2019-01-01 | BWBR0036083 | Wet opheffing bedrijfslichamen
This commit is contained in:
parent
1c616ddc02
commit
3b303815e9
1 changed files with 11 additions and 11 deletions
|
|
@ -17,7 +17,7 @@ citeertitel: Wet opheffing bedrijfslichamen
|
|||
Voor de toepassing van de hoofdstukken 4 tot en met 6 wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
- *bedrijfslichaam:* bedrijfslichaam als bedoeld in artikel 66, vierde lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie, zoals dat artikel luidde onmiddellijk voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel D, van deze wet;
|
||||
- *Onze Minister:* Onze Minister van Economische Zaken.
|
||||
- *Onze Minister:* Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 2. Wijziging van de
|
||||
|
||||
|
|
@ -263,7 +263,7 @@ De kosten van de vereffening van het vermogen van een bedrijfslichaam komen ten
|
|||
|
||||
**1.** Op grond van artikel 127, eerste lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie uitgevaardigde dwangbevelen behouden hun rechtskracht. Artikel 127, vierde, vijfde en zesde lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel D, van deze wet, is van toepassing.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister kan de bedragen die onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel D, van deze wet ter zake van heffingen aan een bedrijfslichaam waren verschuldigd en waarvoor nog geen dwangbevel als bedoeld in het eerste lid was uitgevaardigd, en de bedragen die krachtens artikel XLI, tweede, derde of vierde lid, zijn verschuldigd, verhoogd met de kosten van de invordering, bij dwangbevel invorderen. Artikel 127, derde, vierde, vijfde en zesde lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel D, van deze wet, is van toepassing, met dien verstande dat in plaats van «het betrokken bedrijfslichaam» wordt gelezen: Onze Minister van Economische Zaken.
|
||||
**2.** Onze Minister kan de bedragen die onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel D, van deze wet ter zake van heffingen aan een bedrijfslichaam waren verschuldigd en waarvoor nog geen dwangbevel als bedoeld in het eerste lid was uitgevaardigd, en de bedragen die krachtens artikel XLI, tweede, derde of vierde lid, zijn verschuldigd, verhoogd met de kosten van de invordering, bij dwangbevel invorderen. Artikel 127, derde, vierde, vijfde en zesde lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel D, van deze wet, is van toepassing, met dien verstande dat in plaats van «het betrokken bedrijfslichaam» wordt gelezen: Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
|
||||
|
||||
**3.** Aanmaningen verzonden door de bedrijfslichamen worden met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van artikel II, onderdeel D, van deze wet beschouwd als aanmaningen verzonden door Onze Minister.
|
||||
|
||||
|
|
@ -279,13 +279,13 @@ De kosten van de vereffening van het vermogen van een bedrijfslichaam komen ten
|
|||
|
||||
**4.** Onze Minister stelt de rekening der inkomsten en uitgaven van een bedrijfslichaam niet eerder vast dan nadat hij kennis heeft kunnen nemen van de verklaring van de accountant.
|
||||
|
||||
**5.** Onze Minister legt de rekening en de controleverklaring van de accountant ter inzage op het Ministerie van Economische Zaken en doet daarvan mededeling in de Staatscourant.
|
||||
**5.** Onze Minister legt de rekening en de controleverklaring van de accountant ter inzage op het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en doet daarvan mededeling in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
**6.** De in het vierde lid bedoelde vaststelling strekt tot décharge van het dagelijks bestuur van het desbetreffende bedrijfslichaam, behoudens in geval van later gebleken valsheid in bewijsstukken of andere onregelmatigheden.
|
||||
|
||||
### Artikel XLIV
|
||||
|
||||
Terstond na de in artikel XLIII bedoelde vaststelling van de rekening der inkomsten en uitgaven stelt Onze Minister een boedelbeschrijving op van het desbetreffende bedrijfslichaam. Onze Minister legt de boedelbeschrijving ter inzage op het Ministerie van Economische Zaken en doet daarvan mededeling in de Staatscourant.
|
||||
Terstond na de in artikel XLIII bedoelde vaststelling van de rekening der inkomsten en uitgaven stelt Onze Minister een boedelbeschrijving op van het desbetreffende bedrijfslichaam. Onze Minister legt de boedelbeschrijving ter inzage op het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en doet daarvan mededeling in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
### Artikel XLV
|
||||
|
||||
|
|
@ -301,7 +301,7 @@ Terstond na de in artikel XLIII bedoelde vaststelling van de rekening der inkoms
|
|||
|
||||
**3.** Met het oog op de beëindiging van de vereffening stelt Onze Minister een rekening en verantwoording op van de vereffening van het vermogen van het bedrijfslichaam.
|
||||
|
||||
**4.** Onze Minister legt het ontwerp van de rekening en verantwoording gedurende acht weken ter inzage op het Ministerie van Economische Zaken en doet daarvan mededeling in de Staatscourant.
|
||||
**4.** Onze Minister legt het ontwerp van de rekening en verantwoording gedurende acht weken ter inzage op het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en doet daarvan mededeling in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
**5.** Binnen acht weken nadat het ontwerp van de rekening en verantwoording ter inzage is gelegd en daarvan mededeling is gedaan kan iedere schuldeiser tegen dat ontwerp bezwaren inbrengen bij Onze Minister.
|
||||
|
||||
|
|
@ -325,11 +325,11 @@ Indien na de beëindiging van de vereffening van het vermogen van een bedrijfsli
|
|||
|
||||
Op de tuchtgerechten van de bedrijfslichamen, de behandeling van zaken als bedoeld in het eerste lid en het hoger beroep tegen uitspraken van de tuchtgerechten van bedrijfslichamen in zaken als bedoeld in het eerste lid, is met ingang van het tijdstip van inwerkingtreding van artikel X van deze wet de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004 van toepassing zoals die wet luidde onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip dat die wet werd ingetrokken, met dien verstande dat voor de toepassing van de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004 in die gevallen:
|
||||
|
||||
a. in plaats van «de voorzitter van het bedrijfslichaam die de vordering aanhangig heeft gemaakt» wordt gelezen: Onze Minister van Economische Zaken;
|
||||
b. in plaats van «het bedrijfslichaam» wordt gelezen: Onze Minister van Economische Zaken;
|
||||
c. in plaats van «het bestuur van het betrokken bedrijfslichaam» wordt gelezen: Onze Minister van Economische Zaken;
|
||||
d. in plaats van «het betrokken bedrijfslichaam» wordt gelezen: Onze Minister van Economische Zaken;
|
||||
e. in plaats van «de voorzitter van het bedrijfslichaam» wordt gelezen: Onze Minister van Economische Zaken.
|
||||
a. in plaats van «de voorzitter van het bedrijfslichaam die de vordering aanhangig heeft gemaakt» wordt gelezen: Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
|
||||
b. in plaats van «het bedrijfslichaam» wordt gelezen: Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
|
||||
c. in plaats van «het bestuur van het betrokken bedrijfslichaam» wordt gelezen: Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
|
||||
d. in plaats van «het betrokken bedrijfslichaam» wordt gelezen: Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
|
||||
e. in plaats van «de voorzitter van het bedrijfslichaam» wordt gelezen: Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.
|
||||
|
||||
### Artikel XLIX
|
||||
|
||||
|
|
@ -383,7 +383,7 @@ Wijzigt de Waterschapswet.
|
|||
|
||||
### Artikel LVIIIa
|
||||
|
||||
Onze Minister van Economische Zaken zendt binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel D, van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.
|
||||
Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit zendt binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van artikel II, onderdeel D, van deze wet aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.
|
||||
|
||||
### Artikel LIX
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue