diff --git a/wet/gezondheids-en-welzijnswet-voor-dieren/BWBR0005662/README.md b/wet/gezondheids-en-welzijnswet-voor-dieren/BWBR0005662/README.md index 456e80c7016..daece9dd0fb 100644 --- a/wet/gezondheids-en-welzijnswet-voor-dieren/BWBR0005662/README.md +++ b/wet/gezondheids-en-welzijnswet-voor-dieren/BWBR0005662/README.md @@ -18,7 +18,7 @@ citeertitel: Gezondheids- en welzijnswet voor dieren In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: -Onze Minister: Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij; +Onze Minister: Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit; bedrijfslichaam: een produktschap of bedrijfschap bedoeld in artikel 66 van de Wet op de Bedrijfsorganisatie; @@ -66,7 +66,7 @@ c. de biotechnologische toepassingen bij dieren, de ethische aspecten daaronder **2.** De Raad bestaat uit een Afdeling gezondheidsvraagstukken, een Afdeling welzijnsvraagstukken en een Afdeling biotechnologische vraagstukken, ethische vraagstukken daaronder begrepen. -**3.** Onze Minister benoemt in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur de leden van de Raad. +**3.** Onze Minister benoemt in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de leden van de Raad. **4.** Bij algemene maatregel van bestuur worden regelen gesteld ter zake van de samenstelling en de werkwijze van de Raad. @@ -210,7 +210,7 @@ a. de ziekte zich snel kan uitbreiden, ernstige schade kan berokkenen aan de bet b. een verdrag of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie zulks met zich brengt of c. de ziekte naar het oordeel van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een ernstig gevaar voor de volksgezondheid oplevert. -**3.** In het geval bedoeld in het tweede lid, onderdeel *c*, vindt de aanwijzing plaats in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. +**3.** In het geval bedoeld in het tweede lid, onderdeel c, vindt de aanwijzing plaats in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. **4.** Bij algemene maatregel van bestuur wordt bepaald wanneer dieren als verdachte dieren moeten worden aangemerkt. @@ -901,6 +901,121 @@ b. de ondernemer ten behoeve van wiens bedrijf de officiële erkenning is verlee ## Hoofdstuk VIIa. Niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten +### Afdeling 1. Algemene bepalingen + +### Artikel 81a + +**1.** + +In dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: + +a. EG-verordening: verordening van de Raad van de Europese Unie of van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie gezamenlijk, die geheel of gedeeltelijk berust op de artikelen 37, 95, 152, 153 of 175 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap en waarin voorschriften zijn neergelegd ter zake van niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten, of op die verordening gebaseerde EG-verordening van de Commissie van de Europese Gemeenschappen; +b. EG-richtlijn: richtlijn van de Raad van de Europese Unie of van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie gezamenlijk, die geheel of gedeeltelijk berust op de artikelen 37, 95, 152, 153 of 175 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap en waarin voorschriften zijn neergelegd ter zake van niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten, of op die richtlijn gebaseerde EG-richtlijn van de Commissie van de Europese Gemeenschappen; +c. EG-beschikking: beschikking die gebaseerd is op een EG-verordening of EG-richtlijn. + +**2.** Voor de toepassing van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen gelden de begripsomschrijvingen zoals die zijn neergelegd in EG-verordeningen. Daar waar deze begripsbepalingen afwijken van de in artikel 1 van deze wet opgenomen begripsbepalingen, gelden de begripsbepalingen zoals die zijn neergelegd in EG-verordeningen. + +### Afdeling 2. Voorschriften ter uitvoering van Europese voorschriften + +### Artikel 81b + +Het is verboden te handelen in strijd met bij ministeriële regeling aan te wijzen voorschriften van EG-verordeningen. + +### Artikel 81c + +**1.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld voor een goede uitvoering van EG-verordeningen. + +**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ter implementatie van EG-richtlijnen. + +**3.