2019-04-01 | BWBR0007648 | Registratiebesluit BIG

This commit is contained in:
Coornhert 2019-04-01 12:00:00 +00:00
parent 2449985bfd
commit 4a76a91581

View file

@ -3,7 +3,7 @@ titel: Registratiebesluit BIG
bwb_id: BWBR0007648
type: AMvB
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2013-02-23'
datum_inwerkingtreding: '2019-02-22'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0007648
citeertitel: Registratiebesluit BIG
---
@ -24,26 +24,21 @@ b. instelling: een instelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel f, van de Wet
Bij de indiening van een aanvrage om inschrijving in een register als bedoeld in artikel 3 van de wet worden de volgende bescheiden verstrekt:
a. het desbetreffende door Onze Minister beschikbaar te stellen formulier, dat door de aanvrager is ingevuld;
b. het desbetreffende in hoofdstuk III, artikel 41, eerste lid, onder a, of artikel 105, tweede lid, van de wet bedoelde getuigschrift, de erkenning, bedoeld in artikel 41, eerste lid, onder c, dan wel de verklaring van Onze Minister, bedoeld in artikel 41, eerste lid, onder b of 106, eerste lid, van de wet;
b. het desbetreffende in artikel 105, tweede lid, van de wet bedoelde getuigschrift, de erkenning, bedoeld in artikel 41, eerste lid, onder a of c, dan wel de verklaring van Onze Minister, bedoeld in artikel 41, eerste lid, onder b of 106, eerste lid, van de wet;
c. een document niet ouder dan drie maanden, waaruit blijkt dat, voor zover van toepassing, ten aanzien van de aanvrager geen maatregel berustend op een in het buitenland gegeven rechterlijke, tuchtrechtelijke of bestuursrechtelijke beslissing van kracht is, op grond waarvan de aanvrager zijn of haar rechten tot de uitoefening van het betrokken beroep in het land waar de beslissing is gegeven, geheel of gedeeltelijk, tijdelijk of blijvend heeft verloren;
d. indien de aanvrager in het bezit is van een door Onze Minister aangewezen getuigschrift als bedoeld in artikel 41, eerste lid, onder a, van de wet:
d. een bewijs van voldoende beheersing van de Nederlandse taal.
1° een bewijs van zijn nationaliteit alsmede;
2° indien de aanvraag wordt gedaan door een migrerende beroepsbeoefenaar, als bedoeld in artikel 1 onder 2°, van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties, een door Nederland afgegeven EG-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen als bedoeld in artikel 8 van richtlijn nr. 2003/109/EG van de Raad van de Europese Unie van 25 november 2003 betreffende de status van langdurig ingezeten onderdanen van derde landen (PbEU L 016), of een door een andere betrokken staat dan Nederland afgegeven zodanige EG-verblijfsvergunning en een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 van de Vreemdelingenwet 2000;
3° indien de aanvraag wordt gedaan door een migrerende beroepsbeoefenaar, als bedoeld in artikel 1 onder 3°, van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties, een verblijfskaart van een familielid van een burger van de Unie of een duurzame verblijfskaart of een ander bewijsmiddel waaruit blijkt dat de aanvrager het verblijfsrecht of het duurzaam verblijfsrecht heeft verkregen als bedoeld in hoofdstuk III, respectievelijk hoofdstuk IV van richtlijn nr. 2004/38/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 betreffende het recht van vrij verkeer en verblijf op het grondgebied van de lidstaten voor de burgers van de Unie en hun familieleden (PbEU L 158 en L 229);
e. een bewijs van voldoende beheersing van de Nederlandse taal.
**2.** Indien het document, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, niet wordt afgegeven door de bevoegde autoriteiten, wordt dit vervangen door een attest afgegeven door een bevoegde, gerechtelijke autoriteit, een andere bevoegde overheidsautoriteit, een notaris of een bevoegde beroepsvereniging in het land van herkomst, waaruit blijkt dat de aanvrager tegenover die instantie of functionaris onder ede, dan wel plechtig heeft verklaard, dat ten aanzien van hem geen maatregel van kracht is als bedoeld in het eerste lid, onder c.
**2.** Indien het document, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, niet wordt afgegeven door de bevoegde autoriteiten, wordt dit vervangen door een attest, niet ouder dan drie maanden, afgegeven door een bevoegde, gerechtelijke autoriteit, een andere bevoegde overheidsautoriteit, een notaris of een bevoegde beroepsvereniging in het land van herkomst, waaruit blijkt dat de aanvrager tegenover die instantie of functionaris onder ede, dan wel plechtig heeft verklaard, dat ten aanzien van hem geen maatregel van kracht is als bedoeld in het eerste lid, onder c.
**3.** Het formulier, bedoeld in het eerste lid, bevat in elk geval rubrieken voor de vermelding van de naam, de voornamen, het geslacht, de geboortedatum, de nationaliteit en het adres van de aanvrager, voor de beantwoording van de vragen of hij onder curatele is gesteld wegens geestelijke stoornis en of hij is ontzet van het recht het betrokken beroep uit te oefenen en voor de vermelding van de data waarop hij de opleiding tot het desbetreffende beroep heeft aangevangen en voltooid.
**4.** Van een getuigschrift als bedoeld in het eerste lid, onder b of d wordt het originele exemplaar verstrekt dan wel een kopie die is gewaarmerkt door de instelling die het desbetreffende getuigschrift heeft afgegeven, of door de daartoe bevoegde autoriteit in een lidstaat van de Europese Unie of andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland. Van een verklaring of erkenning als bedoeld in het eerste lid kan een fotokopie worden overgelegd.
**4.** Van een getuigschrift als bedoeld in het eerste lid, onder b of d wordt het originele exemplaar verstrekt dan wel een kopie die is gewaarmerkt door de instelling die het desbetreffende getuigschrift heeft afgegeven, of door de daartoe bevoegde autoriteit in een lidstaat van de Europese Unie of andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland. In plaats van een in Nederland afgegeven getuigschrift of een gewaarmerkte kopie daarvan kunnen diplomagegevens worden verstrekt uit het diplomaregister als bedoeld in artikel 24m van de Wet op het onderwijstoezicht. Van een verklaring of erkenning als bedoeld in het eerste lid kan een fotokopie worden overgelegd.
**5.** Van het document, bedoeld in het eerste lid, onder c, wordt het originele exemplaar verstrekt dan wel een kopie die is gewaarmerkt door de instelling die het document heeft afgegeven of door de daartoe bevoegde autoriteit in een lidstaat van de Europese Unie of andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland. Van het attest, bedoeld in het tweede lid, wordt het originele exemplaar verstrekt dan wel een kopie die is gewaarmerkt door de betreffende autoriteit, notaris, bevoegde beroepsvereniging als bedoeld in dat artikellid, dan wel door een in Nederland gevestigde notaris.
**6.** Van de bewijsmiddelen, bedoeld in het eerste lid, onder d, kan een fotokopie worden overgelegd.
**7.** Het getuigschrift, bedoeld in artikel 41, onder a, van de wet, is gesteld, dan wel door een beëdigd vertaler vertaald in de taal waarin de getuigschriften in bijlage V van richtlijn nr. 2005/36/EG van de Raad van de Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties (PBEU 2005 L 255) onderscheidenlijk in bijlagen 1 tot en met 5 van de Regeling aanwijzing buitenlandse diplomas volksgezondheid zijn weergegeven. Het document, bedoeld in het eerste lid, onder c, en het attest, bedoeld in het tweede lid, zijn gesteld, dan wel door een beëdigd vertaler vertaald, in het Nederlands, Engels, Frans of Duits.
**7.** Het document, bedoeld in het eerste lid, onder c, en het attest, bedoeld in het tweede lid, zijn gesteld, dan wel door een beëdigd vertaler vertaald, in het Nederlands of Engels.
**8.** Onze Minister stelt regels omtrent de bescheiden die bij de indiening van een aanvraag om vermelding als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de wet worden verstrekt.
@ -70,10 +65,19 @@ In afwijking van artikel 2, eerste lid, onder b, kunnen degenen die de bevoegdhe
### Artikel 4
**1.** Bij het indienen van een aanvrage als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de wet, wordt een tarief in rekening gebracht.
**1.** Bij het indienen van een aanvrage als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de wet, wordt een tarief in rekening gebracht. Het tarief wordt voldaan binnen vier weken na het indienen van de aanvraag. Indien het bedrag niet is voldaan, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen.
**2.** Onze Minister stelt regels omtrent de hoogte van het tarief, bedoeld in het eerste lid.
### Artikel 4a
Een beroepsbeoefenaar die zich manifesteert in de hoedanigheid waaronder hij in een register als bedoeld in artikel 3 van de wet is ingeschreven, draagt er zorg voor dat zijn BIG-nummer kenbaar wordt gemaakt:
a. op door hem of onder zijn verantwoordelijkheid gebruikte websites en via andere digitale media;
b. op door of namens hem gebruikt briefpapier;
c. op door of namens hem opgestelde facturen;
d. in de wachtkamer.
### Artikel 5
**1.**
@ -92,21 +96,26 @@ b. door middel van publicatie op daartoe bestemde websites op internet.
**3.**
Voor de openbare kennisgeving, bedoeld in het tweede lid, onder b, en de aantekening in het BIG-register, bedoeld in artikel 9, eerste lid van de wet, geldt dat deze raadpleegbaar zijn voor:
Voor de openbare kennisgeving, bedoeld in het tweede lid, onder b, en de aantekening in het BIG-register, bedoeld in artikel 9, eerste, tweede, derde, vierde en achtste lid, van de wet, geldt dat deze raadpleegbaar zijn:
a. een bevel als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de wet: gedurende de duur van het bevel, vermeerderd met een termijn van 5 jaar die aanvangt direct na het eindigen van het bevel;
b. een berisping: gedurende 5 jaar;
c. een geldboete: gedurende 5 jaar;
d. een voorwaardelijke schorsing: gedurende de duur van de proeftijd, vermeerderd met een termijn van 5 jaar die aanvangt direct na het eindigen van de proeftijd;
e. een schorsing, niet zijnde een schorsing bij wijze van voorlopige voorziening: gedurende de duur van de schorsing, vermeerderd met een termijn van 5 jaar die aanvangt direct na het eindigen van de schorsing;
f. een schorsing bij wijze van voorlopige voorziening: gedurende de duur van de schorsing;
g. een gedeeltelijke ontzegging: gedurende de duur van de gedeeltelijke ontzegging, vermeerderd met een termijn van 5 jaar die aanvangt direct na het eindigen van de ontzegging.
a. voor de maatregelen berisping en geldboete: voor een termijn van vijf jaar die aanvangt direct na het onherroepelijk worden van de uitspraak waarbij de maatregel is opgelegd;
b. voor een doorhaling, als bedoeld in artikel 48, eerste lid, onder f, van de wet of een ontzegging van het recht wederom in het register te worden ingeschreven, als bedoeld in artikel 48, derde lid, van de wet: 10 jaar.
c. voor een verwerking of overname van een maatregel, op grond van artikel 7, onder c, e of f, van de wet: voor de duur van de verwerkte of overgenomen maatregel vermeerderd met een termijn van vijf jaar die aanvangt direct na het eindigen van die maatregel, met een maximale duur van tien jaar mits de duur van de maatregel bij de minister is bevestigd door de bevoegde autoriteit.
**4.** Voor de openbare kennisgeving, bedoeld in het tweede lid, onder b, geldt dat een doorhaling en een ontzegging van het recht wederom in het register te worden ingeschreven raadpleegbaar zijn gedurende 10 jaar.
Indien bij de minister niet bekend is wanneer de maatregel eindigt, blijft de doorhaling raadpleegbaar voor maximaal tien jaar. Indien de minister alsnog schriftelijke bevestiging van de bevoegde autoriteit ontvangt dat de maatregel niet langer duurt dan vijf jaar, blijft de maatregel raadpleegbaar voor de duur van de maatregel vermeerderd met een termijn van vijf jaar. Indien de periode dat de maatregel raadpleegbaar moet zijn is verstreken, wordt de aantekening verwijderd.
d. voor andere maatregelen dan die genoemd in de onderdelen b en c opgelegd voor een bepaalde duur: de duur van de van kracht zijnde maatregel vermeerderd met een termijn van vijf jaar die aanvangt direct na het eindigen van de maatregel mits de duur van de maatregel bij de minister is bevestigd door de bevoegde autoriteit. Indien bij de minister niet bekend is wanneer de maatregel eindigt, blijft de maatregel raadpleegbaar. Indien de minister alsnog schriftelijke bevestiging van de bevoegde autoriteit ontvangt dat de maatregel is geëindigd en indien de periode dat de maatregel raadpleegbaar moet zijn is verstreken, wordt de aantekening verwijderd.
**5.** Gedurende de termijn dat een bevel als bedoeld in het derde lid onder a, een maatregel als bedoeld in het derde lid, onderdelen b en f, niet onherroepelijk is, of een maatregel, bedoeld in het derde lid, onderdelen g en h, door toepassing van artikel 48, zevende lid van de wet, onmiddellijk van kracht wordt, wordt daarbij vermeld of een rechtsmiddel is of kan worden ingesteld.
Indien een voorwaardelijke maatregel als bedoeld in artikel 48, zevende lid, van de wet is opgelegd en daaraan een proeftijd is verbonden, geldt als duur van de maatregel de duur van de opgelegde proeftijd.
**6.** In afwijking van het derde lid, eindigt de openbare kennisgeving en aantekening in het BIG-register bij overlijden van betrokkene.
**4.** Voor zover een maatregel nadat die niet meer van kracht is nog openbaar wordt kennisgegeven, wordt in de openbare kennisgeving, als bedoeld in het derde lid, onder b, en de aantekening in het BIG-register, vermeld per wanneer de maatregel van kracht was en per wanneer de maatregel is geëindigd.
**5.** De openbare kennisgeving, bedoeld in artikel 11 van de wet, en de aantekening in het BIG-register, bedoeld in artikel 9 van de wet, vindt plaats nadat de uitspraak, de beslissing of het besluit zodra de maatregel van kracht is. Indien de uitspraak, de beslissing of het besluit niet onherroepelijk is maar wel al van kracht is, wordt in de openbare kennisgeving, bedoeld in artikel 11 van de wet, en de aantekening in het BIG-register vermeld dat een rechtsmiddel is of kan worden ingesteld, nadat de minister een schriftelijke bevestiging daarvan van de bevoegde autoriteit heeft ontvangen.
**6.** Indien een beroepsbeoefenaar aan wie een doorhaling of ontzegging van het recht wederom in het register te worden ingeschreven is opgelegd, in de hem ontzegde bevoegdheid wordt hersteld, verwijdert de minister de openbare kennisgeving, als bedoeld in het tweede lid, onder b, en maakt daarvan melding bij de aantekening in het BIG-register, nadat de minister een schriftelijke bevestiging van het herstel van de bevoegde autoriteit heeft ontvangen. De vermelding is raadpleegbaar gedurende de resterende periode van openbare kennisgeving en aantekening in het BIG-register ingevolge het derde en vierde lid van dit artikel.
**7.** In afwijking van het derde, vierde, en zesde lid, eindigt de openbare kennisgeving, als bedoeld in het tweede lid, onder b, en de aantekening in het BIG-register nadat de minister een schriftelijke bevestiging van de bevoegde autoriteit heeft ontvangen dat de maatregel is geëindigd door vernietiging van de Nederlandse of buitenlandse uitspraak of beslissing waarbij de maatregel is opgelegd of door vernietiging van het besluit tot overname van een buitenlandse maatregel op grond van artikel 7, onder e of f, of artikel 9, tweede en vijfde lid, van de wet. Hetzelfde geldt voor de situatie dat de maatregel eindigt door herziening van de uitspraak of beslissing.
**8.** In afwijking van het derde, vierde en zesde lid, eindigt de openbare kennisgeving en de aantekening in het BIG-register bij overlijden van betrokkene.
### Artikel 6
@ -116,7 +125,7 @@ Aan een ieder die dat verlangt, wordt meegedeeld hetgeen in het register staat a
**1.** Van de totstandkoming van een inschrijving in een register met toepassing van artikel 41, derde lid, van de wet, en van de duur van die inschrijving of van de aard van de andere beperkingen die aan die inschrijving zijn verbonden, wordt kennis gegeven in de *Staatscourant* en, indien deze bekend zijn, aan de in artikel 5, eerste lid, bedoelde instanties.
**2.** Van de doorhaling van een inschrijving die met toepassing van artikel 42, tweede lid, eerste volzin, van de wet is geschied, en van de doorhaling van een met toepassing van artikel 41 van de wet tot stand gekomen inschrijving op grond van het intreden of bekend worden van omstandigheden als bedoeld in artikel 7, onder e, van de wet, ten aanzien van de betrokkene, wordt kennis gegeven aan de in artikel 5, eerste lid, bedoelde instanties, in een of meer dag- of weekbladen die in het gebied waarin de betrokkene zijn beroep uitoefent, worden verspreid, in de Staatscourant en door middel van publicatie op daartoe bestemde websites op internet.
**2.** Van de doorhaling van een met toepassing van artikel 41 van de wet tot stand gekomen inschrijving op grond van het intreden of bekend worden van omstandigheden als bedoeld in artikel 7, onder e, van de wet, ten aanzien van de betrokkene, wordt kennis gegeven aan de in artikel 5, eerste lid, bedoelde instanties, in een of meer dag- of weekbladen die in het gebied waarin de betrokkene zijn beroep uitoefent, worden verspreid, in de Staatscourant en door middel van publicatie op daartoe bestemde websites op internet.
### Artikel 8