diff --git a/amvb/inkomensbesluit-ioaw/BWBR0004091/README.md b/amvb/inkomensbesluit-ioaw/BWBR0004091/README.md index b7600714fbe..7a98c8e0142 100644 --- a/amvb/inkomensbesluit-ioaw/BWBR0004091/README.md +++ b/amvb/inkomensbesluit-ioaw/BWBR0004091/README.md @@ -38,13 +38,13 @@ In afwijking van het eerste lid wordt niet als opbrengst van arbeid beschouwd: a. een aanspraak om na verloop van tijd of onder een voorwaarde een of meer uitkeringen of verstrekkingen te ontvangen, voor zover deze niet wordt gedekt door stortingen van de werknemer; b. een uitkering op grond van de verplichte verzekering van de Werkloosheidswet (*Stb.* 1986, 566), de Ziektewet (*Stb.* 1967, 473) en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (*Stb.* 1977, 492) en een uitkering op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg aan de werknemer of gelijkgestelde, bedoeld in artikel 3:6, eerste lid, van die wet, al dan niet vermeerderd met een toeslag op grond van de Toeslagenwet (*Stb.* 1986, 562); c. een aanvulling op de in onderdeel b genoemde uitkeringen; -d. opbrengst van arbeid gedurende ten hoogste zes aaneengesloten maanden tot 25 procent van deze opbrengst, met een maximum van € 263,12 per maand, voor zover een uitkering wordt ontvangen en dit naar het oordeel van burgemeester en wethouders bijdraagt aan zijn arbeidsinschakeling. +d. opbrengst van arbeid gedurende ten hoogste zes aaneengesloten maanden tot 25 procent van deze opbrengst, met een maximum van € 265,90 per maand, voor zover een uitkering wordt ontvangen en dit naar het oordeel van burgemeester en wethouders bijdraagt aan zijn arbeidsinschakeling. ### Artikel 4 **1.** Onder opbrengst van arbeid als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, worden, voor zover bedoelde arbeid wordt verricht in dienstbetrekking doch niet in de zin van de Coördinatiewet Sociale Verzekering, verstaan de gelden en alle andere voordelen welke als beloning voor die arbeid worden genoten. -**2.** Ten aanzien van de gelden en alle andere voordelen uit de dienstbetrekking, bedoeld in het eerste lid, is het bepaalde bij of krachtens de artikelen 5 tot en met 8 van de Coördinatiewet Sociale Verzekering van overeenkomstige toepassing. +**2.** Ten aanzien van de gelden en alle andere voordelen uit de dienstbetrekking, bedoeld in het eerste lid, is het bepaalde bij of krachtens artikel 4 van de Coördinatiewet Sociale Verzekering van overeenkomstige toepassing. **3.** In afwijking van het bepaalde in het tweede lid wordt niet als opbrengst van arbeid beschouwd een uitkering wegens derving van looninkomen. @@ -52,7 +52,7 @@ d. opbrengst van arbeid gedurende ten hoogste zes aaneengesloten maanden tot 25 **1.** Onder opbrengst van arbeid als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt, voorzover bedoelde arbeid niet in dienstbetrekking wordt verricht, verstaan het belastbaar loon uit tegenwoordige arbeid of belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden, bedoeld in hoofdstuk 3 en 7 van de Wet inkomstenbelasting 2001, behoudens voorzover het een werkzaamheid betreft als bedoeld in de artikelen 3.91, eerste lid, onderdelen a en b, en 3.92 van die wet. -**2.** Het bepaalde bij of krachtens artikel 8 van de Coördinatiewet Sociale Verzekering is met betrekking tot het bepaalde in het eerste lid van overeenkomstige toepassing. +**2.** Het bepaalde bij of krachtens artikel 13 van de Wet op de loonbelasting 1964 is met betrekking tot het bepaalde in het eerste lid van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 5a @@ -105,12 +105,7 @@ g. een vergoeding ingevolge het Reglement eenmalige silicosevergoeding oud-mijnw h. een eenmalige premie die door burgemeester en wethouders kan worden toegekend in het kader van een voorziening gericht op arbeidsinschakeling van ten hoogste € 1.976,00 per kalenderjaar; i. een kostenvergoeding voor het verrichten van vrijwilligerswerk van ten hoogste € 21,00 per week met een maximum van € 735,00 per jaar. -**3.** - -Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel c, wordt onder pensioenregeling verstaan: - -a. een regeling die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend ten doel heeft de verzorging van werknemers en gewezen werknemers bij invaliditeit en ouderdom en de verzorging van hun echtgenoten en van hun minderjarige kinderen en pleegkinderen door middel van pensioen; -b. een door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ingevolge het bepaalde in artikel 6, derde lid, van de Coördinatiewet Sociale Verzekering aangewezen regeling. +**3.** Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel c, wordt onder pensioenregeling verstaan hetgeen daaronder wordt verstaan voor de toepassing van de Wet op de loonbelasting 1964. **4.** Onze Minister wijzigt de bedragen, genoemd in het tweede lid, onderdelen h en i , met ingang van een door hem te bepalen dag, voorzover de ontwikkeling van de in artikel 31, tweede lid, onderdelen j en k, van de Wet werk en bijstand genoemde bedragen, daartoe aanleiding geeft.