2019-07-24 | BWBR0046875 | Verzamelbesluit Toeslagen

This commit is contained in:
Coornhert 2019-07-24 12:00:00 +00:00
parent e7d24eca54
commit 4e8e02d17f

View file

@ -0,0 +1,45 @@
---
titel: Verzamelbesluit Toeslagen
bwb_id: BWBR0046875
type: beleidsregel
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2022-07-09'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0046875
citeertitel: Verzamelbesluit Toeslagen
---
# Verzamelbesluit Toeslagen
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
## 1. Inleiding
## 2. Gemeenschappelijk beleid voor toeslagen
## 3. Kinderopvangtoeslag
## 4. Huurtoeslag
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### 4.1. Overschrijding vermogensgrens door toerekening gezamenlijke grondslag sparen en beleggen
### 4.2. Verworven recht huurtoeslag
De huurprijs die een huurder per maand is verschuldigd, is van invloed op het recht op huurtoeslag.12Artikel 5 jo. artikel 13 Wht. Er bestaat in beginsel geen recht op huurtoeslag als de huurprijs hoger is dan de voor het betreffende berekeningsjaar vastgestelde maximale rekenhuur.13Artikel 13, eerste lid, Wht. Hierop bestaan drie uitzonderingen.14Artikel 13, tweede lid, Wht Een van die uitzonderingen is de situatie waarin sprake is van een zogenoemd verworven recht.15Artikel 13, tweede lid, aanhef en onderdeel c, Wht. Deze bepaling is met ingang van 1 januari 2022 gewijzigd. Een overschrijding van de rekenhuur is toegestaan als de huurder eerder een huurtoeslag ten aanzien van de desbetreffende woning is toegekend. Dit betekent dat huurders die eenmaal huurtoeslag ontvangen, niet meer buiten de huurtoeslag vallen door de enkele stijging van de huur boven de maximale huurgrens. Voor de beoordeling of er sprake is van verworven recht is alleen het moment waarop de maximale huurgrens wordt overschreden relevant.
Op 24 juli 2019 heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State geoordeeld dat een eenmaal verworven recht niet vervalt als nadien de huurtoeslag voor de betreffende woning op enig moment onderbroken wordt wegens een te hoog toetsingsinkomen of vermogen.16ABRvS 24 juli 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2528. De geautomatiseerde systemen van de Belastingdienst/Toeslagen bleken in de jaren 2012 tot en met 2017 al overeenkomstig deze uitleg door de Raad van State uit te werken. Dit leidt tot de unieke situatie dat een meerderheid van de aanvragen huurtoeslag die via het geautomatiseerde systeem is beoordeeld gunstiger is behandeld dan de minderheid die niet via het geautomatiseerde systeem is beoordeeld. Gelet hierop acht ik het wenselijk om ook aan de benadeelde minderheid tegemoet te kunnen komen. Om die reden voorzie ik voor deze situaties in een herzieningsmogelijkheid voor op 24 juli 2019 onherroepelijk vaststaande tegemoetkomingen huurtoeslag.
#### 4.2.1. Herziening van op 24 juli 2019 onherroepelijk vaststaande tegemoetkomingen
In beginsel is een herziening in het voordeel van de belanghebbende van een toegekende of herziene tegemoetkoming die onherroepelijk is geworden niet mogelijk als die herziening voortvloeit uit jurisprudentie die eerst is gewezen nadat die tegemoetkoming onherroepelijk is geworden. Zo nodig kan de Minister van Financiën, in overeenstemming met de ministers die het aangaat, anders bepalen.
Over de toepassing van artikel 5a, onderdeel b, UR Awir bepaal ik het volgende. Bij wijze van uitzondering is herziening van een toegekende of herziene tegemoetkoming huurtoeslag die op 24 juli 2019 of daarvoor onherroepelijk is geworden wel mogelijk als die herziening voortvloeit uit toepassing van de hierboven genoemde uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 24 juli 2019. Artikel 5a UR Awir blijft voor het overige onverkort van toepassing. Dit betekent dat herziening op basis van dit besluit in beginsel niet meer mogelijk is indien vijf jaren zijn verstreken na de laatste dag van het berekeningsjaar waarop de huurtoeslag betrekking heeft.
### 4.3. Huurtoeslag voor (half)wezen jonger dan 23 jaar
## 5. Ingetrokken besluit
## 6. Inwerkingtreding
## 7. Citeertitel