diff --git a/amvb/besluit-beheer-en-schadebestrijding-dieren/BWBR0011849/README.md b/amvb/besluit-beheer-en-schadebestrijding-dieren/BWBR0011849/README.md index 426b29f760c..8665e8cd8ae 100644 --- a/amvb/besluit-beheer-en-schadebestrijding-dieren/BWBR0011849/README.md +++ b/amvb/besluit-beheer-en-schadebestrijding-dieren/BWBR0011849/README.md @@ -34,14 +34,16 @@ Als beschermde inheemse diersoorten die in delen van het land veelvuldig belangr ### Artikel 4 +**1.** + Als andere belangen als bedoeld in artikel 68, eerste lid, onderdeel e, van de wet, zijn aangewezen: a. de voorkoming en bestrijding van schade of belangrijke overlast veroorzaakt door steenmarters aan gebouwen of zich daarin of daarbij bevindende roerende zaken, en b. de voorkoming en bestrijding van schade veroorzaakt door vossen aan niet bedrijfsmatig gehouden vee; c. de voorkoming en bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren, behorende tot de diersoorten edelhert, ree, damhert of wild zwijn; -d. de voorkoming en bestrijding van schade veroorzaakt door konijnen of vossen op sportvelden of industrieterreinen; -e. het reguleren van de populatieomvang van dieren, behorende tot de diersoorten edelhert, ree, damhert of wild zwijn, met dien verstande dat vanwege dit belang slechts ontheffing kan worden verleend indien de aanleiding is gelegen in de schadehistorie ter plaatse en van het omringende gebied of de maximale populatieomvang in relatie tot de draagkracht van het gebied waarin de dieren zich bevinden; -f. de voorkoming en bestrijding van schade veroorzaakt door dieren behorende tot een beschermde inheemse zoogdiersoort op begraafplaatsen. +d. de voorkoming en bestrijding van schade veroorzaakt door konijnen of vossen op sportvelden of industrieterreinen. + +**2.** Als ander belang als bedoeld in artikel 75, vierde lid, onderdeel c, van de wet is aangewezen de voorkoming en bestrijding van schade veroorzaakt door dieren behorende tot een beschermde inheemse zoogdiersoort op begraafplaatsen. ### Paragraaf 4. Middelen voor beheer en bestrijding van schade @@ -60,19 +62,11 @@ f. vangkooien; g. klemmen, niet zijnde pootklemmen; h. buidels; i. lokvogels, mits niet blind of verminkt; -j. kunstmatige lichtbronnen; -k. middelen die krachtens de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn toegelaten of vrijgesteld, en -l. rodenators. +j. kunstmatige lichtbronnen, en +k. middelen die krachtens de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 zijn toegelaten. **2.** Als middelen, bedoeld in artikel 72, tweede lid, van de wet, waarmee de zwarte rat, de bruine rat en de huismuis mogen worden bestreden, zijn aangewezen de middelen genoemd in de onderdelen a, b, e en g van het eerste lid. -**3.** - -De middelen, genoemd in het eerste lid, onderdelen e, f en j, mogen niet worden gebruikt voor het doden of vangen van: - -a. vogels als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van de wet, en -b. dieren die behoren tot de soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, of in bijlage V, onderdeel a, bij richtlijn 92/43/EEG. - ### Artikel 6 **1.** Onverminderd artikel 67, vierde lid, van de wet, worden de in artikel 5 aangewezen middelen slechts gebruikt op gronden of in of aan opstallen, voorzover de grondgebruiker voor het betreden van de betrokken door hem gebruikte gronden of opstallen schriftelijk toestemming heeft verleend. @@ -109,8 +103,7 @@ Geweren worden niet gebruikt: a. voor zonsopgang en na zonsondergang, met dien verstande dat wilde eenden waarop de jacht is geopend ook mogen worden gedood gedurende een half uur voor zonsopgang en een half uur na zonsondergang; b. in de bebouwde kommen der gemeenten en in de onmiddellijk aan die kommen grenzende terreinen; c. binnen de afpalingskring van een geregistreerde eendenkooi, en -d. vanuit vliegtuigen of rijdende motorvoertuigen; -e. vanuit vaartuigen die varen met een snelheid van meer dan 5 kilometer per uur indien de geweren worden gebruikt voor het doden van vogels, behorende tot de soorten bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van de wet. +d. vanuit vliegtuigen, rijdende motorvoertuigen of varende vaartuigen. **10.** @@ -130,19 +123,6 @@ c. met kogelpatronen voor getrokken loop waarvan de (tref)energie ten minste 980 **12.** Het tweede tot en met zesde lid en negende lid, onderdelen a en b, gelden niet voor het doden van huismussen en verwilderde rotsduiven met luchtdrukgeweren in gebouwen. -### Artikel 7a - -**1.** - -Het doden van wilde zwijnen door middel van de methode, bedoeld in artikel 74, tweede lid, van de wet, is toegestaan, indien: - -a. Onze Minister heeft bepaald dat in enig jaar het leggen van lokvoer niet voldoende effectief is om het benodigde afschot anderszins te realiseren en -b. de methode is toegestaan in een besluit op grond van artikel 67, eerste lid, of artikel 68, eerste lid, van de wet. - -**2.** Uiterlijk op 1 april van enig jaar wordt van de inzet van de methode en het resultaat daarvan telkenmale door de houder van de vergunning, bedoeld in artikel 67, eerste lid, van de wet, of van de ontheffing bedoeld in artikel 68, eerste lid, van de wet schriftelijke melding gemaakt bij het bestuursorgaan dat het besluit, bedoeld in onderdeel b, heeft genomen. - -**3.** Een besluit als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, wordt door Onze Minister bekend gemaakt in de Staatscourant. - ### Artikel 8 Geen ontheffing wordt verleend van het verbod van artikel 9 van de wet op grond van de belangen als bedoeld in artikel 68, eerste lid, onderdeel c en d, van de wet voor edelherten, damherten, reeën en wilde zwijnen die leven op ingerasterde terreinen met een oppervlakte kleiner dan 5000 hectare. @@ -155,7 +135,7 @@ Geen ontheffing wordt verleend van het verbod van artikel 9 van de wet op grond Kastvallen worden niet gebruikt voor het vangen van: -a. vogels als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van de wet, of +a. vogels, met uitzondering van eksters, zwarte kraaien of kauwen, of b. zoogdieren behorende tot soorten genoemd in bijlage IV en V, onderdeel a, van richtlijn 92/43/EEG. **3.** Klemmen worden slechts gebruikt voor het vangen of doden van mollen, veldmuizen, bosmuizen, huismuizen, woelratten, bruine ratten, zwarte ratten, muskusratten en beverratten. @@ -169,22 +149,19 @@ Levende lokvogels worden slechts gebruikt voorzover: a. het gefokte eksters, gefokte zwarte kraaien of gefokte kauwen betreft, als hulpmiddel voor het vangen van eksters, zwarte kraaien onderscheidenlijk kauwen, met vangkooien of met kastvallen die zodanig zijn vervaardigd dat in de kastval geen lichamelijk contact mogelijk is tussen de lokvogel en de te vangen vogel, en b. de lokvogels zijn voorzien van voldoende voedsel en water. -**6.** +**6.** Kunstmatige lichtbronnen worden slechts gebruikt als hulpmiddel voor het vangen of doden van vossen. -Kunstmatige lichtbronnen worden uitsluitend gebruikt indien is voldaan aan elk van de volgende voorwaarden: +**7.** Onverminderd artikel 72, tweede lid, van de wet, worden middelen die krachtens de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 zijn toegelaten slechts gebruikt voor het vangen en doden van mollen, veldmuizen en bosmuizen. -a. het middel wordt gebruikt voor het vangen of doden van vossen; -b. voor het gebruik is toestemming verleend door gedeputeerde staten. - -**7.** Aardhonden worden ten behoeve van het vangen en doden van vossen niet gebruikt in holen in de periode van 1 maart tot 1 september. - -**8.** Rodenators worden slechts gebruikt voor het vangen en doden van woelratten. +**8.** Aardhonden worden ten behoeve van het vangen en doden van vossen niet gebruikt in holen in de periode van 1 maart tot 1 september. ### Artikel 10 **1.** De in artikel 5 genoemde middelen worden, voorzover zij strekken tot het vangen en doden van dieren op grond van een besluit als bedoeld in artikel 67, eerste lid, of 68, eerste lid, van de wet, slechts gebruikt indien daartoe door gedeputeerde staten schriftelijk toestemming is verleend. -**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing indien een besluit als bedoeld in artikel 67, eerste lid, of artikel 68, eerste lid, van de wet krachtens artikel 70 van de wet wordt genomen door Onze Minister. +**2.** Indien de toestemming als bedoeld in het eerste lid het gebruik van een kogelgeweer betreft ten behoeve van de drijfjacht op wilde zwijnen, wordt de toestemming slechts verleend indien de gebruiker naar genoegen van gedeputeerde staten aantoont dat hij over voldoende schietvaardigheid beschikt. + +**3.** Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing indien een besluit als bedoeld in artikel 67, eerste lid, of artikel 68, eerste lid, van de wet krachtens artikel 70 van de wet wordt genomen door Onze Minister. ### Paragraaf 5. Aanwijzing verboden middelen @@ -206,10 +183,6 @@ g. netten geschikt en bestemd om te worden gebruikt voor het vangen van vogels. **3.** De aanwijzingen, bedoeld in artikel 15, tweede lid, van de wet zijn niet van toepassing voor klemmen en vangkooien voorzover de houder daarvan kan aantonen dat deze middelen strekken tot geoorloofd gebruik voor het vangen of doden van dieren bij of krachtens de artikelen 65 tot en met 70 van de wet. -### Artikel 11a - -Vervallen - ### Paragraaf 6. Slotbepalingen ### Artikel 12 @@ -218,12 +191,14 @@ Een wijziging van richtlijn 92/43/EEG gaat voor de toepassing van de artikelen v ### Artikel 13 -Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. +**1.** Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. + +**2.** De artikelen 2 en 3 van dit besluit vervallen twee jaar na het tijdstip van hun inwerkingtreding. ### Artikel 14 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit beheer en schadebestrijding dieren. -## Bijlage 1. als bedoeld in +## Bijlage 1. als bedoeld in artikel 2 van het Besluit beheer en schadebestrijding dieren -## Bijlage 2. als bedoeld in +## Bijlage 2. als bedoeld in artikel 3 van het Besluit beheer en schadebestrijding dieren