tot betaling van een bepaald geldbedrag aan de staat. In voorkomend geval zijn de artikelen 6:1:1, 6:1:2, 6:1:9, 6:4:1 tot en met 6:4:6 en 6:4:8 van het Wetboek van Strafvordering van overeenkomstige toepassing.
**3.** Indien de beslissing tot confiscatie betrekking heeft op een specifiek voorwerp, kan de officier van justitie met de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat overeenkomen, dat de tenuitvoerlegging geschiedt in de vorm van een verplichting tot betaling van een bepaald geldbedrag aan de staat. In voorkomend geval zijn de artikelen 6:1:1, 6:1:2, 6:1:9, 6:4:1 tot en met 6:4:6 en 6:4:8 van het Wetboek van Strafvordering van overeenkomstige toepassing.
**3.** Een vervangende straf of maatregel wordt slechts ten uitvoer gelegd nadat de bevoegde autoriteit in de uitvaardigende lidstaat daartoe toestemming heeft gegeven.
**4.** Een vervangende straf of maatregel wordt slechts ten uitvoer gelegd nadat de bevoegde autoriteit in de uitvaardigende lidstaat daartoe toestemming heeft gegeven.
### Artikel 23
@ -384,17 +400,19 @@ c. worden vernietigd.
### Artikel 31
**1.** Onze Minister zendt een gewaarmerkt afschrift van de beslissing tot confiscatie, vergezeld van een ingevuld certificaat dat is opgesteld overeenkomstig het bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde model rechtstreeks aan de autoriteit van de uitvoerende lidstaat die bevoegd is de beslissing te erkennen en ten uitvoer te leggen, op een wijze die de mogelijkheid biedt een schriftelijk document voort te brengen op grond waarvan de echtheid kan worden vastgesteld.
**1.** Deze afdeling is van toepassing op een beslissing tot confiscatie van een andere lidstaat van de Europese Unie die niet is gebonden door Verordening 2018/1805.
**2.** Op verzoek van de uitvoerende lidstaat worden een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van de beslissing tot confiscatie en het originele exemplaar van het certificaat aan de uitvoerende lidstaat toegezonden.
**2.** Onze Minister zendt een gewaarmerkt afschrift van de beslissing tot confiscatie, vergezeld van een ingevuld certificaat dat is opgesteld overeenkomstig het bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde model rechtstreeks aan de autoriteit van de uitvoerende lidstaat die bevoegd is de beslissing te erkennen en ten uitvoer te leggen, op een wijze die de mogelijkheid biedt een schriftelijk document voort te brengen op grond waarvan de echtheid kan worden vastgesteld.
**3.** Indien niet bekend is welke autoriteiten in de uitvoerende lidstaat bevoegd zijn tot erkenning en tenuitvoerlegging, verzoekt Onze Minister hieromtrent om inlichtingen onder andere bij het Europees Justitieel Netwerk.
**3.** Op verzoek van de uitvoerende lidstaat worden een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van de beslissing tot confiscatie en het originele exemplaar van het certificaat aan de uitvoerende lidstaat toegezonden.
**4.** Behoudens de gevallen, bedoeld in het vijfde en zesde lid, wordt de beslissing niet aan twee of meer lidstaten tegelijkertijd toegezonden.
**4.** Indien niet bekend is welke autoriteiten in de uitvoerende lidstaat bevoegd zijn tot erkenning en tenuitvoerlegging, verzoekt Onze Minister hieromtrent om inlichtingen onder andere bij het Europees Justitieel Netwerk.
**5.** Onze Minister kan een in Nederland genomen beslissing tot confiscatie die betrekking heeft op een geldbedrag slechts aan meer dan een lidstaat tegelijkertijd toezenden, indien hij van oordeel is dat alleen door meervoudige toezending de volledige tenuitvoerlegging van de beslissing tot confiscatie kan worden bereikt. Onze Minister draagt er zorg voor dat de totale opbrengst van de tenuitvoerlegging niet meer bedraagt dan het in de beslissing tot confiscatie bepaalde maximumbedrag.
**5.** Behoudens de gevallen, bedoeld in het zesde en zevende lid, wordt de beslissing niet aan twee of meer lidstaten tegelijkertijd toegezonden.
**6.**
**6.** Onze Minister kan een in Nederland genomen beslissing tot confiscatie die betrekking heeft op een geldbedrag slechts aan meer dan een lidstaat tegelijkertijd toezenden, indien hij van oordeel is dat alleen door meervoudige toezending de volledige tenuitvoerlegging van de beslissing tot confiscatie kan worden bereikt. Onze Minister draagt er zorg voor dat de totale opbrengst van de tenuitvoerlegging niet meer bedraagt dan het in de beslissing tot confiscatie bepaalde maximumbedrag.
