From 47a7d86c5481d8dd7d953fff746a5e02fd283bde Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Thu, 1 Jan 1970 00:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 1966-06-23 | BWBR0002528 | Besluit uitvoering artikel 15, tweede lid, Vorderingswet 1962 --- .../BWBR0002528/README.md | 6 +++--- 1 file changed, 3 insertions(+), 3 deletions(-) diff --git a/amvb/besluit-uitvoering-artikel-15-tweede-lid-vorderingswet-1962/BWBR0002528/README.md b/amvb/besluit-uitvoering-artikel-15-tweede-lid-vorderingswet-1962/BWBR0002528/README.md index 55ee5e78ef8..ce32788f0e0 100644 --- a/amvb/besluit-uitvoering-artikel-15-tweede-lid-vorderingswet-1962/BWBR0002528/README.md +++ b/amvb/besluit-uitvoering-artikel-15-tweede-lid-vorderingswet-1962/BWBR0002528/README.md @@ -16,7 +16,7 @@ citeertitel: Besluit uitvoering artikel 15, tweede lid, Vorderingswet 1962 **2.** In geval van vordering van een recht tot gebruik van een zaak bedraagt het totaal der uit te keren schadeloosstellingen: de waarde van het gevorderde recht, zonodig vermeerderd met een vergoeding van bijkomende schade als in het eerste lid bedoeld. -**3.** Ten aanzien van de verdeling van het in het tweede lid bedoelde totaalbedrag over de rechthebbenden op schadeloosstelling is paragraaf 15.3.1 van de Omgevingswet, voor zover mogelijk, van overeenkomstige toepassing. +**3.** Ten aanzien van de verdeling van het in het tweede lid bedoelde totaalbedrag over de rechthebbenden op schadeloosstelling zijn de artikelen 40-49 van de Onteigeningswet, voor zover mogelijk, van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 2 @@ -34,9 +34,9 @@ citeertitel: Besluit uitvoering artikel 15, tweede lid, Vorderingswet 1962 ### Artikel 4 -**1.** In geval van vordering van een recht tot gebruik van een onroerende zaak wordt de waarde van het gevorderde recht vastgesteld op de huurwaarde van de zaak naar de maatstaven van de artikelen 7 en 8 van de Wet op de personele belasting 1950 (*Stb.* 598) of de pachtwaarde van de zaak naar de maatstaven van de ter uitvoering van artikel 327 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek gestelde regelen. +**1.** In geval van vordering van een recht tot gebruik van een onroerende zaak wordt de waarde van het gevorderde recht vastgesteld op de huurwaarde van de zaak naar de maatstaven van de artikelen 7 en 8 van de Wet op de personele belasting 1950 (*Stb.* 598) of de pachtwaarde van de zaak naar de maatstaven van de ter uitvoering van de artikelen 3, eerste lid, en 4 van de Pachtwet (*Stb.* 1958, 37) gestelde regelen. -**2.** In een geval, als in het eerste lid bedoeld, wordt een schadeloosstelling verminderd met de kosten van het onderhoud van de zaak, hetwelk ingevolge het Burgerlijk Wetboek ten laste komt van degene, die op die schadeloosstelling recht heeft, indien en voor zover bij gebreke van zodanig onderhoud door hem dit plaatsheeft door degene, te wiens behoeve de vordering is geschied. +**2.** In een geval, als in het eerste lid bedoeld, wordt een schadeloosstelling verminderd met de kosten van het onderhoud van de zaak, hetwelk ingevolge het Burgerlijk Wetboek, onderscheidenlijk par. 6 van de Pachtwet, ten laste komt van degene, die op die schadeloosstelling recht heeft, indien en voor zover bij gebreke van zodanig onderhoud door hem dit plaatsheeft door degene, te wiens behoeve de vordering is geschied. **3.** Indien het gevorderde gebruiksrecht een beperkte inhoud heeft, wordt de waarde van het gevorderde recht naar evenredigheid verminderd.