From 42e20b7341245b40a00f460c7209975c353befb2 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Wed, 6 Apr 2005 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2005-04-06 | BWBR0015137 | Besluit RVC's, regionaal zorgbudget en praktijkscholen met declaratiebekostiging --- .../BWBR0015137/README.md | 51 ++++++++++--------- 1 file changed, 26 insertions(+), 25 deletions(-) diff --git a/amvb/besluit-rvcs-regionaal-zorgbudget-en-praktijkscholen-met-declaratiebekostiging/BWBR0015137/README.md b/amvb/besluit-rvcs-regionaal-zorgbudget-en-praktijkscholen-met-declaratiebekostiging/BWBR0015137/README.md index 48a43e3081c..7e18c384679 100644 --- a/amvb/besluit-rvcs-regionaal-zorgbudget-en-praktijkscholen-met-declaratiebekostiging/BWBR0015137/README.md +++ b/amvb/besluit-rvcs-regionaal-zorgbudget-en-praktijkscholen-met-declaratiebekostiging/BWBR0015137/README.md @@ -16,24 +16,25 @@ citeertitel: Besluit RVC's, regionaal zorgbudget en praktijkscholen met declarat In dit besluit wordt verstaan onder: -a. Onze Minister: Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en, voor wat betreft het landbouwonderwijs, Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij; -b. wet: de Wet op het voortgezet onderwijs; -c. school: een school of scholengemeenschap als bedoeld in artikel 10h van de wet; -d. v.b.o.: voorbereidend beroepsonderwijs als bedoeld in artikel 10a van de wet; -e. m.a.v.o.: middelbaar algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 9 van de wet; -f. v.m.b.o.: voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs als bedoeld in artikel 21 van de wet; -g. leerwegondersteunend onderwijs: het onderwijs, bedoeld in artikel 10e van de wet; -h. praktijkonderwijs: het onderwijs, bedoeld in artikel 10f van de wet; -i. regionale verwijzingscommissie: een regionale verwijzingscommissie als bedoeld in artikel 10g van de wet; -j. samenwerkingsverband: een samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 10h van de wet; -k. bevoegd gezag: het bevoegd gezag, bedoeld in artikel 1 van de wet; -l. ouders: ouders, voogden of verzorgers; -m. leerling-dossier: een dossier dat over een leerling de gegevens bevat, bedoeld in artikel 4, eerste lid onderdelen a tot en met e; -n. intelligentiequotiënt: het quotiënt dat de cognitieve capaciteiten van een leerling uitdrukt, vastgesteld op basis van scores op verbaal en op niet-verbaal gebied; -o. leerachterstand: de achterstand van een leerling in de domeinen technisch lezen, spellen, begrijpend lezen en inzichtelijk rekenen, gemeten op basis van didactische leeftijdseenheden (DLE) in relatie tot de didactische leeftijd (DL) op het moment van toetsing; -p. sociaal-emotionele problematiek: de problematiek als gevolg van het sociaal-emotioneel functioneren van een leerling waardoor het onderwijsleerproces substantieel wordt belemmerd; -q. indicatiestelling: de beoordeling of een leerling toelaatbaar is tot praktijkonderwijs of is aangewezen op leerwegondersteunend onderwijs; -r. regionaal zorgbudget: het budget, bedoeld in artikel 77, vierde lid, van de wet. +- **bevoegd gezag:** bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1 van de wet; +- **indicatiestelling:** beoordeling of een leerling toelaatbaar is tot praktijkonderwijs of is aangewezen op leerwegondersteunend onderwijs; +- **intelligentiequotiënt:** quotiënt dat de cognitieve capaciteiten van een leerling uitdrukt, vastgesteld op basis van scores op verbaal en op niet-verbaal gebied; +- **leerachterstand:** achterstand van een leerling in de domeinen technisch lezen, spellen, begrijpend lezen en inzichtelijk rekenen, gemeten op basis van didactische leeftijdseenheden (DLE) in relatie tot de didactische leeftijd (DL) op het moment van toetsing; +- **leerling-dossier:** dossier dat over een leerling de gegevens bevat, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdelen a tot en met e; +- **leerwegondersteunend onderwijs:** onderwijs als bedoeld in artikel 10e van de wet; +- **m.a.v.o.:** middelbaar algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 9 van de wet; +- **Onze Minister:** Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap of, voorzover het betreft het landbouwonderwijs, Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit; +- **ouders:** ouders, voogden of verzorgers; +- **praktijkonderwijs:** onderwijs als bedoeld in artikel 10f van de wet; +- **regionaal zorgbudget:** budget als bedoeld in artikel 77, vierde lid, van de wet; +- **regionale verwijzingscommissie:** regionale verwijzingscommissie als bedoeld in artikel 10g van de wet; +- **samenwerkingsverband:** samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 10h van de wet; +- **school:** school of scholengemeenschap als bedoeld in artikel 10h van de wet; +- **sociaal-emotionele problematiek:** problematiek als gevolg van het sociaal-emotioneel functioneren van een leerling waardoor het onderwijsleerproces substantieel wordt belemmerd; +- **v.b.o.:** voorbereidend beroepsonderwijs als bedoeld in artikel 10a van de wet; +- **v.m.b.o.:** voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs als bedoeld in artikel 21 van de wet, en +- **wet:** + Wet op het voortgezet onderwijs. ## Hoofdstuk 2. Regionale verwijzingscommissies @@ -118,13 +119,13 @@ b. 1° een intelligentiequotiënt heeft binnen de bandbreedte 91 tot en met 120, ### Artikel 6 -Het regionaal zorgbudget wordt berekend door een jaarlijks bij ministeriële regeling te bepalen bedrag te vermenigvuldigen met het aantal leerlingen, bedoeld in artikel 7 van het Bekostigingsbesluit W.V.O., dat op 1 oktober voorafgaand aan het schooljaar waarvoor het budget wordt verstrekt, staat ingeschreven voor het derde en vierde leerjaar v.b.o., m.a.v.o. en v.m.b.o. van de scholen binnen het samenwerkingsverband. Een leerling telt slechts eenmaal mee voor de berekening van de bekostiging. +Het regionaal zorgbudget wordt berekend door een jaarlijks bij ministeriële regeling te bepalen bedrag te vermenigvuldigen met het aantal leerlingen, bedoeld in artikel 7 van het Bekostigingsbesluit W.V.O., dat op 1 oktober voorafgaand aan het kalenderjaar waarvoor het budget wordt verstrekt, staat ingeschreven voor het derde en vierde leerjaar v.b.o., m.a.v.o. en v.m.b.o. van de scholen binnen het samenwerkingsverband. Een leerling telt slechts eenmaal mee voor de berekening van de bekostiging. ### Artikel 7 **1.** Onze Minister betaalt het regionaal zorgbudget aan een door de bevoegde gezagsorganen van de scholen binnen een samenwerkingsverband daartoe uit hun midden aangewezen school. -**2.** De betaling per schooljaar vindt plaats in twee termijnen. De betalingsmaanden zijn november en februari van het schooljaar. +**2.** De betaling per kalenderjaar vindt plaats in twee termijnen. **3.** De op grond van het eerste lid aangewezen school verdeelt het zorgbudget over de scholen binnen het samenwerkingsverband overeenkomstig het in artikel 10h, vijfde lid, van de wet bedoelde zorgplan. @@ -134,9 +135,9 @@ Het regionaal zorgbudget wordt berekend door een jaarlijks bij ministeriële reg ### Artikel 8 -**1.** Door of namens de bevoegde gezagsorganen van de scholen behorend tot een samenwerkingsverband wordt voor 1 augustus van het desbetreffende schooljaar door middel van het daarvoor bestemde formulier een aanvraag om bekostiging als bedoeld in artikel 6 ingediend bij Onze Minister. Onze Minister zendt dit formulier in mei voorafgaand aan het desbetreffende schooljaar aan de bevoegde gezagsorganen van de scholen behorend tot een samenwerkingsverband. Een afschrift van het ingevulde formulier wordt gezonden aan de inspecteur die met het toezicht op het samenwerkingsverband is belast. +**1.** Door of namens de bevoegde gezagsorganen van de scholen behorend tot een samenwerkingsverband wordt voor 1 januari van het desbetreffende kalenderjaar door middel van het daarvoor bestemde formulier een aanvraag om bekostiging als bedoeld in artikel 6 ingediend bij Onze Minister. Onze Minister zendt dit formulier in oktober voorafgaand aan het desbetreffende kalenderjaar aan de bevoegde gezagsorganen van de scholen behorend tot een samenwerkingsverband. Een afschrift van het ingevulde formulier wordt gezonden aan de inspecteur die met het toezicht op het samenwerkingsverband is belast. -**2.** Onze Minister beslist uiterlijk 1 november van het desbetreffende schooljaar op de aanvraag. +**2.** Onze Minister beslist uiterlijk 1 april van het desbetreffende kalenderjaar op de aanvraag. ## Hoofdstuk 4. Praktijkscholen met declaratiebekostiging @@ -294,7 +295,7 @@ b. de bekostiging voor de vaste kosten van de materiële instandhouding van een **4.** Ingeval de gemeente eigenaar is van het schoolgebouw, kan het bevoegd gezag van een bijzondere school met de gemeente overeenkomen dat het bevoegd gezag het in het eerste lid bedoelde deel van de materiële instandhouding geheel of gedeeltelijk verzorgt. -**5.** Het bevoegd gezag zorgt voor het deel van de materiële instandhouding waarop de programma's van eisen, bedoeld in artikel 19, eerste lid, onderdelen d en e, betrekking hebben. +**5.** Het bevoegd gezag zorgt voor het deel van de materiële instandhouding waarop de programma's van eisen, bedoeld in artikel 19, onderdelen d en e, betrekking hebben. #### Paragraaf 3. Bekostiging personeel @@ -388,14 +389,14 @@ b. het aantal leerlingen op 1 oktober van het jaar voorafgaande aan het jaar waa Voor nieuwe scholen zijn gedurende de periode van 1 augustus tot 1 januari volgend op de opening, grondslag voor de bekostiging ten behoeve van de uitgaven voor de voorzieningen, bedoeld in artikel 18: -a. de schoolgrootte die normatief wordt bepaald op basis van het op grond van de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 15, normatief bepaalde aantal te huisvesten groepen leerlingen naar de maatstaf van het aantal leerlingen op 1 oktober in die periode, en +a. de schoolgrootte die normatief wordt bepaald op basis van het op grond van de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 16, tweede lid, normatief bepaalde aantal te huisvesten groepen leerlingen naar de maatstaf van het aantal leerlingen op 1 oktober in die periode, en b. het aantal leerlingen op 1 oktober in die periode. **5.** Indien op 16 januari van het jaar waarover de bekostiging plaatsvindt, aanspraak bestond op verhoging van de formatie ingevolge de ministeriële regeling op basis van artikel 23, tweede lid, zijn grondslag voor de bekostiging ten behoeve van de uitgaven voor de voorzieningen, bedoeld in artikel 18: -a. de schoolgrootte die normatief wordt bepaald op basis van het op grond van de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 15, normatief bepaalde aantal te huisvesten groepen leerlingen naar de maatstaf van het aantal leerlingen op 16 januari van het jaar waarover de bekostiging plaatsvindt, en +a. de schoolgrootte die normatief wordt bepaald op basis van het op grond van de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 16, tweede lid, normatief bepaalde aantal te huisvesten groepen leerlingen naar de maatstaf van het aantal leerlingen op 16 januari van het jaar waarover de bekostiging plaatsvindt, en b. het aantal leerlingen op 16 januari van het jaar waarover de bekostiging plaatsvindt. **6.** Ingeval een samenvoeging plaatsvindt tussen 1 januari en 1 oktober daaropvolgend, wordt de bekostiging ten behoeve van de uitgaven voor de voorzieningen, bedoeld in artikel 18 van alle bij de samenvoeging betrokken scholen gehandhaafd tot het einde van het jaar waarin de samenvoeging plaatsvond.