diff --git a/wet/wet-op-de-raad-van-state/BWBR0002367/README.md b/wet/wet-op-de-raad-van-state/BWBR0002367/README.md index 354dc28196b..5a2971bae18 100644 --- a/wet/wet-op-de-raad-van-state/BWBR0002367/README.md +++ b/wet/wet-op-de-raad-van-state/BWBR0002367/README.md @@ -41,11 +41,11 @@ De vice-president en de staatsraden worden door de Raad, bij met redenen omkleed – in plaats van «bij een gerecht dan wel binnen het gezagsbereik van Onze Minister»: binnen de Raad dan wel binnen het gezagsbereik van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; – in plaats van «functionele autoriteit»: vice-president. -De Raad doet de mededeling van beslissingen, bedoeld in artikel 46p, vijfde en zesde lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. +De Raad doet de mededeling van een beslissing als bedoeld in artikel 46p, vijfde lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. **2.** -De artikelen 46i, vierde lid, 46k, vijfde lid, en 46l, tweede lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat wordt gelezen: +De artikelen 46i, vijfde lid, 46k, vijfde lid, en 46l, tweede lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat wordt gelezen: – in plaats van «de rechterlijke ambtenaar»: de vice-president of de staatsraad; – in plaats van «op voordracht van Onze Minister»: op voordracht van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; @@ -152,7 +152,7 @@ Voor benoeming tot secretaris of ambtenaar van Staat komt in aanmerking degene: a. aan wie op grond van het met goed gevolg afleggen van een afsluitend examen van een opleiding in het wetenschappelijk onderwijs door een universiteit dan wel de Open Universiteit waarop de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek betrekking heeft, de graad Bachelor op het gebied van het recht en tevens de graad Master op het gebied van het recht is verleend, of b. die op grond van het met goed gevolg afleggen van het afsluitend examen van een opleiding op het gebied van het recht aan een universiteit dan wel de Open Universiteit waarop de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek betrekking heeft, het recht om de titel meester te voeren heeft verkregen. -Artikel 1d, tweede lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren is van overeenkomstige toepassing. +Artikel 5, tweede lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren is van overeenkomstige toepassing. **2.** In bijzondere gevallen kan van het bepaalde in het vorige lid worden afgeweken. @@ -358,7 +358,7 @@ De voorzitter van de Afdeling, degene die hem vervangt, degene die zitting heeft a. moet op grond van het afleggen van een afsluitend examen van een opleiding in het wetenschappelijk onderwijs door een universiteit dan wel de Open Universiteit waarop de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek betrekking heeft, de graad Bachelor op het gebied van het recht en tevens de graad Master op het gebied van het recht zijn verleend, of b. moeten op grond van het met goed gevolg afleggen van het afsluitend examen van een opleiding op het gebied van het recht aan een universiteit dan wel de Open Universiteit waarop de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek betrekking heeft, het recht om de titel meester te voeren hebben verkregen. -Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de beroepsvereisten. Artikel 1d, tweede lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren is van overeenkomstige toepassing. +Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de beroepsvereisten. Artikel 5, tweede lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren is van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 30