diff --git a/wet/drinkwaterwet/BWBR0026338/README.md b/wet/drinkwaterwet/BWBR0026338/README.md index 5d4b30f43c2..80400fde2f1 100644 --- a/wet/drinkwaterwet/BWBR0026338/README.md +++ b/wet/drinkwaterwet/BWBR0026338/README.md @@ -103,13 +103,13 @@ b. drinkwater te distribueren aan consumenten of andere afnemers. **2.** -De verboden, bedoeld in het eerste lid, gelden niet voor degene die een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer drijft, voor zover drinkwater wordt geproduceerd voor, of wordt geleverd aan: +De verboden, bedoeld in het eerste lid, gelden niet voor de eigenaar van een collectieve watervoorziening of een collectief leidingnet die in het kader van de verrichting van een milieubelastende activiteit waarvoor bij algemene maatregel van bestuur regels zijn gesteld krachtens artikel 4.3, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet of die bij algemene maatregel van bestuur is aangewezen krachtens artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van die wet, drinkwater produceert voor, of distribueert aan: -a. consumenten of andere afnemers binnen die inrichting, dan wel -b. consumenten of andere afnemers binnen een andere inrichting, voor zover die andere inrichting: +a. consumenten of andere afnemers in het gebouw of op het terrein waar de productie of distributie plaatsvindt, +b. consumenten of andere afnemers buiten het gebouw of het terrein waar de productie of distributie plaatsvindt, voor zover dat gebouw of terrein: -1°. voorheen deel uitmaakte van de in de aanhef bedoelde inrichting, of -2°. voor 25 februari 2005 was aangesloten op de collectieve watervoorziening van de in de aanhef bedoelde inrichting. +1°. voorheen deel uitmaakte van het in onderdeel a bedoelde gebouw of terrein, of +2°. voor 25 februari 2005 was aangesloten op de collectieve watervoorziening van de eigenaar, bedoeld in de aanhef. **3.** De verboden, bedoeld in het eerste lid, gelden voorts niet voor de eigenaar van een voorziening voor de productie of distributie van water op een binnen het Nederlandse territoir of het Nederlandse deel van het continentale plat gelegen mijnbouwinstallatie als bedoeld in artikel 1, onderdeel o, van de Mijnbouwwet, welk water als drinkwater aan consumenten binnen die mijnbouwinstallatie ter beschikking wordt gesteld. @@ -120,7 +120,7 @@ Het verbod, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel b, geldt voorts niet a. voor zover dat leidingnet deel uitmaakt van: 1°. een gebouw als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet; -2°. een terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en blijkens die inrichting bestemd, om daarop ten behoeve van recreatief nachtverblijf gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van tenten, tentwagens, kampeerauto’s of voertuigen of gewezen voertuigen of gedeelten daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde, waarvoor ingevolge artikel 40 van de Woningwet een bouwvergunning vereist is; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf; +2°. een terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en blijkens die inrichting bestemd, om daarop ten behoeve van recreatief nachtverblijf gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van tenten, tentwagens, kampeerauto’s of voertuigen of gewezen voertuigen of gedeelten daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde, waarvoor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in de Omgevingswet is vereist; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf; 3°. een bungalowpark; 4°. een volkstuincomplex; 5°. een bedrijfsterrein; @@ -128,9 +128,9 @@ b. voor zover op dat leidingnet, al dan niet tijdelijk, een of meer tappunten zi **5.** -Op een daartoe strekkende aanvraag kan Onze Minister aan de eigenaar van een collectieve watervoorziening of collectief leidingnet ontheffing verlenen van een verbod als bedoeld in het eerste lid, voor zover het betreft het produceren voor, of het distribueren aan, consumenten of andere afnemers binnen een of meer inrichtingen in de zin van de Wet milieubeheer, indien: +Op een daartoe strekkende aanvraag kan Onze Minister aan de eigenaar van een collectieve watervoorziening of een collectief leidingnet ontheffing verlenen van een verbod als bedoeld in het eerste lid, voor het zover het betreft het produceren voor, of het distribueren aan, consumenten of andere afnemers in een of meer gebouwen of op een of meer terreinen waar milieubelastende activiteiten worden verricht waarvoor bij algemene maatregel van bestuur regels zijn gesteld krachtens artikel 4.3, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet of die bij algemene maatregel van bestuur zijn aangewezen krachtens artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van die wet, indien: -a. de aansluiting van die inrichting of inrichtingen op het leidingnet van een drinkwaterbedrijf naar het oordeel van Onze Minister in strijd is, of zou komen, met het belang van een doelmatige openbare drinkwatervoorziening, en +a. de aansluiting van dat gebouw of die gebouwen of van dat terrein of die terreinen op het leidingnet van een drinkwaterbedrijf naar het oordeel van Onze Minister in strijd is, of zou komen, met het belang van een doelmatige openbare drinkwatervoorziening, en b. het belang van de volksgezondheid zich daartegen niet verzet. **6.** Onze Minister kan aan een ontheffing, bedoeld in het vijfde lid, voorschriften en beperkingen verbinden en deze wijzigen of intrekken. @@ -208,9 +208,7 @@ b. het bijdragen aan het uit een oogpunt van volksgezondheid verantwoord omgaan 2°. het opstellen van technische eisen ten aanzien van de op zijn distributienet aan te sluiten en aangesloten installaties; 3°. het overeenkomstig artikel 24 uitvoeren van controles ten aanzien van bedoelde installaties. -**3.** De infrastructuur die door de eigenaar van een drinkwaterbedrijf overeenkomstig het eerste lid, onderdeel b, is of wordt aangelegd, hersteld, vernieuwd of uitgebreid wordt voor de toepassing van de Belemmeringenwet Verordeningen en de Belemmeringenwet Privaatrecht aangemerkt als openbaar werk of openbare werken van algemeen nut. - -**4.** Indien de eigenaar van een drinkwaterbedrijf baten die zijn verkregen ter uitvoering van een taak of taken als bedoeld in het eerste of tweede lid aanwendt voor het verrichten van economische activiteiten, geschiedt de aanwending van die baten tegen condities die in het normale handelsverkeer gebruikelijk zijn voor de financiering van de desbetreffende economische activiteiten. De artikelen 25a, aanhef en onderdeel d, en 25b van de Mededingingswet zijn van overeenkomstige toepassing op de eigenaren van drinkwaterbedrijven. +**3.** Indien de eigenaar van een drinkwaterbedrijf baten die zijn verkregen ter uitvoering van een taak of taken als bedoeld in het eerste of tweede lid aanwendt voor het verrichten van economische activiteiten, geschiedt de aanwending van die baten tegen condities die in het normale handelsverkeer gebruikelijk zijn voor de financiering van de desbetreffende economische activiteiten. De artikelen 25a, aanhef en onderdeel d, en 25b van de Mededingingswet zijn van overeenkomstige toepassing op de eigenaren van drinkwaterbedrijven. ### Artikel 8 @@ -624,7 +622,7 @@ Ten behoeve van het verslag, bedoeld in artikel 45, verstrekken de eigenaren van **3.** Van een besluit als bedoeld in het eerste of tweede lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant. -**4.** In afwijking van het eerste en tweede lid is de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt, belast met het toezicht op de naleving van artikel 7, vierde lid. +**4.** In afwijking van het eerste en tweede lid is de Autoriteit Consument en Markt, genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt, belast met het toezicht op de naleving van artikel 7, derde lid. ### Artikel 49 @@ -636,7 +634,7 @@ De eigenaar van een drinkwaterbedrijf, respectievelijk collectieve watervoorzien **2.** In afwijking van het eerste lid is Onze Minister van Economische Zaken bevoegd tot toepassing van bestuursdwang ter handhaving van deze wet en de daarop berustende bepalingen voor zover het betreft voorzieningen voor de winning, behandeling of distributie van water op een binnen het Nederlandse territoir of het Nederlandse deel van het continentale plat gelegen mijnbouwinstallatie als bedoeld in artikel 1, onderdeel o, van de Mijnbouwwet, welk water als drinkwater aan consumenten binnen die mijnbouwinstallatie ter beschikking wordt gesteld. -**3.** In afwijking van het eerste lid is, ingeval van overtreding van artikel 7, vierde lid, eerste of tweede volzin, artikel 70a van de Mededingingswet van overeenkomstige toepassing en is artikel 82 van die wet van toepassing. +**3.** In afwijking van het eerste lid is, ingeval van overtreding van artikel 7, derde lid, eerste of tweede volzin, artikel 70a van de Mededingingswet van overeenkomstige toepassing en is artikel 82 van die wet van toepassing. ## Hoofdstuk VIII. Maatregelen in het belang van de volksgezondheid