2014-01-01 | BWBR0011468 | Wet bescherming persoonsgegevens
This commit is contained in:
parent
2bf16e3a58
commit
48a4eaace9
1 changed files with 18 additions and 17 deletions
|
|
@ -30,7 +30,8 @@ k. het College bescherming persoonsgegevens of het College: het College als bedo
|
|||
l. functionaris: de functionaris voor de gegevensbescherming als bedoeld in artikel 62;
|
||||
m. voorafgaand onderzoek: een onderzoek als bedoeld in artikel 31;
|
||||
n. verstrekken van persoonsgegevens: het bekend maken of ter beschikking stellen van persoonsgegevens;
|
||||
o. verzamelen van persoonsgegevens: het verkrijgen van persoonsgegevens.
|
||||
o. verzamelen van persoonsgegevens: het verkrijgen van persoonsgegevens;
|
||||
p. de Kaderwet: de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen.
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
|
|
@ -607,6 +608,8 @@ De instanties die zijn belast met de behandeling van het geschil, zenden afschri
|
|||
|
||||
**2.** Het College wordt om advies gevraagd over voorstellen van wet en ontwerpen van algemene maatregelen van bestuur die geheel of voor een belangrijk deel betrekking hebben op de verwerking van persoonsgegevens.
|
||||
|
||||
**3.** De Kaderwet is van toepassing op het College, behoudens de in deze wet genoemde uitzonderingen.
|
||||
|
||||
### Artikel 52
|
||||
|
||||
**1.** Het College vervult overigens de taken, hem bij wet en ingevolge verdrag opgedragen.
|
||||
|
|
@ -615,30 +618,26 @@ De instanties die zijn belast met de behandeling van het geschil, zenden afschri
|
|||
|
||||
### Artikel 53
|
||||
|
||||
**1.** Het College bestaat uit een voorzitter en twee andere leden. Bij het College kunnen voorts buitengewone leden worden benoemd. Bij de benoeming van buitengewone leden wordt spreiding over de onderscheidene sectoren van de maatschappij nagestreefd.
|
||||
**1.** Het College bestaat uit een voorzitter en ten hoogste twee andere leden. Bij het College kunnen voorts buitengewone leden worden benoemd. Bij de benoeming van buitengewone leden wordt spreiding over de onderscheidene sectoren van de maatschappij nagestreefd.
|
||||
|
||||
**2.** De voorzitter moet voldoen aan de bij of krachtens artikel 5 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren gestelde vereisten voor benoembaarheid tot rechter in een rechtbank.
|
||||
|
||||
**3.** De voorzitter wordt bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister, benoemd voor een tijdvak van zes jaar. De andere twee leden en de buitengewone leden worden bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister, benoemd voor een tijdvak van vier jaar. De leden kunnen terstond worden herbenoemd. Op eigen verzoek worden zij door Onze Minister ontslagen.
|
||||
**3.** De voorzitter, de andere leden en de buitengewone leden worden bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister, benoemd voor een tijdvak van vijf jaar. De leden kunnen eenmaal worden herbenoemd voor een tijdvak van vijf jaar. Op eigen verzoek worden zij door Onze Minister ontslagen. Artikel 12 van de Kaderwet is niet van toepassing.
|
||||
|
||||
**4.** Er is een Raad van advies die het College adviseert over algemene aspecten van de bescherming van persoonsgegevens. De leden zijn afkomstig uit de onderscheidene sectoren van de maatschappij en worden benoemd door Onze Minister op voordracht van het College. De leden worden benoemd voor ten hoogste vier jaar. Herbenoeming kan twee maal en telkens voor ten hoogste vier jaar plaatsvinden. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt de vergoeding van de kosten aan de leden vastgesteld.
|
||||
|
||||
### Artikel 54
|
||||
|
||||
**1.** Aan een lid wordt bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister, ontslag verleend met ingang van de eerste maand volgend op die waarin hij de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, bereikt.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De artikelen 46c, 46d, tweede lid, 46f, 46g, 46i, met uitzondering van het eerste lid, onderdeel c, 46j, 46l, eerste en derde lid, 46m, 46n, 46o en 46p van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
a. de disciplinaire maatregel als bedoeld in artikel 46c, eerste lid, ten aanzien van de leden van het College door de voorzitter van het College wordt opgelegd;
|
||||
b. het in artikel 46c, eerste lid, onderdeel b, genoemde verbod zich in een onderhoud of een gesprek in te laten met partijen of haar advocaten of gemachtigden of een bijzondere inlichting of schriftelijk stuk van hen aan te nemen niet op de leden van het College van toepassing is.
|
||||
|
||||
Artikel 12, tweede lid, van de Kaderwet is niet van toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 55
|
||||
|
||||
**1.** De voorzitter en de andere twee leden genieten een bezoldiging voor hun werkzaamheden. De buitengewone leden genieten een zittingsgeld. Hun rechtspositie wordt nader geregeld bij algemene maatregel van bestuur.
|
||||
|
||||
**2.** De voorzitter en de andere twee leden mogen zonder toestemming van Onze Minister geen andere werkzaamheden verrichten waarvoor een beloning wordt genoten indien deze werkzaamheden door hun aard of omvang onverenigbaar zijn met hun werkzaamheden voor het College.
|
||||
De rechtspositie van de voorzitter, de andere leden en de buitengewone leden wordt geregeld bij ministeriële regeling.
|
||||
|
||||
### Artikel 56
|
||||
|
||||
|
|
@ -648,23 +647,25 @@ b. het in artikel 46c, eerste lid, onderdeel b, genoemde verbod zich in een onde
|
|||
|
||||
**3.** Het College stelt een bestuursreglement vast. Dit bevat in ieder geval regels over het financiële beheer en de administratieve organisatie, alsmede over werkwijzen en procedures met het oog op een goede en zorgvuldige uitoefening van de verschillende taken. Daarbij wordt voorzien in waarborgen tegen vermenging van de toezichthoudende, adviserende en sanctionerende taak van het College. Tevens kan het een nadere regeling geven van de Raad van advies, als bedoeld in artikel 53, vierde lid.
|
||||
|
||||
**4.** Het reglement alsmede elke wijziging daarvan wordt zo spoedig mogelijk gezonden aan Onze Minister en behoeft diens goedkeuring.
|
||||
|
||||
### Artikel 57
|
||||
|
||||
**1.** Het College wordt vertegenwoordigd door de voorzitter en de twee andere leden, dan wel door een van hen.
|
||||
**1.** Het College wordt vertegenwoordigd door de voorzitter en de andere leden, dan wel door een van hen.
|
||||
|
||||
**2.** De leden stellen een verdeling van taken vast en betrekken hierbij zoveel mogelijk de buitengewone leden.
|
||||
|
||||
### Artikel 58
|
||||
|
||||
Het College stelt jaarlijks vóór 1 september een verslag op van de werkzaamheden, het gevoerde beleid in het algemeen en de doelmatigheid en doeltreffendheid van zijn werkwijze in het bijzonder in het afgelopen kalenderjaar. Het verslag wordt aan Onze Minister en aan de functionarissen voor de gegevensbescherming als bedoeld in artikel 62 toegezonden en algemeen verkrijgbaar gesteld.
|
||||
Het jaarverslag, bedoeld in artikel 18 van de Kaderwet, wordt toegezonden aan de functionarissen voor de gegevensbescherming, bedoeld in artikel 62, en algemeen verkrijgbaar gesteld.
|
||||
|
||||
### Artikel 59
|
||||
|
||||
**1.** Het College verstrekt desgevraagd aan Onze Minister de voor de uitoefening van zijn taak benodigde inlichtingen. Onze Minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak nodig is.
|
||||
Artikel 20 van de Kaderwet is niet van toepassing indien het College de informatie van derden heeft verkregen onder de voorwaarde dat het geheime karakter daarvan wordt gehandhaafd.
|
||||
|
||||
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing indien het College de informatie van derden heeft verkregen onder de voorwaarde dat het geheime karakter daarvan wordt gehandhaafd.
|
||||
### Artikel 59a
|
||||
|
||||
**1.** De artikelen 21 en 22 van de Kaderwet zijn niet van toepassing op het College.
|
||||
|
||||
**2.** Artikel 23 van de Kaderwet vindt slechts toepassing ten aanzien van het door het College gevoerde financiële beheer en de administratieve organisatie.
|
||||
|
||||
### Artikel 60
|
||||
|
||||
|
|
@ -758,7 +759,7 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 74
|
||||
|
||||
Onze Minister kan beleidsregels vaststellen over de uitoefening van de bevoegdheid van het College tot de oplegging van boeten.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Paragraaf 3. Strafrechtelijke sancties
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue