diff --git a/beleidsregel/beleidsregel-verlagen-subsidie-pop/BWBR0037981/README.md b/beleidsregel/beleidsregel-verlagen-subsidie-pop/BWBR0037981/README.md index c504aa9c0dd..9694c2b7398 100644 --- a/beleidsregel/beleidsregel-verlagen-subsidie-pop/BWBR0037981/README.md +++ b/beleidsregel/beleidsregel-verlagen-subsidie-pop/BWBR0037981/README.md @@ -30,13 +30,15 @@ i. *POP2:* Nederlands plattelandsontwikkelingsprogramma 2007–2013 als bedoeld j. *POP3:* Nederlands plattelandsontwikkelingsprogramma 2014–2020 als bedoeld in artikel 6 van verordening 1305/2013; k. *controle:* uitoefening door ambtenaren van RVO.nl of NVWA van de bevoegdheid tot toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de van toepassing zijnde wetgeving; l. *baselinevoorwaarden:* voorwaarden, bedoeld in titel VI, hoofdstuk I, van verordening 1306/2013, de relevante criteria en minimumactiviteiten zoals bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder c), ii) en iii), van verordening 1307/2013, en relevante minimumvereisten voor het gebruik van meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen en andere ter zake relevante dwingende voorschriften die bij nationaal recht zijn vastgesteld, zoals opgenomen in bijlage 3 bij onderhavige beleidsregel; -m. *beheer onder de SVNL of PSAN:* beheer als bedoeld in de hoofdstukken 3, 5 en 7 van de Subsidieregeling agrarisch natuurbeheer van de onderscheiden provincies, hoofdstuk 4 en de afdelingen 5.1.2 en 5.1.3 van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 van de onderscheiden provincies; +m. *beheer onder de SVNL:* beheer als bedoeld in hoofdstuk 4 en de afdelingen 5.1.2 en 5.1.3 van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer van de onderscheiden provincies; n. *beheer onder de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016:* beheer door een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid bestaande uit landbouwers en andere grondgebruikers van landbouwgrond als bedoeld in artikel 3.1 van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 van de onderscheiden provincies; o. *beschikte hectareprijs:* het gemiddelde bedrag per hectare per jaar voor het realiseren van een leefgebied of onderdeel van een leefgebied, zoals opgenomen in de beschikking tot subsidieverlening op grond van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 van de onderscheiden provincies; p. *jaarbetaling:* jaarlijkse uitbetaling van een gedeelte van het totale bedrag van een verleende oppervlakte gebonden subsidie; q. *maximale vergoeding:* de maximale vergoeding die betaald mag worden voor het uitvoeren van beheeractiviteiten als bedoeld in paragraaf 2.3 van deze beleidsregel; r. *randvoorwaarden:* voorschriften, bedoeld in artikel 3.1 en bijlagen 3 en 4 van de Uitvoeringsregeling rechtstreekse betalingen GLB; -s. *minister:* Minister van Economische Zaken. +s. *minister:* Minister van Economische Zaken; +t. *verenigingslid:* landbouwer of andere grondgebruiker van landbouwgrond die lid is van een vereniging als bedoeld in onderdeel n; +u. *bedrijfsperceel:* oppervlakte die de gebruiker als behorende tot zijn bedrijf heeft geregistreerd bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland op de door die Dienst aangegeven wijze. ### Artikel 1.2 @@ -52,7 +54,7 @@ De bepalingen inzake het verlagen van subsidies of van subsidiabele kosten zoals **1.** Verlagingen of intrekkingen als bedoeld in deze beleidsregel worden niet toegepast indien de niet-nalevingen of tekortkomingen het gevolg zijn van overmacht of uitzonderlijke omstandigheden als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van verordening 1306/2013, mits voldaan is aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van verordening 640/2014. -**2.** Artikel 4, eerste lid, van verordening 640/2014 is van overeenkomstige toepassing op de verlaging of intrekking van subsidies als bedoeld in de hoofdstukken 3, 5 en 7 van de Subsidieregeling agrarisch natuurbeheer, hoofdstuk 4 en de afdelingen 5.1.3 en 5.1.4 van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer en hoofdstuk 3 van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 van de onderscheiden provincies. +**2.** Artikel 4, eerste lid, van verordening 640/2014 is van overeenkomstige toepassing op de verlaging of intrekking van subsidies als bedoeld in hoofdstuk 4 en de afdelingen 5.1.3 en 5.1.4 van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer en hoofdstuk 3 van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 van de onderscheiden provincies. ## Hoofdstuk 2. Voorschriften inzake oppervlakte gebonden subsidies @@ -66,7 +68,11 @@ De bepalingen van dit hoofdstuk zijn van toepassing op subsidies die zijn verstr De uniforme buffertolerantie, bedoeld in artikel 38, vierde lid, van verordening 809/2014, bedraagt 1 meter. -### Paragraaf 2.2. Beheer onder de SVNL of PSAN +### Artikel 2.2a + +De verlagingen die op grond van dit hoofdstuk opgelegd worden, kunnen niet meer dan 100% van de subsidie of de jaarbetaling bedragen. + +### Paragraaf 2.2. Beheer onder de SVNL ### Artikel 2.3 @@ -81,13 +87,17 @@ b. herstel niet meer mogelijk is. **3.** Bij de bepaling van de hersteltermijn, als bedoeld in het tweede lid, wordt rekening gehouden met de fysieke omstandigheden ter plaatse. -**4.** Indien sprake is van herhaalde niet-naleving van voorschriften inzake het beheer als bedoeld in artikel 35, derde lid, van Verordening 640/2014, wordt de subsidie verlaagd door het overeenkomstig Bijlage 1 vastgestelde percentage te verdubbelen. +**4.** + +Indien sprake is van een herhaalde niet-naleving van de voorschriften inzake het beheer als bedoeld in artikel 35, derde lid, vijfde alinea, van verordening 640/2014, wordt het kortingspercentage dat voortvloeit uit het eerste lid verhoogd met: + +a. 10% bij een eerste herhaling; +b. 20% bij een tweede herhaling; +c. 30% bij een derde of verdere herhaling. **5.** Indien meerdere niet-nalevingen zijn geconstateerd, wordt per geconstateerde niet-naleving een verlaging vastgesteld en worden de verlagingen gecumuleerd. -**6.** De verlaging, bedoeld in het eerste, vierde en vijfde lid van dit artikel, wordt berekend als een percentage van de jaarbetaling voor de betreffende beheereenheid. - -**7.** Indien door de geconstateerde niet-naleving de realisatie van de doelstelling van de subsidie permanent niet meer behaald kan worden, wordt de subsidieverlening voor de desbetreffende beheereenheid geheel ingetrokken. +**6.** De verlaging, bedoeld in het eerste lid van dit artikel, wordt berekend als een percentage van de jaarbetaling voor de betreffende beheereenheid. ### Artikel 2.4 @@ -103,7 +113,7 @@ Indien een subsidieontvanger één of meerdere baselinevoorwaarden niet naleeft, ### Artikel 2.6 -**1.** Indien een subsidieontvanger een of meerdere randvoorwaarden niet naleeft, wordt de jaarbetaling verlaagd overeenkomstig artikel 97 van verordening 1306/2013 en de artikelen 39 en 40 van verordening 640/2014. +**1.** Indien een subsidieontvanger een of meerdere randvoorwaarden niet naleeft, wordt de jaarbetaling verlaagd overeenkomstig artikel 97 van verordening 1306/2014, de artikelen 39 en 40 van verordening 640/2014 en de artikelen 74 en 75 van uitvoeringsverordening 809/2014. **2.** Artikel 2, eerste tot en met vierde lid, en artikel 3 van de Beleidsregel Uitvoeringsregeling rechtstreekse betalingen GLB zijn van overeenkomstige toepassing. Waar in voornoemde artikelen gesproken wordt van ‘minister’ en ‘landbouwgrond’ wordt voor de toepassing van het onderhavige artikel gelezen ‘Gedeputeerde Staten’ respectievelijk ‘subsidiabele oppervlakte’. @@ -119,18 +129,29 @@ Indien een subsidieontvanger één of meerdere baselinevoorwaarden niet naleeft, **4.** De berekeningswijzen, bedoeld in het tweede en derde lid, worden slechts toegepast voor zover de subsidiabele activiteit gelijk is aan de activiteit die de subsidieontvanger moet verrichten als onderdeel van de verplichting om een ecologisch aandachtsgebied te realiseren. +### Artikel 2.7a + +De jaarbetaling wordt geweigerd indien de subsidieontvanger verhindert dat door of vanwege Gedeputeerde Staten van de betreffende provincie monitoringswerkzaamheden inzake het beheer worden uitgevoerd. + ### Paragraaf 2.3. Beheer onder de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 ### Artikel 2.8 **1.** -Indien uit de verantwoording als bedoeld in artikel 3.11, onderdeel h, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 van de onderscheiden provincies blijkt dat de beheeractiviteiten die de subsidieontvanger in een kalenderjaar heeft verricht niet volledig passen bij: +Indien sprake is van een herhaalde niet-naleving als bedoeld in artikel 35, derde lid, vijfde alinea, van verordening 640/2014, van de in artikel 2.9, eerste lid, artikel 2.9a, eerste lid, artikel 2.11 of artikel 2.11a bedoelde subsidieverplichtingen, worden de op grond van die artikelen op te leggen verlagingen verhoogd met: -a. de beheerfunctie of het cluster van beheeractiviteiten zoals beschikt, of -b. het bijhorende leefgebied aangewezen in het natuurbeheerplan, wordt de subsidieontvanger in de gelegenheid gesteld de verantwoording zodanig aan te passen dat deze past binnen de beschikking tot subsidieverlening. +a. 10% bij een eerste herhaling; +b. 20% bij een tweede herhaling; +c. 30% bij een derde of verdere herhaling. -**2.** De aangepaste verantwoording vormt de basis voor de berekening van de hoogte van de jaarbetaling en de verlagingen in deze paragraaf. +**2.** + +Indien sprake is van een herhaalde niet-naleving van de in artikel 2.14, eerste of derde lid, bedoelde subsidieverplichtingen, worden de op grond van die leden op te leggen kortingspercentages verhoogd tot: + +a. 2% bij een eerste herhaling; +b. 3% bij een tweede herhaling; +c. 5% bij een derde of verdere herhaling. ### Artikel 2.9 @@ -145,11 +166,17 @@ b. herstel niet meer mogelijk is. **3.** Bij de bepaling van de hersteltermijn, als bedoeld in het tweede lid, wordt rekening gehouden met de fysieke omstandigheden ter plaatse. -**4.** Indien sprake is van herhaalde niet-naleving van voorschriften inzake de beheeractiviteit zoals bedoeld in artikel 35, derde lid, van verordening 640/2014, wordt de subsidie verlaagd door het overeenkomstig Bijlage 2 vastgestelde percentage te verdubbelen. +**4.** Indien meerdere niet-nalevingen zijn geconstateerd, wordt per geconstateerde niet-naleving een verlaging vastgesteld en worden de verlagingen gecumuleerd. -**5.** Indien meerdere niet-nalevingen zijn geconstateerd, wordt per geconstateerde niet-naleving een verlaging vastgesteld en worden de verlagingen gecumuleerd. +**5.** De verlaging, zoals bedoeld in het eerste lid, wordt toegepast op de jaarbetaling. De verlaging wordt berekend als een percentage van de maximale vergoeding voor de betreffende beheeractiviteit. -**6.** De verlaging, zoals bedoeld in het eerste en vierde lid, wordt toegepast op de jaarbetaling. De verlaging wordt berekend als een percentage van de maximale vergoeding voor de betreffende beheeractiviteit. +### Artikel 2.9a + +**1.** Indien in een beheeractiviteit is opgenomen dat die activiteit op een bepaald minimumpercentage van het leefgebied uitgevoerd moet worden en de subsidieontvanger hieraan niet voldoet, dan wordt de subsidiabele omvang van dat leefgebied, voor zover daarop de betreffende activiteit is uitgevoerd, zodanig verlaagd dat de oppervlakte waarop de betreffende beheeractiviteit is uitgevoerd gelijk is aan het vereiste minimumpercentage van het leefgebied. + +**2.** Indien in een beheeractiviteit is opgenomen dat die activiteit op niet meer dan een bepaald maximumpercentage van het leefgebied uitgevoerd mag worden en de subsidieontvanger dit maximumpercentage overschrijdt, dan is de betreffende beheeractiviteit niet subsidiabel voor zover die boven dat maximumpercentage is uitgevoerd. + +**3.** Indien een beheeractiviteit meerdere minimum- of maximumpercentages kent, dan worden voor de toepassing van het eerste en tweede lid slechts die oppervlaktes bij elkaar geteld waarvoor hetzelfde minimum- én maximumpercentage geldt voor de betreffende beheeractiviteit. ### Artikel 2.10 @@ -161,7 +188,27 @@ b. herstel niet meer mogelijk is. ### Artikel 2.11 -Indien een subsidieontvanger ten aanzien van een of meerdere leefgebieden niet voldoet aan het minimum aantal hectares opgenomen in de beschikking tot subsidieverlening wordt de subsidie voor het betreffende kalenderjaar overeenkomstig artikel 19 van Verordening 640/2014 berekend. +Indien een subsidieontvanger ten aanzien van één of meerdere leefgebieden niet voldoet aan het minimum aantal hectares zoals opgenomen in de beschikking tot subsidieverlening, dan wordt de jaarbetaling voor het betreffende leefgebied en kalenderjaar: + +a. verlaagd met het bedrag dat wordt gevormd door het verschil tussen de geconstateerde oppervlakte en het minimum aantal hectares te vermenigvuldigen met de beschikte hectareprijs, wanneer de afwijking kleiner dan of gelijk is aan 3%; +b. verlaagd met twee keer het bedrag dat voortvloeit uit onderdeel a, wanneer de afwijking meer dan 3% bedraagt, maar kleiner is dan of gelijk is aan 20%; +c. verlaagd met drie keer het bedrag dat voortvloeit uit onderdeel a, wanneer de afwijking meer dan 20% bedraagt, maar kleiner is dan of gelijk is aan 50%; +d. niet verstrekt wanneer de afwijking meer dan 50% bedraagt. + +### Artikel 2.11a + +Indien de subsidieontvanger in de verantwoording, bedoeld in artikel 3.11, onderdeel h, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 van de onderscheiden provincies, oppervlaktes opgeeft die geen bedrijfsperceel zijn, dan wordt de jaarbetaling verlaagd overeenkomstig artikel 2.11. + +### Artikel 2.11b + +**1.** + +De jaarbetaling wordt geweigerd indien de subsidieontvanger verhindert dat: + +a. door of vanwege Gedeputeerde Staten van de betreffende provincie monitoringswerkzaamheden inzake het beheer worden uitgevoerd, óf +b. een auditor van de Auditdienst Rijk van het Ministerie van Financiën de gegevensgerichte toetsing als bedoeld in artikel 7, derde lid, van verordening 908/2014 kan uitvoeren. + +**2.** In afwijking van het eerste lid wordt, indien een verenigingslid de uitvoering van de monitoringswerkzaamheden of de audit verhindert, geen jaarbetaling verstrekt voor de hectares waarmee dat verenigingslid in het betreffende jaar deelneemt aan het beheer. ### Artikel 2.12 @@ -179,17 +226,17 @@ Indien een subsidieontvanger ten aanzien van een of meerdere leefgebieden niet v **4.** Indien het bedrag, bedoeld in het eerste lid, na toepassing van de verlagingen, bedoeld in het tweede lid, lager is dan het bedrag in het betaalverzoek, bedoeld in artikel 3.11, onderdeel g, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 van de onderscheiden provincies betalen Gedeputeerde Staten het lagere bedrag uit. -**5.** Het eerste tot en met vierde lid zijn niet van toepassing op de verlaging van de jaarbetaling overeenkomstig artikel 2.10. - ### Artikel 2.14 **1.** Indien de subsidieontvanger niet voldoet aan de subsidieverplichtingen, bedoeld in artikel 3.11, onderdelen b en h, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016, wordt de jaarbetaling verlaagd met 1% per werkdag dat niet voldaan wordt aan de betreffende subsidieverplichting. **2.** De jaarbetaling wordt niet verstrekt indien de subsidieontvanger de in artikel 3.11, onderdelen b en h, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 genoemde termijnen met meer dan 25 werkdagen overschrijdt. -**3.** Indien de subsidieontvanger niet voldoet aan de subsidieverplichting, bedoeld in artikel 3.11, onderdelen d, n of o, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016, wordt de jaarbetaling voor de desbetreffende beheeractiviteit verlaagd met 1% per werkdag dat niet voldaan wordt aan de desbetreffende subsidieverplichting. De basis voor de in de eerste volzin bedoelde verlaging wordt gevormd door de maximale vergoeding. +**3.** Indien de subsidieontvanger niet voldoet aan de subsidieverplichting, bedoeld in artikel 3.11, onderdelen d of n, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016, wordt de jaarbetaling voor de desbetreffende beheeractiviteit verlaagd met 1% per werkdag dat niet voldaan wordt aan de desbetreffende subsidieverplichting. De basis voor de in de eerste volzin bedoelde verlaging wordt gevormd door de maximale vergoeding. -**4.** In afwijking van het derde lid bedraagt de vergoeding voor de desbetreffende beheeractiviteit € 0,– indien de subsidieontvanger de in artikel 3.11, onderdelen d, n of o, genoemde termijn zodanig overschrijdt dat de correcte uitvoering van de, in voorkomend geval gewijzigde, activiteit niet meer gecontroleerd kan worden. +**4.** In afwijking van het derde lid bedraagt de jaarbetaling voor de betreffende jaaractiviteit € 0,– indien de subsidieontvanger de, in voorkomend geval gewijzigde, activiteit later meldt dan is aangegeven in bijlage 5, derde kolom van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016 van de onderscheiden provincies. + +**5.** Indien uit de verantwoording, bedoeld in artikel 3.11, onderdeel h, van de Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer 2016, blijkt dat de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de subsidieverplichting, bedoeld in artikel 3.11, onderdeel p, van die subsidieverordening, wordt geen subsidie verstrekt voor de beheeractiviteit waarvan het leefgebied en de beheerfunctie niet overeenkomt met het leefgebied en de beheerfunctie van de als eerste opgegeven beheeractiviteit. ## Hoofdstuk 3. Voorschriften inzake niet-oppervlakte gebonden subsidies @@ -307,7 +354,7 @@ De hoogte van de subsidieverlaging wordt vastgesteld volgens de onderstaande tab De hoogte van de verlaging wordt vastgesteld volgens de onderstaande tabel: -## Bijlage 3. Baselinevoorwaarden zoals die per 1 januari 2015 gelden voor beheer op grond van de PSAN en de SVNL, en vanaf 1 januari 2016 voor beheer op grond van de SVNL’16 +## Bijlage 3. Baselinevoorwaarden zoals die per 1 januari 2018 gelden voor beheer op grond van de SVNL en de SVNL 2016 ## Bijlage 4. Tabel correctie en sanctieregels POP niet-oppervlaktegebonden