2002-01-01 | BWBR0011373 | Speelautomatenbesluit 2000
This commit is contained in:
parent
851d128630
commit
3cbe8b9ce4
1 changed files with 56 additions and 77 deletions
|
|
@ -22,24 +22,23 @@ c. exploitatievergunning: de in artikel 30h, eerste lid, van de wet bedoelde ver
|
|||
d. gekoppelde-jackpotsysteem: een voorziening, gemeenschappelijk aan ten minste twee kansspelautomaten, die op toevalsbasis, zelfstandig of op basis van een door een aan het systeem gekoppelde kansspelautomaat gegenereerde wincombinatie, een prijs kan toekennen aan een van de aan het systeem gekoppelde automaten of, indien het een automaat betreft waarop meerdere spelers tegelijk een spel kunnen spelen met als basis een centraal toevalsproces, aan een eenheid van een dergelijke automaat waaraan één speler plaats kan nemen;
|
||||
e. keuringsinstelling: een krachtens artikel 30o, vijfde lid, van de wet aangewezen instelling;
|
||||
f. onderbroken spel: een spel waarbij het vervolgspel niet aansluitend wordt gespeeld op het speldeel waarin het spelresultaat, waarmee wordt gespeeld, is ontstaan, of een spel dat vervolgd wordt tegelijk met het starten van een nieuw basisspel;
|
||||
g. Onze Minister: Onze Minister voor Rechtsbescherming;
|
||||
g. Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken;
|
||||
h. prijs: een verzilverbaar spelresultaat;
|
||||
i. raad: de raad van bestuur van de kansspelautoriteit, bedoeld in artikel 33a van de wet;
|
||||
j. speelautomatenhal: een inrichting als bedoeld in artikel 30c, eerste lid, onder b, van de wet;
|
||||
k. speelcasino: een inrichting als bedoeld in artikel 27g, tweede lid, van de wet;
|
||||
l. speelinformatiesysteem: het onderdeel van een kansspelautomaat dat de speler informatie geeft over de speellimiet, de verstreken speelduur en het geleden verlies, onderscheidenlijk de behaalde winst;
|
||||
m. speellimiet: het door de speler, voordat hij een kansspelautomaat wil bespelen, op die automaat aan te geven bedrag dat hij gedurende een aaneengesloten serie van spellen maximaal wil verliezen;
|
||||
n. startknop: het onderdeel van een kansspelautomaat waarmee de speler het basisspel kan starten;
|
||||
o. teller: de bewaareenheid waarin de gegevens met betrekking tot de inworpen, uitbetalingen en gespeelde spellen van een kansspelautomaat worden opgeslagen;
|
||||
p. vervolgspel: de fase van het spel van een kansspelautomaat waarin met het spelresultaat van het basisspel wordt gespeeld;
|
||||
q. wet: de Wet op de kansspelen;
|
||||
r. winbank: het onderdeel van een kansspelautomaat waarop de speler gewonnen prijzen kan verzamelen, die uitsluitend uitbetaald kunnen worden.
|
||||
i. speelautomatenhal: een inrichting als bedoeld in artikel 30c, eerste lid, onder c, van de wet;
|
||||
j. speelcasino: een inrichting als bedoeld in artikel 27g, tweede lid, van de wet;
|
||||
k. speelinformatiesysteem: het onderdeel van een kansspelautomaat dat de speler informatie geeft over de speellimiet, de verstreken speelduur en het geleden verlies, onderscheidenlijk de behaalde winst;
|
||||
l. speellimiet: het door de speler, voordat hij een kansspelautomaat wil bespelen, op die automaat aan te geven bedrag dat hij gedurende een aaneengesloten serie van spellen maximaal wil verliezen;
|
||||
m. startknop: het onderdeel van een kansspelautomaat waarmee de speler het basisspel kan starten;
|
||||
n. teller: de bewaareenheid waarin de gegevens met betrekking tot de inworpen, uitbetalingen en gespeelde spellen van een kansspelautomaat worden opgeslagen;
|
||||
o. vervolgspel: de fase van het spel van een kansspelautomaat waarin met het spelresultaat van het basisspel wordt gespeeld;
|
||||
p. wet: de Wet op de kansspelen;
|
||||
q. winbank: het onderdeel van een kansspelautomaat waarop de speler gewonnen prijzen kan verzamelen, die uitsluitend uitbetaald kunnen worden.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2. Aanwezigheidsvergunning
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
Als laagdrempelige inrichtingen worden aangemerkt inrichtingen waar meer dan drie biljarttafels aanwezig zijn en waarvoor ingevolge artikel 3, eerste lid, van de Alcoholwet vergunning is verleend en deze nog van kracht is, of waarvan de ondernemer inschrijfplichtig en ingeschreven is bij het Bedrijfschap Horeca.
|
||||
Als laagdrempelige inrichtingen worden aangemerkt inrichtingen waar meer dan drie biljarttafels aanwezig zijn en waarvoor ingevolge artikel 3, eerste lid, onder a of c, van de Drank- en Horecawet vergunning is verleend en deze nog van kracht is, of waarvan de ondernemer inschrijfplichtig en ingeschreven is bij het Bedrijfschap Horeca.
|
||||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
|
|
@ -66,7 +65,7 @@ c. met toepassing van artikel 37 van het Wetboek van Strafrecht in een psychiatr
|
|||
d. met toepassing van artikel 37a van het Wetboek van Strafrecht ter beschikking is gesteld, of
|
||||
e. een gedetineerde is als bedoeld in artikel 1, onder e, van de Penitentiaire beginselenwet.
|
||||
|
||||
**2.** Aan degene die wegens misdrijf onherroepelijk is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van meer dan zes maanden door de rechter in Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten wordt binnen vijf jaar na die veroordeling een vergunning als in het eerste lid bedoeld niet verleend.
|
||||
**2.** Aan degene die wegens misdrijf onherroepelijk is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van meer dan zes maanden door de rechter in Nederland, de Nederlandse Antillen of Aruba wordt binnen vijf jaar na die veroordeling een vergunning als in het eerste lid bedoeld niet verleend.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -79,12 +78,11 @@ b. een bevel tot tenuitvoerlegging van een zodanige voorwaardelijke vrijheidsstr
|
|||
|
||||
Aan degene die bij rechterlijke uitspraak onherroepelijk is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke geldboete van € 450 of meer of tot een andere hoofdstraf als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht, op grond van of wegens of mede wegens overtreding van:
|
||||
|
||||
a. artikel 36 van de wet;
|
||||
b. de artikelen 3, 10, 12, 16, 18, 20, 21 en 24 van de Alcoholwet;
|
||||
c. de artikelen 140, 151f, 252, 416, 417 of 417bis van het Wetboek van Strafrecht;
|
||||
a. artikel 31 van de wet;
|
||||
b. de artikelen 3, 10, 12, 16, 18juncto 73, 21, 37, derde lid, 38, derde lid, 43, tweede lid, 44, tweede lid, en 56 van de Drank- en Horecawet;
|
||||
c. de artikelen 140, 240b, 250ter, 252, 416, 417 of 417bis van het Wetboek van Strafrecht;
|
||||
d. de artikelen 2 en 5, tweede en vierde lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus;
|
||||
e. de artikelen 54 en 55 van de Wet wapens en munitie;
|
||||
f. de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet
|
||||
e. de artikelen 54 en 55 van de Wet wapens en munitie
|
||||
|
||||
en binnen vijf jaar na deze veroordeling opnieuw wordt veroordeeld tot een straf als hiervoor bedoeld, wordt een vergunning als in het eerste lid bedoeld niet verleend, totdat vijf jaar zijn verstreken sinds de aan deze laatste veroordeling voorafgaande eerdere veroordeling.
|
||||
|
||||
|
|
@ -92,22 +90,28 @@ en binnen vijf jaar na deze veroordeling opnieuw wordt veroordeeld tot een straf
|
|||
|
||||
**6.** Met een veroordeling tot een onvoorwaardelijke geldboete van € 450 of meer als bedoeld in het vierde lid wordt gelijkgesteld een bevel tot tenuitvoerlegging van een zodanige voorwaardelijke straf.
|
||||
|
||||
**7.** Aan degene die de houder van een aanwezigheidsvergunning voor of bedrijfsleider of beheerder was van een inrichting waarvoor de vergunning onherroepelijk is ingetrokken op grond van artikel 30f, tweede lid, onder b, van de wet of artikel 31, eerste lid, onder c, van de Alcoholwet of die voor tenminste een maand is gesloten op grond van artikel 174 van de Gemeentewet of van een op grond van artikel 149 van de Gemeentewet vastgestelde verordening, wordt binnen drie jaar na die intrekking of sluiting een vergunning als in het eerste lid bedoeld niet verleend, tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat hem ter zake geen verwijt treft.
|
||||
**7.** Aan degene die de houder van een aanwezigheidsvergunning voor of bedrijfsleider of beheerder was van een inrichting waarvoor de vergunning onherroepelijk is ingetrokken op grond van artikel 30f, tweede lid, onder b, van de wet of artikel 31, eerste lid, onder d, van de Drank- en Horecawet of die voor tenminste een maand is gesloten op grond van artikel 174 van de Gemeentewet of van een op grond van artikel 149 van de Gemeentewet vastgestelde verordening, wordt binnen drie jaar na die intrekking of sluiting een vergunning als in het eerste lid bedoeld niet verleend, tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat hem ter zake geen verwijt treft.
|
||||
|
||||
**8.** De eisen van het eerste tot en met het zevende lid zijn van overeenkomstige toepassing op bedrijfsleiders en beheerders van een hoogdrempelige inrichting of een speelautomatenhal.
|
||||
|
||||
### Artikel 5
|
||||
|
||||
Vervallen
|
||||
**1.** Bedrijfsleiders en beheerders van een hoogdrempelige inrichting beschikken over een bewijsstuk, dat is aangewezen krachtens artikel 5, vierde lid, van de Drank- en Horecawet, waaruit blijkt dat zij beschikken over voldoende kennis en inzicht met betrekking tot het gebruik van speelautomaten en de daaraan verbonden risico's van gokverslaving.
|
||||
|
||||
**2.** Bedrijfsleiders en beheerders van een speelautomatenhal, beschikken over een door Onze Minister aan te wijzen bewijsstuk van een instelling op het gebied van de verslavingszorg, waaruit blijkt dat zij beschikken over voldoende kennis en inzicht met betrekking tot het gebruik van speelautomaten en de daaraan verbonden risico's van gokverslaving.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 3. Exploitatievergunning
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
**1.** De aanvrager van een exploitatievergunning verstrekt bij de aanvraag gegevens betreffende zijn onderneming en de personen die met de dagelijkse leiding van de onderneming zijn belast, alsmede over de in artikel 8 bedoelde faciliteiten.
|
||||
**1.** De aanvrager van een exploitatievergunning verstrekt bij de aanvraag gegevens betreffende zijn onderneming en de personen die met de dagelijkse leiding van de onderneming zijn belast, alsmede over de in artikel 8 bedoelde faciliteiten. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een formulier, waarvan Onze Minister het model vaststelt.
|
||||
|
||||
**2.** Bij de indiening van de aanvraag van een exploitatievergunning is de aanvrager een vergoeding voor de kosten verbonden aan de behandeling van de aanvraag en de afgifte van de vergunning verschuldigd van € 1 815,12.
|
||||
|
||||
**3.** Bij de indiening van de aanvraag van een exploitatievergunning is de aanvrager tevens een vergoeding voor de kosten verbonden aan het toezicht op de naleving door hem van de bij of krachtens titel VA van de wet vastgestelde voorschriften verschuldigd ten bedrage van € 453,78 maal het aantal jaren waarvoor de vergunning geldt.
|
||||
|
||||
**4.** In de exploitatievergunning kan worden bepaald dat het in het derde lid bedoelde verschuldigde bedrag in jaarlijkse termijnen van € 453,78 wordt betaald en dat de betalingsverplichting vervalt nadat de vergunning voortijdig is ingetrokken of vervallen.
|
||||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
||||
Artikel 4 is van overeenkomstige toepassing op de aanvrager van een exploitatievergunning en de bedrijfsleiders en beheerders van een exploitatie.
|
||||
|
|
@ -156,56 +160,41 @@ Het model van een kansspelautomaat niet bestemd voor opstelling in een speelauto
|
|||
a. het toevalskarakter van het spel dat de automaat aanbiedt voortdurend gewaarborgd is;
|
||||
b. structurele weigering van het uitbetalingsmechanisme de automaat blokkeert;
|
||||
c. het spelproces in werking wordt gesteld doordat of nadat, al naar gelang de spelsoort, de speler de inworp heeft gedaan;
|
||||
d. de inworp slechts gedaan kan worden in de vorm van in Nederland geldige munten en bankbiljetten van ten hoogste € 50;
|
||||
d. de inworp slechts gedaan kan worden in de vorm van geldige euromunten;
|
||||
e. de inzet per basisspel ten hoogste € 0,20 bedraagt;
|
||||
f. de totale waarde van de aan spelers uit te keren prijzen gemiddeld ten minste gelijk is aan 60% van de totale waarde van de inzetten;
|
||||
g. de speler gemiddeld per uur niet meer verlies kan lijden dan € 40;
|
||||
h. de tijd die verstrijkt tussen de start van een basisspel en het moment waarop het volgende basisspel gestart kan worden, ten minste drie en een halve seconde bedraagt en gemiddeld ten minste vier seconden;
|
||||
i. het spelproces, nadat het in werking is gesteld, kan verlopen zonder beïnvloeding door de speler, anders dan nodig is voor het maken van de keuze tussen beëindiging en onbeïnvloede voortzetting van het spel;
|
||||
j. de uitbetaling slechts kan plaatsvinden in de vorm van in Nederland geldige munten en bankbiljetten, hetzij door middel van een uitbetalingsmechanisme, hetzij door inschakeling van het personeel van de inrichting via een door de kansspelautomaat afgegeven tegoedbon waarop ten minste duidelijk vermeld staat het bedrag en de omstandigheden van de uitbetaling en een tekst die waarschuwt tegen kansspelverslaving;
|
||||
j. de uitbetaling van prijzen slechts kan plaatsvinden in de vorm van geldige euromunten en door middel van een uitbetalingsmechanisme;
|
||||
k. het pas mogelijk is een nieuw basisspel te beginnen nadat de startknop is losgelaten en weer is ingedrukt;
|
||||
l. indien een kredietmeter aanwezig is, deze alleen gevoed kan worden door de inworp en de speler te allen tijde de mogelijkheid heeft de door de kredietmeter aangegeven waarde geheel of gedeeltelijk te laten uitbetalen, met dien verstande dat een waarde van minder dan € 1 op de kredietmeter mag blijven staan;
|
||||
m. de som van de waarde aan prijzen, die in één spel gewonnen kan worden en de volgens statistische methoden gewaardeerde kansen op prijzen die in datzelfde spel ontstaan, doch slechts benut kunnen worden in latere spellen, niet meer kan bedragen dan 200 maal de inzet van het basisspel;
|
||||
n. per spel niet meer uitgekeerd kan worden aan prijzen dan een waarde van 200 maal de inzet van het basisspel;
|
||||
o. in een periode van 100 uren voortdurende bespeling ten hoogste tien maal een periode van vijf uren voorkomt, die op een geheel uur binnen de periode van 100 uren aanvangt, en waarin de speler een winst behaalt die, gemeten over die vijf uren, gemiddeld per uur hoger is dan € 48 of een verlies lijdt dat, gemeten over die vijf uren, gemiddeld per uur hoger is dan € 104;
|
||||
p. indien op enig moment in het spel een prijs van 200 maal de inzet van het basisspel wordt behaald, meteen automatische uitbetaling van de behaalde prijs volgt, alsmede een wachttijd van ten minste 15 seconden nadat de uitbetaling heeft plaatsgevonden, gedurende welke op die spelersplaats geen verdere inworp mogelijk is en geen nieuw basisspel of vervolgspel gestart kan worden;
|
||||
p. indien op enig moment in het spel een prijs van 200 maal de inzet van het basisspel wordt behaald, meteen automatische uitbetaling van de behaalde prijs volgt, alsmede een wachttijd van ten minste 15 seconden nadat de uitbetaling heeft plaatsgevonden, gedurende welke de automaat niet bespeelbaar is en geen inworp mogelijk is;
|
||||
q. indien op enig moment in het spel een prijs wordt behaald waardoor de totale waarde van de onderbroken spellen 200 maal de inzet van het basisspel of meer bedraagt, meteen automatische uitbetaling volgt van een zodanig bedrag dat de totale waarde van de onderbroken spellen wordt teruggebracht tot minder dan 200 maal de inzet van het basisspel;
|
||||
r. maximaal één winbank aanwezig is;
|
||||
s. indien geen winbank aanwezig is, een gewonnen prijs meteen wordt uitbetaald;
|
||||
t. indien een winbank aanwezig is, een gewonnen prijs aan het einde van het spel, behoudens in de situaties, bedoeld in de onderdelen p en q, op de winbank wordt verzameld of de speler de keuze kan maken deze prijs op de winbank te verzamelen of meteen te laten uitbetalen;
|
||||
u. indien een winbank aanwezig is en deze een waarde van € 40 of meer bereikt, de waarde van de gehele winbank meteen automatisch wordt uitbetaald;
|
||||
v. indien een winbank aanwezig is, de speler te allen tijde de mogelijkheid heeft de waarde van de winbank geheel of gedeeltelijk te laten uitbetalen;
|
||||
w. indien een winbank aanwezig is, na iedere gehele of gedeeltelijke uitbetaling van de winbank een wachttijd volgt van ten minste 15 seconden, gedurende welke op die spelersplaats geen verdere inworp mogelijk is en geen nieuw basisspel of vervolgspel gestart kan worden;
|
||||
w. indien een winbank aanwezig is, na iedere gehele of gedeeltelijke uitbetaling van de winbank een wachttijd volgt van ten minste 15 seconden, gedurende welke de automaat niet bespeelbaar is en geen inworp mogelijk is;
|
||||
x. een speellimiet moet worden ingesteld en indien deze wordt bereikt niet eerder verder gespeeld kan worden dan wanneer door een speler een nieuwe speellimiet is ingesteld;
|
||||
y. een speelinformatiesysteem aanwezig is;
|
||||
z. wanneer een basisspel gestart wordt, de som van de waarde van de te innen prijzen en de volgens statistische methoden gewaardeerde kansen op prijzen niet meer kan bedragen dan 200 maal de inzet van het basisspel, de waarde van de kredietmeter en de winbank daaronder niet begrepen;
|
||||
aa. bij simultaan afspelen van onderbroken spellen, per handeling een prijs behaald kan worden van maximaal 200 maal de inzet van het basisspel waarbij per handeling de som van de waarde van de te innen prijzen en de volgens statistische methoden gewaardeerde kansen op prijzen niet meer kan bedragen dan 200 maal de inzet van het basisspel;
|
||||
bb. het opgespaarde resultaat uit een of meer onderbroken spellen alleen in groepen van maximaal 20 maal de inzet van het basisspel kan worden ingezet;
|
||||
cc. een voorziening aanwezig is die, nadat de speler vijf minuten geen handeling aan de automaat heeft verricht, de automaat statisch verlicht en voorkomt dat deze geluidssignalen voortbrengt;
|
||||
dd. na inworp van een bankbiljet een bij ministeriële regeling te bepalen wachttijd volgt, gedurende welke op die spelersplaats geen verdere inworp mogelijk is en geen nieuw basisspel of vervolgspel gestart kan worden;
|
||||
dd. geen geldwisselapparatuur aan de automaat verbonden is, anders dan voor de omwisseling van muntgeld in muntgeld;
|
||||
ee. het niet mogelijk is om de automaat, anders dan door het spelverloop of het met inachtneming van het bepaalde in de onderdelen f, g en o terugbrengen van het vluchtige geheugen van de automaat in de oorspronkelijke stand, in een voor de speler ongunstiger positie te plaatsen;
|
||||
ff. presentatie of suggestie van spelresultaten hoger dan 200 maal de inzet van het basisspel niet mogelijk is;
|
||||
gg. geen gekoppelde-jackpotsysteem aanwezig is;
|
||||
hh. in de automaat een elektro-mechanische niet-resetbare teller aanwezig is die alle inworpen, uitbetalingen en gespeelde spellen registreert;
|
||||
ii. inworp van bankbiljetten niet mogelijk is indien het tegoed op de kredietmeter hoger is dan een bij ministeriële regeling te bepalen bedrag.
|
||||
hh. in de automaat een elektro-mechanische niet-resetbare teller aanwezig is die alle inworpen, uitbetalingen en gespeelde spellen registreert.
|
||||
|
||||
**2.** Op het model van een kansspelautomaat als bedoeld in het eerste lid, zijn op een voor de speler zichtbare plaats aan de voorzijde daarvan opschriften aanwezig met de duidelijk leesbare tekst «Het toevalskarakter is niet te beïnvloeden», «Voorkom gokverslaving – Speel met mate» en «Spelen onder de 18 jaar is niet toegestaan».
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
In afwijking van het eerste lid, onder h, m, n, p, q, u, z, aa en ff, wordt het model van de kansspelautomaat, indien het een model betreft waarvan het uitkeringspercentage als bedoeld in het eerste lid, onder f, ten minste 70% en het uurverlies, bedoeld in het eerste lid, onder g, ten hoogste € 30 bedraagt, zodanig geconstrueerd dat:
|
||||
|
||||
a. de tijd die verstrijkt tussen de start van het basisspel en het moment waarop het volgende basisspel gestart kan worden, ten minste drie seconden bedraagt;
|
||||
b. de som van de waarde aan prijzen, die in één spel gewonnen kan worden en de volgens statistische methoden gewaardeerde kansen op prijzen die in datzelfde spel ontstaan, maar slechts benut kunnen worden in latere spellen, niet meer kan bedragen dan 300 maal de inzet van het basisspel;
|
||||
c. per spel niet meer uitgekeerd kan worden aan prijzen dan een waarde van 300 maal de inzet van het basisspel;
|
||||
d. indien op enig moment in het spel een prijs van 300 maal de inzet van het basisspel wordt behaald, meteen automatische uitbetaling van de behaalde prijs volgt, alsmede een wachttijd van ten minste 15 seconden nadat de uitbetaling heeft plaatsgevonden, gedurende welke op die spelersplaats geen verdere inworp mogelijk is en geen nieuw basisspel of vervolgspel gestart kan worden;
|
||||
e. indien op enig moment in het spel een prijs wordt behaald waardoor de totale waarde van de onderbroken spellen 300 maal de inzet van het basisspel of meer bedraagt, meteen automatische uitbetaling volgt van een zodanig bedrag dat de totale waarde van de onderbroken spellen wordt teruggebracht tot minder dan 300 maal de inzet van het basisspel;
|
||||
f. indien een winbank aanwezig is en deze een waarde van € 60 of meer bereikt, de waarde van de gehele winbank meteen automatisch wordt uitbetaald;
|
||||
g. wanneer een basisspel gestart wordt, de som van de waarde van de te innen prijzen en de volgens statistische methoden gewaardeerde kansen op prijzen niet meer kan bedragen dan 300 maal de inzet van het basisspel, de waarde van de kredietmeter en de winbank daaronder niet begrepen;
|
||||
h. bij simultaan afspelen van onderbroken spellen, per handeling een prijs behaald kan worden van maximaal 300 maal de inzet van het basisspel waarbij per handeling de som van de waarde van de te innen prijzen en de volgens statistische methoden gewaardeerde kansen op prijzen niet meer kan bedragen dan 300 maal de inzet van het basisspel; en
|
||||
i. presentatie of suggestie van spelresultaten hoger dan 300 maal de inzet van het basisspel niet mogelijk is.
|
||||
|
||||
**4.** Onze Minister kan nadere regels stellen over de in het eerste tot en met derde lid genoemde onderwerpen.
|
||||
**3.** Met betrekking tot de in het eerste en tweede lid geregelde onderwerpen kan Onze Minister nadere regels stellen.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 4.4. Kansspelautomaten bestemd voor opstelling in speelautomatenhallen
|
||||
|
||||
|
|
@ -218,13 +207,13 @@ Het model van een kansspelautomaat bestemd voor opstelling in een speelautomaten
|
|||
a. het toevalskarakter van het spel dat de automaat aanbiedt voortdurend gewaarborgd is;
|
||||
b. structurele weigering van het uitbetalingsmechanisme de automaat blokkeert;
|
||||
c. het spelproces in werking wordt gesteld doordat of nadat, al naar gelang de spelsoort, de speler de inworp heeft gedaan;
|
||||
d. de inworp slechts gedaan kan worden in de vorm van in Nederland geldige munten en bankbiljetten van ten hoogste € 50;
|
||||
d. de inworp slechts gedaan kan worden in de vorm van geldige euromunten;
|
||||
e. de inzet per basisspel ten hoogste € 0,20 bedraagt;
|
||||
f. de totale waarde van de aan spelers uit te keren prijzen gemiddeld ten minste gelijk is aan 60% van de totale waarde van de inzetten;
|
||||
g. de speler gemiddeld per uur niet meer verlies kan lijden dan € 40;
|
||||
h. de tijd die verstrijkt tussen de start van het basisspel en het moment waarop het volgende basisspel gestart kan worden, ten minste drie seconden bedraagt;
|
||||
i. het spelproces, nadat het in werking is gesteld, kan verlopen zonder beïnvloeding door de speler, anders dan nodig is voor het maken van de keuze tussen beëindiging en onbeïnvloede voortzetting van het spel;
|
||||
j. de uitbetaling slechts kan plaatsvinden in de vorm van in Nederland geldige munten en bankbiljetten, hetzij door middel van een uitbetalingsmechanisme hetzij door inschakeling van het personeel van de inrichting;
|
||||
j. de uitbetaling van prijzen tot en met € 40 slechts kan plaatsvinden in de vorm van geldige euromunten en door middel van een uitbetalingsmechanisme;
|
||||
k. indien een kredietmeter aanwezig is, deze de omvang van een gewonnen prijs onmiddellijk door middel van de kredietmeter toont en de uitbetaling, bedoeld in onderdeel j, plaatsvindt zodra de speler het uitbetalingsmechanisme in werking stelt, met dien verstande dat een waarde van minder dan € 1 op de kredietmeter mag blijven staan;
|
||||
l. indien geen kredietmeter aanwezig is, een gewonnen prijs onmiddellijk ter beschikking van de speler wordt gesteld;
|
||||
m. de som van de waarde aan prijzen, die in één spel gewonnen kan worden en de volgens statistische methoden gewaardeerde kansen op prijzen die in datzelfde spel ontstaan, doch slechts benut kunnen worden in latere spellen, niet meer kan bedragen dan 200 maal de inzet van het basisspel;
|
||||
|
|
@ -245,9 +234,7 @@ aa. de prijs die door een gekoppelde-jackpotsysteem kan worden toegekend niet me
|
|||
bb. de prijs alleen door een gekoppelde-jackpotsysteem kan worden toegekend als gevolg van het spelen van een spel op een van de aan het systeem gekoppelde automaten;
|
||||
cc. door de automaat aan de speler kenbaar wordt gemaakt, wanneer de prijs door een gekoppelde-jackpotsysteem aan die automaat is toegekend;
|
||||
dd. de overige kansen en prijzen die een automaat biedt niet worden beïnvloed door een gekoppelde-jackpotsysteem;
|
||||
ee. voor een gekoppelde-jackpotsysteem een aanvangsbedrag van maximaal € 200 kan worden vastgesteld, welk bedrag niet behoeft te zijn opgebouwd door de inzetten;
|
||||
ff. na inworp van een bankbiljet een bij ministeriële regeling te bepalen wachttijd volgt, gedurende welke op die spelersplaats geen verdere inworp mogelijk is en geen nieuw basisspel of vervolgspel gestart kan worden; en
|
||||
gg. inworp van bankbiljetten niet mogelijk is indien het tegoed op de kredietmeter hoger is dan een bij ministeriële regeling te bepalen bedrag.
|
||||
ee. voor een gekoppelde-jackpotsysteem een aanvangsbedrag van maximaal € 200 kan worden vastgesteld, welk bedrag niet behoeft te zijn opgebouwd door de inzetten.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -260,36 +247,26 @@ b. per eenheid waaraan één speler plaats kan nemen in een reeks van 100 000 a
|
|||
|
||||
**4.** Bij het bepalen of is voldaan aan de vereisten van het eerste lid, onder f, g en m tot en met s, en het tweede lid, onder b, worden eventuele gekoppelde-jackpotsystemen buiten beschouwing gelaten.
|
||||
|
||||
**5.**
|
||||
|
||||
In afwijking van het eerste lid, onder m, q en r, wordt het model van de kansspelautomaat, indien het een model betreft waarvan het uitkeringspercentage, bedoeld in het eerste lid, onder f, ten minste 70% en het uurverlies, bedoeld in het eerste lid, onder g, ten hoogste € 30 bedraagt, en het geen automaat betreft waarop meerdere spelers tegelijk een spel kunnen spelen met als basis een centraal toevalsproces als bedoeld in het tweede lid, zodanig geconstrueerd dat:
|
||||
|
||||
a. de som van de waarde aan prijzen, die in één spel gewonnen kan worden en de volgens statistische methoden gewaardeerde kansen op prijzen die in datzelfde spel ontstaan, maar slechts benut kunnen worden in latere spellen, niet meer kan bedragen dan 400 maal de inzet van het basisspel;
|
||||
b. bij simultaan afspelen van onderbroken spellen, per handeling een prijs behaald kan worden van maximaal 400 maal de inzet van het basisspel waarbij per handeling de som van de waarde van de te innen prijzen en de volgens statistische methoden gewaardeerde kansen op prijzen niet meer kan bedragen dan 400 maal de inzet van het basisspel;
|
||||
c. per spel niet meer uitgekeerd kan worden aan prijzen dan een waarde van 400 maal de inzet van het basisspel.
|
||||
|
||||
**6.** Onze Minister kan nadere regels stellen over de in het eerste tot en met vijfde lid genoemde onderwerpen.
|
||||
**5.** Met betrekking tot de in het eerste tot en met vierde lid geregelde onderwerpen kan Onze Minister nadere regels stellen.
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
**1.** De raad kan aan de houder van een aanwezigheidsvergunning voor speelautomaten in een speelautomatenhal ontheffing verlenen van het vereiste van artikel 13, eerste lid, onder u, dat de teller zich in de automaat moet bevinden, indien deze ten genoegen van de raad aantoont dat de door hem in de speelautomatenhal gehanteerde tellers voldoen aan de overige vereisten van dat artikelonderdeel.
|
||||
**1.** Onze Minister kan aan de houder van een aanwezigheidsvergunning voor speelautomaten in een speelautomatenhal ontheffing verlenen van het vereiste van artikel 13, eerste lid, onder u, dat de teller zich in de automaat moet bevinden, indien deze ten genoegen van Onze Minister aantoont dat de door hem in de speelautomatenhal gehanteerde tellers voldoen aan de overige vereisten van dat artikelonderdeel.
|
||||
|
||||
**2.** De raad kan aan de houder van een aanwezigheidsvergunning voor speelautomaten in een speelautomatenhal ontheffing verlenen van het vereiste van artikel 12, eerste lid, onder d en j, en artikel 13, eerste lid, onder d en j, indien deze ten genoegen van de raad aantoont dat de door hem in de speelautomatenhal gehanteerde centrale inworp- en uitbetalingssystemen een betrouwbare afhandeling van inworp en uitbetaling garanderen.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
De raad kan aan de ontheffingen, bedoeld in het eerste en tweede lid, voorschriften verbinden, waaronder het voorschrift dat het centrale inworp- en uitbetalingssysteem in ieder geval zodanig functioneert dat:
|
||||
|
||||
a. na inworp een bij ministeriële regeling te bepalen wachttijd volgt, gedurende welke op die spelersplaats geen verdere inworp mogelijk is en geen nieuw basisspel of vervolgspel gestart kan worden;
|
||||
b. een maximum kan worden gesteld aan de hoogte van het tegoed op de kredietmeter waarbij nog inworp mogelijk is;
|
||||
c. een maximum kan worden gesteld aan de hoogte van het spelerstegoed;
|
||||
d. de speler tijdens openingstijden te allen tijde het tegoed kan laten uitbetalen.
|
||||
|
||||
**4.** De mechanische, elektrische en elektronische processen die gepaard gaan met een centraal inworp- en uitbetalingsmechanisme zijn onderworpen aan een voorafgaande goedkeuring en periodiek controle door een door de raad aan te wijzen onafhankelijke deskundige of keuringsinstelling.
|
||||
**2.** Onze Minister kan aan de ontheffing voorschriften en beperkingen verbinden.
|
||||
|
||||
### Artikel 15
|
||||
|
||||
Vervallen
|
||||
**1.** Het is de exploitant van een speelautomatenhal verboden toegang te verlenen tot een speelautomatenhal aan personen die niet in het bezit zijn van een door hem te verstrekken entreebewijs.
|
||||
|
||||
**2.** De exploitant verstrekt het entreebewijs, bedoeld in het eerste lid, slechts aan de personen waarvan hij op deugdelijke wijze heeft vastgesteld dat zij de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing ten aanzien van:
|
||||
|
||||
a. speelautomatenhallen waar uitsluitend behendigheidsautomaten staan opgesteld;
|
||||
b. van een speelautomatenhal deel uitmakende afgescheiden ruimten, waar uitsluitend behendigheidsautomaten staan opgesteld en welke men uitsluitend kan betreden of verlaten zonder de overige ruimten van de speelautomatenhal te betreden.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 4.5. Behendigheidsautomaten
|
||||
|
||||
|
|
@ -309,19 +286,21 @@ c. uitsluitend spelresultaten worden weergegeven die geheel of vrijwel geheel zi
|
|||
|
||||
### Artikel 17
|
||||
|
||||
**1.** De aanvraag om toelating van een model van een speelautomaat gaat vergezeld van een keuringsrapport van een keuringsinstelling.
|
||||
**1.** Aanvragen om toelating van een model van een speelautomaat worden ingediend bij een keuringsinstelling. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een formulier, waarvan Onze Minister het model vaststelt.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de keuring is de aanvrager een vergoeding als bedoeld in artikel 30o, vierde lid, van de wet verschuldigd ten bedrage van € 13 613,40, indien de keuring het model van een kansspelautomaat betreft, en van € 294,96, indien de keuring het model van een behendigheidsautomaat betreft.
|
||||
**2.** De aanvraag gaat vergezeld van twee afschriften van de in artikel 30o, tweede lid, van de wet bedoelde tekeningen en beschrijving.
|
||||
|
||||
**3.** De vergoeding die verschuldigd is voor de keuring wordt verminderd, indien de aard en de omvang van de werkzaamheden, verbonden aan het onderzoek van het model, daartoe naar het oordeel van de keuringsinstelling aanleiding geven.
|
||||
**3.** Bij de indiening van de aanvraag is de aanvrager een vergoeding als bedoeld in artikel 30o, vierde lid, van de wet verschuldigd ten bedrage van € 13 613,40, indien de aanvraag het model van een kansspelautomaat betreft, en van € 294,96, indien de aanvraag het model van een behendigheidsautomaat betreft.
|
||||
|
||||
**4.** De vergoeding die verschuldigd is bij de aanvraag om toelating van het model wordt verminderd, indien de aard en de omvang van de werkzaamheden, verbonden aan het onderzoek van het model, daartoe naar het oordeel van de keuringsinstelling aanleiding geven.
|
||||
|
||||
### Artikel 18
|
||||
|
||||
**1.** De aanvrager van de keuring van het model van een speelautomaat doet de keuringsinstelling op haar verzoek het model van de speelautomaat toekomen.
|
||||
**1.** De aanvrager van de toelating van het model van een speelautomaat doet de keuringsinstelling op haar verzoek het model van de speelautomaat toekomen.
|
||||
|
||||
**2.** De aanvrager van de keuring van het model van een speelautomaat stelt de keuringsinstelling in de gelegenheid het aantal met het model overeenstemmende speelautomaten of onderdelen daarvan te onderzoeken, dat naar haar oordeel voor een deugdelijk onderzoek met het oog op de toelating nodig is.
|
||||
**2.** De aanvrager van de toelating van het model van een speelautomaat stelt de keuringsinstelling in de gelegenheid het aantal met het model overeenstemmende speelautomaten of onderdelen daarvan te onderzoeken, dat naar haar oordeel voor een deugdelijk onderzoek met het oog op de toelating nodig is.
|
||||
|
||||
**3.** De aanvrager van de keuring van het model van een speelautomaat stelt de keuringsinstelling op haar verzoek alle hulpmiddelen, faciliteiten en informatie ter beschikking die voor het onderzoek noodzakelijk zijn.
|
||||
**3.** De aanvrager van de toelating van het model van een speelautomaat stelt de keuringsinstelling op haar verzoek alle hulpmiddelen, faciliteiten en informatie ter beschikking die voor het onderzoek noodzakelijk zijn.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 5. Overgangs- en slotbepalingen
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue