diff --git a/ministeriele-regeling/regeling-specifieke-uitkering-covid-19-vaccinatie/BWBR0048308/README.md b/ministeriele-regeling/regeling-specifieke-uitkering-covid-19-vaccinatie/BWBR0048308/README.md index e7316066347..9a5096f3d57 100644 --- a/ministeriele-regeling/regeling-specifieke-uitkering-covid-19-vaccinatie/BWBR0048308/README.md +++ b/ministeriele-regeling/regeling-specifieke-uitkering-covid-19-vaccinatie/BWBR0048308/README.md @@ -14,15 +14,20 @@ citeertitel: Regeling specifieke uitkering COVID-19-vaccinatie In deze regeling wordt verstaan onder: -- *COVID-19-vaccinatieprogramma:* een door de minister met de GGD’en afgestemde hoeveelheid aan COVID-19-vaccinaties die wekelijks voor bepaalde doelgroepen beschikbaar moet zijn; +- *basiscapaciteit COVID-19-vaccinatie:* een door de Minister met de GGD’en afgestemde hoeveelheid aan COVID-19-vaccinaties die wekelijks beschikbaar moeten zijn; - *dienst van algemeen economisch belang:* dienst als bedoeld in artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie; - *Gezondheidsraad:* de Gezondheidsraad, genoemd in artikel 21 van de Gezondheidswet; - *GGD:* gemeentelijke gezondheidsdienst als bedoeld in artikel 14 van de Wet publieke gezondheid; - *infrastructuur:* voorzieningen benodigd voor het kunnen aanbieden, uitvoeren en registreren van COVID-19-vaccinaties; - *Minister:* de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; +- *medische dienst:* staf van artsen werkzaam in een zorginstelling die de medische eindverantwoordelijkheid dragen voor de bewoners van de zorginstelling; +- *mobiele vaccinatieteams:* de door GGD’en ingezette teams van zorgverleners die niet gebonden zijn aan een vaste vaccinatielocatie, maar ingezet worden voor het vaccineren van patiënten woonachtig in zorginstellingen zonder eigen medische dienst en niet-mobiele thuiswonenden of andere specifieke groepen die moeilijk bereikt kunnen worden; +- *niet-mobiele thuiswonenden:* personen die thuis wonen en niet vervoerd kunnen worden of alleen liggend per ambulance vervoerd kunnen worden; +- *OMT-V:* Outbreak Management Team Vaccinatie; - *RIVM:* Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport genoemd in artikel 2 van de Wet op het RIVM; - *SiSa:* Single information, Single audit, eenmalige informatieverstrekking, eenmalige accountantscontrole als wijze waarop provincies, gemeenten en gemeenschappelijke regelingen zich jaarlijks verantwoorden over de besteding van specifieke uitkeringen of provinciale middelen; -- *uitkering:* een specifieke uitkering als bedoeld in artikel 15a van de Financiële-verhoudingswet. +- *uitkering:* een specifieke uitkering als bedoeld in artikel 15a van de Financiële-verhoudingswet; +- *zorginstelling:* instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder f, van de Wet toelating zorginstellingen. ### Artikel 2 @@ -32,23 +37,19 @@ In deze regeling wordt verstaan onder: ### Artikel 3 -**1.** De minister verstrekt per GGD een uitkering voor de periode van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2025 voor het toedienen van COVID-19-vaccinaties in het kader van het COVID-19-vaccinatieprogramma. +**1.** De Minister verstrekt per GGD een uitkering voor het toedienen van COVID-19-vaccinaties conform de basiscapaciteit COVID-19-vaccinatie en het in stand houden van een infrastructuur in de periode van 1 juli 2023 tot en met 31 december 2023. -**2.** De GGD kan de infrastructuur die specifiek voor COVID-19-vaccinaties is opgebouwd, in de periode van 1 september 2025 tot en met 31 december 2025 inzetten voor andere activiteiten, voor zover het activiteiten zijn die vallen onder de algemene infectieziektebestrijding op grond van artikel 6, eerste lid, van de Wet publieke gezondheid. - -**3.** De hoogte van de uitkering wordt bepaald op basis van een vast bedrag per toegediende vaccinatie ter hoogte van € 25,89. - -**4.** Indien de kostprijs van een GGD voor het toedienen van een COVID-19-vaccinatie hoger ligt dan het in het eerste lid genoemde bedrag, ontvangt de desbetreffende GGD een aanvullende uitkering van ten hoogste het bedrag zoals genoemd in de vierde kolom van de tabel in de bijlage bij deze regeling. - -**5.** De uitkering per GGD voor het toedienen van COVID-19-vaccinaties bedraagt ten hoogste het bedrag zoals genoemd in de vijfde kolom van de tabel in de bijlage bij deze regeling. +**2.** De uitkering per GGD bedraagt ten hoogste het bedrag zoals genoemd in de tweede kolom van de tabel in de bijlage bij deze regeling. ### Artikel 4 -Vervallen +**1.** De Minister kan naar aanleiding van een advies van de Gezondheidsraad of het OMT-V, in aanvulling op de uitkering, bedoeld in artikel 3, eerste lid, aan een GGD een uitkering verstrekken voor het toedienen van vaccinaties in het kader van een COVID-19-vaccinatiecampagne en de daarbij benodigde opschaling van de infrastructuur. + +**2.** De uitkering per GGD bedraagt ten hoogste het bedrag zoals genoemd in de derde kolom van de tabel in de bijlage bij deze regeling. ### Artikel 5 -De GGD wordt voor het uitvoeren van de activiteiten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, belast met een dienst van algemeen economisch belang. +De activiteiten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, en artikel 4, eerste lid, worden aangewezen als dienst van algemeen economisch belang, met de uitvoering waarvan wordt belast de GGD die daarvoor een uitkering ontvangt. ### Artikel 6 @@ -56,46 +57,50 @@ Er wordt geen uitkering verstrekt aan een GGD voor activiteiten waarvoor hij al ### Artikel 7 -**1.** De aanvraag tot verlening van een specifieke uitkering als bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt uiterlijk op 31 augustus 2025 ontvangen. +**1.** De Minister verleent de uitkering, bedoeld in artikel 3, eerste lid, ambtshalve uiterlijk 31 juli 2023. -**2.** Voor de aanvraag tot verlening wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt. +**2.** De Minister verleent de aanvullende uitkering, bedoeld in artikel 4, eerste lid, op aanvraag. -**3.** De minister beslist binnen 13 weken na sluiting van de aanvraagtermijn, genoemd in het eerste lid, op een aanvraag tot verlening van een specifieke uitkering. +**3.** Voor de aanvraag, bedoeld in het tweede lid, wordt een door de Minister vastgesteld formulier gebruikt. -**4.** Het besluit tot verlening vermeldt in elk geval voor welke activiteiten de uitkering wordt verleend, het bedrag van de uitkering, de periode waarvoor de uitkering wordt verleend en de wijze waarop de verantwoording plaatsvindt. +**4.** De termijn voor het indienen van de aanvraag, bedoeld in het tweede lid, bedraagt 6 weken en vangt aan met ingang van de dag na die waarop de Minister zijn besluit tot een COVID-19-vaccinatiecampagne aan de GGD heeft bekendgemaakt. -**5.** De Minister verleent bij het besluit tot verlening van de uitkering een voorschot van 100% dat in één keer wordt betaald. +**5.** De Minister besluit binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag, bedoeld in het tweede lid. + +**6.** Het besluit tot verlening vermeldt in elk geval voor welke activiteiten de uitkering wordt verleend, het bedrag van de uitkering, de periode waarvoor de uitkering wordt verleend en de wijze waarop de verantwoording plaatsvindt. + +**7.** De Minister verleent bij het besluit tot verlening van de uitkering een voorschot van 100% dat in één keer wordt betaald. ### Artikel 8 -**1.** De GGD doet de Minister uiterlijk 4 weken na afloop van elk kwartaal na ontvangst van een uitkering verslag over het toegediende aantal vaccinaties. +**1.** De GGD doet de Minister uiterlijk 4 weken na afloop van elk kwartaal na ontvangst van een uitkering verslag over de realisatiecijfers van de activiteiten waarvoor de uitkering is verstrekt, volgens een door de Minister vastgesteld format. -**2.** Onverminderd het eerste lid informeert de GGD de Minister op verzoek over de voortgang van de activiteiten en de daaraan verbonden aantallen en kosten waarvoor een uitkering is verleend. +**2.** Onverminderd het eerste lid informeert de GGD de Minister op verzoek over de voortgang van de activiteiten en de daaraan verbonden kosten waarvoor een uitkering is verleend. -**3.** Indien de GGD de infrastructuur die specifiek voor COVID-19-vaccinaties is opgebouwd, inzet voor activiteiten als bedoeld in artikel 3, tweede lid, doet de GGD hiervan onverwijld schriftelijk mededeling aan de Minister. +**3.** De GGD vraagt schriftelijke toestemming aan de Minister om de infrastructuur, waarvoor een uitkering is verstrekt, in te zetten voor vaccinaties anders dan COVID-19-vaccinaties. **4.** -De GGD draagt er zorg voor: +In het kader van de aanvullende uitkering, als bedoeld in artikel 4, eerste lid, draagt de GGD er zorg voor: -a. dat de organisatie, voortgang en planning van het toedienen van COVID-19-vaccinaties onder regie van het RIVM wordt uitgevoerd; -b. dat zij meewerkt aan de voorlichting over COVID-19-vaccinaties door het RIVM, die door de Minister of door een andere organisatie in opdracht van de Minister wordt uitgevoerd. +a. dat de organisatie, voortgang en planning van het toedienen van COVID-19-vaccinaties in het kader van een vaccinatiecampagne onder regie van het RIVM wordt uitgevoerd; +b. dat zij meewerkt aan de voorlichting door het RIVM over de vaccinatiecampagne, die door de Minister of door een andere organisaties in opdracht van de Minister wordt uitgevoerd. + +**5.** In aanvulling op het vierde lid kan de Minister bij de verlening van de aanvullende uitkering, bedoeld in artikel 4, eerste lid, nadere verplichtingen opleggen. ### Artikel 9 **1.** De GGD legt verantwoording af over de besteding van de uitkering op de wijze als bepaald in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet. -**2.** Indien de GGD de infrastructuur die specifiek voor COVID-19-vaccinaties is opgebouwd, inzet voor activiteiten als bedoeld in artikel 3, tweede lid, rekent de GGD de aan de infrastructuur verbonden kosten naar verhouding toe aan deze andere inzet. +**2.** In geval de GGD de infrastructuur voor vaccinaties anders dan COVID-19-vaccinaties inzet, rekent de GGD de aan de infrastructuur verbonden kosten naar verhouding toe aan deze andere inzet. ### Artikel 10 **1.** De Minister besluit uiterlijk 37 weken na ontvangst van de informatie ten behoeve van de verantwoording, bedoeld in artikel 9, eerste lid, over de vaststelling van de uitkering. -**2.** De uitkering wordt vastgesteld op het in artikel 3, derde lid, genoemde bedrag per toegediende vaccinatie, voor ten hoogste het maximum aantal vaccinaties dat door de minister bij de verlening is genoemd en ten laagste 75% van het in de verleningsbeschikking genoemde uitkeringsbedrag. +**2.** Indien de activiteiten waarvoor de uitkering is verleend zijn uitgevoerd en daarnaast volledig is voldaan aan de verplichtingen die verbonden zijn aan de uitkering, wordt de uitkering vastgesteld op het bedrag dat bestaat uit de gerealiseerde kosten, tot ten hoogste het in de verleningsbeschikking genoemde bedrag. -**3.** In afwijking van het tweede lid wordt de uitkering aan een GGD die een aanvullende uitkering heeft ontvangen als bedoeld in artikel 3, vierde lid, vastgesteld op een bedrag per toegediende vaccinatie waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd, voor ten hoogste het maximum aantal vaccinaties dat is genoemd in de tweede kolom van de tabel in de bijlage bij deze regeling en ten laagste 85% van het in de verleningsbeschikkin genoemde bedrag. - -**4.** Indien de informatie ten behoeve van de verantwoording te laat, niet of niet volledig wordt verstrekt, kan de Minister de uitkering op een lager bedrag vaststellen, aan de hand van de gegevens die tot het besluit tot vaststelling beschikbaar zijn gesteld. +**3.** Indien de informatie ten behoeve van de verantwoording te laat, niet of niet volledig wordt verstrekt, kan de Minister de uitkering op een lager bedrag vaststellen, aan de hand van de gegevens die tot het besluit tot vaststelling beschikbaar zijn gesteld. ### Artikel 11 @@ -105,14 +110,16 @@ De Minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten **1.** Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2023. Indien de Staatscourant waarin deze regeling wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 30 juni 2023, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en werkt zij terug tot en met 1 juli 2023. -**2.** Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2029 met dien verstande dat de regeling van toepassing blijft op uitkeringen die op grond van de regeling zijn verleend. +**2.** Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2026 met dien verstande dat de regeling van toepassing blijft op uitkeringen die op grond van de regeling zijn verleend. ### Artikel 13 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling specifieke uitkering COVID-19-vaccinatie. -## Bijlage . Tabel met het maximale uitkeringsbedrag per GGD voor de periode van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2025 (bijlage als bedoeld in +## Bijlage . Lijst van maximale uitkeringsbedragen per GGD voor het in stand houden van de infrastructuur ten behoeve van de basiscapaciteit COVID-19-vaccinatie -Onderstaand is een lijst opgenomen waarin de GGD’en staan en het maximale uitkeringsbedrag dat zij kunnen ontvangen op grond van artikel 3, vijfde lid, voor de periode 1 januari 2025 tot en met 31 december 2025. +Onderstaand is een lijst opgenomen waarin GGD’en staan en het maximale uitkeringsbedrag dat zij kunnen ontvangen op grond van artikel 3, eerste lid, en artikel 4, eerste lid. -De bedragen zijn per GGD gebaseerd op het door het RIVM geprognotiseerde aantal vaccinaties per GGD en de vergoeding per vaccinatie (artikel 3, derde lid). De vastgestelde aantallen bestaan uit: +De bedragen zijn per GGD gebaseerd op door hen ingediende en met het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport afgestemde begrotingen. Voor de uitkering basiscapaciteit COVID-19-vaccinatie is in de begrotingen rekening gehouden met het kunnen faciliteren van 10.000 vaccinaties per week met opschalingsmogelijkheid. + +Voor de aanvullende uitkering COVID-19-vaccinatie is rekening gehouden met 300.000 vaccinaties per week in een periode van 12 weken als wordt besloten tot een vaccinatiecampagne. Hierbij is rekening gehouden met een doelgroep die vergelijkbaar is met de doelgroep van de najaarsronde voor COVID-19-vaccinaties in 2022, met een opkomstpercentage van 59%.