2018-08-01 | BWBR0020586 | Wet handhaving consumentenbescherming

This commit is contained in:
Coornhert 2018-08-01 12:00:00 +00:00
parent 1fd5025ea8
commit 4c1641eb7f

View file

@ -226,15 +226,15 @@ c. een last onder dwangsom opleggen.
**3.** De Stichting Autoriteit Financiële Markten maakt een beschikking als bedoeld in het eerste lid niet eigener beweging openbaar gedurende twee weken nadat het besluit op de in artikel 3:41 van de Algemene wet bestuursrecht voorgeschreven wijze bekend is gemaakt, tenzij degene tot wie de beschikking is gericht de beschikking zelf heeft openbaar gemaakt, heeft doen openbaar maken of openbaarmaking met degene tot wie de beschikking is gericht is overeengekomen.
### Paragraaf 2. Het Staatstoezicht op de volksgezondheid
### Paragraaf 2. De Inspectie gezondheidszorg en jeugd
### Artikel 3.5
Het Staatstoezicht op de volksgezondheid wordt aangewezen als bevoegde autoriteit voor intracommunautaire inbreuken op de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel c van de bijlage bij deze wet.
De Inspectie gezondheidszorg en jeugd wordt aangewezen als bevoegde autoriteit voor intracommunautaire inbreuken op de wettelijke bepalingen, bedoeld in onderdeel c van de bijlage bij deze wet.
### Artikel 3.6
**1.** De krachtens artikel 100 van de Geneesmiddelenwet aangewezen ambtenaren van het Staatstoezicht op de volksgezondheid zijn belast met toezicht op de naleving van de wettelijke bepalingen inzake intracommunautaire inbreuken voor welke het als bevoegde autoriteit is aangewezen.
**1.** De krachtens artikel 100 van de Geneesmiddelenwet aangewezen ambtenaren van de Inspectie gezondheidszorg en jeugd zijn belast met toezicht op de naleving van de wettelijke bepalingen inzake intracommunautaire inbreuken voor welke het als bevoegde autoriteit is aangewezen.
**2.**
@ -365,7 +365,7 @@ De Autoriteit Consument en Markt kan afspraken maken met:
a. Onze Minister van Financiën, voor wat betreft de Belastingdienst/FIOD;
b. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, voor wat betreft de Inspectie Leefomgeving en Transport;
c. Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, voor wat betreft het Staatstoezicht op de Volksgezondheid;
c. Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, voor wat betreft de Inspectie gezondheidszorg en jeugd;
d. andere in aanmerking komende Ministers.
**2.**