**7.**
Onze Minister kan een in Nederland genomen beslissing tot confiscatie die betrekking heeft op een of meer specifieke voorwerpen slechts aan meer dan een lidstaat tegelijkertijd toezenden, indien:
@ -412,38 +430,82 @@ Het recht van tenuitvoerlegging in Nederland van de aan de uitvoerende lidstaat
**2.**
In geval van toepassing van artikel 31, vijfde of zesde lid, stelt Onze Minister onmiddellijk de bevoegde autoriteiten in alle uitvoerende lidstaten in kennis, indien
In geval van toepassing van artikel 31, zesde en zevende lid, stelt Onze Minister onmiddellijk de bevoegde autoriteiten in alle uitvoerende lidstaten in kennis, indien
a. hij van oordeel is dat het risico bestaat dat het in de beslissing tot confiscatie bepaalde maximumbedrag zal worden overschreden;
b. de beslissing tot confiscatie geheel of ten dele ten uitvoer is gelegd in Nederland of een van de andere uitvoerende staten; indien van toepassing wordt het nog ten uitvoer te leggen bedrag gespecificeerd;
c. Onze Minister een geldsom ontvangt die de veroordeelde vrijwillig heeft betaald in het kader van de beslissing tot confiscatie, na de toezending van die beslissing tot confiscatie naar een andere lidstaat.
## Hoofdstuk IV. Slotbepalingen
### Afdeling 3. Confiscatiebevelen op grond van
### Artikel 34
**1.** Alle kosten van tenuitvoerlegging van een rechterlijke uitspraak, beslissing tot confiscatie of beschikking in Nederland overeenkomstig de bepalingen van deze wet, komen ten laste van de staat.
**2.** Onze Minister kan de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat voorstellen de kosten van de tenuitvoerlegging te delen, indien het de tenuitvoerlegging van een rechterlijke uitspraak overeenkomstig Hoofdstuk III, afdeling 1, betreft.
**3.** Wanneer op grond van artikel 31, eerste lid, een lidstaat is verzocht een Nederlandse beslissing tot confiscatie te erkennen en ten uitvoer te leggen, kan Onze Minister instemmen met het verzoek van de tenuitvoerleggingsstaat om de kosten van de tenuitvoerlegging te delen. Onze Minister verleent slechts instemming indien hij op basis van door de uitvoerende lidstaat verstrekte gedetailleerde gegevens van oordeel is dat die kosten hoog of uitzonderlijk zijn.
Deze afdeling is van toepassing op een confiscatiebevel van een andere lidstaat van de Europese Unie die is gebonden door Verordening 2018/1805.
### Artikel 35
**1.**
Een confiscatiebevel wordt erkend overeenkomstig Verordening 2018/1805. Voor zover het bevel betrekking heeft op de confiscatie van:
a. een geldsom, wordt het bevel ten uitvoer gelegd overeenkomstig de artikelen 6:1:1 tot en met 6:1:5, 6:1:9 en 6:6:25 van het Wetboek van Strafvordering, de tweede titel van het vierde hoofdstuk van het Zesde Boek van het Wetboek van Strafvordering en de regels die bij of krachtens algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 6:4:19 van het Wetboek van Strafvordering zijn gesteld, met dien verstande dat de vordering tot de toepassing van het dwangmiddel gijzeling en het verzetschrift tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland;
b. een voorwerp, wordt het bevel ten uitvoer gelegd overeenkomstig de artikelen 6:1:2 tot en met 6:1:5 en 6:1:9 van het Wetboek van Strafvordering, het vijfde hoofdstuk van het Zesde Boek van het Wetboek van Strafvordering en de regels die bij of krachtens algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 6:5:3 van het Wetboek van Strafvordering zijn gesteld, met dien verstande dat het verzetschrift tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel wordt ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland.
**2.** Indien de uitvaardigende autoriteit heeft besloten tot teruggave van een voorwerp, dan wel een overeenkomstige geldsom, aan het slachtoffer, of tot overdracht van een geldsom ter compensatie van het slachtoffer, wordt de tenuitvoerlegging van het bevel voltooid overeenkomstig artikel 30, eerste tot en met vierde lid, van Verordening 2018/1805.
**3.**
Indien het confiscatiebevel strekt tot:
a. overdracht van een voorwerp, dan wel een voorwerp in plaats van een geldsom, aan de uitvaardigende staat, wordt de tenuitvoerlegging van het bevel voltooid overeenkomstig artikel 30, zesde lid, onderdeel b, van Verordening 2018/1805;
b. overdracht van een geldsom aan de uitvaardigende staat, wordt de tenuitvoerlegging van het bevel voltooid overeenkomstig artikel 30, zevende lid, van Verordening 2018/1805.
### Artikel 36
De officier van justitie of Onze Minister kan de erkenning onderscheidenlijk de tenuitvoerlegging van een confiscatiebevel weigeren als één van de gronden, bedoeld in artikel 19, eerste lid, van Verordening 2018/1805, van toepassing is.
### Artikel 37
Indien de officier van justitie twee of meer bevelen tot confiscatie of bevriezing uit verschillende lidstaten ontvangt die zijn uitgevaardigd tegen dezelfde persoon of betrekking hebben op hetzelfde voorwerp, beslist de officier van justitie welk van de bevelen ten uitvoer moet worden gelegd, overeenkomstig het bepaalde in artikel 26 van Verordening 2018/1805.
### Artikel 38
**1.** Voorafgaand aan de beslissing tot erkenning van een confiscatiebevel kunnen voorwerpen in beslag worden genomen overeenkomstig de derde afdeling van titel IV van het Eerste Boek van het Wetboek van Strafvordering.
**2.** De artikelen 552a, 552c tot en met 552d, eerste lid en 552e, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de rechter niet treedt in een onderzoek naar de grondslag van het confiscatiebevel.
### Artikel 39
**1.** De veroordeelde, alsmede belanghebbenden, kunnen tegen de beslissing van de officier van justitie tot erkenning en tenuitvoerlegging van een confiscatiebevel beroep instellen bij de rechtbank Noord-Nederland. Het beroep wordt ingesteld uiterlijk binnen zeven dagen, te rekenen van de dag dat de veroordeelde of belanghebbende kennis heeft gekregen van de beslissing tot erkenning en tenuitvoerlegging van het confiscatiebevel. De artikelen 21 tot en met 25 van het Wetboek van Strafvordering zijn van toepassing. Het beroep heeft geen schorsende werking.
**2.** Ten aanzien van derden die geheel of gedeeltelijk recht menen te hebben op voorwerpen waarop verhaal wordt genomen, zijn de bepalingen van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van toepassing.
## Hoofdstuk IV. Slotbepalingen
### Artikel 40
**1.** Alle kosten van tenuitvoerlegging van een rechterlijke uitspraak, beslissing tot confiscatie, confiscatiebevel of beschikking in Nederland overeenkomstig de bepalingen van deze wet, komen ten laste van de staat.
**2.** Onze Minister kan de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat voorstellen de kosten van de tenuitvoerlegging te delen, indien het de tenuitvoerlegging van een rechterlijke uitspraak overeenkomstig Hoofdstuk III, afdeling 1, of de tenuitvoerlegging van een confiscatiebevel overeenkomstig Hoofdstuk III, afdeling 3, betreft.
**3.** Wanneer op grond van artikel 31, tweede lid, of op grond van Verordening 2018/1805, een lidstaat is verzocht een Nederlandse beslissing tot confiscatie te erkennen en ten uitvoer te leggen, kan Onze Minister instemmen met het verzoek van de tenuitvoerleggingsstaat om de kosten van de tenuitvoerlegging te delen. Onze Minister verleent slechts instemming indien hij op basis van door de uitvoerende lidstaat verstrekte gedetailleerde gegevens van oordeel is dat die kosten hoog of uitzonderlijk zijn.
### Artikel 41
**1.** Al hetgeen wordt verkregen door tenuitvoerlegging in Nederland van een rechterlijke uitspraak of beschikking overeenkomstig Hoofdstuk II, Afdeling 1, van deze wet, komt ten bate van de staat.
**2.** Onze Minister kan met de uitvaardigende lidstaat overeenkomen dat de verkregen baten als bedoeld in het eerste lid geheel of gedeeltelijk worden verstrekt aan de uitvaardigende lidstaat.
**3.** Al hetgeen wordt verkregen door tenuitvoerlegging in Nederland van een rechterlijke uitspraak overeenkomstig Hoofdstuk III, Afdeling 1, van deze wet, wordt overeenkomstig de bepalingen van artikel 28 verdeeld.
### Artikel 36
### Artikel 42
Op betekeningen, kennisgevingen en oproepingen gedaan krachtens deze wet, zijn de artikelen 36b tot en met 36e, 36g, 36h en 36n van het Wetboek van Strafvordering van toepassing.
### Artikel 37
### Artikel 43
Indien met toepassing van artikel 6:7:1, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering gratie is verleend van een sanctie die met toepassing van de bepalingen van deze wet in Nederland is erkend en ten uitvoer wordt gelegd, wordt de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat hiervan onverwijld schriftelijk in kennis gesteld.
### Artikel 38
### Artikel 44
Deze wet wordt aangehaald als: Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging geldelijke sancties en beslissingen tot confiscatie.