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld ter implementatie van EG-beschikkingen. + +**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld ter implementatie van overeenkomsten betreffende niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten tussen de Europese Gemeenschap en een of meer derde landen of internationale organisaties. + +**5.** + +De regels, bedoeld in het eerste tot en met vierde lid, kunnen betrekking hebben op: + +a. het aanwijzen van een bevoegde autoriteit; +b. het verlenen, schorsen en intrekken van erkenningen en vergunningen; +c. het behandelen en gebruiken van dierlijke bijproducten en daarvan afgeleide producten; +d. het handelen in dierlijke bijproducten en daarvan afgeleide producten; +e. het uitvoeren van controles en inspecties waar dierlijke bijproducten en daarvan afgeleide producten aanwezig zijn of kunnen zijn. + +### Artikel 81d + +**1.** Bij ministeriële regeling kunnen in aanvulling op de krachtens artikel 81c, eerste lid, gestelde regels, nadere voorschriften worden gesteld over de onderwerpen die zijn geregeld in de EG-verordeningen. + +**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen in aanvulling op de krachtens artikel 81c, tweede en vierde lid, gestelde regels, nadere voorschriften worden gesteld over de onderwerpen waarop die regels betrekking hebben. + +**3.** Bij ministeriële regeling kunnen in aanvulling op de krachtens artikel 81c, derde lid, gestelde regels, nadere voorschriften worden gesteld over de onderwerpen waarop die regels betrekking hebben. + +### Afdeling 3. Overige voorschriften + +### Artikel 81e + +In deze afdeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder ondernemer: eigenaar of exploitant van een door Onze Minister erkend categorie 1-verwerkingsbedrijf of een categorie 2-verwerkingsbedrijf. + +### Artikel 81f + +**1.** Onze Minister stelt met het oog op de doelmatige voorziening in de verwerking van categorie 1-materiaal of categorie 2-materiaal voor iedere ondernemer een werkgebied vast waarin deze met uitsluiting van andere ondernemers categorie 1-materiaal of categorie 2-materiaal of bepaalde soorten categorie 1-materiaal of categorie 2-materiaal verwerkt. + +**2.** + +Onze Minister kan: + +a. een in het eerste lid bedoeld werkgebied vaststellen dat zich uitstrekt tot het grondgebied van een andere lidstaat van de Europese Unie of een gedeelte daarvan, indien daarover overeenstemming bestaat met de desbetreffende lidstaat, en +b. een in het eerste lid bedoeld werkgebied vaststellen voor een categorie 1-verwerkingsbedrijf of categorie 2-verwerkingsbedrijf dat is gevestigd in een andere lidstaat van de Europese Unie en is erkend door de bevoegde autoriteit van die lidstaat. + +**3.** Indien aan een in het tweede lid, onderdeel b, bedoeld categorie 1-verwerkingsbedrijf of categorie 2-verwerkingsbedrijf een werkgebied binnen Nederland is toegewezen, zijn de artikelen 81g, 81h en 81i van overeenkomstige toepassing. + +**4.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de toepassing, vaststelling of wijziging van werkgebieden. + +**5.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen in afwijking van het eerste lid tijdelijk regels worden gesteld met betrekking tot situaties waarin de ondernemer als gevolg van overmacht niet in staat is het categorie 1-materiaal of categorie 2-materiaal te verwerken. Deze regels zijn van toepassing zolang de situatie dit vereist. + +### Artikel 81g + +**1.** De eigenaar of houder van door Onze Minister aan te wijzen categorie 1-materiaal of categorie 2-materiaal geeft dit materiaal aan bij, houdt het ter beschikking van en staat het af aan de ondernemer binnen wiens werkgebied het materiaal zich bevindt. + +**2.** De ondernemer haalt het bij hem aangegeven categorie 1-materiaal en categorie 2-materiaal op en verwerkt het. + +**3.** Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op dode gezelschapsdieren en categorie 1-materiaal en categorie 2-materiaal dat als gevolg van contact met of beïnvloeding anderszins door splijtstoffen, ertsen, radioactieve stoffen of ioniserende stralen uitzendende toestellen zodanig is bestraald of besmet dat het een gevaar vormt voor de volksgezondheid. + +**4.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ten aanzien van de in het eerste en tweede lid gestelde verplichtingen. + +**5.