2011-07-01 | BWBR0002170 | Beroepswet
This commit is contained in:
parent
368a40d02e
commit
4af9681bd9
1 changed files with 1 additions and 1 deletions
|
|
@ -35,7 +35,7 @@ c. raadsheren-plaatsvervangers.
|
|||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
Het bij en krachtens de afdelingen 1, 2 en 6 van hoofdstuk 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie bepaalde is, met uitzondering van de artikelen 2, 3, 9, 11, 20 en 21, van overeenkomstige toepassing op de Centrale Raad van Beroep, met dien verstande dat:
|
||||
Het bij en krachtens de afdelingen 1, 1A, 2 en 6 van hoofdstuk 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie bepaalde is, met uitzondering van de artikelen 2, 3, 9, 11, 20 en 21, van overeenkomstige toepassing op de Centrale Raad van Beroep, met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
a. het bestuur bestaat uit een voorzitter, een niet-rechterlijk lid en ten hoogste vier andere leden met rechtspraak belast van de Centrale Raad van Beroep als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdelen a en b;
|
||||
b. de voorzitter onderscheidenlijk de andere leden met rechtspraak belast, bedoeld in onderdeel a, in verband met het verrichten van de werkzaamheden als voorzitter onderscheidenlijk lid van het bestuur een toelage ontvangen op het salaris dat zij overeenkomstig de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren genieten, waarvan het bedrag gelijk is aan het verschil tussen dat salaris en de bij algemene maatregel van bestuur voor de functie van voorzitter onderscheidenlijk lid van het bestuur vast te stellen salarishoogte;
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue