diff --git a/wet/wet-op-het-accountantsberoep/BWBR0032573/README.md b/wet/wet-op-het-accountantsberoep/BWBR0032573/README.md index a3f2d2e9ddd..22beda74a6e 100644 --- a/wet/wet-op-het-accountantsberoep/BWBR0032573/README.md +++ b/wet/wet-op-het-accountantsberoep/BWBR0032573/README.md @@ -204,8 +204,9 @@ h. de tarieven die in rekening worden gebracht voor de werkzaamheden als bedoeld i. de vergoeding van de kosten, bedoeld in artikel 38, eerste lid; j. de praktijkopleiding en het daarbij behorende examen, bedoeld in artikel 47, eerste lid; k. de beroepsprofielen behorend bij de accountantstitels, genoemd in artikel 41, eerste lid; -l. de inhoud van het examen ten behoeve van de verklaring van vakbekwaamheid, bedoeld in artikel 54, eerste lid, onderdeel d; -m. het instellen, opheffen en beheer van eventuele fondsen in het belang van de beroepsgroep. +l. de inrichting, de wijze van afname en de hoogte van de examengelden van het examen, bedoeld in artikel 54, eerste lid, onderdeel c, en de voorwaarden voor het verkrijgen van vrijstellingen van onderdelen daarvan;. +m. de inhoud van het examen ten behoeve van de verklaring van vakbekwaamheid, bedoeld in artikel 54, eerste lid, onderdeel d; +n. het instellen, opheffen en beheer van eventuele fondsen in het belang van de beroepsgroep. **3.** De ledenvergadering kan bij verordening de bevoegdheid tot het stellen van nadere voorschriften delegeren aan het bestuur. @@ -313,7 +314,7 @@ Het bestuur verstrekt Onze Minister desgevraagd alle inlichtingen over zaken die Goedkeuring van Onze Minister behoeven: -a. verordeningen over de onderwerpen, genoemd in artikel 19, tweede lid, onderdelen b tot en met m, en onderdeel a, voor zover deze betrekking hebben op het verrichten van wettelijke controles; +a. verordeningen over de onderwerpen, genoemd in artikel 19, tweede lid, onderdelen b tot en met n, en onderdeel a, voor zover deze betrekking hebben op het verrichten van wettelijke controles; b. nadere voorschriften die gebaseerd zijn op een verordening als bedoeld in de onderdelen a of b, en betrekking hebben op het verrichten van wettelijke controles; c. overige nadere voorschriften waarvan Onze Minister bij de goedkeuring van de verordening waarop het nadere voorschrift is gebaseerd heeft bepaald dat zij goedkeuring behoeven. @@ -543,17 +544,19 @@ d. met goed gevolg een examen heeft afgelegd waarbij de kennis van de betrokkene ### Artikel 55 -**1.** Degene, die in strijd handelt met artikel 41, tweede lid, wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie. +**1.** Met het toezicht op de naleving van artikel 41, tweede lid, van deze wet, zijn belast de bij besluit van Onze Minister aangewezen personen. -**2.** Het in het eerste lid strafbaar gestelde feit is een overtreding. +**2.** Van een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant. -**3.** Indien tijdens het plegen van een strafbaar feit als bedoeld in het eerste lid nog geen jaar is verlopen sedert een vroegere veroordeling van de schuldige wegens het plegen van een strafbaar feit als bedoeld in dat lid onherroepelijk is geworden, wordt hij gestraft met een hechtenis van ten hoogste twee weken of een geldboete van de tweede categorie. Onder vroegere veroordeling wordt mede verstaan een vroegere veroordeling door een strafrechter in een andere lidstaat van de Europese Unie wegens soortgelijke feiten. +**3.** De toezichthouder beschikt niet over de bevoegdheden, genoemd in de artikelen 5:18 en 5:19 van de Algemene wet bestuursrecht. ### Artikel 56 -**1.** Met de opsporing van bij deze wet strafbaar gestelde feiten zijn, behalve de bij of krachtens artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering aangewezen ambtenaren, belast zij die daartoe door Onze Minister van Veiligheid en Justitie in overeenstemming met Onze Minister zijn aangewezen. +**1.** Onze Minister is bevoegd tot oplegging van een last onder dwangsom ter handhaving van artikel 41, tweede lid, van deze wet en artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht. -**2.** Van een krachtens het eerste lid vastgestelde beschikking wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant. +**2.** Onze Minister is bevoegd tot oplegging van een bestuurlijke boete wegens overtreding van artikel 41, tweede lid, van deze wet en artikel 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht. + +**3.** De op grond van het tweede lid op te leggen bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de tweede categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht. ### Paragraaf 8.2. Beroep