** De eigenaar of houder van categorie 3-materiaal bewaart het materiaal overeenkomstig bij ministeriële regeling vast te stellen regels. + +### Artikel 81h + +**1.** + +Bij gemeentelijke verordening worden ten aanzien van dode gezelschapsdieren regels gesteld ter zake van: + +a. het aangeven en bewaren door de eigenaar of houder van dode gezelschapsdieren; +b. het ophalen van dode gezelschapsdieren; +c. het overdragen van dode gezelschapsdieren aan de ondernemer binnen wiens werkgebied het materiaal zich bevindt. + +**2.** Indien tussen een gemeente en de in het eerste lid, onderdeel c, bedoelde ondernemer een overeenkomst is gesloten omtrent de in het eerste lid, onderdelen b en c, genoemde onderwerpen, behoeft de gemeentelijke verordening geen voorschriften over die onderwerpen te bevatten. + +**3.** De ondernemer verwerkt de aan hem overgedragen dode gezelschapsdieren. + +**4.** De in het eerste lid bedoelde voorschriften en het derde lid zijn niet van toepassing indien dode gezelschapsdieren worden verwerkt of verwijderd op een wijze die ingevolge de krachtens artikel 81c gestelde voorschriften is toegestaan, niet zijnde de wijze waarop de ondernemer de dode gezelschapsdieren verwerkt. + +**5.** Onze Minister kan het eerste, tweede en derde lid van overeenkomstige toepassing verklaren op soorten categorie 1-materiaal, niet zijnde dode gezelschapsdieren, of categorie 2-materiaal. + +### Artikel 81i + +**1.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de vergoeding die een ondernemer voor het ophalen, vervoeren, verwerken of verwijderen van categorie 1-materiaal of categorie 2-materiaal in rekening brengt aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon die categorie 1-materiaal of categorie 2-materiaal aanbiedt. + +**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot een door de ondernemer te betalen vergoeding voor de huiden van eenhoevige en herkauwende dieren aan de eigenaar of houder die categorie 1-materiaal of categorie 2-materiaal aanbiedt. + +### Artikel 81j + +Hoofdstuk 19 van de Wet milieubeheer is van overeenkomstige toepassing op het verlenen, wijzigen en intrekken van erkenningen krachtens artikel 81c. + +### Artikel 81k + +Voorschriften die krachtens dit hoofdstuk worden gesteld, gewijzigd of ingetrokken, en tevens in het belang zijn van de volksgezondheid, worden genomen in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. + ## Hoofdstuk VIIb. Honden- en kattenbont en producten die dergelijk bont bevatten ## Hoofdstuk VIII. Financiële bepalingen @@ -1248,14 +1363,12 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden ### Artikel 95b -**1.** - De ontvangsten van het fonds worden gevormd door: -a. een jaarlijkse bijdrage vanuit de begroting van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, welke bijdrage in omvang ten hoogste overeenkomt met de op deze begroting in het desbetreffende begrotingsjaar binnenkomende som van de varkensheffing; -b. het aantal jaarlijkse bijdragen vanuit de begroting van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij dat overeenkomt met het aantal krachtens artikel 91h ingevoerde heffingen, welke bijdragen onderscheidenlijk ten hoogste overeenkomen met de op de genoemde begroting in het desbetreffende begrotingsjaar binnenkomende som van de onderscheiden heffingen; -c. het aantal jaarlijkse bijdragen vanuit de begroting van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij dat overeenkomt met het aantal krachtens artikel 92 ingevoerde heffingen, welke bijdragen onderscheidenlijk ten hoogste overeenkomen met de op de genoemde begroting in het desbetreffende begrotingsjaar binnenkomende som van de onderscheiden heffingen; -d. overige bijdragen vanuit de begroting van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij; +a. een jaarlijkse bijdrage vanuit de begroting van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, welke bijdrage in omvang ten hoogste overeenkomt met de op deze begroting in het desbetreffende begrotingsjaar binnenkomende som van de varkensheffing; +b. het aantal jaarlijkse bijdragen vanuit de begroting van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit dat overeenkomt met het aantal krachtens artikel 91h ingevoerde heffingen, welke bijdragen onderscheidenlijk ten hoogste overeenkomen met de op de genoemde begroting in het desbetreffende begrotingsjaar binnenkomende som van de onderscheiden heffingen; +c. het aantal jaarlijkse bijdragen vanuit de begroting van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit dat overeenkomt met het aantal krachtens artikel 92 ingevoerde heffingen, welke bijdragen onderscheidenlijk ten hoogste overeenkomen met de op de genoemde begroting in het desbetreffende begrotingsjaar binnenkomende som van de onderscheiden heffingen; +d. overige bijdragen vanuit de begroting van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit; e. de door de Europese Unie ter beschikking gestelde middelen, verband houdende met het weren en de bestrijding van op grond van artikel 15, eerste lid, aangewezen besmettelijke dierziekten; f. andere ontvangsten. @@ -1367,7 +1480,7 @@ Onze Minister is bevoegd tot toepassing van bestuursdwang ter handhaving van de ### Artikel 107 -**1.** Onze Minister kan, voor zover het belang van de gezondheid of het welzijn van dieren zich daartegen niet verzet, van het bij of krachtens deze wet bepaalde vrijstelling of ontheffing verlenen. +**1.** Onze Minister kan, voor zover het belang van de gezondheid of het welzijn van dieren dan wel, voor zover het verband houdt met niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten, het belang van de gezondheid van mensen zich daartegen niet verzet, van het bij of krachtens deze wet bepaalde vrijstelling of ontheffing verlenen. **2.** Een vrijstelling of ontheffing van het bij of krachtens de artikelen 97 tot en met 99 bepaalde alsmede van een voorschrift dat tevens in het belang is van de bestrijding van een dierziekte die is aangewezen in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wordt in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport verleend. @@ -1383,13 +1496,15 @@ Onze Minister is bevoegd tot toepassing van bestuursdwang ter handhaving van de **1.** Bij toepassing van artikel 108, eerste en tweede lid, kan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur dan wel bij ministeriële regeling worden bepaald dat tuchtrechtelijke maatregelen worden gesteld op overtreding van de bij die maatregel of regeling genoemde nadere regelen die door het bestuur van het betrokken bedrijfslichaam of samenwerkingslichaam krachtens artikel 108, eerste lid, bij verordening als bedoeld in artikel 108, tweede lid, zijn of worden gesteld, voorzover handelen in strijd met deze nadere regelen als overtreding strafbaar is gesteld. -**2.** De artikelen 1, onderdeel b, 2, 3 tot en met 6, 15 tot en met 44, eerste lid en 46 van de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004 zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de in artikel 46 genoemde instemming dient te worden verkregen van Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. +**2.** De artikelen 1, onderdeel b, 2, 3 tot en met 6, 15 tot en met 44, eerste lid en 46 van de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004 zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de in artikel 46 genoemde instemming dient te worden verkregen van Onze Minister. **3.** Onverminderd artikel 114, eerste lid, kan bij algemene maatregel van bestuur, dan wel bij ministeriële regeling, worden bepaald dat met het toezicht op de naleving van de nadere regels waarvoor tuchtrechtelijke maatregelen zijn of worden opgelegd, de bij besluit van het betrokken bedrijfslichaam of samenwerkingslichaam aangewezen personen zijn belast. Dit besluit behoeft de goedkeuring van Onze Minister. Onze Minister kan het betrokken bedrijfslichaam of samenwerkingslichaam een aanwijzing geven omtrent het aanwijzen van toezichthouders en de wijze waarop toezicht wordt uitgeoefend. ### Artikel 109 -Tegen een op grond van deze wet genomen besluit kan een belanghebbende beroep instellen bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven. +**1.** Tegen een op grond van deze wet genomen besluit kan een belanghebbende beroep instellen bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven. + +**2.** In afwijking van het eerste lid staat tegen een op grond van hoofdstuk VIIa genomen besluit voor een belanghebbende beroep open overeenkomstig hoofdstuk 20 van de Wet milieubeheer. ### Artikel 110