2014-06-14 | BWBR0016637 | Wet op de jeugdzorg
This commit is contained in:
parent
88d07f8a4c
commit
4564f7d69c
1 changed files with 92 additions and 5 deletions
|
|
@ -3,7 +3,7 @@ titel: Wet op de jeugdzorg
|
|||
bwb_id: BWBR0016637
|
||||
type: wet
|
||||
status: geldend
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2013-07-01'
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2014-03-01'
|
||||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0016637
|
||||
citeertitel: Wet op de jeugdzorg
|
||||
---
|
||||
|
|
@ -21,6 +21,7 @@ In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
- aanbieder van andere zorg: natuurlijke persoon of rechtspersoon, die zorg verleent als bedoeld in artikel 5, tweede lid, onder b of c;
|
||||
- accommodatie: een accommodatie als bedoeld in artikel 29k, eerste lid;
|
||||
- bureau jeugdzorg: een bureau als bedoeld in artikel 4;
|
||||
- burgerservicenummer: burgerservicenummer als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer;
|
||||
- cliënt: jeugdige, zijn ouders of stiefouders of anderen die een jeugdige als behorend tot hun gezin verzorgen en opvoeden, met uitzondering van pleegouders;
|
||||
- experiment: het ontwikkelen en in de praktijk beproeven van nieuwe en het verbeteren van bestaande methoden, werkvormen of hulpmiddelen ten behoeve van het functioneren van bureaus jeugdzorg en van jeugdzorg waarop ingevolge deze wet aanspraak bestaat;
|
||||
- huiselijk geweld: huiselijk geweld als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning;
|
||||
|
|
@ -67,8 +68,7 @@ Indien een provinciebestuur de bevoegdheden inzake de uitvoering van zijn taken
|
|||
In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
a. *jeugdige:* persoon die de leeftijd van 23 jaar nog niet heeft bereikt;
|
||||
b. *burgerservicenummer:* burgerservicenummer als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer;
|
||||
c. *hulp, zorg of bijsturing:* werkzaamheden die een meldingsbevoegde op grond van de voor hem geldende regelgeving ten behoeve van een jeugdige verricht.
|
||||
b. *hulp, zorg of bijsturing:* werkzaamheden die een meldingsbevoegde op grond van de voor hem geldende regelgeving ten behoeve van een jeugdige verricht.
|
||||
|
||||
### Artikel 2b
|
||||
|
||||
|
|
@ -244,6 +244,83 @@ c. zo spoedig mogelijk na het overlijden van de jeugdige.
|
|||
|
||||
**2.** De meldingsbevoegde verstrekt het college overigens alle inlichtingen die nodig zijn met het oog op de uitvoering door het college van de in het eerste lid genoemde artikelen en artikel 43 van de Wet bescherming persoonsgegevens.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk Ib. Het gebruik van het burgerservicenummer in de jeugdzorg
|
||||
|
||||
### Paragraaf 1. Het gebruik van het burgerservicenummer
|
||||
|
||||
### Artikel 2r
|
||||
|
||||
**1.** Stichtingen en zorgaanbieders gebruiken het burgerservicenummer van een cliënt met het doel te waarborgen dat de in het kader van de uitvoering van deze wet te verwerken persoonsgegevens op die cliënt betrekking hebben.
|
||||
|
||||
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op een stichting, voor zover deze ter uitvoering van de taken, bedoeld in artikel 10, eerste lid, onderdelen c en d, persoonsgegevens uitwisselt van verdachten en veroordeelden ten behoeve van de toepassing van het strafrecht.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2. Het vaststellen van het burgerservicenummer
|
||||
|
||||
### Artikel 2s
|
||||
|
||||
De stichting stelt het burgerservicenummer van een cliënt vast wanneer de cliënt voor de eerste maal contact met haar heeft in het kader van de uitvoering van deze wet.
|
||||
|
||||
### Artikel 2t
|
||||
|
||||
De zorgaanbieder stelt het burgerservicenummer van een cliënt vast wanneer de cliënt voor de eerste maal contact met hem heeft ter verkrijging van jeugdzorg waarop ingevolge deze wet aanspraak bestaat.
|
||||
|
||||
### Artikel 2u
|
||||
|
||||
**1.** Teneinde het burgerservicenummer van de cliënt vast te stellen, raadplegen de zorgaanbieder en de stichting het nummerregister en de voorzieningen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder b en d, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De zorgaanbieder en de stichting kunnen de raadpleging, bedoeld in het eerste lid, achterwege laten, indien:
|
||||
|
||||
a. het burgerservicenummer is verstrekt door een gebruiker als bedoeld in artikel 1 van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer, die bij of krachtens de wet gehouden is het burgerservicenummer van de cliënt vast te stellen aan de hand van het nummerregister en de voorzieningen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder b en d, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer, of
|
||||
b. zij het burgerservicenummer hebben verkregen uit een basisadministratie van persoonsgegevens als bedoeld in artikel 2 van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens.
|
||||
|
||||
### Artikel 2v
|
||||
|
||||
Indien aan een cliënt geen burgerservicenummer is toegekend:
|
||||
|
||||
a. nemen stichtingen en zorgaanbieders in ieder geval de volgende gegevens van de cliënt in hun administratie op:
|
||||
|
||||
1°. achternaam;
|
||||
2°. voornamen;
|
||||
3°. geboortedatum;
|
||||
4°. postcode en huisnummer van het woonadres, en
|
||||
b. vermelden stichtingen en zorgaanbieders de gegevens, bedoeld in onderdeel a, bij het verstrekken van persoonsgegevens met betrekking tot de verlening van, indicatiestelling voor of verzekering van zorg aan een zorgaanbieder, een indicatieorgaan, als bedoeld in artikel 9a, eerste lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten of artikel 9b, vierde lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, of een zorgverzekeraar.
|
||||
|
||||
### Artikel 2w
|
||||
|
||||
Bij ministeriële regeling wordt bepaald aan welke beveiligingseisen de gegevensverwerking, bedoeld in de artikelen 2r en 2v, voldoet.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 3. Spoedeisende jeugdzorg
|
||||
|
||||
### Artikel 2x
|
||||
|
||||
Stichtingen en zorgaanbieders kunnen van de bij de artikelen 2r tot en met 2v gestelde verplichtingen afwijken voor zolang dit noodzakelijk is met betrekking tot gevallen als bedoeld in artikel 3, vijfde lid.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 4. Autorisatielijst
|
||||
|
||||
### Artikel 2y
|
||||
|
||||
Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport of een door hem aangewezen instelling beheert een autorisatielijst van jeugdzorgaanbieders, waarin een zorgaanbieder op zijn verzoek wordt opgenomen teneinde gebruik te kunnen maken van het nummerregister en de voorzieningen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder b en d, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer.
|
||||
|
||||
### Artikel 2z
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over:
|
||||
|
||||
a. het opnemen, wijzigen en verwijderen van gegevens in, onderscheidenlijk uit, de in artikel 2y bedoelde autorisatielijst van jeugdzorgaanbieders;
|
||||
b. het beheer van de autorisatielijst, in ieder geval wat betreft de beveiliging van persoonsgegevens;
|
||||
c. het toezicht op het functioneren van de autorisatielijst.
|
||||
|
||||
**2.** Bij de maatregel, bedoeld in het eerste lid, kunnen bijdragen van zorgaanbieders worden verlangd in de kosten van de autorisatielijst.
|
||||
|
||||
**3.** De beheerder van de autorisatielijst, bedoeld in artikel 2y, verschaft aan een in de autorisatielijst opgenomen zorgaanbieder op diens verzoek een middel waarmee deze ten behoeve van de raadpleging, bedoeld in artikel 2u, toegang kan krijgen tot het nummerregister en de voorzieningen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder b en d, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer.
|
||||
|
||||
**4.** De beheerder kan voor het middel een vergoeding verlangen.
|
||||
|
||||
**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de kenmerken, de aanvraag, de procedure, de verstrekking, het beheer, de beveiliging, het gebruik en de intrekking van het middel, bedoeld in het derde lid.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk II. Aanspraken op jeugdzorg
|
||||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
|
@ -1155,7 +1232,7 @@ Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de stichtingen, de zor
|
|||
|
||||
**2.** Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de raad voor de kinderbescherming en de justitiële jeugdinrichtingen, bedoeld in artikel 1, onder b, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen, ten behoeve van de verwerking, bedoeld in artikel 42, eerste en tweede lid, gegevens verstrekken aan Onze Minister van Veiligheid en Justitie of de provincies. Bij die maatregel kan worden geregeld dat zorgaanbieders gegevens verstrekken aan gedeputeerde staten van de betrokken provincies ten behoeve van de verwerking, bedoeld in artikel 42, tweede lid, en aanbieders van andere zorg aan de betrokken zorgverzekeraars ten behoeve van de verwerking bedoeld in artikel 42, derde lid.
|
||||
|
||||
**3.** Gedeputeerde staten verstrekken gegevens aan Onze Ministers ten behoeve van de verwerking, bedoeld in artikel 42, eerste lid.
|
||||
**3.** Gedeputeerde Staten en zorgaanbieders bij wie een machtiging ten uitvoer kan worden gelegd, verstrekken gegevens aan Onze Ministers ten behoeve van de verwerking, bedoeld in artikel 42, eerste lid.
|
||||
|
||||
**4.** Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat de zorgverzekeraars gegevens verstrekken aan Onze Ministers of gedeputeerde staten van de betrokken provincies ten behoeve van de verwerking, bedoeld in artikel 42, eerste of tweede lid.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1233,7 +1310,11 @@ d. het toezicht op de naleving van artikel 9 van de Wet Centraal Orgaan opvang a
|
|||
|
||||
**3.** Zij die uit hoofde van hun stand, beroep of ambt tot geheimhouding verplicht zijn, kunnen zich van het geven van inlichtingen of het overleggen van inzage verschonen, voor zover hun geheimhoudingsplicht zich daartoe uitstrekt.
|
||||
|
||||
**4.** Het eerste tot en met derde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de subsidies, bedoeld in artikel 38.
|
||||
**4.** In afwijking van het derde lid en van artikel 5:20, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, zijn de door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aangewezen ambtenaren die belast zijn met de controle op de rechtmatige en doelmatige besteding van de door Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport verleende subsidies bevoegd tot inzage van cliëntdossiers, waaronder gegevens als bedoeld in artikel 45, tweede lid, voor zover dat noodzakelijk is voor de controle op de rechtmatige en doelmatige besteding van subsidies die zijn verleend aan zorgaanbieders bij wie een machtiging ten uitvoer kan worden gelegd. Voor zover de betrokken beroepsbeoefenaar uit hoofde van zijn beroep tot geheimhouding van het dossier verplicht is, geldt gelijke verplichting voor de betrokken ambtenaar.
|
||||
|
||||
**5.** Op de verwerking van de gegevens, bedoeld in het vierde lid, is artikel 45, derde lid, van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**6.** Het eerste tot en met derde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de subsidies, bedoeld in artikel 38.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk IX. Inzage in en het bewaren en vernietigen van bescheiden
|
||||
|
||||
|
|
@ -1795,6 +1876,12 @@ c. een evaluatie van de continuïteit van de zorg in het gezin;
|
|||
d. het bestaan van wachtlijsten, en
|
||||
e. een evaluatie van de werking van de bekostigingssystematiek.
|
||||
|
||||
### Artikel 110a
|
||||
|
||||
**1.** Onverminderd artikel 2v stelt de zorgaanbieder het burgerservicenummer van een persoon die op de datum van inwerkingtreding van hoofdstuk 1b reeds een cliënt van de zorgaanbieder is, vast binnen 12 weken na laatstgenoemde datum, tenzij redelijkerwijs niet te verwachten is dat de betrokken cliënt op 1 januari 2015 nog aanspraak zal hebben op jeugdzorg.
|
||||
|
||||
**2.** Onverminderd de artikelen 2r, tweede lid, en 2v stelt de stichting het burgerservicenummer van een persoon die beschikt over een door de stichting afgegeven indicatiebesluit als bedoeld in artikel 5, vast binnen 12 weken na de datum van inwerkingtreding van hoofdstuk 1b, tenzij redelijkerwijs niet te verwachten is dat betrokkene op 1 januari 2015 nog aanspraak zal hebben op jeugdzorg.
|
||||
|
||||
### Artikel 111
|
||||
|
||||
**1.** De Wet op de jeugdhulpverlening wordt ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de financiële verantwoording, vaststelling en uitbetaling van op grond van die wet verleende subsidies en uitkeringen.
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue