2011-10-12 | BWBR0020762 | Besluit voorkoming verontreiniging door schepen
This commit is contained in:
parent
d742f4adac
commit
38d2ff2054
1 changed files with 16 additions and 17 deletions
|
|
@ -92,7 +92,7 @@ d. bestaande schepen als bedoeld in voorschrift 1 van die Bijlage van minder dan
|
|||
|
||||
**5.** Elk schip voldoet aan de op dat schip van toepassing zijnde eisen van Bijlage VI van het Verdrag.
|
||||
|
||||
**6.** Een schip met een of meer dieselmotoren waarop voorschrift 13 van Bijlage VI van het Verdrag van toepassing is, voldoet met betrekking tot die motoren tevens aan de in de NO_x-Code opgenomen eisen. Het voldoen aan die eisen blijkt voor elk van die motoren uit een overeenkomstig de NO_x-Code voor de motor afgegeven Internationaal certificaat betreffende voorkoming van luchtverontreiniging door motoren, behorende bij die Code.
|
||||
**6.** Een schip met een of meer dieselmotoren waarop voorschrift 13 van Bijlage VI van het Verdrag van toepassing is, voldoet met betrekking tot die motoren tevens aan de in de NO_x-Code opgenomen eisen. Het voldoen aan die eisen blijkt voor motoren ten aanzien waarvan op grond van de No_x-Code een pre-certificeringsonderzoek verplicht is, uit een overeenkomstig de NO_x-Code voor de motor afgegeven Internationaal certificaat betreffende voorkoming van luchtverontreiniging door motoren, behorende bij die Code.
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
|
|
@ -246,6 +246,8 @@ Na voltooiing van een hernieuwd onderzoek in verband met de vernieuwing van een
|
|||
|
||||
**4.** Indien na de voltooiing van een hernieuwd onderzoek het nieuwe certificaat niet voor de vervaldatum van het bestaande certificaat kan worden afgegeven of aan het schip kan worden verstrekt, kan degene die het onderzoek heeft uitgevoerd daarvan een aantekening plaatsen op het bestaande certificaat. In dat geval wordt het bestaande certificaat nog als geldig aangemerkt voor een tijdvak van ten hoogste vijf maanden na zijn vervaldatum.
|
||||
|
||||
**5.** Onze Minister kan de geldigheidsduur van een certificaat, bedoeld in artikel 23, derde lid, verlengen tot een datum die is gelegen vijf jaren na de afgiftedatum van het certificaat, met dien verstande dat de geldigheidsduur van een certificaat als bedoeld in artikel 12, eerste, tweede en vierde lid, alleen kan worden verlengd na voltooiing van een tussentijds of jaarlijks onderzoek als bedoeld in Bijlage I, II en VI van het Verdrag.
|
||||
|
||||
### Artikel 26
|
||||
|
||||
Bij regeling van Onze Minister kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de geldigheidsduur van het certificaat en de verklaring, bedoeld in artikel 15, en kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de geldigheidsduur van het in de artikelen 12, 13 en 13a bedoelde certificaat.
|
||||
|
|
@ -279,7 +281,7 @@ Onze Minister kan de geldigheid van een certificaat dat ingevolge artikel 9, eer
|
|||
|
||||
Het is verboden vanaf een schip olie of oliehoudende mengsels als bedoeld in voorschrift 1 van Bijlage I van het Verdrag in zee te lozen, anders dan met inachtneming van de in die Bijlage gegeven voorschriften, met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
a. in het gebied van de Middellandse Zee, het gebied van de Oostzee, het gebied van de Zwarte Zee, het Golfgebied, de Noordwest-Europese wateren, bedoeld in voorschrift 1 van die Bijlage, en het Antarctisch gebied de voorschriften 15 en 34 van die Bijlage wat betreft lozingen in bijzondere gebieden van toepassing zijn;
|
||||
a. in het gebied van de Middellandse Zee, het gebied van de Oostzee, het gebied van de Zwarte Zee, het Golfgebied, de Noordwest-Europese wateren en de Zuidelijke Zuid-Afrikaanse wateren, bedoeld in voorschrift 1 van die Bijlage, en het Antarctisch gebied de voorschriften 15 en 34 van die Bijlage wat betreft lozingen in bijzondere gebieden van toepassing zijn;
|
||||
b. in de overige bijzondere gebieden, bedoeld in voorschrift 1 van die Bijlage, de voorschriften 15 en 34 van die Bijlage wat betreft lozingen buiten bijzondere gebieden van toepassing zijn, en in deze gebieden de voorschriften 15 en 34 wat betreft lozingen in bijzondere gebieden van toepassing worden op een nader bij besluit van Onze Minister vast te stellen tijdstip, dat wordt bekendgemaakt in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
|
@ -299,9 +301,11 @@ Het lozen van lens- of ballastwater of andere restanten of mengsels die alleen s
|
|||
|
||||
Het is verboden vanaf een schip vuilnis als bedoeld in voorschrift 1 van Bijlage V van het Verdrag in zee te lozen, anders dan met inachtneming van de in die Bijlage gegeven voorschriften, met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
a. in het gebied van de Oostzee, het Golfgebied, het gebied van de Noordzee, bedoeld in voorschrift 5 van die Bijlage, en in het Antarctisch gebied voorschrift 5 van die Bijlage van toepassing is;
|
||||
a. in het gebied van de Middellandse Zee, het gebied van de Oostzee, het Golfgebied, het gebied van de Noordzee en het Caraïbisch gebied, bedoeld in voorschrift 5 van die Bijlage, en in het Antarctisch gebied voorschrift 5 van die Bijlage van toepassing is;
|
||||
b. in de overige bijzondere gebieden, bedoeld in voorschrift 5 van die Bijlage, voorschrift 3 van die Bijlage van toepassing is, en in deze gebieden voorschrift 5 van die Bijlage van toepassing wordt op een nader bij besluit van Onze Minister vast te stellen tijdstip, dat wordt bekendgemaakt in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
**6.** Voor de toepassing van de op grond van dit artikel toepasselijke voorschriften van het Verdrag wordt verstaan onder Administratie: Onze Minister.
|
||||
|
||||
### Artikel 30
|
||||
|
||||
**1.** Het is verboden vanaf een schip dat zich in het Antarctisch gebied bevindt, sanitair afval te lozen anders dan met inachtneming van de in Bijlage IV van het op 4 oktober 1991 te Madrid tot stand gekomen Protocol betreffende milieubescherming bij het Verdrag inzake Antarctica, met Bijlagen (Trb. 1992, 110) gegeven voorschriften, met dien verstande dat voor de toepassing van die voorschriften onder «lozingen in zee van onbehandeld sanitair afval» wordt verstaan «lozingen van sanitair afval die niet voldoen aan voorschrift 11.1.2 van Bijlage IV van het MARPOL-verdrag» en onder «personen» wordt verstaan «passagiers».
|
||||
|
|
@ -323,18 +327,7 @@ b. afval en andere stoffen als bedoeld in voorschrift 16 van Bijlage VI van het
|
|||
|
||||
### Artikel 31a
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het is verboden met een schip ballastwater of sediment uit ballastwater in te nemen of te lozen, tenzij:
|
||||
|
||||
a. deze inname of lozing in overeenstemming is met het bepaalde in de bijlage bij het Ballastwaterverdrag, de krachtens artikel 8, tweede lid gestelde voorschriften, of op grond van artikel 9, tweede lid toegestane afwijkingen van de bijlage bij het Ballastwaterverdrag;
|
||||
b. deze inname of lozing in overeenstemming is met de krachtens artikel 38, tweede lid, gestelde voorschriften;
|
||||
c. deze inname of lozing plaatsvindt om ballastwater te wisselen in een krachtens artikel 33a, tweede lid, aangewezen gebied, in overeenstemming met de krachtens dat artikel gestelde voorschriften, of
|
||||
d. voor het desbetreffende schip in overeenstemming met het Ballastwaterverdrag een vrijstelling of ontheffing is verleend als bedoeld in artikel 35 van de wet.
|
||||
|
||||
**2.** Het is verboden met een schip ballastwater te lozen gedurende een nadere inspectie als bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de Wet havenstaatcontrole of voor zolang het schip op grond van artikel 20 of 21 van de wet of artikel 7 van de Wet havenstaatcontrole is aangehouden.
|
||||
|
||||
**3.** Het eerste lid is ook van toepassing op buitenlandse schepen gedurende de tijd dat deze zich bevinden op de Nederlandse binnenwateren.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 32
|
||||
|
||||
|
|
@ -364,6 +357,10 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
|||
|
||||
**2.** De kapitein draagt er zorg voor dat aan boord van een schip in het Antarctisch gebied geen stoffen als bedoeld in voorschrift 43 van Bijlage I van het Verdrag als brandstof worden gebruikt anders dan met inachtneming van dit voorschrift.
|
||||
|
||||
### Artikel 34a
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 35
|
||||
|
||||
**1.** De kapitein van een schip dat een haven aandoet die is aangewezen krachtens artikel 6, eerste lid, van de wet geeft restanten van schadelijke vloeistoffen af bij een havenontvangstvoorziening voorzover afgifte daarvan verplicht is ingevolge de in Bijlage II van het Verdrag gegeven voorschriften.
|
||||
|
|
@ -393,11 +390,13 @@ draagt er zorg voor dat aan boord het vuilnisjournaal, bedoeld in voorschrift 9
|
|||
|
||||
**6.** De kapitein van een schip dat verschillende soorten brandstofolie gebruikt teneinde te voldoen aan voorschrift 14 van Bijlage VI van het Verdrag draagt er zorg voor dat aan boord een journaal wordt bijgehouden met inachtneming van hetgeen dienaangaande in dat voorschrift is bepaald.
|
||||
|
||||
**7.** Onze Minister maakt aantekeningen in het ladingjournaal overeenkomstig de in Bijlage II van het Verdrag gegeven voorschriften.
|
||||
**7.** De kapitein van een schip waarop voorschrift 6.1 van Bijlage VI van het Verdrag van toepassing is en dat navulbare systemen heeft die ozonlaagaantastende stoffen bevatten, draagt er zorg voor dat aan boord het journaal met betrekking tot ozonlaagaantastende stoffen, bedoeld in voorschrift 12 van bijlage VI van het Verdrag, wordt bijgehouden met inachtneming van hetgeen dienaangaande in dat voorschrift is bepaald.
|
||||
|
||||
**8.** Onze Minister maakt aantekeningen in het ladingjournaal overeenkomstig de in Bijlage II van het Verdrag gegeven voorschriften.
|
||||
|
||||
### Artikel 36a
|
||||
|
||||
De kapitein van een schip waarop de in artikel 7a bedoelde eisen van toepassing zijn, houdt een ballastwaterjournaal bij overeenkomstig het bepaalde in voorschrift B-2 van de bijlage bij het Ballastwaterverdrag.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 37
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue