diff --git a/kb/mijnreglement-1964/BWBR0002474/README.md b/kb/mijnreglement-1964/BWBR0002474/README.md index 0785b7b573e..f3380ba0b4a 100644 --- a/kb/mijnreglement-1964/BWBR0002474/README.md +++ b/kb/mijnreglement-1964/BWBR0002474/README.md @@ -810,17 +810,17 @@ De dekken van een mijnbouwinstallatie moeten zodanig zijn ingericht, dat overkom ### Artikel 36ja -**1.** De bestuurders van een mijnonderneming of in artikel 12, eerste lid, bedoelde andere onderneming, waarbij een of meer mijnbouwinstallaties in gebruik zijn, waarop een dek als bedoeld in artikel 36*j*, eerste lid, aanwezig is, dienen ten aanzien van elk van die installaties te beschikken over een door de Directeur-Generaal Rijksluchtvaartdienst afgegeven verklaring, inhoudende dat het dek op die installatie aan het bij en krachtens artikel 36*j*, eerste lid, bepaalde voldoet. De geldigheid van de verklaring verloopt 14 maanden na de dag waarop de verklaring is afgegeven. +**1.** De bestuurders van een mijnonderneming of in artikel 12, eerste lid, bedoelde andere onderneming, waarbij een of meer mijnbouwinstallaties in gebruik zijn, waarop een dek als bedoeld in artikel 36*j*, eerste lid, aanwezig is, dienen ten aanzien van elk van die installaties te beschikken over een door de directeur-hoofdinspecteur van de divisie Luchtvaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat afgegeven verklaring, inhoudende dat het dek op die installatie aan het bij en krachtens artikel 36*j*, eerste lid, bepaalde voldoet. De geldigheid van de verklaring verloopt 14 maanden na de dag waarop de verklaring is afgegeven. **2.** Een dek als bedoeld in artikel 36*j*, eerste lid, moet eenmaal per jaar op de staat van onderhoud en het veilig gebruik aan een doelmatige inspectie worden onderworpen. Deze inspectie wordt uitgevoerd door een ter zake deskundige en door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Verkeer en Waterstaat als zodanig erkende instelling of onderneming. Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, bij nadere regelen vaststellen aan welke voorwaarden een instelling of onderneming moet voldoen om erkenning als bedoeld in de vorige volzin te verkrijgen. -**3.** De door een erkende instelling of onderneming als bedoeld in het tweede lid uit te voeren inspectie moet geschieden overeenkomstig een tevoren aan de Directeur-Generaal Rijksluchtvaartdienst overgelegd inspectieplan. Indien de Directeur-Generaal Rijksluchtvaartdienst van oordeel is, dat een inspectieplan niet aan redelijk te stellen eisen voldoet, moet dit op zijn verlangen en tot zijn genoegen worden gewijzigd. +**3.** De door een erkende instelling of onderneming als bedoeld in het tweede lid uit te voeren inspectie moet geschieden overeenkomstig een tevoren aan de Directeur-Generaal Rijksluchtvaartdienst overgelegd inspectieplan. Indien de directeur-hoofdinspecteur van de divisie Luchtvaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat van oordeel is, dat een inspectieplan niet aan redelijk te stellen eisen voldoet, moet dit op zijn verlangen en tot zijn genoegen worden gewijzigd. -**4.** Van een inspectie als in het tweede lid bedoeld moet zo spoedig mogelijk na de voltooiing daarvan een doelmatig rapport worden opgesteld, van welk rapport onverwijld een exemplaar aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen en aan de Directeur-Generaal Rijksluchtvaartdienst dient te worden toegezonden. De erkende instelling of onderneming, bedoeld in het tweede lid, adviseert de Directeur-Generaal Rijksluchtvaartdienst voor de afgifte van de in het eerste lid bedoelde verklaring. +**4.** Van een inspectie als in het tweede lid bedoeld moet zo spoedig mogelijk na de voltooiing daarvan een doelmatig rapport worden opgesteld, van welk rapport onverwijld een exemplaar aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen en aan de directeur-hoofdinspecteur van de divisie Luchtvaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat dient te worden toegezonden. De erkende instelling of onderneming, bedoeld in het tweede lid, adviseert de Directeur-Generaal Rijksluchtvaartdienst voor de afgifte van de in het eerste lid bedoelde verklaring. -**5.** Nadat een inspectie als in het tweede lid bedoeld is voltooid, geeft de Directeur-Generaal Rijksluchtvaartdienst aan de betrokken bestuurders onverwijld een nieuwe verklaring af, inhoudende dat het dek aan het bij en krachtens artikel 36*j*, eerste lid, bepaalde voldoet. +**5.** Nadat een inspectie als in het tweede lid bedoeld is voltooid, geeft de directeur-hoofdinspecteur van de divisie Luchtvaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat aan de betrokken bestuurders onverwijld een nieuwe verklaring af, inhoudende dat het dek aan het bij en krachtens artikel 36*j*, eerste lid, bepaalde voldoet. -**6.** Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, bij nadere regelen bepalen, dat voor de afgifte van de eerste verklaring voor een bepaalde mijnbouwinstallatie in die regelen aan te geven gegevens aan de Directeur-Generaal Rijksluchtvaartdienst moeten worden verstrekt. +**6.** Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, bij nadere regelen bepalen, dat voor de afgifte van de eerste verklaring voor een bepaalde mijnbouwinstallatie in die regelen aan te geven gegevens aan de directeur-hoofdinspecteur van de divisie Luchtvaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat moeten worden verstrekt. **7.** Een verklaring als in het eerste of vijfde lid bedoeld moet in afschrift aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen worden overgelegd.