2020-09-01 | BWBR0032136 | Besluit bewapening en uitrusting politie
This commit is contained in:
parent
0ab2eb29e6
commit
3a146641f5
1 changed files with 23 additions and 48 deletions
|
|
@ -16,14 +16,16 @@ citeertitel: Besluit bewapening en uitrusting politie
|
|||
|
||||
In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
a. *ambtenaar:* de ambtenaar van politie, bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van de Politiewet 2012, met de rang hoger dan die van surveillant van politie;
|
||||
a. *ambtenaar:* de ambtenaar van politie, bedoeld in artikel 2, onderdeel a of c, van de Politiewet 2012, met een rang als bedoeld in artikel 1, onderdelen a tot en met h, van het Besluit rangen politie;
|
||||
b. *pistool:* semi-automatisch pistool, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter;
|
||||
c. *semi-automatisch schoudervuurwapen:* semi-automatisch schoudervuurwapen, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter;
|
||||
d. *automatisch schoudervuurwapen:* automatisch schoudervuurwapen, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter;
|
||||
e. *granaatwerper:* een granaatwerper, kaliber 40mm;
|
||||
f. *repeteervuurwapen:* een repeteervuurwapen, kaliber 12;
|
||||
g. *pepperspray:* spuitbus met Oleoresin Capsicum (OC);
|
||||
h. *aanhoudings- en ondersteuningsteam:* een aanhoudings- en ondersteuningsteam als bedoeld in artikel 11, onder a, van het Besluit beheer politie.
|
||||
h. *aanhoudings- en ondersteuningsteam:* een aanhoudings- en ondersteuningsteam als bedoeld in artikel 11, onder a, van het Besluit beheer politie;
|
||||
i. *aspirant:* de persoon, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdelen b en tt, van het Besluit algemene rechtspositie politie;
|
||||
j. *surveillant van politie:* de ambtenaar van politie, bedoeld in artikel 2, onderdelen a of c, van de Politiewet 2012, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, met de rang, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel i, van het Besluit rangen politie.
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
|
|
@ -100,13 +102,13 @@ b. pepperspray.
|
|||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De bewapening van de surveillant van politie bestaat mede uit het pistool:
|
||||
De bewapening van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, bestaat mede uit het pistool:
|
||||
|
||||
a. tijdens de uitoefening van de taken ten dienste van de justitie, genoemd in artikel 1, eerste lid, onderdeel i, onder 3°, van de Politiewet 2012;
|
||||
b. tijdens de uitvoering van een last voor de tenuitvoerlegging van beslissingen als bedoeld in artikel 6:1:5, van het Wetboek van Strafvordering;
|
||||
c. voor de duur van het gedeelte van de opleiding dat in het korps wordt doorgebracht tijdens de uitoefening van de dienst, indien de surveillant van politie een opleiding volgt op een niveau dat overeenkomt met niveau 3 of hoger als bedoeld in artikel 7.2.2, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of op een niveau dat op grond van artikel 7.10a of artikel 7.10b van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek recht geeft op het voeren van de graad Associate degree, Bachelor of Master.
|
||||
c. tijdens de uitoefening van zijn dienst in de beroepspraktijkvorming, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel gg, van het Besluit algemene rechtspositie politie, indien hij een opleiding volgt op een niveau dat overeenkomt met niveau 3 of hoger als bedoeld in artikel 7.2.2, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of op een niveau dat op grond van artikel 7.10a of artikel 7.10b van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek recht geeft op het voeren van de graad Associate degree, Bachelor of Master.
|
||||
|
||||
**3.** In andere gevallen dan bedoeld in het tweede lid, is het bewapenen van de surveillant van politie met het pistool alleen toegestaan indien Onze Minister daarvoor, op verzoek van de korpschef, toestemming heeft verleend. Aan deze toestemming kunnen voorwaarden worden verbonden.
|
||||
**3.** In andere gevallen dan bedoeld in het tweede lid, is het bewapenen van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid met het pistool alleen toegestaan indien Onze Minister daarvoor, op verzoek van de korpschef, toestemming heeft verleend. Aan deze toestemming kunnen voorwaarden worden verbonden.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -132,16 +134,16 @@ d. een schild.
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De bewapening van de aspirant bestaat in het gedeelte van de opleiding dat in het korps wordt doorgebracht tijdens de uitoefening van de dienst uit:
|
||||
De bewapening van de aspirant bestaat tijdens de uitoefening van de dienst in de beroepspraktijkvorming, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel gg, van het Besluit algemene rechtspositie politie uit:
|
||||
|
||||
a. een korte wapenstok;
|
||||
b. pepperspray.
|
||||
|
||||
**2.** De bewapening van de aspirant die een opleiding volgt op een niveau dat overeenkomt met niveau 3 of hoger als bedoeld in artikel 7.2.2, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of op een niveau dat op grond van artikel 7.10a of artikel 7.10b van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek recht geeft op het voeren van de graad Associate degree, Bachelor of Master, bestaat in het gedeelte van de opleiding dat in het korps wordt doorgebracht tijdens de uitoefening van de dienst mede uit het pistool.
|
||||
**2.** De bewapening van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, die een opleiding volgt op een niveau dat overeenkomt met niveau 3 of hoger als bedoeld in artikel 7.2.2, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs of op een niveau dat op grond van artikel 7.10a of artikel 7.10b van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek recht geeft op het voeren van de graad Associate degree, Bachelor of Master, bestaat tijdens de uitoefening van de dienst in de beroepspraktijkvorming, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel gg, van het Besluit algemene rechtspositie politie mede uit het pistool.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
De uitrusting van de aspirant bestaat uit:
|
||||
De uitrusting van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, bestaat uit:
|
||||
|
||||
a. handboeien;
|
||||
b. een koppel;
|
||||
|
|
@ -152,7 +154,7 @@ d. nazorgmiddelen bij het gebruik van pepperspray.
|
|||
|
||||
**5.**
|
||||
|
||||
De uitrusting van de aspirant kan mede bestaan uit:
|
||||
De uitrusting van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, kan mede bestaan uit:
|
||||
|
||||
a. een tactisch vest;
|
||||
b. een kogelwerende helm;
|
||||
|
|
@ -171,9 +173,9 @@ a. een korte wapenstok;
|
|||
b. pepperspray;
|
||||
c. het pistool.
|
||||
|
||||
**2.** De bewapening van de ambtenaar van politie, bedoeld in het eerste lid, die belast is met persoonsbeveiliging, bestaat tevens uit de in artikel 12 genoemde wapens.
|
||||
**2.** De bewapening van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, die belast is met persoonsbeveiliging, bestaat tevens uit de in artikel 12 genoemde wapens.
|
||||
|
||||
**3.** De bewapening van de ambtenaar van politie, bedoeld in het eerste lid, die behoort tot een aanhoudings- en ondersteuningsteam, bestaat tevens uit de in artikel 13, eerste lid, genoemde wapens.
|
||||
**3.** De bewapening van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, die behoort tot een aanhoudings- en ondersteuningsteam, bestaat tevens uit de in artikel 13, eerste lid, genoemde wapens.
|
||||
|
||||
**4.** Het verzoek voor het bewapenen wordt gedaan door de korpschef.
|
||||
|
||||
|
|
@ -203,40 +205,11 @@ d. een schild.
|
|||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De bewapening van de ambtenaar van politie, bedoeld in artikel 2, onderdeel c, van de Politiewet 2012, die is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, bestaat tijdens de uitoefening van de dienst uit:
|
||||
|
||||
a. een korte wapenstok;
|
||||
b. pepperspray.
|
||||
|
||||
**2.** Het bewapenen van de ambtenaar van politie, bedoeld in het eerste lid, met het pistool is toegestaan indien Onze Minister daarvoor toestemming heeft verleend. Aan de toestemming kunnen voorwaarden worden verbonden.
|
||||
|
||||
**3.** Het verzoek voor het bewapenen met het pistool wordt gedaan door de korpschef.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
De uitrusting van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, bestaat uit:
|
||||
|
||||
a. handboeien;
|
||||
b. een koppel;
|
||||
c. een veiligheidsvest;
|
||||
d. nazorgmiddelen bij het gebruik van pepperspray.
|
||||
|
||||
**5.** Indien de korpschef dit noodzakelijk acht, kan de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, mede worden uitgerust met tie-wraps.
|
||||
|
||||
**6.**
|
||||
|
||||
De uitrusting van de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, kan mede bestaan uit:
|
||||
|
||||
a. een tactisch vest;
|
||||
b. een kogelwerende helm;
|
||||
c. een gasmasker;
|
||||
d. een schild.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 8
|
||||
|
||||
De bewapening van de ambtenaar, met inbegrip van de surveillant van politie, die dienst doet met een politiesurveillancehond, bestaat mede uit:
|
||||
De bewapening van de ambtenaar en de surveillant van politie, die dienst doen met een politiesurveillancehond, bestaat mede uit:
|
||||
|
||||
a. een elektrische wapenstok;
|
||||
b. een lange wapenstok.
|
||||
|
|
@ -356,8 +329,8 @@ Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Defensie, kan toestemmin
|
|||
|
||||
Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat in afwijking van de artikelen 2, 3, 4, 5, zesde lid, 8 tot en met 14, 17 en 24 niet bewapend zijn:
|
||||
|
||||
a. een ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, die enkel een krachtens artikel 2c, tweede lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie aangewezen politieopleiding heeft voltooid, in een van de door Onze Minister aangewezen functies, en
|
||||
b. een ambtenaar in opleiding die na het voltooien van een politieopleiding als bedoeld onder a wordt geplaatst in een functie als bedoeld onder a.
|
||||
a. een ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak of een vrijwillige ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, die enkel een krachtens artikel 2c, tweede lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie aangewezen politieopleiding heeft voltooid, in een van de door Onze Minister aangewezen functies, en
|
||||
b. een ambtenaar in opleiding of een vrijwillige ambtenaar in opleiding die na het voltooien van een politieopleiding als bedoeld onder a wordt geplaatst in een functie als bedoeld onder a.
|
||||
|
||||
### Artikel 21
|
||||
|
||||
|
|
@ -387,11 +360,13 @@ De politiesurveillancehond, de AOE-hond en de politiespeurhond staan onder toezi
|
|||
|
||||
a. een ambtenaar van politie als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van de Politiewet 2012;
|
||||
b. een ambtenaar van politie als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, van de Politiewet 2012, die op grond van artikel 7, negende lid, van die wet de bevoegdheid heeft geweld te gebruiken, of
|
||||
c. de ambtenaar van politie als bedoeld in artikel 2, onderdeel c, van die wet, die is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak. De ambtenaar, bedoeld in de eerste volzin, beschikt uitsluitend over de hond na toestemming van de korpschef.
|
||||
c. de ambtenaar van politie als bedoeld in artikel 2, onderdeel c, van die wet, die is aangesteld voor de uitvoering van de politietaak.
|
||||
|
||||
**2.** De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, beschikt over een certificaat als bedoeld in het derde lid, onder a.
|
||||
**2.** De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, beschikt over de hond uitsluitend na toestemming van de korpschef.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
**3.** De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, beschikt over een certificaat als bedoeld in het derde lid, onder a.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent:
|
||||
|
||||
|
|
@ -404,7 +379,7 @@ d. het toezicht op de kwaliteit en de objectiviteit van de keuring en herkeuring
|
|||
|
||||
### Artikel 25
|
||||
|
||||
**1.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent de kleding van de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 56 van het Besluit algemene rechtspositie politie en van de vrijwillige ambtenaar van politie, bedoeld in artikel 15 van het Besluit rechtspositie vrijwillige politie.
|
||||
**1.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent de kleding van de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 56 van het Besluit algemene rechtspositie politie.
|
||||
|
||||
**2.** De korpschef draagt er zorg voor dat de aan de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, verstrekte kleding niet in handen van onbevoegden terecht komt.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue