2005-01-01 | BWBR0004447 | Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie
This commit is contained in:
parent
38713a0991
commit
3f1bb9feee
1 changed files with 2 additions and 2 deletions
|
|
@ -131,11 +131,11 @@ e. door de aspirant-adoptiefouders dient op bevredigende wijze door middel van b
|
|||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
**1.** Indien is gehandeld in strijd met artikel 2 kan de kinderrechter een voogdij-instelling als bedoeld in artikel 60 van de Wet op de jeugdhulpverlening belasten met de voorlopige voogdij over de minderjarige, tenzij dit niet verenigbaar is met het belang van de minderjarige. In geval van voorlopige voogdij wendt de raad voor de kinderbescherming zich binnen zes weken tot de rechter ten einde een voorziening in het gezag over de minderjarige te verkrijgen. Artikel 241, vierde, vijfde en zesde lid alsmede artikel 306*a* van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel 813, tweede lid van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**1.** Indien is gehandeld in strijd met artikel 2 kan de kinderrechter een stichting als bedoeld in artikel 1, onder f, van de Wet op de jeugdzorg belasten met de voorlopige voogdij over de minderjarige, tenzij dit niet verenigbaar is met het belang van de minderjarige. In geval van voorlopige voogdij wendt de raad voor de kinderbescherming zich binnen zes weken tot de rechter ten einde een voorziening in het gezag over de minderjarige te verkrijgen. Artikel 241, vierde, vijfde en zesde lid alsmede artikel 306*a* van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek zijn van overeenkomstige toepassing. Artikel 813, tweede lid van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**2.** De voorlopige voogdij eindigt, behoudens eerdere intrekking, op het tijdstip waarop hetzij de voogdij over de minderjarige, dan wel diens verblijf bij aspirant-adoptiefouders aan wie een beginseltoestemming is verleend, een aanvang neemt, hetzij de minderjarige in het land van herkomst wordt teruggeplaatst.
|
||||
|
||||
**3.** De kosten die de voogdij-instelling ten behoeve van de minderjarige moet maken, komen ten laste van degene die de minderjarige in strijd met artikel 2 heeft opgenomen. De artikelen 41 tot en met 41*i* van de Wet op de jeugdhulpverlening zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**3.** De kosten die de stichting ten behoeve van de minderjarige moet maken, komen ten laste van degene die de minderjarige in strijd met artikel 2 heeft opgenomen. De artikelen 69 en 71 tot en met 76 van de Wet op de jeugdzorg zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 4. Het gezinsonderzoek na binnenkomst in Nederland van een tijdens gewoon verblijf in het buitenland opgenomen buitenlands kind
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue