2007-01-01 | BWBR0006530 | Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren
This commit is contained in:
parent
68c639f410
commit
40906c7b63
1 changed files with 7 additions and 7 deletions
|
|
@ -18,17 +18,17 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
|
|||
|
||||
a. Advies- en Arbitragecommissie: Advies- en Arbitragecommissie, bedoeld in artikel 53, eerste lid, van de wet;
|
||||
b. arbeidsongeschiktheid: arbeidsongeschiktheid als bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de WAO;
|
||||
c. arbodienst: arbodienst als bedoeld in de Arbeidsomstandighedenwet 1998;
|
||||
c. arbodienst: arbodienst als bedoeld in de Arbeidsomstandighedenwet;
|
||||
d. beroepsziekte: ziekte, die in overwegende mate haar oorzaak vindt in de aard van de werkzaamheden van de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding dan wel in de bijzondere omstandigheden waaronder deze moesten worden verricht, en niet aan zijn schuld of onvoorzichtigheid is te wijten;
|
||||
e. bovenwettelijke WW-uitkering: uitkering, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, van het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid van rechterlijke ambtenaren;
|
||||
f. deelnemers aan het overleg: deelnemers, bedoeld in artikel 50 van de wet;
|
||||
g. deskundige persoon: deskundige persoon als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 die belast is met de taken, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdelen b of c, van die wet;
|
||||
g. deskundige persoon: deskundige persoon als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet die belast is met de taken, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdelen b of c, van die wet;
|
||||
h. dienstongeval: ongeval, dat in overwegende mate zijn oorzaak vindt in de aard van de werkzaamheden van de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding dan wel in de bijzondere omstandigheden waaronder deze moesten worden verricht, en niet aan zijn schuld of onvoorzichtigheid is te wijten;
|
||||
i. gewezen rechterlijk ambtenaar: rechterlijk ambtenaar aan wie ontslag is verleend, met ingang van de dag waarop het ontslag is ingetreden;
|
||||
j. herplaatsen: opdragen van een andere taak als bedoeld in artikel 35 van dit besluit onderscheidenlijk artikel 46k van de wet;
|
||||
k. herplaatsingstoelage: herplaatsingstoelage als bedoeld in hoofdstuk 9 van het pensioenreglement;
|
||||
l. invaliditeitspensioen: invaliditeitspensioen als bedoeld in hoofdstuk 8 van het pensioenreglement;
|
||||
m. medisch advies: advies van de deskundige persoon of de arbodienst dat ten aanzien van de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding is uitgebracht na een arbeidsgezondheidskundig onderzoek als bedoeld in artikel 18 van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 en artikel 13 van dit besluit;
|
||||
m. medisch advies: advies van de deskundige persoon of de arbodienst dat ten aanzien van de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding is uitgebracht na een arbeidsgezondheidskundig onderzoek als bedoeld in artikel 18 van de Arbeidsomstandighedenwet en artikel 13 van dit besluit;
|
||||
n. Onze Minister: Onze Minister van Justitie;
|
||||
o. overleg: overleg met de Sectorcommissie rechterlijke macht, bedoeld in artikel 48, eerste en derde lid, van de wet;
|
||||
p. passende arbeid: alle arbeid die voor de krachten en bekwaamheden van de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding is berekend, tenzij aanvaarding om redenen van lichamelijke, geestelijke of sociale aard niet van de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding kan worden gevergd;
|
||||
|
|
@ -190,7 +190,7 @@ In dit hoofdstuk wordt onder rechterlijk ambtenaar mede verstaan: rechterlijk am
|
|||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
**1.** Onverminderd hetgeen terzake is bepaald in de Arbeidsomstandighedenwet 1998 geniet de rechterlijk ambtenaar arbeidsgezondheidskundige begeleiding op basis van dit hoofdstuk.
|
||||
**1.** Onverminderd hetgeen terzake is bepaald in de Arbeidsomstandighedenwet geniet de rechterlijk ambtenaar arbeidsgezondheidskundige begeleiding op basis van dit hoofdstuk.
|
||||
|
||||
**2.** De functionele autoriteit is verantwoordelijk voor de begeleiding van verzuim en de arbeidsgezondheidskundige begeleiding van de rechterlijk ambtenaar.
|
||||
|
||||
|
|
@ -530,7 +530,7 @@ b. onder «betrokkenen» wordt verstaan:
|
|||
|
||||
1°. degenen wier rechtspositie is geregeld op grond van de wet;
|
||||
2°. gewezen personeel als bedoeld in onderdeel 1°, waaraan wegens ontslag uit de betrekking een uitkering is toegekend krachtens of op de voet van het Rijkswachtgeldbesluit 1959, de Uitkeringsregeling 1966, een vutovereenkomst als bedoeld in de Wet kaderregeling vut overheidspersoneel, of krachtens een andere overeenkomstige regeling;
|
||||
3°. degenen aan wie een pensioen is toegekend krachtens het pensioenreglement en die in de maand voorafgaande aan de pensionering behoorden tot de categorieën, bedoeld in onderdeel 1° of 2°;
|
||||
3°. degenen aan wie een pensioen is toegekend krachtens het pensioenreglement en die in de maand voorafgaande aan de pensionering behoorden tot de categorieën, bedoeld in onderdeel 1° of 2°;
|
||||
4°. de krachtens het reglement, genoemd in onderdeel 3°, weduwen of weduwnaarspensioengenietende niet hertrouwde weduwen of weduwnaars van degenen die op de dag van overlijden betrokkenen waren in de zin van dit besluit, of betrokkenen zouden zijn geweest indien dit besluit op die dag van kracht zou zijn geweest;
|
||||
5°. gewezen personeel als bedoeld in onderdeel 1° aan wie een WAO-uitkering als bedoeld in artikel 31 van de Wet privatisering ABP is toegekend.
|
||||
|
||||
|
|
@ -566,7 +566,7 @@ De gewezen rechterlijk ambtenaar die krachtens dit hoofdstuk aanspraak heeft op
|
|||
|
||||
**1.** Na het overlijden van de gewezen rechterlijk ambtenaar, die op de dag van zijn overlijden op grond van artikel 18 of artikel 26 in het genot was van de doorbetaling van zijn laatstelijk genoten bezoldiging onderscheidenlijk 70% daarvan, wordt aan de in artikel 18 van de wet bedoelde personen en met overeenkomstige toepassing van dat artikel uitgekeerd een bedrag, gelijk aan de bezoldiging die de gewezen rechterlijk ambtenaar op de dag van zijn overlijden genoot onderscheidenlijk 70% daarvan, berekend over een tijdvak van drie maanden.
|
||||
|
||||
**2.** Op de in het eerste lid bedoelde uitkering wordt in mindering gebracht een uitkering op grond van artikel 35 van de ZW, artikel 53 van de WAO of de artikelen 6 of 11 van het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid van rechterlijke ambtenaren en naar aard en strekking daarmee overeenkomende uitkeringen, indien deze uitkeringen worden uitgekeerd. Artikel 25, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing op deze uitkeringen.
|
||||
**2.** Op de in het eerste lid bedoelde uitkering wordt in mindering gebracht een uitkering op grond van artikel 35 van de ZW, artikel 53 van de WAO of de artikelen 6 of 11 van het Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid van rechterlijke ambtenaren en naar aard en strekking daarmee overeenkomende uitkeringen, indien deze uitkeringen worden uitgekeerd. Artikel 25, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing op deze uitkeringen.
|
||||
|
||||
### Artikel 32
|
||||
|
||||
|
|
@ -607,7 +607,7 @@ Aan de rechterlijk ambtenaar, die ongeschikt is tot het verrichten van zijn arbe
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Anders dan op diens aanvraag, bij wijze van straf of ingevolge artikel 7 van de Wet Incompatibiliteiten Staten-Generaal en Europees Parlement, de artikelen 95, 96a, 96b of 97 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement of artikel 125e, tweede lid, van de Ambtenarenwet, kan de rechterlijk ambtenaar worden ontslagen op grond van:
|
||||
Anders dan op diens aanvraag, bij wijze van straf of ingevolge artikel 7 van de Wet Incompatibiliteiten Staten-Generaal en Europees Parlement, de artikelen 95, 96a, 96b of 97 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement of artikel 125e, tweede lid, van de Ambtenarenwet, kan de rechterlijk ambtenaar worden ontslagen op grond van:
|
||||
|
||||
a. het verlies van een vereiste voor de benoembaarheid, door het bevoegde gezag gesteld bij een regeling aan de benoeming voorafgegaan, tenzij het vereiste alleen voor de aanvang van het ambt geldt;
|
||||
b. het aangaan van een graad van zwagerschap, die de benoembaarheid tot het ambt zou uitsluiten;
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue