2026-01-01 | BWBR0014915 | Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte
This commit is contained in:
parent
db57488477
commit
4d5aa8eaf5
1 changed files with 4 additions and 4 deletions
|
|
@ -67,7 +67,7 @@ Onderscheid is verboden bij:
|
|||
|
||||
a. de aanbieding van een betrekking en de behandeling bij de vervulling van een openstaande betrekking;
|
||||
b. het aangaan en het beëindigen van een arbeidsverhouding;
|
||||
c. het aanstellen of ontslaan van personen, op wie artikel 3 van de Ambtenarenwet 2017 van toepassing is;
|
||||
c. het aanstellen of ontslaan van personen, op wie artikel 3 van de Ambtenarenwet 2017 van toepassing is en het aanstellen of ontslaan van ambtenaren als bedoeld in de Ambtenarenwet BES;
|
||||
d. de arbeidsbemiddeling;
|
||||
e. arbeidsvoorwaarden;
|
||||
f. het laten volgen van onderwijs, scholing en vorming tijdens of voorafgaand aan een arbeidsverhouding;
|
||||
|
|
@ -170,7 +170,7 @@ c. het sluiten, uitvoeren of beëindigen van overeenkomsten met betrekking tot o
|
|||
|
||||
### Artikel 9
|
||||
|
||||
In geval van een beëindiging van de arbeidsverhouding door de werkgever in strijd met artikel 4, of wegens de omstandigheid dat de werknemer in of buiten rechte een beroep heeft gedaan op artikel 4 of ter zake bijstand heeft verleend, is artikel 681 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek van overeenkomstige toepassing.
|
||||
In geval van een beëindiging van de arbeidsverhouding door de werkgever in strijd met artikel 4, of wegens de omstandigheid dat de werknemer in of buiten rechte een beroep heeft gedaan op artikel 4 of ter zake bijstand heeft verleend, is artikel 681 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek of artikel 1615s van Boek 7a van het Burgerlijk Wetboek BES van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 9a
|
||||
|
||||
|
|
@ -182,7 +182,7 @@ Onverminderd artikel 9 is het verboden personen te benadelen wegens het feit dat
|
|||
|
||||
**2.** Indien degene die meent dat te zijnen nadeel is gehandeld in strijd met artikel 2 in rechte feiten aanvoert die kunnen doen vermoeden dat is nagelaten doeltreffende aanpassingen te treffen, dient de wederpartij te bewijzen dat niet in strijd met deze bepaling is gehandeld.
|
||||
|
||||
**3.** Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op vorderingen als bedoeld in artikel 305a van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek en op beroepen ingesteld door belanghebbenden in de zin van artikel 1:2, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
|
||||
**3.** Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op vorderingen als bedoeld in artikel 305a van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek of artikel 305a van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek BES en op beroepen ingesteld door belanghebbenden in de zin van artikel 1:2, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht of artikel 7, eerste lid, derde zin, van de Wet administratieve rechtspraak BES.
|
||||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
|
|
@ -190,7 +190,7 @@ Bedingen in strijd met deze wet zijn nietig.
|
|||
|
||||
### Artikel 12
|
||||
|
||||
Het College, genoemd in artikel 1 van de Wet College voor de rechten van de mens, kan onderzoeken of een onderscheid is of wordt gemaakt als bedoeld in deze wet en of gehandeld is in strijd met artikel 2 van deze wet. De artikelen 10, 11, 12, 13, 22 en 23 van de Wet College voor de rechten van de mens zijn van overeenkomstige toepassing.
|
||||
De artikelen 1 tot en met 11 van deze wet zijn mede van toepassing in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
|
||||
|
||||
### Artikel 13
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue