From 4ab2d44723eea7c27c9e80e3d640095c7da25303 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Thu, 1 Dec 2022 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2022-12-01 | BWBR0024841 | Besluit periodieke registratie Wet BIG --- .../BWBR0024841/README.md | 8 +++----- 1 file changed, 3 insertions(+), 5 deletions(-) diff --git a/amvb/besluit-periodieke-registratie-wet-big/BWBR0024841/README.md b/amvb/besluit-periodieke-registratie-wet-big/BWBR0024841/README.md index b216bc26573..385138edd2d 100644 --- a/amvb/besluit-periodieke-registratie-wet-big/BWBR0024841/README.md +++ b/amvb/besluit-periodieke-registratie-wet-big/BWBR0024841/README.md @@ -43,7 +43,7 @@ i. het register van physician assistants. ### Artikel 3 -**1.** De in artikel 8, tweede lid, onderdeel c, van de wet bedoelde werkzaamheden worden in de in artikel 2 bedoelde periode verricht gedurende minimaal 2080 uren, waarbij de werkzaamheden maximaal voor een periode van twee aaneengesloten jaren kunnen worden onderbroken. In afwijking van de eerste volzin, geldt voor de ingeschrevenen in een register als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder g of h, een periode van minimaal 3120 uren. Indien de werkzaamheden langer dan twee jaren worden onderbroken, worden de werkzaamheden die zijn verricht voor de onderbreking niet meegeteld bij de vaststelling van het aantal gewerkte uren. In de gevallen bedoeld in artikel 2, vijfde lid, wordt bij de toepassing van de eerste, tweede en derde volzin, uitgegaan van een periode van vijf jaar die eindigt op het tijdstip waarop de inschrijving in het register moet worden doorgehaald. +**1.** De in artikel 8, tweede lid, onderdeel c, van de wet bedoelde werkzaamheden worden in de in artikel 2 bedoelde periode verricht gedurende minimaal 2080 uren waarbij het de ingeschrevene vrijstaat de werkzaamheden naar eigen inzicht te spreiden over die periode. In afwijking van de eerste volzin, geldt voor de ingeschrevenen in een register als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder g of h, een periode van minimaal 3120 uren. In de gevallen bedoeld in artikel 2, vijfde lid, wordt bij de toepassing van de eerste en tweede zin, uitgegaan van een periode van vijf jaar die eindigt op het tijdstip waarop de inschrijving in het register moet worden doorgehaald. **2.** Bij ministeriƫle regeling worden nadere regels gesteld inzake de werkzaamheden die meetellen bij de berekening van het aantal uren waarbinnen werkzaamheden zijn verricht op het terrein van het desbetreffende beroep. @@ -71,8 +71,6 @@ e. een algemeen erkende feestdag; f. zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden als bedoeld in artikel 4:1, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg; g. de uren besteed aan buitengewoon verlof, indien deze worden opgenomen voor invulling van werkzaamheden die overeenkomen met werkzaamheden die worden verricht binnen het desbetreffende beroep. -**5.** Als onderbreking van de werkzaamheden wordt beschouwd de periode die langer duurt dan zes weken waarin de ingeschrevene geen werkzaamheden verricht op het desbetreffende gebied van de beroepsuitoefening in de individuele gezondheidszorg. - ### Artikel 4 **1.** Voor de aanvraag tot opneming van een aantekening in het register van de datum, bedoeld in artikel 8, tweede lid, onderdeel b, van de wet, stelt Onze Minister een formulier beschikbaar, dat in ieder geval rubrieken bevat voor de naam, de geboortedatum en het woon- en werkadres van de aanvrager, het nummer van de registratie in het register, en rubrieken voor gegevens over de onderwijsinstelling waar scholing is gevolgd. @@ -81,7 +79,7 @@ g. de uren besteed aan buitengewoon verlof, indien deze worden opgenomen voor in ### Artikel 5 -**1.** Voor de aanvraag tot opneming van een aantekening in het register van de datum, bedoeld in artikel 8, tweede lid, onderdeel c, van de wet stelt Onze Minister een formulier beschikbaar, dat in ieder geval rubrieken bevat voor de naam, de geboortedatum en het woon- en werkadres van de aanvrager, het nummer van de registratie in het register, en rubrieken voor gegevens over de aard, de omvang, de duur en de spreiding van verrichte werkzaamheden. +**1.** Voor de aanvraag tot opneming van een aantekening in het register van de datum, bedoeld in artikel 8, tweede lid, onderdeel c, van de wet stelt Onze Minister een formulier beschikbaar, dat in ieder geval rubrieken bevat voor de naam, de geboortedatum en het woon- en werkadres van de aanvrager, het nummer van de registratie in het register, en rubrieken voor gegevens over de aard, de omvang en de duur van verrichte werkzaamheden. **2.** Bij de indiening van een aanvraag tot opneming van een aantekening in het register van de datum, bedoeld in artikel 8, tweede lid, onderdeel c, van de wet wordt het in het eerste lid bedoelde formulier overgelegd dat door de aanvrager is ingevuld en ondertekend. @@ -92,7 +90,7 @@ Indien de werkervaring is opgedaan in een land dat: a. geen partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, noch in Zwitserland; danwel b. partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of in Zwitserland, voor zover het een beroep betreft waarop het systeem van automatische erkenning, bedoeld in richtlijn nr. 2005/36/EG betreffende erkenning van beroepskwalificaties (PbEG L 255) niet van toepassing is, -gaat het formulier vergezeld van bewijsstukken van aard, omvang, duur, en spreiding van de verrichte werkzaamheden. De bewijsstukken omvatten in ieder geval een verklaring, afgegeven door de bevoegde autoriteit in het buitenland, niet ouder dan drie maanden, waaruit blijkt dat de aanvrager volledig bevoegd was werkzaamheden in het betreffende land te verrichten en dat ten aanzien van hem geen bevoegdheidsbeperkingen in het betreffende land van kracht zijn. Indien een dergelijke verklaring niet beschikbaar is, kunnen ook andere bescheiden worden overlegd, op grond waarvan voldoende aannemelijk wordt gemaakt dat de werkzaamheden in het betreffende land bevoegd zijn verricht. In alle andere gevallen wordt het formulier onderbouwd met onderliggende bewijsstukken indien Onze Minister daartoe verzoekt. +gaat het formulier vergezeld van bewijsstukken van aard, omvang en duur van de verrichte werkzaamheden. De bewijsstukken omvatten in ieder geval een verklaring, afgegeven door de bevoegde autoriteit in het buitenland, niet ouder dan drie maanden, waaruit blijkt dat de aanvrager volledig bevoegd was werkzaamheden in het betreffende land te verrichten en dat ten aanzien van hem geen bevoegdheidsbeperkingen in het betreffende land van kracht zijn. Indien een dergelijke verklaring niet beschikbaar is, kunnen ook andere bescheiden worden overlegd, op grond waarvan voldoende aannemelijk wordt gemaakt dat de werkzaamheden in het betreffende land bevoegd zijn verricht. In alle andere gevallen wordt het formulier onderbouwd met onderliggende bewijsstukken indien Onze Minister daartoe verzoekt. **4.** Indien de aanvrager op verzoek van Onze Minister de aanvraag, bedoeld in het tweede lid, niet tijdig onderbouwt met de onderliggende bewijsstukken, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen.