From 39752ea4c798d6c296d7623e0a5797389c1a1e19 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Thu, 31 Mar 2011 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2011-03-31 | BWBR0012288 | Vreemdelingencirculaire 2000 (C) --- .../BWBR0012288/README.md | 90 ++++--------------- 1 file changed, 15 insertions(+), 75 deletions(-) diff --git a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md index 7059cfdcda3..60053afbfa4 100644 --- a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md +++ b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-c/BWBR0012288/README.md @@ -2359,6 +2359,8 @@ Tijdens de gehele procedure kan de vreemdeling zich op grond van artikel 2:1 Awb Indien de vreemdeling zich wil laten bijstaan door een advocaat, wordt deze aangemerkt als gemachtigde, indien hij verklaart bepaaldelijk door de vreemdeling te zijn gemachtigd. +### 4. Beslissen op asielaanvragen van Amv’s + ## 11. De rust- en voorbereidingstermijn ### 1. Algemeen @@ -2778,6 +2780,8 @@ Vreemdelingen kunnen verzoeken om te worden gehoord door een vrouwelijke of mann Bij het horen van de vreemdeling wordt, indien relevant, rekening gehouden met het medisch advies dat ten aanzien van de vreemdeling is gegeven (zie C11/6). +#### 1.1. Het horen van Amv’s + ### 2. Het eerste gehoor #### 2.1. Algemeen @@ -5791,93 +5795,29 @@ Ten aanzien van asielzoekers uit Iran geldt geen besluit in de zin van artikel 4 #### 1. Achtergrond -Deze landenparagraaf bevat het landgebonden asielbeleid voor Ivoorkust. Het landgebonden asielbeleid is een uitwerking van het algemene beleid van C1 tot en met C23 en kan niet worden gezien als een uitzonderingsregeling. De algemene wet- en regelgeving blijft steeds de basis voor de individuele beoordeling van een asielaanvraag. - -De beleidsconclusies in deze landenparagraaf zijn mede gebaseerd op het algemeen ambtsbericht van de Minister van BuZa van januari 2010 over de situatie in Ivoorkust (zie de website van het Ministerie van BuZa). - -Naar aanleiding van dit ambtsbericht waaruit blijkt dat de situatie in Ivoorkust in de in het ambtsbericht beschreven periode aan het verbeteren is en het verrichte onderzoek naar het beleid inzake Ivoorkust in de ons omringende landen, is de Voorzitter van de Tweede Kamer bij brief van 30 juni 2010 op de hoogte gebracht van het besluit om het op 28 november 2005 ingestelde beleid van categoriale bescherming ten aanzien van Ivoorkust, te beëindigen. +Deze landenparagraaf bevat het landgebonden asielbeleid voor Ivoorkust. Het landgebonden asielbeleid is een uitwerking van het algemene beleid van C1 tot en met C22 en kan niet worden gezien als een uitzonderingsregeling. De algemene wet- en regelgeving blijft steeds de basis voor de individuele beoordeling van een asielaanvraag. #### 2. Besluitmoratorium -Ten aanzien van asielzoekers uit Ivoorkust geldt geen besluit in de zin van artikel 43 Vw. +Ten aanzien van asielaanvragen van vreemdelingen afkomstig uit Ivoorkust geldt een besluit in de zin van artikel 43 Vw Het besluit tot het instellen hiervan is gepubliceerd op dezelfde datum als onderhavig Wijzigingsbesluit Vreemdelingencirculaire. Het besluitmoratorium heeft een geldigheidsduur van zes maanden. Dit betekent dat tot en met het einde van deze termijn de individuele beslistermijn van aanvragen waarvan die termijn nog niet is volgelopen, wordt verlengd met ten hoogste één jaar. Voorts kan het voorkomen dat (ook) de (verlengde) beslistermijn reeds is verstreken. Echter, het ligt voor de hand dat het ook niet mogelijk is zorgvuldig te beslissen op deze aanvragen. Zie C19/5 voor de gevallen waarin nog wel kan worden beslist. Onder de werking van het besluitmoratorium zullen de individuele vreemdelingen wel in de gelegenheid worden gesteld zich omtrent de asielaanvraag te doen horen. -#### 3. Groepen van personen die verhoogde aandacht vragen +#### 3. Vertrekmoratorium -##### 3.1. Etnische groepen en minderheden +##### 3.1. Inleiding -Indien de vreemdeling aannemelijk maakt dat hij vanwege zijn etnische afkomst te vrezen heeft voor vervolging in de zin van het Vluchtelingenverdrag kan hij op grond van artikel 29, eerste lid, onder a, Vw in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Hierbij wordt niet van de vreemdeling verlangd dat hij zich tot de autoriteiten heeft gewend voor bescherming. +Ten aanzien van asielzoekers uit Ivoorkust geldt een besluit in de zin van artikel 45, vierde lid, Vw Het besluit tot het instellen hiervan is gepubliceerd op dezelfde datum als onderhavig Wijzigingsbesluit Vreemdelingencirculaire. Het vertrekmoratorium heeft een geldigheidsduur van zes maanden. C22/6 is van toepassing. -##### 3.2. Vrouwen +##### 3.2. Voortgezet recht op opvang -Het algemene beleid, zoals onder andere weergegeven in C2/2.11, C2/3.2 en C14/3.3 is van toepassing. +Het vertrekmoratorium heeft tot gevolg dat de opvang van de asielzoeker die het betreft en van wie de vertrektermijn reeds is verstreken, niet wordt beëindigd. Dit voortgezet recht op opvang volgt van rechtswege uit het besluit zoals gepubliceerd in de Staatscourant. Het voortgezet recht op opvang eindigt tevens van rechtswege wanneer het vertrekmoratorium eindigt. -*(Seksueel) geweld tegen vrouwen* +Gedurende het vertrekmoratorium wordt de vreemdeling geacht, conform artikel 45, vijfde lid, Vw, rechtmatig verblijf te hebben als bedoeld in artikel 8, onder j, Vw. Het is niet noodzakelijk dat door deze personen een nieuwe asielaanvraag wordt ingediend. Voor zover betrokkene niet (meer) in het bezit is van een document, dient een document te worden verstrekt (zie artikel 3.5 VV). Asielzoekers die een asielaanvraag hebben ingediend waarop nog niet onherroepelijk is beslist, maar die geen rechtmatig verblijf in Nederland hebben, worden daarmee tevens geacht rechtmatig verblijf te hebben, indien zij onder de reikwijdte van het vertrekmoratorium vallen. Dit betekent dat asielzoekers die onder het vertrekmoratorium vallen, niet langer belang hebben bij een eerder ingediend verzoek om een voorlopige voorziening voor zover dit verzoek is gericht op het voorkomen van de verwijdering of de beëindiging van de voorzieningen. -Vrouwen en meisjes die aannemelijk hebben gemaakt dat zij te vrezen hebben voor (seksuele) geweldpleging in Ivoorkust, kunnen op grond van artikel 29, eerste lid, onder b, Vw in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Hierbij wordt niet van de vreemdeling verlangd dat zij zich tot de autoriteiten heeft gewend voor bescherming. +##### 3.3. Verkrijgen van opvang wanneer de opvang reeds was beëindigd -*Genitale verminking* +Om opnieuw voor opvang in aanmerking te komen, is geen nieuwe asielaanvraag noodzakelijk. Wel moet men eerder een asielaanvraag hebben ingediend en moet men zich melden bij het AC Ter Apel om voor opvang in aanmerking te komen. Om logistieke redenen kan na de aanmelding worden besloten betrokkene door te verwijzen naar de Centrale Ontvangstlocatie van het COA, alvorens te beoordelen of betrokkene conform het geldende vertrekmoratorium in aanmerking komt voor opvang. -Indien een vrouw nog niet besneden is en dit in haar land van herkomst niet kan ontlopen, kan sprake zijn van een reëel risico voor een schending van artikel 3 EVRM. In die situatie kan op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, Vw een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd worden verleend. Hierbij wordt niet van de vreemdeling verlangd dat zij zich tot de autoriteiten heeft gewend voor bescherming. - -##### 3.3. Minderjarigen - -Minderjarigen die aannemelijk hebben gemaakt dat zij te vrezen hebben voor (seksuele) geweldpleging of andere mensenrechtenschendingen in Ivoorkust, kunnen conform het algemene beleid terzake op grond van artikel 29, eerste lid, onder b, Vw in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Hierbij wordt niet van de vreemdeling verlangd dat hij zich tot de autoriteiten heeft gewend voor bescherming. Bij de beoordeling wordt rekening gehouden met de minderjarigheid van betrokkene. - -##### 3.4. Homoseksuelen - -Het algemene beleid, zoals weergegeven in C2/2.10.2 is van toepassing. - -Homoseksualiteit is op zichzelf geen reden voor de verlening van een verblijfsvergunning asiel bepaalde tijd. Indien de vreemdeling zich beroept op discriminatie en deze discriminatie is aan te merken als vervolging in de zin van het Vluchtelingenverdrag (zie C2/2.5), kan de vreemdeling op grond van artikel 29, eerste lid, onder a, Vw in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Hierbij wordt niet van de vreemdeling verlangd dat hij zich heeft gewend tot de autoriteiten voor bescherming. - -##### 3.5. Dienstplichtigen en deserteurs - -Het algemene beleid, zoals weergegeven in C2/2.12 is van toepassing. - -#### 4. Traumatabeleid - -Het algemene beleid, zoals weergegeven in C2/4.3 is van toepassing. - -#### 5. Categoriale bescherming - -De beschrijving van de algehele veiligheidssituatie in het ambtsbericht van de Minister van BuZa leidt tot de conclusie dat de veiligheidssituatie in Ivoorkust aan het verbeteren is. Daarnaast voeren de ons omringende landen, met name Duitsland, België, het Verenigd Koninkrijk, Zweden en Denemarken geen bijzonder beleid voor asielzoekers uit Ivoorkust. Om die reden is het categoriaal beschermingsbeleid beëindigd. Asielzoekers uit Ivoorkust komen dan ook niet langer op grond van artikel 29, eerste lid, onder d, Vw in aanmerking voor een verblijfsvergunning asiel (zie C2/5). - -*Verblijfsbeëindiging* - -Met betrekking tot vreemdelingen die in het bezit zijn van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd die is verleend op grond van artikel 29, eerste lid, onder d, Vw, zal een herbeoordeling van de verleende verblijfsvergunning plaatsvinden. Indien deze herbeoordeling niet tot gevolg heeft dat wordt geoordeeld dat de vreemdeling op basis van één van de andere gronden van artikel 29, eerste lid, Vw verblijf toekomt, zal de verblijfsvergunning worden ingetrokken, dan wel de aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd worden afgewezen. Dit geldt overeenkomstig voor de houders van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd die is verleend op grond van artikel 29, eerste lid, onder e of f, Vw en waarbij de verblijfsvergunning van de hoofdpersoon op grond van het bovenstaande wordt ingetrokken. - -Verlening van een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd zal op normale wijze plaatsvinden indien de geldigheid van de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd is verlopen voorafgaand aan de beëindiging van het beleid van categoriale bescherming, voor zover de vreemdeling ook aan de overige vereisten voor verlening voldoet. - -#### 6. Verdere beleidsconclusies en aandachtspunten - -##### 6.1. Vlucht- en/of vestigingsalternatief - -Het algemene beleid, zoals weergegeven in C4/2.3.1 is van toepassing. - -##### 6.2. Veilig land van herkomst - -Ivoorkust wordt niet beschouwd als veilig land van herkomst. - -##### 6.3. Veilig derde land / land van eerder verblijf - -Ivoorkust wordt niet beschouwd als veilig derde land. - -##### 6.4. Artikel 1F Vluchtelingenverdrag - -Het beleid zoals neergelegd in C4/3.11.3 is van toepassing. Voor de procedure omtrent getuigen van oorlogsmisdrijven en misdrijven tegen de menselijkheid wordt verwezen naar C10/1. - -##### 6.5. Algehele veiligheidssituatie - -Uit het algemeen ambtsbericht van de Minister van BuZa blijkt dat de algehele veiligheidssituatie in Ivoorkust met name gedurende de laatste maanden van de verslagperiode is verbeterd. De veiligheidssituatie blijft niettemin kwetsbaar, vooral in het noorden en westen van het land. - -Er is in Ivoorkust geen sprake van een uitzonderlijke situatie in de zin van artikel 3 EVRM. De algemene situatie is niet zodanig dat ten aanzien van elke asielzoeker uit Ivoorkust zwaarwegende gronden bestaan om aan te nemen dat hij of zij bij terugkeer naar Ivoorkust enkel door zijn of haar aanwezigheid aldaar een reëel risico loopt het slachtoffer te worden van een behandeling als bedoeld in artikel 3 EVRM. - -#### 7. Opvangmogelijkheden Amv’s - -Ten aanzien van Amv’s uit Ivoorkust kan niet op voorhand worden geconcludeerd dat adequate opvang aanwezig is. De aanwezigheid van adequate opvang dient per individueel geval te worden vastgesteld. Het algemene beleid is van toepassing. Bij de feitelijke terugkeer moet de toegang tot een concrete opvangplaats geregeld zijn, tenzij betrokkene zich zelfstandig kan handhaven. - -#### 8. Vertrekmoratorium - -Ten aanzien van asielzoekers uit Ivoorkust geldt geen besluit in de zin van artikel 45, vierde lid, Vw. +Vreemdelingen die niet reeds in de opvang verblijven en die reeds voorafgaand aan de instelling van het vertrekmoratorium een tweede of volgende aanvraag hebben ingediend, welke nog niet heeft geleid tot een onherroepelijke afwijzing, kunnen zich ter verkrijging van opvang eveneens melden bij het AC Ter Apel. ### [14]. Het asielbeleid ten aanzien van Jemen