diff --git a/amvb/inkomstenbesluit-burgerlijke-ambtenaren-defensie/BWBR0018191/README.md b/amvb/inkomstenbesluit-burgerlijke-ambtenaren-defensie/BWBR0018191/README.md index 9e4d549852d..9b242c57c97 100644 --- a/amvb/inkomstenbesluit-burgerlijke-ambtenaren-defensie/BWBR0018191/README.md +++ b/amvb/inkomstenbesluit-burgerlijke-ambtenaren-defensie/BWBR0018191/README.md @@ -21,11 +21,11 @@ b. *Onze Minister:* Onze Minister van Defensie; c. *hoofd defensieonderdeel:* 1°. de secretaris-generaal, voor zover het betreft de Bestuursstaf; -2°. de bevelhebber van het krijgsmachtdeel of de commandant van het wapen der Koninklijke Marechaussee, voor zover het betreft het desbetreffende krijgsmachtdeel of wapen; +2°. de Commandant Zeestrijdkrachten, de Commandant Landstrijdkrachten, de Commandant Luchtstrijdkrachten, de Commandant Koninklijke Marechaussee, voor het desbetreffende commando; 3°. de directeur Defensie Materieel Organisatie, voor zover het betreft de Defensie Materieel Organisatie, met uitzondering van het deel ondergebracht in de Bestuursstaf; 4°. de commandant Commando DienstenCentra, voor zover het betreft het Commando DienstenCentra; d. *commandant:* een bij ministeriële regeling aangewezen autoriteit; -e. *salaris:* het bedrag, dat in de bijlage A wordt gevonden in de voor de ambtenaar geldende salarisschaal en salarisnummer, in voorkomend geval verhoogd met de aanvulling op het salaris, bedoeld in artikel 4 van het Besluit personenchauffeurs defensie; +e. *salaris:* het bedrag, dat in de bijlage A wordt gevonden in de voor de ambtenaar geldende salarisschaal en salarisnummer, in voorkomend geval verhoogd met de aanvulling op het salaris, bedoeld in artikel 4 van het Besluit personenchauffeurs defensie, of het bedrag, dat wordt gevonden met toepassing van bijlage B; f. *salaris per uur:* 1/165 deel van het salaris bij een voltijdaanstelling; g. *salarisschaal:* een als zodanig in de bijlage A vermelde reeks van genummerde salarissen; h. *salarisnummer:* een aanduiding, bestaande uit een getal of uit een letter en een getal, dat in een salarisschaal voor een salaris is vermeld; @@ -73,6 +73,8 @@ Onze Minister kan in geval van buitengewone omstandigheden, als bedoeld in artik **2.** Indien de bevoegdheid tot het toekennen van een aanspraak berust bij de commandant, worden aanspraken die de commandant betreffen, toegekend door het hoofd defensieonderdeel. +**3.** De bevoegdheid tot het toekennen van aanspraken op grond van de artikelen 10, 11, 45, 46 en 47 aan ambtenaren bezoldigd volgens salarisschaal 14 en hoger berust bij de Secretaris-Generaal. + ### Artikel 5 **1.** De aanspraak op bezoldiging vervalt met ingang van de dag na het ontslag of het overlijden van de ambtenaar. @@ -93,7 +95,7 @@ Voor de berekening van het pensioengevend inkomen worden aanspraken op grond van ### Artikel 8 -**1.** Het hoofd defensieonderdeel bepaalt de salarisschaal die voor de ambtenaar van toepassing is, welke, tenzij zijn wijze van functioneren zich nog daartegen verzet, wordt bepaald met in achtneming van de zwaarte van zijn functie en van bijzondere regelingen als bedoeld in artikel 18 van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie. +**1.** Onze Minister bepaalt de salarisschaal die voor de ambtenaar van toepassing is, welke, tenzij zijn wijze van functioneren zich nog daartegen verzet, wordt bepaald met in achtneming van de zwaarte van zijn functie en van bijzondere regelingen als bedoeld in artikel 18 van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie. **2.** De zwaarte van de functie wordt gewaardeerd binnen de in bijlage A van dit besluit aangegeven indelingsstructuur, met inachtneming van het door Onze Minister vastgestelde normeringstelsel. @@ -112,9 +114,9 @@ b. de ambtenaar in verband met ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid ### Artikel 9 -**1.** Het hoofd defensieonderdeel stelt de ambtenaar in kennis van de voorgenomen functiewaardering als bedoeld in artikel 8, derde lid. De ambtenaar die bedenkingen heeft tegen de functiewaardering kan die bedenkingen aan het hoofd defensieonderdeel kenbaar maken. In een dergelijk geval wint het hoofd defensieonderdeel, naar regels bij ministeriële regeling te stellen, het advies in van een commissie van advies bezwaren functiewaardering. +**1.** Het hoofd defensieonderdeel stelt de ambtenaar in kennis van de voorgenomen functiewaardering als bedoeld in artikel 8, tweede lid. De ambtenaar die bedenkingen heeft tegen de functiewaardering kan die bedenkingen aan het hoofd defensieonderdeel kenbaar maken. Na een heroverweging stelt het hoofd defensieonderdeel de functiewaardering al dan niet gewijzigd vast. De ambtenaar kan tegen deze heroverweging bezwaar maken. In een dergelijk geval wint het hoofd defensieonderdeel, naar regels bij ministeriële regeling te stellen, het advies in van de Commissie van advies bezwaren functiewaardering. -**2.** Het in het eerste lid bepaalde is niet van toepassing indien voor de ambtenaar een bijzondere regeling geldt als bedoeld in artikel 18 van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie. +**2.** Het eerste lid is niet van toepassing indien voor de ambtenaar een bijzondere regeling geldt als bedoeld in artikel 18 van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie. ### Artikel 10 @@ -158,7 +160,7 @@ b. wanneer de ambtenaar jonger dan 22 jaar is, met ingang van de eerste dag van In dit artikel en in de artikelen 14, 15 en 19 wordt verstaan onder: -a. *tandarts:* de ambtenaar bedoeld in artikel 2, vijfde lid; +a. *tandarts:* de ambtenaar bedoeld in artikel 2, tweede lid; b. *hoofd tandheelkundige dienst:* het hoofd tandheelkundige dienst zeemacht, de tandheelkundige autoriteit landmacht en de staf tandarts luchtmacht; c. *werkdag en werkuur:* een dag respectievelijk een uur waarop de tandarts dienst moet verrichten volgens het voor hem vastgestelde rooster; d. *tandheelkundig centrum:* een onderdeel of afdeling, voornamelijk belast met de curatieve tandheelkundige zorg voor militairen. @@ -408,7 +410,7 @@ Geen aanspraak op bezoldiging als bedoeld in artikel 26 bestaat: a. indien de ziekte is voorgewend, althans zodanig overdreven wordt voorgesteld, dat ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte niet kan worden aangenomen; b. indien de ambtenaar de ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte opzettelijk heeft veroorzaakt, tenzij hem daarvan op grond van zijn psychische toestand geen verwijt kan worden gemaakt; -c. indien de ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte zich voordoet binnen een half jaar na het geneeskundig onderzoek, bedoeld in artikel 10 van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie, en tevens blijkt, dat de ambtenaar onjuiste informatie omtrent zijn gezondheidstoestand heeft verstrekt of gegevens heeft verzwegen ten gevolge waarvan de verklaring van geschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid ten onrechte heeft plaatsgevonden, tenzij de ambtenaar aannemelijk maakt dat hij te goeder trouw heeft gehandeld. +c. indien de ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte zich voordoet binnen een half jaar na een medisch onderzoek als bedoeld in artikel 9, vierde lid, onderdeel b, van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie, en tevens blijkt, dat de ambtenaar onjuiste informatie omtrent zijn gezondheidstoestand heeft verstrekt of gegevens heeft verzwegen ten gevolge waarvan de verklaring van geschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid ten onrechte heeft plaatsgevonden, tenzij de ambtenaar aannemelijk maakt dat hij te goeder trouw heeft gehandeld. **2.** @@ -443,7 +445,7 @@ f. zonder deugdelijke grond weigert hem aangeboden passende arbeid, dan wel gang ### Artikel 31 -Dit hoofdstuk is niet van toepassing op de ambtenaar die geen deelnemer is in de zin van het pensioenreglement. In geval van ziekte ontvangt hij tijdens de duur van zijn dienstverband op een hem op grond van de Ziektewet of WAO toegekende uitkering een aanvulling tot zijn bezoldiging. Indien de ambtenaar wegens ziekte ongeschikt is voor de uitoefening van zijn dienstbetrekking, ontvangt hij gedurende de eerste 18 maanden van die ongeschiktheid 100% en daarna tot aan het einde van zijn betrekking 80% van zijn bezoldiging, nadat daarop de uitkering ingevolge de ZW of de WAO in mindering is gebracht. Op die vermindering zijn de artikelen 27 en 29 van overeenkomstige toepassing. +Dit hoofdstuk is niet van toepassing op de ambtenaar die geen deelnemer is in de zin van het Pensioenreglement ABP. In geval van ziekte ontvangt hij tijdens de duur van zijn dienstverband op een hem op grond van de Ziektewet of de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen toegekende uitkering een aanvulling tot zijn bezoldiging. Indien de ambtenaar wegens ziekte ongeschikt is voor de uitoefening van zijn dienstbetrekking, ontvangt hij gedurende de eerste twaalf maanden van die ongeschiktheid 100% en daarna tot aan het einde van zijn betrekking 70% van zijn bezoldiging, nadat daarop de uitkering ingevolge de Ziektewet of de de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen in mindering is gebracht. Op die vermindering zijn de artikelen 27 en 29 van overeenkomstige toepassing. ## Hoofdstuk 5. Bezoldiging tijdens bijzondere situaties @@ -496,13 +498,13 @@ De ambtenaar ontvangt geen bezoldiging over de tijd, gedurende welke hij in stri ### Artikel 36 -**1.** Bij de ambtenaar die ingevolge artikel 109, eerste lid, dan wel ingevolge artikel 109, tweede lid, onderdeel a of b, van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie is geschorst, wordt voor de duur van die schorsing eenderde gedeelte ingehouden van de bezoldiging, tenzij het hoofd defensieonderdeel bepaalt dat geen inhouding zal plaatsvinden. +**1.** Bij de ambtenaar die ingevolge artikel 109, eerste lid, dan wel ingevolge artikel 109, tweede lid, onderdeel a of b, van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie is geschorst, wordt door de commandant voor de duur van die schorsing eenderde gedeelte ingehouden van de bezoldiging, tenzij het hoofd defensieonderdeel bepaalt dat geen inhouding zal plaatsvinden. -**2.** In geval een schorsing als bedoeld in het eerste lid, langer duurt dan zes weken, kan de commandant bepalen dat gedurende die verdere duur van die schorsing een verdere inhouding plaatsvindt tot het volle bedrag der bezoldiging. Bij de afweging omtrent de hoogte van de inhouding wordt de financiële positie van de ambtenaar in de beschouwing betrokken. +**2.** In geval een schorsing als bedoeld in het eerste lid, langer duurt dan zes weken, kan het hoofd defensieonderdeel bepalen dat gedurende die verdere duur van die schorsing een verdere inhouding plaatsvindt tot het volle bedrag der bezoldiging. Bij de afweging omtrent de hoogte van de inhouding wordt de financiële positie van de ambtenaar in de beschouwing betrokken. **3.** Bij de ambtenaar die ingevolge artikel 109, tweede lid, onderdeel c, van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie is geschorst, vindt geen inhouding van bezoldiging plaats. -**4.** De ingehouden bezoldiging kan alsnog geheel of gedeeltelijk aan de ambtenaar worden uitbetaald, indien een schorsing als bedoeld in artikel 109, tweede lid, onderdeel a of b, van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie niet wordt gevolgd door een veroordeling tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf, een vrijheidsbenemende maatregel, ontslag op grond van artikel 121, eerste lid, onderdeel e, van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie of een onvoorwaardelijk ontslag bij wijze van straf. Op de aldus uit te keren bezoldiging worden in mindering gebracht de inkomsten, welke de ambtenaar sedert de schorsing heeft genoten uit arbeid, die hij als gevolg van de schorsing heeft kunnen verrichten, tenzij zulks, naar het oordeel van het bevoegde gezag, onredelijk of onbillijk is. +**4.** De ingehouden bezoldiging kan alsnog geheel of gedeeltelijk aan de ambtenaar worden uitbetaald, indien een schorsing als bedoeld in artikel 109, tweede lid, onderdeel a of b, van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie niet wordt gevolgd door een veroordeling tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf, een vrijheidsbenemende maatregel, ontslag op grond van artikel 121, eerste lid, onderdeel e, van het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie of een onvoorwaardelijk ontslag bij wijze van straf. Op de aldus uit te keren bezoldiging worden in mindering gebracht de inkomsten, welke de ambtenaar sedert de schorsing heeft genoten uit arbeid, die hij als gevolg van de schorsing heeft kunnen verrichten, tenzij zulks, naar het oordeel van het hoofd defensieonderdeel, onredelijk of onbillijk is. **5.** In geval van schorsing tijdens ziekte van de ambtenaar is voor de berekening van de bezoldiging artikel 30 van toepassing. @@ -618,7 +620,7 @@ Voor de berekening van de militaire inkomsten wordt in voorkomend geval de inhou ### Artikel 44a -De burgerambtenaar heeft aanspraak op een inkomenstoeslag ter hoogte van € 116,67 per maand. Deze inkomenstoeslag wordt voor de ambtenaar met een deeltijdaanstelling vastgesteld op een evenredig deel van de uitkering behorend bij een voltijdaanstelling. +Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden ### Artikel 45 @@ -884,7 +886,7 @@ In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: **1.** De ambtenaar is voor het verstrekken van kost en van inwoning door Defensie, anders dan bij een dienstreis als bedoeld in artikel 1 van het Besluit dienstreizen defensie, per maand een bedrag verschuldigd van onderscheidenlijk 12% en 8% van zijn berekeningsbasis, met inachtneming van bij ministeriële regeling te bepalen maxima. -**2.** In afwijking van het tweede lid wordt voor de ambtenaar, wiens berekeningsbasis gelijk aan of lager is dan het maandbedrag van het minimumloon dat krachtens de artikelen 7, 8 en 14 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, geldt voor werknemers in de leeftijd van 23 jaar of ouder, het verschuldigde bedrag bij ministeriële regeling vastgesteld. +**2.** In afwijking van het eerste lid wordt voor de ambtenaar, wiens berekeningsbasis gelijk aan of lager is dan het maandbedrag van het minimumloon dat krachtens de artikelen 7, 8 en 14 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, geldt voor werknemers in de leeftijd van 23 jaar of ouder, het verschuldigde bedrag bij ministeriële regeling vastgesteld. ### Artikel 61 @@ -903,7 +905,7 @@ e. voor leidingwater: 0,4%, zulks met inachtneming van door Onze Minister aan te geven maxima voor de verstrekkingen bedoeld onder b tot en met e. -**2.** Indien de ambtenaar aantoont dat de huurwaarde van de woning voor de heffing van de inkomsten- en loonbelasting minder bedraagt dan het op grond van het bepaalde in het tweede lid geldende bedrag wegens het gebruik van de woning, wordt het verschuldigde bedrag op dat van die huurwaarde gesteld. +**2.** Indien de ambtenaar aantoont dat de huurwaarde van de woning voor de heffing van de inkomsten- en loonbelasting minder bedraagt dan het op grond van het bepaalde in het eerste lid geldende bedrag wegens het gebruik van de woning, wordt het verschuldigde bedrag op dat van die huurwaarde gesteld. **3.** Voor het gebruik van de verstrekkingen genoemd in het eerste lid, onderdeel b tot en met e, is geen bedrag verschuldigd in het geval, bedoeld in het tweede lid, en in de gevallen waarin tevens kost en inwoning wordt verstrekt.