2005-12-28 | BWBR0002375 | Wet op de Ruimtelijke Ordening
This commit is contained in:
parent
1d78650eda
commit
4b2c6b57a0
1 changed files with 4 additions and 4 deletions
|
|
@ -63,7 +63,7 @@ c. de termijn voor het naar voren brengen van zienswijzen twaalf weken bedraagt.
|
|||
|
||||
**7.** De bekendmaking van het plan waarmee beide Kamers hebben ingestemd geschiedt door terinzagelegging op door Onze in het eerste lid bedoelde Ministers te bepalen plaatsen. De artikelen 3:11, eerste, tweede en derde lid, en 3:12, eerste en tweede lid, en derde lid, onderdeel a, van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**8.** Het plan treedt in werking met ingang van de dag volgende op die waarop het overeenkomstig het achtste lid ter inzage is gelegd.
|
||||
**8.** Het plan treedt in werking met ingang van de dag volgende op die waarop het overeenkomstig het zevende lid ter inzage is gelegd.
|
||||
|
||||
### Artikel 2b
|
||||
|
||||
|
|
@ -115,7 +115,7 @@ c. zienswijzen naar voren kunnen worden gebracht door een ieder.
|
|||
|
||||
**4.** Binnen vier maanden na afloop van de in het derde lid genoemde termijn stellen provinciale staten het streekplan vast. Zij kunnen hun beslissing éénmaal voor ten hoogste acht weken verdagen. Voor zover bij de vaststelling van het plan wijzigingen worden aangebracht ten opzichte van het ontwerp en de gewijzigde vaststelling een concrete beleidsbeslissing betreft, wordt Onze Minister tevoren in de gelegenheid gesteld alsnog daarover zienswijzen naar voren te brengen.
|
||||
|
||||
**5.** Voor zover het ontwerp van een streekplan zijn grondslag vindt in een in een planologische kernbeslissing opgenomen concrete beleidsbeslissing is het vijfde lid niet van toepassing.
|
||||
**5.** Voor zover het ontwerp van een streekplan zijn grondslag vindt in een in een planologische kernbeslissing opgenomen concrete beleidsbeslissing is het derde lid, onder c niet van toepassing.
|
||||
|
||||
**6.** Behoudens indien toepassing kan worden gegeven aan artikel 4b, eerste lid, wordt het besluit tot vaststelling van het streekplan binnen twee weken na de dagtekening daarvan bekendgemaakt door dit besluit samen met het vastgestelde streekplan voor een ieder ter inzage te leggen op het provinciehuis en ter secretarie van de gemeenten op wier gebied het betrekking heeft. De artikelen 3:11, eerste, tweede en derde lid, en 3:12, eerste lid, en derde lid, onderdeel a, van de Algemene wet bestuursrecht alsmede het derde lid, onderdeel b, zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
|
|
@ -334,7 +334,7 @@ b. in afwijking van artikel 3:18, eerste en tweede lid, van de Algemene wet best
|
|||
|
||||
**10.** Onze Minister kan gedurende acht weken na verzending aan de inspecteur van de mededeling, bedoeld in het negende lid, het besluit van gedeputeerde staten vervangen door een eigen besluit inhoudende weigering van de verklaring. Alvorens te besluiten hoort hij de Rijksplanologische Commissie en gedeputeerde staten. Indien Onze Minister binnen die termijn geen besluit heeft bekendgemaakt dan wel zoveel eerder als hij heeft medegedeeld van vervanging af te zien, treedt het besluit van gedeputeerde staten in werking. Gedeputeerde staten doen daarvan mededeling aan de gemeenteraad of in voorkomend geval burgemeester en wethouders.
|
||||
|
||||
**11.** In afwijking van artikel 3:18, eerste en tweede lid, beslist de gemeenteraad of beslissen in voorkomend geval burgemeester en wethouders omtrent het verlenen van vrijstelling binnen twee weken na de inwerkingtreding van het besluit van gedeputeerde staten. Burgemeester en wethouders zenden afschrift van het besluit omtrent vrijstelling aan de inspecteur van de ruimtelijke ordening.
|
||||
**11.** In afwijking van artikel 3:18, eerste en tweede lid, beslist de gemeenteraad of beslissen in voorkomend geval burgemeester en wethouders omtrent het verlenen van vrijstelling binnen twee weken na de inwerkingtreding van het besluit van gedeputeerde staten. Burgemeester en wethouders zenden afschrift van het besluit omtrent vrijstelling aan de inspecteur.
|
||||
|
||||
**12.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voorschriften worden gegeven die in acht moeten worden genomen alvorens vrijstelling mag worden verleend.
|
||||
|
||||
|
|
@ -381,7 +381,7 @@ b. zienswijzen naar voren kunnen worden gebracht door een ieder.
|
|||
|
||||
### Artikel 24
|
||||
|
||||
Voor zover het ontwerp van een bestemmingsplan zijn grondslag vindt in een concrete beleidsbeslissing is artikel 23, eerste lid, onder c, alsmede artikel 27, eerste en tweede lid, niet van toepassing.
|
||||
Voor zover het ontwerp van een bestemmingsplan zijn grondslag vindt in een concrete beleidsbeslissing is artikel 23, eerste lid, onder b, alsmede artikel 27, eerste en tweede lid, niet van toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 25
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue