2003-09-01 | BWBR0007497 | Besluit explosieveilig materieel

This commit is contained in:
Coornhert 2003-09-01 12:00:00 +00:00
parent 2a6e85921e
commit 41bd60cd07

View file

@ -1,14 +1,14 @@
---
titel: Besluit explosieveilig materieel
titel: Warenwetbesluit explosieveilig materieel
bwb_id: BWBR0007497
type: AMvB
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '1995-08-18'
datum_inwerkingtreding: '2003-07-03'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0007497
citeertitel: Besluit explosieveilig materieel
citeertitel: Warenwetbesluit explosieveilig materieel
---
# Besluit explosieveilig materieel
# Warenwetbesluit explosieveilig materieel
## Hoofdstuk I. Algemene bepalingen
@ -16,7 +16,7 @@ citeertitel: Besluit explosieveilig materieel
In dit besluit en de daarop gebaseerde bepalingen wordt verstaan onder:
a. wet: Wet op de gevaarlijke werktuigen;
a. wet: Warenwet;
b. apparaten: machines, materieel, vaste of mobiele inrichtingen, bedieningsorganen en instrumenten alsmede detectie- en preventiesystemen die, alleen of in combinatie, bestemd zijn voor produktie, transport, opslag, meting, regeling, energieomzetting of grondstoffenverwerking en die door hun inherente potentiële ontstekingsbronnen in een explosieve atmosfeer een explosie kunnen veroorzaken;
c. apparaten van groep I: apparaten, bedoeld voor ondergrondse werkzaamheden in mijnen en in bovengrondse mijninstallaties, waar ten gevolge van mijngas of brandbaar stof gevaar heerst of kan heersen;
d. apparaten van groep II: apparaten, bedoeld voor gebruik op andere plaatsen dan genoemd onder c, waar ten gevolge van de explosieve atmosfeer gevaar kan heersen;
@ -26,16 +26,14 @@ g. voorzieningen: veiligheids-, controle- en regelvoorzieningen, bedoeld voor ge
h. explosieveilig materieel: apparaten, beveiligingssystemen, componenten en voorzieningen;
i. explosieve atmosfeer: mengsel van lucht en brandbare stoffen in de vorm van gassen, dampen, nevels of stof, onder atmosferische omstandigheden waarin de verbranding zich na ontsteking uitbreidt tot het gehele niet-verbrande mengsel;
j. plaats waar ontploffingsgevaar kan heersen: plaats waar ten gevolge van plaatselijke- en bedrijfsomstandigheden een explosieve atmosfeer kan ontstaan;
k. bedoeld gebruik: gebruik van apparaten, beveiligingssystemen en voorzieningen overeenkomstig de apparatengroep en apparatencategorie alsmede overeenkomstig alle door de fabrikant verstrekte aanwijzingen die noodzakelijk zijn om de veilige werking van de apparaten te waarborgen;
k. bedoeld gebruik: gebruik van apparaten, beveiligingssystemen en voorzieningen overeenkomstig de apparatengroep en apparatencategorie alsmede overeenkomstig alle door de fabrikant verstrekte aanwijzingen die noodzakelijk zijn om de veilige werking van de apparaten, beveiligingssystemen en voorzieningen te waarborgen;
l. Europese Economische Ruimte: het grondgebied waarop de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte van toepassing is;
m. keuringsinstantie: een ingevolge artikel 5, eerste lid, van de wet in het kader van de richtlijn aangewezen dienst, instelling, onderzoekingsbureau of onderneming dan wel een door een andere lid-staat bij de Commissie van de Europese Gemeenschappen aangemelde instantie;
m. aangewezen aangemelde instelling: een krachtens artikel 7a van de wet in het kader van de richtlijn aangewezen en bij de Commissie van de Europese Gemeenschappen aangemelde instelling, dan wel een door een andere staat die partij is bij de Overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte in het kader van de richtlijn aangewezen en bij de Commissie van de Europese Gemeenschappen in het kader van de richtlijn aangemelde instelling;
n. richtlijn: richtlijn nr. 94/9/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 23 maart 1994 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten betreffende apparaten en beveiligingssystemen bedoeld voor gebruik op plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen (*PbEG* L 100).
### Artikel 2
**1.** Als gevaarlijke werktuigen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel *a*, van de wet, worden aangewezen apparaten en voorzieningen.
**2.** Als beveiligingsmiddelen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel *b*, van de wet, worden aangewezen beveiligingssystemen en componenten.
Vervallen
### Artikel 3
@ -44,16 +42,26 @@ Dit besluit is niet van toepassing op:
a. medische hulpmiddelen, bedoeld voor gebruik op medisch gebied;
b. apparaten en beveiligingssystemen wanneer het explosiegevaar uitsluitend voortvloeit uit de aanwezigheid van explosieve stoffen of chemisch instabiele stoffen;
c. apparaten, bedoeld voor gebruik in een huiselijke, niet-commerciële sfeer;
d. persoonlijke beschermingsmiddelen die onder het Besluit persoonlijke beschermingsmiddelen of onder het Warenwetbesluit persoonlijke beschermingsmiddelen vallen;
d. persoonlijke beschermingsmiddelen die onder het Warenwetbesluit persoonlijke beschermingsmiddelen vallen;
e. zeeschepen en mobiele offshore-installaties alsmede de uitrusting aan boord van deze schepen of installaties;
f. voertuigen en aanhangwagens daarvan, die uitsluitend zijn bestemd voor het vervoer van personen in de lucht, via het wegen- of spoorwegnet of op het water en vervoermiddelen voor zover deze zijn ontworpen voor het vervoer van goederen in de lucht, via het openbare wegen- of spoorwegnet of op het water, behalve de voertuigen, bedoeld voor gebruik op plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen;
g. explosieveilig materieel, bestemd voor militaire doeleinden.
## Hoofdstuk IA. Verbodsbepalingen
### Artikel 3a
**1.** Het is verboden apparaten, beveiligingssystemen, componenten en voorzieningen te verhandelen, in bedrijf te stellen of te gebruiken, die niet voldoen aan de vervaardigingsvoorschriften gesteld bij of krachtens van dit besluit.
**2.** Het is verboden apparaten, beveiligingssystemen, componenten en voorzieningen te verhandelen of te gebruiken anders dan met inachtneming van de voorschriften bij of krachtens dit besluit gesteld met betrekking tot de aanduiding en het bezigen van vermeldingen.
**3.** Het is verboden apparaten, beveiligingssystemen, componenten en voorzieningen te verhandelen of te gebruiken, indien de bij of krachtens dit besluit voorgeschreven certificeringsprocedures niet in acht zijn genomen.
## Hoofdstuk II. Vervaardiging
### Artikel 4
Explosieveilig materieel is zodanig ontworpen en vervaardigd, heeft zodanige eigenschappen en is van zodanige vermeldingen voorzien, dat het bij gebruik overeenkomstig zijn bestemming geen gevaar oplevert voor de veiligheid en de gezondheid van personen, huisdieren of goederen, wanneer het op passende wijze is geïnstalleerd en onderhouden. Explosieveilig materieel voldoet aan de in bijlage II van de richtlijn opgenomen fundamentele eisen die daarop van toepassing zijn, rekening houdend met het bedoelde gebruik.
Explosieveilig materieel is zodanig ontworpen en vervaardigd, heeft zodanige eigenschappen en is van zodanige vermeldingen voorzien, dat het bij gebruik overeenkomstig zijn bestemming geen gevaar oplevert voor de veiligheid of gezondheid van de mens of voor de veiligheid van zaken, wanneer het op passende wijze is geïnstalleerd en onderhouden. Explosieveilig materieel voldoet aan de in bijlage II van de richtlijn opgenomen fundamentele eisen die daarop van toepassing zijn, rekening houdend met het bedoelde gebruik.
### Artikel 5
@ -67,7 +75,7 @@ Explosieveilig materieel dat voldoet aan de door Onze Minister aangewezen geharm
**2.**
De in het eerste lid bedoelde CE-markering mag uitsluitend worden aangebracht:
De in het eerste lid bedoelde CE-markering wordt uitsluitend aangebracht:
a. op apparaten van de groepen I en II, categorieën M 1 respectievelijk 1, bedoeld in bijlage I van de richtlijn, waarvoor een certificaat van EG-typeonderzoek als bedoeld in bijlage III van de richtlijn is afgegeven en waarvoor tevens een van de volgende procedures is gevolgd:
@ -77,7 +85,7 @@ b. op apparaten van de groepen I en II, categorieën M 2 respectievelijk 2, bedo
1°. de procedure van de overeenstemming met het type, bedoeld in bijlage VI van de richtlijn, of
2°. de procedure van de produktkwaliteitsborging, bedoeld in bijlage VII van de richtlijn;
c. op de overige apparaten van de in onderdeel *b* genoemde groepen en categorieën, bedoeld in bijlage I van de richtlijn, waarvoor de procedure van de interne fabricagecontrole, bedoeld in bijlage VIII van de richtlijn, is gevolgd en waarvoor tevens het in bijlage VIII van de richtlijn onder punt 3 bedoelde dossier is samengesteld en in bewaring is gesteld bij een keuringsinstantie die de ontvangst daarvan schriftelijk heeft bevestigd;
c. op de overige apparaten van de in onderdeel *b* genoemde groepen en categorieën, bedoeld in bijlage I van de richtlijn, waarvoor de procedure van de interne fabricagecontrole, bedoeld in bijlage VIII van de richtlijn, is gevolgd en waarvoor tevens het in bijlage VIII van de richtlijn onder punt 3 bedoelde dossier is samengesteld en in bewaring is gesteld bij een aangewezen aangemelde instelling die de ontvangst daarvan schriftelijk heeft bevestigd;
d. op apparaten van groep II, categorie 3, bedoeld in bijlage I van de richtlijn, waarvoor de procedure van de interne fabricagecontrole, bedoeld in bijlage VIII van de richtlijn, is gevolgd.
**3.** In plaats van de in het tweede lid genoemde procedures kan ook de procedure van de EG-eenheidskeuring, bedoeld in bijlage IX van de richtlijn, worden gevolgd.
@ -88,9 +96,9 @@ d. op apparaten van groep II, categorie 3, bedoeld in bijlage I van de richtlijn
**2.**
De in het eerste lid bedoelde CE-markering mag uitsluitend worden aangebracht op beveiligingssystemen waarvoor:
De in het eerste lid bedoelde CE-markering wordt uitsluitend aangebracht op beveiligingssystemen waarvoor:
a. een certificaat van EG-typeonderzoek als bedoeld in bijlage III van de richtlijn is afgegeven en waarvoor tevens een van de procedures, genoemd in artikel 6, tweede lid, onderdeel *a*, is gevolgd, of
a. een certificaat van EG-typeonderzoek als bedoeld in bijlage III van de richtlijn is afgegeven en waarvoor tevens een van de procedures, genoemd in artikel 6, tweede lid, onderdeel a, is gevolgd, of
b. de procedure van de EG-eenheidskeuring, bedoeld in bijlage IX van de richtlijn, is gevolgd.
### Artikel 8
@ -103,15 +111,15 @@ In plaats van de in de artikelen 6 en 7 genoemde procedures kan voor de in bijla
### Artikel 10
**1.** Wanneer de fabrikant, diens gemachtigde dan wel, indien zij geen van beiden in Nederland zijn gevestigd, degene die het explosieveilig materieel in Nederland in de handel brengt, voornemens is wijzigingen aan te brengen in het model van explosieveilig materieel waarvoor een certificaat van EG-typeonderzoek is afgegeven, stelt hij de keuringsinstantie die dit certificaat heeft afgegeven hiervan onverwijld in kennis.
**1.** Wanneer de fabrikant, diens gemachtigde dan wel, indien zij geen van beiden in Nederland zijn gevestigd, degene die het explosieveilig materieel in Nederland in de handel brengt, voornemens is wijzigingen aan te brengen in het model van explosieveilig materieel waarvoor een certificaat van EG-typeonderzoek is afgegeven, stelt hij de aangewezen aangemelde instelling die dit certificaat heeft afgegeven hiervan onverwijld in kennis.
**2.** De in het eerste lid bedoelde keuringsinstantie beoordeelt de wijzigingen en deelt de in het eerste lid bedoelde persoon mee of het certificaat van EG-typeonderzoek voor het gewijzigde explosieveilig materieel geldig is dan wel aanvulling behoeft.
**2.** De in het eerste lid bedoelde aangewezen aangemelde instelling beoordeelt de wijzigingen en deelt de in het eerste lid bedoelde persoon mee of het certificaat van EG-typeonderzoek voor het gewijzigde explosieveilig materieel geldig is dan wel aanvulling behoeft.
**3.** Indien de in het eerste lid bedoelde keuringsinstantie van oordeel is dat de wijzigingen van invloed kunnen zijn op de overeenstemming met de in bijlage II van de richtlijn bedoelde fundamentele eisen, wordt het gewijzigde model aan het in bijlage III van de richtlijn bedoelde EG-typeonderzoek onderworpen en wordt bij goedkeuring een aanvulling op het oorspronkelijke certificaat afgegeven.
**3.** Indien de in het eerste lid bedoelde aangewezen aangemelde instelling van oordeel is dat de wijzigingen van invloed kunnen zijn op de overeenstemming met de in bijlage II van de richtlijn bedoelde fundamentele eisen, wordt het gewijzigde model aan het in bijlage III van de richtlijn bedoelde EG-typeonderzoek onderworpen en wordt bij goedkeuring een aanvulling op het oorspronkelijke certificaat afgegeven.
### Artikel 11
Een gedraging in strijd met de artikelen 6, 7, 8, 9 of 10, is verboden.
Vervallen
### Artikel 12
@ -119,7 +127,7 @@ Apparaten, beveiligingssystemen en voorzieningen die zijn voorzien van de CE-mar
### Artikel 13
**1.** De CE-markering, in voorkomend geval gevolgd door het identificatienummer van de keuringsinstantie alsmede het specifiek merkteken van explosiepreventie en de overige gegevens, bedoeld in bijlage II onder punt 1.0.5. van de richtlijn, worden overeenkomstig die bijlage alsmede overeenkomstig bijlage X van de richtlijn duidelijk leesbaar en onuitwisbaar op de apparaten, beveiligingssystemen en voorzieningen aangebracht.
**1.** De CE-markering, in voorkomend geval gevolgd door het identificatienummer van de aangewezen aangemelde instelling alsmede het specifiek merkteken van explosiepreventie en de overige gegevens, bedoeld in bijlage II onder punt 1.0.5. van de richtlijn, worden overeenkomstig die bijlage alsmede overeenkomstig bijlage X van de richtlijn duidelijk leesbaar en onuitwisbaar op de apparaten, beveiligingssystemen en voorzieningen aangebracht.
**2.** Apparaten, beveiligingssystemen en voorzieningen hebben geen markeringen die derden kunnen misleiden omtrent de betekenis of grafische vorm van de CE-markering. Andere markeringen mogen worden aangebracht op voorwaarde dat de zichtbaarheid en leesbaarheid van de CE-markering niet wordt verminderd.
@ -127,29 +135,57 @@ Apparaten, beveiligingssystemen en voorzieningen die zijn voorzien van de CE-mar
### Artikel 14
De keuringsinstantie trekt een door haar afgegeven certificaat van EG-typeonderzoek in, indien de fundamentele eisen van bijlage II van de richtlijn zodanig zijn gewijzigd dat het model niet voldoet aan de gewijzigde eisen op het tijdstip waarop deze volgens de richtlijn van toepassing zijn.
De aangewezen aangemelde instelling trekt een door haar afgegeven certificaat van EG-typeonderzoek in, indien de fundamentele eisen van bijlage II van de richtlijn zodanig zijn gewijzigd dat het model niet voldoet aan de gewijzigde eisen op het tijdstip waarop deze volgens de richtlijn van toepassing zijn.
## Hoofdstuk IV. Verkeer en gebruik
### Artikel 15
**1.** Degene die explosieveilig materieel voorhanden heeft, aflevert, tentoonstelt of gebruikt is verplicht ervoor te zorgen dat dit explosieveilig materieel in goede staat van onderhoud verkeert.
**1.** Degene die explosieveilig materieel verhandelt of gebruikt, zorgt ervoor dat dit explosieveilig materieel in goede staat van onderhoud verkeert.
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing voor zover het explosieveilig materieel hetzij is afgekeurd hetzij is onklaar gemaakt hetzij anderszins kennelijk niet meer voor gebruik is bestemd.
### Artikel 16
Explosieveilig materieel dat niet in overeenstemming is met dit besluit, mag op beurzen, exposities en bij demonstraties worden tentoongesteld en gedemonstreerd, mits op een zichtbaar bord is aangegeven dat het niet in overeenstemming is met dit besluit en niet te koop is voordat het door de fabrikant of zijn in de Europese Economische Ruimte gevestigde gemachtigde, in overeenstemming is gebracht met dit besluit. Bij demonstraties zijn alle nodige veiligheidsmaatregelen genomen om de bescherming van personen te waarborgen.
Artikel 3a is niet van toepassing op het tentoonstellen en demonstreren op (jaar-)beurzen, exposities en bij demonstraties van explosieveilig materieel dat niet in overeenstemming is met dit besluit, mits op een zichtbaar bord duidelijk is aangegeven dat het niet in overeenstemming is met dit besluit en niet te koop is voordat het door de fabrikant of zijn in de Europese Economische Ruimte gevestigde gemachtigde, in overeenstemming is gebracht met dit besluit. Bij demonstraties worden alle nodige veiligheidsmaatregelen genomen om de bescherming van de mens te waarborgen.
## Hoofdstuk V. Merk van afkeuring
## Hoofdstuk V. Aangewezen instellingen
### Artikel 17
**1.** Het is verboden een op explosieveilig materieel aangebracht merk van afkeuring te verwijderen, te beschadigen of onleesbaar te maken.
**1.**
**2.** Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet ten aanzien van de ambtenaren die op grond van artikel 12, eerste lid, eerste zin, van de wet ten aanzien van explosieveilig materieel aangewezen zijn.
Als aangewezen aangemelde instelling kan worden aangewezen een instelling die:
**3.** Bij ministeriële regeling worden ten aanzien van merken van afkeuring nadere regels gesteld.
a. rechtspersoonlijkheid heeft;
b. haar zetel of een vestiging in Nederland heeft;
c. onafhankelijk is van degenen die bij het resultaat van de uitvoering van de taken waarvoor zij is aangewezen belang hebben;
d. beschikt over voldoende deskundigheid en outillage om de
e. uitvoering van de taken waarvoor zij is aangewezen, naar behoren te kunnen vervullen;
f. beschikt over een behoorlijke administratie waarin de gegevens die samenhangen met en betrekking hebben op de uitvoering van haar taken, op een systematische wijze zijn vastgelegd. Aan de hand van deze gegevens zijn het gekeurde explosieveilig materieel en de onderzochte kwaliteitssystemen afdoende te identificeren;
g. naar behoren functioneert.
**2.** In aanvulling op het eerste lid komen voor een aanwijzing als aangewezen aangemelde instelling slechts in aanmerking instellingen die ten minste voldoen aan de in bijlage XI van de richtlijn neergelegde voorwaarden.
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het eerste en tweede lid.
### Artikel 17a
De instelling verstrekt jaarlijks aan Onze Minister een afschrift van de polis van de afgesloten verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid tegen alle risico's die voortvloeien uit de uitoefening van de taken waarvoor zij is aangewezen.
### Artikel 17b
**1.** Indien een wijziging plaatsvindt in de gegevens op grond waarvan de instelling is aangewezen, doet de instelling hiervan terstond mededeling aan Onze Minister.
**2.** Indien een instelling voornemens is een of meer van de taken waarvoor zij is aangewezen, te beëindigen, doet de instelling hiervan terstond mededeling aan Onze Minister en de certificaathouders. In dat geval worden door de instelling de gegevens, bedoeld in artikel 17, eerste lid, onder e, overgedragen aan Onze Minister dan wel, na toestemming van Onze Minister en de certificaathouders, een andere instelling die voor dezelfde taken is aangewezen.
### Artikel 17c
**1.** Een aanvraag om aanwijzing gaat vergezeld van het bewijs dat is voldaan aan de criteria, bedoeld in artikel 17, eerste lid, dan wel in geval van artikel 17, tweede lid, tevens van bewijs dat is voldaan aan de voorwaarden, bedoeld in dat lid, dan wel van een verklaring waaruit de bereidheid blijkt om voor eigen rekening een onderzoek naar het voldoen aan deze criteria dan wel voorwaarden te ondergaan.
**2.** Een aanwijzing kan worden geweigerd, dan wel worden gewijzigd of ingetrokken, indien niet of niet volledig is voldaan aan de bij de wet of bij of krachtens dit besluit gestelde voorschriften. Een aanwijzing kan worden ingetrokken indien de instelling gedurende een aaneengesloten periode van twee jaar geen werkzaamheden, waarvoor zij is aangewezen, heeft uitgevoerd.
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het eerste en tweede lid.
## Hoofdstuk VI. Overige bepalingen
@ -157,38 +193,21 @@ Explosieveilig materieel dat niet in overeenstemming is met dit besluit, mag op
### Artikel 18
**1.** Indien naar het oordeel van Onze Minister bepaalde apparaten, beveiligingssystemen of voorzieningen die voorzien zijn van de CE-markering en overeenkomstig hun bestemming worden gebruikt, op passende wijze zijn geïnstalleerd en worden onderhouden, desondanks gevaar opleveren voor de veiligheid of gezondheid van personen, huisdieren of goederen, kan hij de fabrikant, diens in de Europese Economische Ruimte gevestigde gemachtigde dan wel degene die deze apparaten, beveiligingssystemen of voorzieningen in de Europese Economische Ruimte in de handel brengt, gelasten om de bezitters dan wel de vermoedelijke bezitters van die apparaten, beveiligingssystemen of voorzieningen, onverwijld en op doeltreffende wijze op de hoogte te stellen van het gevaar.
**2.** Indien de fabrikant, diens in de Europese Economische Ruimte gevestigde gemachtigde dan wel degene die deze apparaten, beveiligingssystemen of voorzieningen in de Europese Economische Ruimte in de handel brengt, de krachtens het eerste lid gelaste maatregelen niet onverwijld of niet op doeltreffende wijze uitvoert, kan Onze Minister die maatregelen treffen op kosten van de genoemde personen.
**3.** Onze Minister geeft van de maatregelen of de intrekking daarvan onverwijld kennis aan betrokkenen en de Commissie van de Europese Gemeenschappen en doet daarvan mededeling in de *Staatscourant*.
Vervallen
### Paragraaf . Noodmaatregelen
### Artikel 19
**1.**
Indien naar het oordeel van Onze Minister bepaalde apparaten, beveiligingssystemen of voorzieningen die voorzien zijn van de CE-markering, die overeenkomstig hun bestemming worden gebruikt en die op passende wijze zijn geïnstalleerd en worden onderhouden, gevaar opleveren voor de veiligheid of de gezondheid van personen, huisdieren of goederen, kan hij:
a. een verbod uitvaardigen tot het vervaardigen, het in Nederland invoeren, verhandelen en in bedrijf stellen van die apparaten, beveiligingssystemen of voorzieningen, of
b. de fabrikant of diens in de Europese Economische Ruimte gevestigde gemachtigde dan wel degene die deze apparaten, beveiligingssystemen of voorzieningen in de Europese Economische Ruimte in de handel brengt, verplichten om overeenkomstig de daarbij gegeven aanwijzingen passende maatregelen te nemen om die apparaten of beveiligingssystemen of voorzieningen zoveel mogelijk uit de handel te nemen.
**2.** Onze Minister neemt een maatregel krachtens het eerste lid in overeenstemming met Onze Ministers wie het mede aangaat.
**3.** Onze Minister geeft van de maatregelen of de intrekking daarvan onverwijld kennis aan betrokkenen en de Commissie van de Europese Gemeenschappen en doet daarvan mededeling in de *Staatscourant*.
**4.** Een gedraging in strijd met een krachtens het eerste lid genomen maatregel is verboden.
Vervallen
### Artikel 20
**1.** Voor een aanwijzing als keuringsinstantie komen in aanmerking instanties die tenminste voldoen aan de in bijlage XI van de richtlijn neergelegde voorwaarden.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere voorwaarden worden gesteld aan de keuringsinstantie.
Vervallen
### Artikel 21
Een wijziging van een van de bijlagen van de richtlijn waarnaar in dit besluit wordt verwezen, treedt voor de toepassing van dit besluit en de daarop gebaseerde bepalingen in werking met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit, dat in de *Staatscourant* wordt bekend gemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld.
Een wijziging van een van de bijlagen van de richtlijn waarnaar in dit besluit wordt verwezen, treedt voor de toepassing van dit besluit en de daarop gebaseerde bepalingen in werking met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven.
## Hoofdstuk VII. Overgangs- en slotbepalingen
@ -230,4 +249,4 @@ c. artikel 24, onderdeel C, en artikel 26 die in werking treden met ingang van d
### Artikel 28
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit explosieveilig materieel.
Dit besluit wordt aangehaald als: Warenwetbesluit explosieveilig materieel.