2007-10-20 | BWBR0009124 | Zeevaartbemanningswet

This commit is contained in:
Coornhert 2007-10-20 12:00:00 +00:00
parent 9c906351a9
commit 401bcda8c0

View file

@ -38,7 +38,8 @@ s. beroepsvereisten: de krachtens deze wet gestelde vereisten ten aanzien van de
t. geneeskundige verklaring van geschiktheid voor de zeevaart: een verklaring als bedoeld in artikel 40;
u. tuchtcollege: het tuchtcollege voor de scheepvaart als bedoeld in artikel 55a, tweede lid;
v. verwerking van persoonsgegevens: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Wet bescherming persoonsgegevens;
w. verantwoordelijke: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Wet bescherming persoonsgegevens.
w. verantwoordelijke: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Wet bescherming persoonsgegevens;
x. bewijs van beroepsbekwaamheid: elk geldig document dat is afgegeven door of onder de verantwoordelijkheid van de bevoegde autoriteit van een lidstaat van de Europese Unie, een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, in overeenstemming met artikel 5 van richtlijn 2001/25/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 4 april 2001 inzake het minimumopleidingsniveau van zeevarenden (PbEG L 136) en de in de daarbij behorende bijlage I vastgestelde vereisten.
### Artikel 2
@ -299,12 +300,24 @@ Bij ministeriële regeling kan worden bepaald voor welke bij internationale rege
**2.** Aan de houder van een geldig vaarbevoegdheidsbewijs, diploma of certificaat dat ingevolge het eerste lid is erkend, wordt, indien hij ook overigens voldoet aan de eisen gesteld ingevolge artikel 19, eerste lid, aanhef en onderdeel a, ten 2° en ten 3°, en hij dienst gaat doen op een Nederlands schip, een vaarbevoegdheidsbewijs afgegeven, waarop een officiële verklaring is opgenomen dat dit vaarbevoegdheidsbewijs is afgegeven op grond van een erkend vaarbevoegdheidsbewijs.
**3.** Een verklaring als bedoeld in artikel 11 van de Algemene wet erkenning EG-hoger-onderwijsdiplomas en in artikel 14 van de Algemene wet erkenning EG-beroepsopleidingen voor een beroep waarvoor de vaarbevoegdheden genoemd in artikel 18 geldig zijn, wordt met een erkend vaarbevoegdheidsbewijs, diploma of certificaat als bedoeld in het tweede lid gelijkgesteld.
**3.** Een verklaring als bedoeld in artikel 11 van de Algemene wet erkenning EG-hoger-onderwijsdiplomas en in artikel 14 van de Algemene wet erkenning EG-beroepsopleidingen voor een beroep waarvoor de vaarbevoegdheden genoemd in artikel 18, tweede lid, onderdeel d, geldig zijn, wordt met een erkend vaarbevoegdheidsbewijs, diploma of certificaat als bedoeld in het tweede lid gelijkgesteld.
**4.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met inachtneming waarvan de inspecteur-generaal een vaarbevoegdheidsbewijs als bedoeld in het tweede lid afgeeft.
**5.** Bij ministeriële regeling wordt bepaald welke bescheiden worden overgelegd bij de aanvraag voor een vaarbevoegdheidsbewijs als bedoeld in het tweede lid.
### Artikel 22a
**1.** Onze Minister erkent een bewijs van beroepsbekwaamheid dat is afgegeven door of onder de verantwoordelijkheid van de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat van de Europese Unie, een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland.
**2.** Aan de houder van een bewijs van beroepsbekwaamheid als bedoeld in het eerste lid, wordt, indien hij ook overigens voldoet aan de eisen gesteld ingevolge artikel 19, eerste lid, aanhef en onderdeel a, ten 1°, ten 2° en ten 3°, en hij dienst gaat doen op een Nederlands schip, een vaarbevoegdheidsbewijs afgegeven.
**3.** Een ingevolge het tweede lid afgegeven vaarbevoegdheidsbewijs is beperkt tot de in het oorspronkelijke bewijs omschreven functies, taken en verantwoordelijkheidsniveaus en bevat een officiële verklaring dat het bewijs is afgegeven op grond van een erkend vaarbevoegdheidsbewijs.
**4.** Bij ministeriële regeling wordt bepaald welke bescheiden worden overgelegd bij de aanvraag van een vaarbevoegdheidsbewijs.
**5.** Het tweede lid is niet van toepassing op gezellen.
### Artikel 23
**1.** Onze Minister onderzoekt schriftelijke verklaringen over of aanwijzingen van medische ongeschiktheid of onbekwaamheid tot het uitoefenen van een functie aan boord van houders van een vaarbevoegdheidsbewijs als bedoeld in de artikelen 18 of 22.
@ -526,6 +539,10 @@ a. betreffende de algemene lichamelijke geschiktheid;
b. betreffende het gezichtsorgaan, en
c. betreffende het gehoororgaan.
### Artikel 40a
Een geneeskundige verklaring waaruit blijkt dat een bemanningslid is gekeurd en medisch geschikt bevonden voor de zeevaart door een geneeskundige of medisch specialist die door de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat van de Europese Unie, een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland daartoe is aangewezen, wordt gelijkgesteld met een geneeskundige verklaring als bedoeld in artikel 40, eerste lid.
### Artikel 41
De geneeskundige verklaringen van geschiktheid voor de zeevaart, bedoeld in artikel 40, eerste lid, worden bij aanmonstering overgelegd.
@ -705,6 +722,10 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen, ter uitvoering van het o
Er is een Centraal register bemanningsgegevens, waarin de inspecteur-generaal de afgegeven monsterboekjes en voorlopige monsterboekjes, de afgegeven en ingetrokken vaarbevoegdheidsbewijzen als bedoeld in de artikelen 18 en 22, de gegeven vrijstellingen en ontheffingen, en de hem toegezonden gegevens van de monsterrollen, registreert.
### Artikel 65a
Onze Minister is bevoegd aan de tot het verstrekken en ontvangen van informatie bevoegde autoriteit van een lidstaat van de Europese Unie, een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of het op 7 juli 1978 te Londen tot stand gekomen Internationaal Verdrag betreffende de normen voor zeevarenden inzake opleiding, diplomering en wachtdienst, 1978 (Trb. 1981, 144), informatie te verstrekken en van deze te ontvangen omtrent de verlening van een vaarbevoegdheidsbewijs of een ander bewijs van beroepsbekwaamheid.
### Artikel 66
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de wijze waarop de gegevens in het Centraal register bemanningsgegevens worden geregistreerd.
@ -817,11 +838,15 @@ f. het Besluit bijzondere verkrijging diploma A als scheepswerktuigkundige.
Bij algemene maatregel van bestuur worden de beroepsvereisten bepaald voor de functies, tot welke de in artikel 76, eerste lid, genoemde diplomas toegang verlenen.
### Artikel 77a
Ten aanzien van beroepen waarvoor de vaarbevoegdheden, genoemd in artikel 18, tweede lid, onderdelen a, b, c en e, geldig zijn, behouden verklaringen als bedoeld in artikel 22, derde lid, zoals dat luidde voor 20 oktober 2007, hun geldigheid overeenkomstig de daarop aangegeven einddatum.
## Hoofdstuk 9. Slotbepalingen
### Artikel 78
Wijzigt de Wet op de economische delicten.
Een wijziging van richtlijn nr. 2001/25/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 4 april 2001 inzake het minimumopleidingsniveau van zeevarenden (PbEG L 136) gaat voor de toepassing van deze wet gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit, dat in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld.
### Artikel 79