2024-05-01 | BWBR0011440 | Gaswet
This commit is contained in:
parent
6505227162
commit
3da2e27641
1 changed files with 40 additions and 39 deletions
|
|
@ -291,7 +291,7 @@ c. dat in artikel 1h in plaats van «gasbedrijf» wordt gelezen «eigenaar van e
|
|||
|
||||
**2.** Artikel 6, eerste tot en met derde lid, is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de interconnector-beheerder geen naamloze of besloten vennootschap behoeft te zijn.
|
||||
|
||||
**3.** Artikel, 3, eerste en vijfde lid, 3c,10, eerste, tweede en vierde lid, 10a, eerste lid, onderdeel m, en achtste lid, 12 tot en met 13 en 14 tot en met 16, 19, 20 en 37 zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel 82 is van overeenkomstige toepassing, rekening houdend met het grensoverschrijdende karakter en de regulering van het andere land.
|
||||
**3.** Artikel, 3, eerste en vijfde lid, 3c,10, eerste, tweede en vierde lid, 10a, eerste lid, onderdeel m, en zevende lid, 12 tot en met 13 en 14 tot en met 16, 19, 20 en 37 zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel 82 is van overeenkomstige toepassing, rekening houdend met het grensoverschrijdende karakter en de regulering van het andere land.
|
||||
|
||||
**4.** Indien de netbeheerder van het landelijk gastransportnet is aangewezen als interconnector-beheerder zijn, in afwijking van het vierde en vijfde lid, de bij of krachtens de Gaswet voor de netbeheerder van het landelijk gastransportnet geldende bepalingen van overeenkomstige toepassing, rekening houdend met het grensoverschrijdende karakter en de regulering van het andere land.
|
||||
|
||||
|
|
@ -634,7 +634,7 @@ Onverminderd de artikelen 10, 42 en 54a, en hoofdstuk 2 heeft de netbeheerder va
|
|||
|
||||
a. voorzieningen te treffen in verband met de leveringszekerheid,
|
||||
b. het in evenwicht houden van het door hem beheerde gastransportnet,
|
||||
c. ten behoeve van gebruikers van het door hem beheerde gastransportnet en gelet op het minimaliseren van de winning van gas uit het gebied dat is aangewezen in de bij koninklijk besluit van 30 mei 1963, nr. 39 (Stcrt. 126) verleende winningsvergunning, voor zover het gas uit het Groningenveld betreft:
|
||||
c. ten behoeve van gebruikers van het door hem beheerde gastransportnet:
|
||||
|
||||
1°. indien noodzakelijk gelet op het verschil tussen de kwaliteit van het op het gastransportnet ingevoede gas en het aan het gastransportnet onttrokken gas, gas met een hogere energie-inhoud naar een lagere energie-inhoud administratief of fysiek om te zetten;
|
||||
2°. indien noodzakelijk gelet op het verschil tussen de kwaliteit van het op het gastransportnet ingevoede gas en het aan het gastransportnet onttrokken gas, gas met een lagere energie-inhoud naar een hogere energie-inhoud administratief om te zetten, voor zover er gas met een hogere energie-inhoud voor omzetting beschikbaar is;
|
||||
|
|
@ -656,55 +656,56 @@ m. samen te werken met Acer;
|
|||
n. gas dat op het door hem beheerde gastransportnet wordt ingevoed te bewerken, te behandelen of te mengen teneinde te voldoen aan de afleverspecificaties, opgenomen in de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 11;
|
||||
o. gas te weren dat voldoet aan de invoedspecificaties, opgenomen in de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 11, maar waarvoor de uitvoering van de taak, bedoeld in onderdeel n, redelijkerwijs niet van de netbeheerder van het landelijk gastransportnet kan worden gevergd;
|
||||
p. in afwijking van onderdeel o en artikel 10, derde lid, onderdeel d, op verzoek van een afnemer het gas dat door die afnemer wordt ingevoed met gebruikmaking van het gastransportnet te bewerken, te behandelen of te mengen teneinde te voldoen aan de afleverspecificaties, opgenomen in de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 11, tegen een tarief dat de doelmatige kosten dekt;
|
||||
q. jaarlijks voor een bij ministeriële regeling te bepalen datum, na raadpleging van de representatieve organisaties van netgebruikers een raming aan Onze Minister aan te bieden van:
|
||||
q. jaarlijks voor een bij ministeriële regeling te bepalen datum, na raadpleging van de representatieve organisaties, Onze Minister een overzicht aan te bieden van de leveringszekerheid van gas waarin hij ingaat op:
|
||||
|
||||
1°. de in een gasjaar benodigde hoeveelheid laagcalorisch gas en de daarvoor benodigde capaciteit die uit het gebied dat is aangewezen in de bij koninklijk besluit van 30 mei 1963, nr. 39 (Stcrt. 126) verleende winningsvergunning, benodigd is om eindafnemers van de geraamde hoeveelheid laagcalorisch gas te voorzien, waarbij alle beschikbare middelen en methoden die deze hoeveelheid minimaliseren worden betrokken, en
|
||||
2°. de vraagontwikkeling voor de komende tien jaar naar laagcalorisch gas;
|
||||
1°. de hoeveelheden hoog- en laagcalorisch gas die in een gasjaar benodigd is om te voorzien in de gasvraag van eindafnemers;
|
||||
2°. de capaciteit die in een gasjaar benodigd is om eindafnemers van zowel hoog- als laagcalorisch gas te voorzien en de middelen en methoden die daarvoor beschikbaar zijn;
|
||||
3°. de benodigde hoeveelheden hoog- en laagcalorisch gas die gedurende het gasjaar moeten worden opgeslagen om de onder 1° bedoelde hoeveelheid gas op betrouwbare wijze te kunnen leveren en de onder 2° bedoelde capaciteit op betrouwbare wijze beschikbaar te hebben; en
|
||||
4°. de vraagontwikkeling voor de komende vijf jaar naar hoog- en laagcalorisch gas.
|
||||
r. van technische overeenkomsten over interconnectoren met derde landen kennis te geven aan de Autoriteit Consument en Markt.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de netbeheerder van het landelijk gastransportnet bij de uitvoering van zijn wettelijke taken energie inkoopt, doet hij dit op basis van een transparante, niet-discriminatoire en marktconforme procedure.
|
||||
|
||||
**3.** De rechtspersoon, aangewezen op grond van het vijftiende lid, is verplicht de netbeheerder van het landelijk gastransportnet een aanbod met redelijke tarieven en voorwaarden te doen tot levering aan de door de netbeheerder van het landelijk gastransportnet ter uitvoering van zijn wettelijke taken benodigde hoeveelheden gas in de door hem gevraagde hoeveelheden en op de door hem gewenste tijdstippen.
|
||||
**3.** Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld ter uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a en artikel 10, derde lid, onderdeel c. Deze regels hebben mede betrekking op de wijze waarop enerzijds de netbeheerder van het landelijk gastransportnet, en anderzijds gasproductiebedrijven, gasopslagbedrijven, LNG-bedrijven, andere netbeheerders, leveranciers en afnemers zich jegens elkaar gedragen.
|
||||
|
||||
**4.** Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld ter uitvoering van de taak, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a en artikel 10, derde lid, onderdeel c. Deze regels hebben mede betrekking op de wijze waarop enerzijds de netbeheerder van het landelijk gastransportnet, en anderzijds gasproductiebedrijven, gasopslagbedrijven, LNG-bedrijven, andere netbeheerders, leveranciers en afnemers zich jegens elkaar gedragen.
|
||||
**4.** De Autoriteit Consument en Markt brengt advies uit over het ontwerp van de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het derde lid. De voordracht voor een krachtens dit artikel vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet gedaan dan nadat het ontwerp in de Staatscourant is bekendgemaakt en aan een ieder de gelegenheid is geboden om binnen vier weken na de dag waarop de bekendmaking is geschied, wensen en bedenkingen ter kennis van Onze Minister te brengen. Gelijktijdig met de bekendmaking wordt het ontwerp aan de beide kamers der Staten-Generaal overgelegd.
|
||||
|
||||
**5.** De Autoriteit Consument en Markt brengt advies uit over het ontwerp van de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het vierde lid. De voordracht voor een krachtens dit artikel vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet gedaan dan nadat het ontwerp in de Staatscourant is bekendgemaakt en aan een ieder de gelegenheid is geboden om binnen vier weken na de dag waarop de bekendmaking is geschied, wensen en bedenkingen ter kennis van Onze Minister te brengen. Gelijktijdig met de bekendmaking wordt het ontwerp aan de beide kamers der Staten-Generaal overgelegd.
|
||||
**5.** Van een besluit als bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
|
||||
|
||||
**6.** Van een besluit als bedoeld in het eerste lid, onderdeel f, wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
|
||||
**6.** Indien de netbeheerder van het landelijk gastransportnet deelneemt aan een gemeenschappelijke onderneming waaraan ook een verticaal geïntegreerde buitenlandse instelling die op grond van nationale wettelijke regels belast is met het beheer van een transmissiesysteem als bedoeld in artikel 2, onderdeel 4, van de richtlijn deelneemt, draagt de netbeheerder van het landelijk gastransportnet er zorg voor dat de gemeenschappelijke onderneming een nalevingsprogramma ontwerpt, door Acer laat goedkeuren en implementeert met maatregelen die moeten worden genomen om discriminerend en concurrentieverstorend gedrag uit te sluiten.
|
||||
|
||||
**7.** Indien de netbeheerder van het landelijk gastransportnet deelneemt aan een gemeenschappelijke onderneming waaraan ook een verticaal geïntegreerde buitenlandse instelling die op grond van nationale wettelijke regels belast is met het beheer van een transmissiesysteem als bedoeld in artikel 2, onderdeel 4, van de richtlijn deelneemt, draagt de netbeheerder van het landelijk gastransportnet er zorg voor dat de gemeenschappelijke onderneming een nalevingsprogramma ontwerpt, door Acer laat goedkeuren en implementeert met maatregelen die moeten worden genomen om discriminerend en concurrentieverstorend gedrag uit te sluiten.
|
||||
**7.** Voordat de netbeheerder van het landelijk gastransportnet congestiebeheersprocedures hanteert voor interconnectiepunten, legt hij deze procedures ter goedkeuring voor aan de Autoriteit Consument en Markt.
|
||||
|
||||
**8.** Voordat de netbeheerder van het landelijk gastransportnet congestiebeheersprocedures hanteert voor interconnectiepunten, legt hij deze procedures ter goedkeuring voor aan de Autoriteit Consument en Markt.
|
||||
**8.**
|
||||
|
||||
Het overzicht, bedoeld in het eerste lid, onderdeel q, bevat ten minste een beschrijving van:
|
||||
|
||||
a. de hoeveelheden hoog- en laagcalorisch gas en de bijbehorende capaciteiten, benodigd om eindafnemers in de volgende gevallen van gas te voorzien:
|
||||
|
||||
1°. extreme temperaturen gedurende een zeven dagen durende piekperiode die voorkomt met een statistische waarschijnlijkheid van eens in de twintig jaar;
|
||||
2°. een periode van dertig dagen met een uitzonderlijk hoge gasvraag die voorkomt met een statistische waarschijnlijkheid van eens in de twintig jaar; en
|
||||
3°. een periode van dertig dagen in het geval van verstoring van de grootste afzonderlijke gasinfrastructuur onder gemiddelde winterse omstandigheden;
|
||||
b. de gewenste vulniveaus en de benodigde functionaliteiten van de gasopslaginstallaties voor hoog- en laagcalorisch gas;
|
||||
c. het verwachte planmatig onderhoud aan de installaties van de netbeheerder van het landelijk gastransportnet en de daaruit voortvloeiende transportbeperkingen;
|
||||
d. de verwachte ontwikkeling in de samenstelling van het hoogcalorisch gas;
|
||||
e. de optimale inzet van andere middelen en methoden, waaronder:
|
||||
|
||||
1°. de beschikbare conversiecapaciteit per gasjaar om gas met een hogere energie-inhoud om te zetten naar gas met een lagere energie-inhoud;
|
||||
2°. gasopslaginstallaties en LNG-installaties;
|
||||
3°. de beschikbare capaciteit op de grenspunten;
|
||||
4°. de verwachte productie van gas uit hernieuwbare energiebronnen; en
|
||||
5°. de inzet van de reservemiddelen waarover de netbeheerder van het landelijk gastransportnet beschikt om gas met een hogere energie-inhoud om te zetten naar gas met een lagere energie-inhoud, in het geval van een dag met een uitzonderlijk hoge vraag naar gas die zich met een statistische waarschijnlijkheid van eens in de twintig jaar voordoet;
|
||||
f. de verwachte vraag naar hoog- en laagcalorisch gas van verschillende categorieën eindafnemers.
|
||||
|
||||
**9.**
|
||||
|
||||
De raming, bedoeld in het eerste lid, onderdeel q, onder 1°, bevat tenminste een beschrijving van:
|
||||
Het overzicht, bedoeld in het eerste lid, onderdeel q, onder 4°, bevat ten minste een beschrijving van:
|
||||
|
||||
a. de verwachte behoefte aan laagcalorisch gas op basis van mogelijke temperatuurscenario’s;
|
||||
b. de optimale inzet van andere middelen en methoden, waaronder:
|
||||
a. de verwachte vraag naar hoog- en laagcalorisch gas waarbij een onderscheid in vraag tussen verschillende categorieën eindafnemers wordt aangegeven;
|
||||
b. de verwachte vraag naar hoog- en laagcalorisch gas waarbij een onderscheid wordt gemaakt naar verschillende temperatuurscenario’s; en
|
||||
c. de verwachte inzet van de middelen en methoden.
|
||||
|
||||
1°. een minimaal percentage van de beschikbare conversiecapaciteit per gasjaar om gas met een hogere energie-inhoud om te zetten naar gas met een lagere energie-inhoud,
|
||||
2°. het mengen van gas met een hogere energie-inhoud bij gas met een lagere energie-inhoud,
|
||||
3°. gasopslaginstallaties en LNG-installaties, en
|
||||
4°. de verwachte productie van gas uit hernieuwbare energiebronnen;
|
||||
c. de verwachte vraag naar gas van verschillende categorieën eindafnemers.
|
||||
|
||||
**10.**
|
||||
|
||||
De raming, bedoeld in het eerste lid, onderdeel q, onder 2°, bevat tenminste een beschrijving van:
|
||||
|
||||
a. de verwachte vraag naar laagcalorisch gas waarbij een onderscheid in vraag tussen verschillende categorieën eindafnemers wordt aangegeven;
|
||||
b. de verwachte inzet van de middelen en methoden.
|
||||
|
||||
**11.** De netbeheerder van het landelijk gastransportnet meldt een langdurige en substantiële afwijking van de inzet van de middelen en methoden of de vraag naar laagcalorisch gas ten opzichte van de raming aan Onze Minister.
|
||||
|
||||
**12.** Bij ministeriële regeling wordt de datum, bedoeld in het eerste lid, onderdeel q, en het percentage, bedoeld in het negende lid, onderdeel b, vastgesteld en kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de raming, bedoeld in het eerste lid, onderdeel q.
|
||||
|
||||
**13.** De netbeheerder van het landelijk gastransportnet zendt binnen een maand na afloop van een gasjaar een rapportage aan Onze Minister over de wijze waarop de middelen en methoden, bedoeld in het negende lid, onderdeel b, zijn ingezet.
|
||||
|
||||
**14.** De netbeheerder van het landelijk gastransportnet voert zijn wettelijke taken, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en q, zo uit dat dit optimaal bijdraagt aan het minimaliseren van de winning van gas uit het Groningenveld.
|
||||
|
||||
**15.** Onze Minister wijst een rechtspersoon aan voor de taak, bedoeld in het derde lid.
|
||||
**10.** Bij ministeriële regeling wordt de datum, bedoeld in het eerste lid, onderdeel q, vastgesteld en kunnen nadere regels worden gesteld omtrent het overzicht, bedoeld in het eerste lid, onderdeel q.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 1.4. Overige verplichtingen voor netbeheerders
|
||||
|
||||
|
|
@ -880,7 +881,7 @@ c. de termijn voor het geven van een beslissing op een aanvraag.
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De netbeheerder van het landelijk gastransportnet vermeldt in de rapportage, bedoeld in artikel 10a, dertiende lid, in elk geval:
|
||||
De netbeheerder van het landelijk gastransportnet zendt binnen een maand na afloop van een gasjaar een rapportage aan Onze Minister over:
|
||||
|
||||
a. de voortgang van de uitvoering van de taak, bedoeld in artikel 10i, in relatie tot de geldende planning;
|
||||
b. in hoeverre het onttrekken van laagcalorisch gas aan het gastransportnet door een afnemer als bedoeld in artikel 10g, eerste lid, via diens aansluiting is beëindigd.
|
||||
|
|
@ -2014,7 +2015,7 @@ De Autoriteit Consument en Markt kan een last onder bestuursdwang opleggen in ge
|
|||
De Autoriteit Consument en Markt kan in geval van overtreding van het bepaalde bij of krachtens:
|
||||
|
||||
a. de artikelen 1h, 2, vijfde en zesde lid, 2a, negende lid, 2b, zevende lid, 3c, derde lid, 4, eerste en tweede lid, 7a, 10, tweede lid en derde lid, onderdeel b, 10Aa, vierde lid, 10Ee, 10f, eerste en tweede lid, 10g, eerste lid, 10l, vijfde lid, 10n, derde en vijfde lid, 12i, derde lid, 13d, elfde lid, 13e, twaalfde en veertiende lid,17a, 18g, vijfde lid, 35b, 35c, 35d, 35e, 39h, eerste lid, 40, tweede lid, 42, 44, tweede en achtste lid, 52a, derde lid, 52d, 56, artikel 66d, eerste en derde lid, 82, eerste en derde lid, en 83, en de artikelen 8, 9 en 15 van verordening 1227/2011, de overtreder per overtreding een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 900.000 of, indien dat meer is, 1% van de omzet van de overtreder, en
|
||||
b. de artikelen 2b, zevende lid, 2c, tweede en derde lid, 3, eerste lid, 3b, eerste en tweede lid, 3c, eerste en tweede lid, 7, 8, 9a9b, 10, eerste lid, derde lid, onderdeel a, en vierde tot en met zesde lid, 10Aa, eerste tot en met derde lid, 10a, eerste,tweede, derde en achtste lid, 10b, 10c, 10d, eerste tot en met vierde lid, 10e, 10i, 12a, 12b, 12e, eerste lid, 12f, 12g, 13b, 13c, 13d, eerste tot en met vierde lid, 13e, eerste tot en met vierde lid, zesde, zevende en negende lid, 12f, 18g, eerste en derde lid, 23, 24, tweede lid, 25, derde en vierde lid,32, 35a, 37, eerste tot en met derde lid, 39, tweede lid, 40, eerste, derde en vierde lid, 43, eerste lid, 44, eerste en vijfde lid, 44a, 44b eerste, tweede, vijfde en zesde lid, 47, tweede lid, 51, 52b, 60, tweede lid, 63, 66a, 66b, 66c, 72, 73, vierde lid en 85b de artikelen 3, 4 en 5 van verordening 1227/2011 en besluiten als bedoeld in artikel 2, onderdeel d, van verordening 2019/942, de overtreder per overtreding een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 900.000 of, indien dat meer is, 10% van de omzet van de overtreder.
|
||||
b. de artikelen 2b, zevende lid, 2c, tweede en derde lid, 3, eerste lid, 3b, eerste en tweede lid, 3c, eerste en tweede lid, 7, 8, 9a9b, 10, eerste lid, derde lid, onderdeel a, en vierde tot en met zesde lid, 10Aa, eerste tot en met derde lid, 10a, eerste, tweede en zevende lid, 10b, 10c, 10d, eerste tot en met vierde lid, 10e, 10i, 12a, 12b, 12e, eerste lid, 12f, 12g, 13b, 13c, 13d, eerste tot en met vierde lid, 13e, eerste tot en met vierde lid, zesde, zevende en negende lid, 12f, 18g, eerste en derde lid, 23, 24, tweede lid, 25, derde en vierde lid,32, 35a, 37, eerste tot en met derde lid, 39, tweede lid, 40, eerste, derde en vierde lid, 43, eerste lid, 44, eerste en vijfde lid, 44a, 44b eerste, tweede, vijfde en zesde lid, 47, tweede lid, 51, 52b, 60, tweede lid, 63, 66a, 66b, 66c, 72, 73, vierde lid en 85b de artikelen 3, 4 en 5 van verordening 1227/2011 en besluiten als bedoeld in artikel 2, onderdeel d, van verordening 2019/942, de overtreder per overtreding een bestuurlijke boete opleggen van ten hoogste € 900.000 of, indien dat meer is, 10% van de omzet van de overtreder.
|
||||
|
||||
**2.** De bestuurlijke boete die ingevolge het eerste lid, onderdelen a en b, ten hoogste kan worden opgelegd wordt verhoogd met 100%, indien binnen een tijdvak van vijf jaar voorafgaand aan de dagtekening van het van de overtreding opgemaakte rapport, bedoeld in artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, een aan die overtreder voor een eerdere overtreding van eenzelfde of een soortgelijk wettelijk voorschrift opgelegde bestuurlijke boete onherroepelijk is geworden.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2406,7 +2407,7 @@ b. de gemaakte kosten voor investeringen, bedoeld in artikel 39e, of 54a, derde
|
|||
c. de geschatte kosten voor de uitvoering van artikel 1i, voor zover deze kosten doelmatig zijn en niet op grond van artikel 82a in rekening zijn gebracht via een tarief;
|
||||
d. de geschatte kosten voor de uitvoering van artikel 10b, voor zover deze kosten doelmatig zijn en niet op grond van artikel 82b in rekening zijn gebracht via een tarief.
|
||||
|
||||
**4.** De Autoriteit Consument en Markt stelt na overleg met de gezamenlijke netbeheerders en met representatieve organisaties een doelmatigheidskorting vast. Dit besluit geldt voor dezelfde periode als het besluit op grond van het tweede lid. De doelmatigheidskorting heeft tot doel om een doelmatige bedrijfsvoering te bevorderen. De Autoriteit Consument en Markt kan een beleidsregel vaststellen betreffende de beoordeling van de doelmatigheid van de kosten van de taak, bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onderdeel c.
|
||||
**4.** De Autoriteit Consument en Markt stelt na overleg met de gezamenlijke netbeheerders en met representatieve organisaties een doelmatigheidskorting vast. Dit besluit geldt voor dezelfde periode als het besluit op grond van het tweede lid. De doelmatigheidskorting heeft tot doel om een doelmatige bedrijfsvoering te bevorderen.
|
||||
|
||||
**5.** De Autoriteit Consument en Markt stelt jaarlijks de tarieven vast die kunnen verschillen voor de onderscheiden tariefdragers. Bij het vaststellen van de tarieven betrekt de Autoriteit Consument en Markt, in afwijking van het tweede en vierde lid, de geschatte kosten voor de uitvoering van wettelijke taken waarmee bij de vaststelling van een besluit als bedoeld in het tweede lid, geen rekening is gehouden, voor zover deze kosten doelmatig zijn.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue