From 4f31e7331e95069cff3c0c0e0fafd61cc2d40dd0 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Wed, 2 Jan 2002 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2002-01-02 | BWBR0003643 | Besluit zonering buitenlandse luchtvaartterreinen Noord- en Midden-Limburg --- .../BWBR0003643/README.md | 185 +++++++++++++----- 1 file changed, 133 insertions(+), 52 deletions(-) diff --git a/amvb/besluit-zonering-buitenlandse-luchtvaartterreinen-noord-en-midden-limburg/BWBR0003643/README.md b/amvb/besluit-zonering-buitenlandse-luchtvaartterreinen-noord-en-midden-limburg/BWBR0003643/README.md index d777edab06d..b628631c45f 100644 --- a/amvb/besluit-zonering-buitenlandse-luchtvaartterreinen-noord-en-midden-limburg/BWBR0003643/README.md +++ b/amvb/besluit-zonering-buitenlandse-luchtvaartterreinen-noord-en-midden-limburg/BWBR0003643/README.md @@ -18,8 +18,8 @@ citeertitel: Besluit zonering buitenlandse luchtvaartterreinen Noord- en Midden- In dit besluit wordt verstaan onder: -a. wet: Omgevingswet; -b. uitwendige scheidingsconstructie: hetgeen onder dat begrip wordt verstaan in het Besluit bouwwerken leefomgeving; +a. wet: Wet geluidhinder; +b. uitwendige scheidingsconstructie: hetgeen onder dat begrip wordt verstaan in het Bouwbesluit; c. luchtvaartterrein: een luchtvaartterrein als bedoeld in artikel 2; d. zone: een zone als bedoeld in artikel 2; e. *geluidsbelasting in Kosteneenheden:* de geluidsbelasting op een bepaalde plaats, veroorzaakt door de gezamenlijke op een luchtvaartterrein landende, opstijgende en rondom het luchtvaartterrein opererende luchtvaartuigen, vastgesteld volgens de formule: @@ -31,54 +31,71 @@ waarin het teken "Σ" staat voor de optelling van de bijdragen van alle vliegtui waarin het teken "n" staat voor een factor gelijk aan 1 gedurende de periode van 8.00 tot 18.00 uur en voor de verdere tijdsperiode volgens onderstaande tabel: en waarin het teken "L" staat voor het maximaal geluidsniveau in dB(A) dat voor een passerend luchtvaartuig ter plaatse in de buitenlucht wordt of kan worden gemeten; -f. geluidsbelasting binnen een gebouw: de geluidsbelasting veroorzaakt door luchtvaartuigen binnen de geluidsgevoelige ruimten van een gebouw; +f. geluidsbelasting binnen een gebouw: de geluidsbelasting veroorzaakt door luchtvaartuigen binnen de ruimten van een gebouw, welke op grond van door Onze Minister te stellen regels als geluidsgevoelig zijn aan te merken; g. gedeputeerde staten: gedeputeerde staten van de provincie Limburg; h. burgemeester en wethouders: burgemeester en wethouders van gemeenten waarvan het grondgebied is gelegen in een zone; -i. verblijfsruimte: +i. andere geluidsgevoelige gebouwen: -1°. geluidgevoelige ruimte als bedoeld in bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving; -2°. verblijfsruimten als bedoeld in geluidgevoelige ruimte als bedoeld in bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving; -j. geluidgevoelig gebouw: geluidgevoelig gebouw als bedoeld in bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving; -k. geluidgevoelig terrein: locatie die in het omgevingsplan is aangewezen als ligplaats voor woonschepen of locatie die in het omgevingsplan is aangewezen als standplaats voor woonwagens. +1°. gebouwen voor basisonderwijs, voor voortgezet onderwijs en voor hoger beroepsonderwijs, +2°. algemene en categorale ziekenhuizen, verpleeghuizen, en +3°. algemene en categorale psychiatrische ziekenhuizen, Regionale Instellingen voor Ambulante Geestelijke Gezondheidszorg zoals omschreven in het Besluit Hulp door of vanwege een Regionale Instelling voor Ambulante Geestelijke Gezondheidszorg Bijzondere Ziektekostenverzekering, zwakzinnigeninrichtingen, inrichtingen voor zintuiglijk gehandicapten, medische kindertehuizen, medische kleuterdagverblijven en sanatoria; +j. geluidsgevoelige terreinen: -**2.** Een gymnastieklokaal maakt voor de toepassing van de hoofdstukken II, III en IV geen deel uit van de in het eerste lid, onder i, onder 1°, bedoelde gebouwen. +1°. terreinen die behoren bij de onder i, onder 3°, bedoelde andere geluidsgevoelige gebouwen, voor zover deze bestemd zijn of gebruikt worden voor de in die gebouwen gegeven zorg, en +2°. standplaatsen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Woningwet; +k. verblijfsruimte: + +1°. ruimte binnen een woning voor zover die kennelijk als slaap-, eet- of woonkamer wordt gebruikt of voor een zodanig gebruik bestemd is; +2°. leslokaal van een basisschool; +3°. theorielokaal of theorievaklokaal van een school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in deel I van de Wet op het voortgezet onderwijs; +4°. theorielokaal of theorievaklokaal van een instelling voor hoger beroepsonderwijs; +5°. onderzoeks- of behandelingsruimte, ruimte voor patiëntenhuisvesting, alsmede recreatie- of conversatieruimte van gebouwen als bedoeld in onderdeel i, onder 2°, of +6°. onderzoeks-, behandelings-, recreatie- of conversatieruimte, alsmede woon- of slaapruimte van gebouwen als bedoeld in onderdeel i, onder 3°. + +**2.** Een gymnastieklokaal maakt voor de toepassing van de hoofdstukken II, III en IV geen deel uit van de in het eerste lid, onder *i*, onder 1°, bedoelde gebouwen. ### Artikel 1a -**1.** Bij de beoordeling van het gecumuleerde geluid geven gedeputeerde staten slechts toepassing aan de artikelen 3, tweede en derde lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, of 6, tweede lid, voor zover de berekening en meting van de onderscheidene geluidsbelastingen na de correctie op grond van artikel 3.36, tweede lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving niet leiden tot een naar hun oordeel onaanvaardbare geluidsbelasting. +**1.** Indien artikel 157 van de wet van toepassing is, geven gedeputeerde staten slechts toepassing aan de artikelen 3, tweede en derde lid, 4, tweede lid , 5, tweede lid, of 6, tweede lid, voor zover de berekening en meting van de onderscheidene geluidsbelastingen na de correctie op grond van artikel 157, derde lid, van de wet niet leiden tot een naar hun oordeel onaanvaardbare geluidsbelasting. -**2.** Bij de beoordeling van het gecumuleerde geluid passen gedeputeerde staten artikel 7, eerste lid, zodanig toe dat de berekening en meting van de onderscheidene geluidsbelastingen niet leiden tot een naar hun oordeel onaanvaardbare geluidsbelasting. +**2.** Indien artikel 157 van de wet van toepassing is, passen gedeputeerde staten artikel 7, eerste lid, zodanig toe dat de berekening en meting van de onderscheidene geluidsbelastingen niet leiden tot een naar hun oordeel onaanvaardbare geluidsbelasting. ### Artikel 2 -Er is een zone als bedoeld in waar beperkingen gelden in verband met geluidhinder rond de luchtvaartterreinen Laarbruch en Brüggen, waarvan de grenzen zijn aangegeven op de kaart in de bij dit besluit behorende bijlage A, onderscheidenlijk B. +Er is een zone als bedoeld in artikel 108, eerste lid, van de wet rond de luchtvaartterreinen Laarbruch en Brüggen, waarvan de grenzen zijn aangegeven op de kaart in de bij dit besluit behorende bijlage A, onderscheidenlijk B. ## Hoofdstuk II. Maatregelen in zones -### Paragraaf 1. Omgevingsplan +### Paragraaf 1. Bestemmingsplan ### Artikel 2a -**1.** Bij de vaststelling of herziening van een omgevingsplan dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden, behorende tot een zone, worden ter zake van de geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van geluidgevoelige gebouwen of aan de grens van geluidgevoelige terreinen binnen die zone, de waarden in acht genomen die ingevolge de artikelen 3, eerste lid, 4, eerste lid, 5, eerste lid, 6, eerste lid, en 7 als de ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt. +**1.** Bij de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden, behorende tot een zone, worden ter zake van de geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van woningen of van andere geluidsgevoelige gebouwen of aan de grens van geluidsgevoelige terreinen binnen die zone, de waarden in acht genomen die ingevolge de artikelen 3, eerste lid, 4, eerste lid, 5, eerste lid, 6, eerste lid, en 7 als de ten hoogste toelaatbare worden aangemerkt. **2.** -In afwijking van het eerste lid worden bij de vaststelling of herziening van een omgevingsplan als in dat lid bedoeld hogere waarden in acht genomen, voor zover: +In afwijking van het eerste lid worden bij de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan als in dat lid bedoeld hogere waarden in acht genomen, voor zover: -a. gedeputeerde staten met toepassing van artikel 3, tweede en derde lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, 6, tweede lid, of 7, eerste lid, voor de vaststelling of herziening van het omgevingsplan zodanige waarden hebben vastgesteld, dan wel +a. gedeputeerde staten met toepassing van artikel 3, tweede en derde lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, 6, tweede lid, of 7, eerste lid, voor de vaststelling of herziening van het bestemmingsplan zodanige waarden hebben vastgesteld, dan wel b. zodanige waarden noodzakelijk zijn als gevolg van een vaststelling of herziening van het plan in afwijking van het ontwerp, zoals dit ter inzage heeft gelegen, en redelijkerwijs valt aan te nemen dat zij door gedeputeerde staten met toepassing van artikel 3, tweede en derde lid, 4, tweede lid, 5, tweede lid, 6, tweede lid, of 7, eerste lid, zullen worden vastgesteld. +**3.** Bij het nemen van een beslissing over de goedkeuring betreffende de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan als bedoeld in het eerste lid zijn ten aanzien van de in acht te nemen waarden ter zake van de geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein, het eerste en tweede lid van overeenkomstige toepassing. + ### Artikel 2b -Bij het geven van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit als bedoeld in de Omgevingswet dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden behorende tot een zone, is ten aanzien van de in acht te nemen waarden ter zake van de geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein artikel 2a, eerste en tweede lid, van overeenkomstige toepassing. +**1.** Bij het geven van een beschikking tot vrijstelling als bedoeld in artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op gronden behorende tot een zone, is ten aanzien van de in acht te nemen waarden ter zake van de geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein artikel 2*a*, eerste en tweede lid, van overeenkomstige toepassing. + +**2.** Bij het nemen van een beslissing omtrent het verlenen van een verklaring van geen bezwaar ten behoeve van een beschikking als bedoeld in het eerste lid, is ten aanzien van de in acht te nemen waarden ter zake van de geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein artikel 2*a*, eerste en tweede lid, van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 2c -Bij het voorbereiden van de vaststelling of herziening van een omgevingsplan als bedoeld in artikel 2a, eerste lid, wordt vanwege burgemeester en wethouders een akoestisch onderzoek ingesteld naar de geluidsbelasting, die door de uitwendige scheidingsconstructie van geluidgevoelige gebouwen en door geluidgevoelige terreinen binnen de zone vanwege het luchtvaartterrein zou worden ondervonden. +Bij het voorbereiden van de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 2*a*, eerste lid, wordt vanwege burgemeester en wethouders een akoestisch onderzoek ingesteld naar de geluidsbelasting, die door de uitwendige scheidingsconstructie van woningen en van andere geluidsgevoelige gebouwen en door geluidsgevoelige terreinen binnen de zone vanwege het luchtvaartterrein zou worden ondervonden. ### Artikel 2d -Vervallen +**1.** Een besluit, houdende vaststelling of herziening van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 2*a*, eerste lid, of een beschikking tot vrijstelling als bedoeld in artikel 2 *b*, eerste lid, wordt eerst genomen nadat de inspecteur terzake advies heeft uitgebracht, dan wel sedert het tijdstip waarop hij door burgemeester en wethouders in de gelegenheid werd gesteld terzake advies uit te brengen, acht weken zijn verlopen. + +**2.** Het besluit of de beschikking wordt zo spoedig mogelijk ter kennis van de inspecteur gebracht. ### Paragraaf 2. Ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting in zones @@ -127,19 +144,19 @@ In de gevallen, bedoeld in het derde lid, onder *b*, mogen tevens het voorziene ### Artikel 6 -**1.** Behoudens het tweede lid is de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege een luchtvaartterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen en van geluidgevoelige terreinen die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen de zone nog niet in aanleg of nog niet aanwezig zijn, 35 Kosteneenheden. +**1.** Behoudens het tweede lid is de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, vanwege een luchtvaartterrein, van de uitwendige scheidingsconstructie van andere geluidsgevoelige gebouwen en van geluidsgevoelige terreinen die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen de zone nog niet in aanleg of nog niet aanwezig zijn, 35 Kosteneenheden. -**2.** Gedeputeerde staten kunnen voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, bedoeld in het eerste lid, een hogere dan de in dat lid genoemde waarde vaststellen, met dien verstande dat deze waarde voor geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen 45 Kosteneenheden en voor de geluidgevoelige terreinen 40 Kosteneenheden niet te boven gaat. +**2.** Gedeputeerde staten kunnen voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, bedoeld in het eerste lid, een hogere dan de in dat lid genoemde waarde vaststellen, met dien verstande dat deze waarde voor andere geluidsgevoelige gebouwen 45 Kosteneenheden en voor de geluidsgevoelige terreinen 40 Kosteneenheden niet te boven gaat. -**3.** Artikel 3, vierde lid, onderdelen *a*, *b* en *c*, en vijfde lid, is voor geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen van overeenkomstige toepassing. +**3.** Artikel 3, vierde lid, onderdelen *a*, *b* en *c*, en vijfde lid, is voor andere geluidsgevoelige gebouwen van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 7 -**1.** Gedeputeerde staten stellen voor geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen, die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig of in aanbouw zijn, een waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein vast, met dien verstande dat deze waarde 65 Kosteneenheden niet te boven gaat. +**1.** Gedeputeerde staten stellen voor andere geluidsgevoelige gebouwen, die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig of in aanbouw zijn, een waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege het luchtvaartterrein vast, met dien verstande dat deze waarde 65 Kosteneenheden niet te boven gaat. -**2.** De ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van geluidgevoelige terreinen die op het tijdstip van inwerking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig of in aanleg zijn, is 40 Kosteneenheden. +**2.** De ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van geluidsgevoelige terreinen die op het tijdstip van inwerking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig of in aanleg zijn, is 40 Kosteneenheden. -**3.** Artikel 3, vijfde lid, is voor geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen van overeenkomstige toepassing. +**3.** Artikel 3, vijfde lid, is voor andere geluidsgevoelige gebouwen van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 8 @@ -147,7 +164,7 @@ Gedeputeerde staten kunnen op schriftelijk verzoek van burgemeester en wethouder ### Artikel 8a -**1.** Indien geluidgevoelige gebouwen die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig zijn, worden vervangen door woningen is artikel 4 of artikel 5 van overeenkomstige toepassing op de vervangende woningen. +**1.** Indien woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen die op het tijdstip van in werking treden van dit besluit binnen een zone reeds aanwezig zijn, worden vervangen door woningen is artikel 4 of artikel 5 van overeenkomstige toepassing op de vervangende woningen. **2.** @@ -159,9 +176,9 @@ c. een wezenlijke toename van de aan de uitwendige scheidingsconstructie optrede ### Artikel 8b -**1.** Indien geluidgevoelige gebouwen als bedoeld in artikel 8a, eerste lid, worden vervangen door andere geluidsgevoelige gebouwen is artikel 7 van overeenkomstige toepassing. +**1.** Indien woningen of geluidsgevoelige gebouwen als bedoeld in artikel 8*a*, eerste lid, worden vervangen door andere geluidsgevoelige gebouwen is artikel 7 van overeenkomstige toepassing. -**2.** Artikel 8a, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing. +**2.** Artikel 8*a*, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing. ## Hoofdstuk III. Maatregelen ter bescherming van reeds aanwezige of in aanbouw zijnde woningen of gebouwen tegen geluidhinder vanwege een luchtvaartterrein @@ -178,13 +195,13 @@ d. waarvoor de vergunning als bedoeld in artikel 60 of 61 van de Woningwet door e. waarvan de staat van onderhoud of de bouwkundige constructie naar het oordeel van Onze Minister het aanbrengen van doeltreffende geluidwerende voorzieningen in de weg staat; f. die niet voor permanente bewoning bestemd zijn, dan wel behoren tot de categorieën woonschepen en woonwagens; g. die reeds voldoen aan de in artikel 10 van dit besluit gestelde eisen; -h. waarvan de eigenaar of bewoner wiens toestemming noodzakelijk is om geluidwerende voorzieningen aan te brengen, deze toestemming bij een eerdere gelegenheid heeft geweigerd, dan wel na de opgave, bedoeld in artikel 13, eerste lid, heeft geweigerd of het formulier, bedoeld in artikel 13, tweede lid, of bedoeld in artikel 13b, tweede lid, niet binnen de in artikel 13, tweede lid, of artikel 13b, derde lid, bedoelde termijn heeft teruggezonden; +h. waarvan de eigenaar of bewoner wiens toestemming noodzakelijk is om geluidwerende voorzieningen aan te brengen, deze toestemming bij een eerdere gelegenheid heeft geweigerd, dan wel na de opgave, bedoeld in artikel 13, eerste lid, heeft geweigerd of het formulier, bedoeld in artikel 13, tweede lid, of bedoeld in artikel 13*b*, tweede lid, niet binnen de in artikel 13, tweede lid, of artikel 13*b*, derde lid, bedoelde termijn heeft teruggezonden; i. die reeds aanwezig zijn en waaraan geluidwerende voorzieningen worden getroffen als onderdeel van voorzieningen: 1°. die getroffen worden met geldelijke steun op grond van het Besluit woninggebonden subsidies 1995 en 2°. waarvan de kosten meer bedragen dan € 22 689,01. -**2.** Met betrekking tot geluidgevoelige gebouwen niet zijnde woningen is dit hoofdstuk van overeenkomstige toepassing. +**2.** Met betrekking tot andere geluidsgevoelige gebouwen is dit hoofdstuk van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 10 @@ -196,7 +213,7 @@ a. 30 tot 35 dB(A), indien de geluidsbelasting meer dan 40, doch niet meer dan 5 b. 35 tot 40 dB(A), indien de geluidsbelasting meer dan 50, doch niet meer dan 55 Kosteneenheden bedraagt; c. 40 dB(A), indien de geluidsbelasting meer dan 55 Kosteneenheden bedraagt. -**2.** Indien de geluidsbelasting van de uitwendige scheidingsconstructie van een geluidgevoelig gebouw gelegen is binnen de in artikel 10, eerste lid, onder a of b, genoemde waarden, wordt de waarde van de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie van de verblijfsruimte waaraan ten minste moet worden voldaan, bepaald door middel van evenredige interpolatie tussen de in het betreffende onderdeel genoemde waarden van de geluidwering. +**2.** Indien de geluidsbelasting van de uitwendige scheidingsconstructie van een woning of van een ander geluidsgevoelig gebouw gelegen is binnen de in artikel 10, eerste lid, onder *a* of *b*, genoemde waarden, wordt de waarde van de geluidwering van de uitwendige scheidingsconstructie van de verblijfsruimte waaraan ten minste moet worden voldaan, bepaald door middel van evenredige interpolatie tussen de in het betreffende onderdeel genoemde waarden van de geluidwering. ### Artikel 11 @@ -300,7 +317,7 @@ c. burgemeester en wethouders van Roermond zich verbinden om de in artikel 13, v ### Artikel 14 -Vervallen +De hoofdstukken V, VI en VII van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op het voorkomen of beperken van geluidsbelasting vanwege industrieterreinen, vanwege wegen onderscheidenlijk vanwege spoor-, tram- en metrowegen, gelegen in een zone. ## Hoofdstuk V. Commissie @@ -310,7 +327,7 @@ Vervallen Onze Minister kan in overeenstemming met Onze Minister van Defensie een commissie instellen die voor de zones tot taak heeft: -a. Onze Minister te adviseren over de toerekening van kosten die voor de gemeenten binnen de zone zijn verbonden aan maatregelen voor gebieden in Limburg waar ernstige geluidhinder vanwege de luchtvaartterreinen optreedt; +a. Onze Minister te adviseren ter zake van de toepassing van Hoofdstuk VIII van de wet juncto artikel 130 van de wet voor gebieden in Limburg waar ernstige geluidhinder vanwege de luchtvaartterreinen optreedt; b. Onze Minister en Onze Minister van Defensie te adviseren over de maatregelen en voorschriften ter vermindering van de geluidhinder en eventuele andere hinderfactoren op Nederlands grondgebied rondom de luchtvaartterreinen; c. in voorkomende gevallen informatie te verstrekken en voorlichting te geven over de geluidsaspecten van het gebruik van de luchtvaartterreinen. @@ -351,63 +368,127 @@ h. één vertegenwoordiger aan te wijzen door het hoofdkwartier Royal Airforce G ## Hoofdstuk VI. Financiële bepalingen -### Paragraaf 1 +### Paragraaf 1. Bijdrage aan het gemeentebestuur van Roermond ### Artikel 18 -Vervallen +**1.** Indien Onze Minister kan instemmen met een opgave als bedoeld in artikel 12, eerste lid, verleent hij gelijktijdig met die instemming aan het gemeentebestuur van Roermond jaarlijks in de kalenderjaren 1995 tot en met 2001 telkens voor het tweede daaropvolgende kalenderjaar een bijdrage in de kosten van te treffen geluidwerende voorzieningen als bedoeld in hoofdstuk III aan in die opgave gemelde woningen, de voorbereiding en begeleiding daarvan en het toezicht daarop. + +**2.** Indien Onze Minister wijzigingen noodzakelijk acht in de opgave, kan hij gelijktijdig met die mededeling een bijdrage verlenen aan het gemeentebestuur van Roermond in de kosten van te treffen geluidwerende voorzieningen aan in de opgave gemelde woningen, voor zover hij daarmee instemt, en aan in bij die mededeling aangegeven, alsnog te melden woningen, de voorbereiding en begeleiding daarvan en het toezicht daarop. ### Artikel 19 -Vervallen +**1.** Onze Minister stelt de voorlopige hoogte van de bijdrage, bedoeld in artikel 18, eerste lid, vast in overeenstemming met het in de opgave vermelde totale bedrag, vermeerderd met een toeslag van twintig procent van dat bedrag ter bekostiging van de voorbereiding en begeleiding van het treffen van geluidwerende voorzieningen en het toezicht daarop. + +**2.** Onze Minister stelt de voorlopige hoogte van de bijdrage, bedoeld in artikel 18, tweede lid, vast in overeenstemming met het bedrag dat door hem in de mededeling krachtens dat lid is vermeld, vermeerderd meteen toeslag van twintig procent van dat bedrag ter bekostiging van de voorbereiding en begeleiding van het treffen van geluidwerende voorzieningen en het toezicht daarop. + +**3.** In afwijking van het eerste en tweede lid kan Onze Minister de voorlopige hoogte van de bijdrage, bedoeld in artikel 18, eerste of tweede lid, vaststellen op een bedrag van € 1 542 852,73, vermeerderd met een toeslag van twintig procent ter bekostiging van de voorbereiding en begeleiding van het treffen van geluidwerende voorzieningen en het toezicht daarop. ### Artikel 20 -Vervallen +**1.** De kosten van geluidwerende voorzieningen komen niet voor een bijdrage in aanmerking voor zover deze zijn toe te schrijven aan achterstallig onderhoud, het opheffen van gebreken of het uitvoeren van bijzondere wensen. + +**2.** + +De kosten van geluidwerende voorzieningen komen uitsluitend voor een bijdrage in aanmerking voor zover: + +a. deze in een redelijke verhouding staan tot de kwaliteit, de aard en het gebruik van de woning; +b. deze in een redelijke verhouding staan tot het geluidwerend effect van de voorzieningen. + +**3.** + +Onze Minister kan regels stellen met betrekking tot: + +a. de aanduiding van de gemiddelde kosten van de in de praktijk gangbare geluidwerende voorzieningen; +b. de te volgen procedure bij de aanbesteding van het uitvoeren van het akoestisch en bouwtechnisch onderzoek, of +c. de te volgen procedure bij de aanbesteding van het aanbrengen van geluidwerende voorzieningen. ### Artikel 21 -Vervallen +**1.** + +Onze Minister verstrekt aan het gemeentebestuur van Roermond in het kalenderjaar waarvoor de bijdrage krachtens artikel 18, eerste of tweede lid, is verleend in maart en augustus telkens: + +a. een voorschot van vijftig procent van de voor dat kalenderjaar verleende bijdrage en +b. vijftig procent van de voor dat kalenderjaar verleende toeslag, bedoeld in artikel 19. + +**2.** Indien Onze Minister voor dat kalenderjaar een bijdrage heeft verleend met toepassing van artikel 19, derde lid, verstrekt hij in maart en augustus van dat kalenderjaar telkens een voorschot van € 925 711,64 van de bijdrage, bedoeld in artikel 18, eerste lid. ### Artikel 22 -Vervallen +**1.** De voorschotten kunnen worden besteed aan het verrekenen van in het voorafgaande kalenderjaar gemaakte kosten ten behoeve van in dat jaar getroffen geluidwerende voorzieningen, waarvoor de in dat jaar verstrekte voorschotten ontoereikend waren. Er kan bij die verrekening geen rente in rekening worden gebracht. + +**2.** De voorschotten dienen voor ten minste vijftig procent te worden besteed in het kalenderjaar waarin zij worden verstrekt. + +**3.** Het niet-bestede deel van de voorschotten, voor zover dat de vijftig procent niet te boven gaat, dient geheel te worden besteed in het daaropvolgende kalenderjaar. + +**4.** De toeslag, bedoeld in artikel 19, dient geheel te worden besteed in het kalenderjaar waarin hij wordt verstrekt. ### Artikel 23 -Vervallen +**1.** Onze Minister kan regels stellen omtrent het verstrekken van extra informatie indien hij zulks noodzakelijk acht vanwege onvoldoende herkenbaarheid van de toepassing en besteding van een bijdrage als bedoeld in artikel 18, eerste of tweede lid, in de informatie die het gemeentebestuur van Roermond krachtens artikel 27, eerste lid van het Besluit financiële verhouding 2001 aan hem verstrekt. + +**2.** Onze Minister kan voorts een controleprotocol vaststellen ten behoeve van het onderzoek naar de bestedingen van de bijdragen, bedoeld in artikel 18, eerste en tweede lid. ### Artikel 24 -Vervallen +**1.** Binnen vijf maanden na ontvangst van de informatie, bedoeld in artikel 27, eerste lid van het Besluit financiële verhouding 2001, stelt Onze Minister de bijdrage, bedoeld in artikel 18, eerste of tweede lid, vast. + +**2.** + +Onze Minister stelt de bijdrage vast op het bedrag van de gemaakte kosten van de getroffen geluidwerende voorzieningen in het kalenderjaar waarop de rekening betrekking heeft, verminderd met het niet-bestede deel van de verstrekte voorschotten in het daaraan voorafgaande kalenderjaar en vermeerderd met: + +a. twintig procent van de verleende voorschotten in het kalenderjaar waarop de rekening betrekking heeft, en +b. het niet-bestede deel van de verstrekte voorschotten, voor zover dat ingevolge artikel 22, derde lid, in het daarop volgend kalenderjaar kan worden besteed. ### Artikel 25 -Vervallen +**1.** Indien de informatie, bedoeld in artikel 27, eerste lid van het Besluit financiële verhouding 2001, niet vóór 15 november is toegezonden, doet Onze Minister daarvan binnen vier weken na het verstrijken van die termijn mededeling aan het gemeentebestuur van Roermond. + +**2.** Onze Minister stelt bij de in het eerste lid bedoelde mededeling een termijn van ten hoogste acht weken binnen welke de ontbrekende informatie alsnog moet worden verstrekt. + +**3.** Indien de ontbrekende informatie niet wordt verstrekt binnen de krachtens het tweede lid gestelde termijn, kan Onze Minister de beschikking waarbij de bijdrage voor 1997 of één van de daaropvolgende kalenderjaren is verleend, geheel of gedeeltelijk intrekken. Hij kan tevens het krachtens die beschikking verstrekte voorschot geheel of gedeeltelijk terugvorderen. ### Artikel 26 -Vervallen +**1.** Indien de informatie, bedoeld in artikel 27, eerste lid van het Besluit financiële verhouding 2001, daartoe aanleiding geeft, kan Onze Minister de beschikking waarbij de bijdrage voor 1997 of één van de daaropvolgende kalenderjaren is verleend, geheel of gedeeltelijk intrekken. Hij kan tevens het krachtens die beschikking verstrekte voorschot geheel of gedeeltelijk terugvorderen. + +**2.** Voor zover uit de informatie, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het Besluit financiële verhouding Rijk-gemeenten, mocht blijken dat de verleende voorschotten voor meer dan vijftig procent niet zijn besteed, vordert Onze Minister de overschrijding van dat percentage terug. ### Artikel 27 -Vervallen +**1.** + +Onze Minister kan een beschikking tot vaststelling van een bijdrage geheel of gedeeltelijk intrekken of ten nadele van het gemeentebestuur van Roermond wijzigen: + +a. op grond van feiten of omstandigheden waarvan hij bij het nemen van die beschikking redelijkerwijs niet op de hoogte kon zijn, of +b. indien die beschikking onjuist was en het gemeentebestuur dit wist of behoorde te weten. + +**2.** De intrekking of wijziging werkt terug tot en met het tijdstip waarop de bijdrage is vastgesteld, tenzij bij de intrekking of wijziging anders is bepaald. + +**3.** Een beschikking als bedoeld in het eerste lid kan niet meer worden ingetrokken of ten nadele van het gemeentebestuur van Roermond worden gewijzigd indien sedert de dag waarop zij bekendgemaakt is, vijf jaren zijn verstreken. + +**4.** Onze Minister kan tevens de wettelijke rente over het onverschuldigd betaalde vastgestelde bedrag van de bijdrage vorderen. ### Artikel 28 -Vervallen +Onze Minister kan een onderzoek instellen naar de kwaliteit van de geluidwerende voorzieningen waarvoor op grond van deze paragraaf een bijdrage is verleend. ### Artikel 29 -Vervallen +**1.** Indien uit een onderzoek mocht blijken dat de geluidwerende voorzieningen niet voldoen aan de in artikel 10 bedoelde kwaliteit, kan Onze Minister een beschikking tot vaststelling van een bijdrage geheel of gedeeltelijk intrekken of ten nadele van het gemeentebestuur van Roermond wijzigen. Artikel 27, tweede, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing. + +**2.** Onze Minister geeft in een geval als bedoeld in het eerste lid het gemeentebestuur van Roermond de gelegenheid om de geluidwerende voorzieningen alsnog te voltooien of aan te vullen dan wel opnieuw te treffen binnen een door hem te bepalen termijn. + +**3.** Indien de geluidwerende voorzieningen niet binnen de door Onze Minister gestelde termijn zijn voltooid, aangevuld of opnieuw zijn getroffen, treft Onze Minister op kosten van de gemeente Roermond de benodigde maatregelen. ### Artikel 30 -Vervallen +Onze Minister kan een onafhankelijke instantie aanwijzen die belast is met de toepassing van de artikelen 28 en 29, tweede en derde lid. Hij doet daarvan mededeling aan het gemeentebestuur van Roermond. ### Artikel 31 -Vervallen +De verlening van een bijdrage krachtens deze paragraaf geschiedt onder het voorbehoud dat de betrokken jaarbegrotingen door de Staten-Generaal worden goedgekeurd. ### Paragraaf 2. Overige financiële bepalingen @@ -435,13 +516,13 @@ Dit besluit kan worden aangehaald als Besluit zonering buitenlandse luchtvaartte Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede kalendermaand na de datum van uitgifte van het *Staatsblad* waarin het wordt geplaatst. -## Bijlage A. behorende bij het Besluit zonering buitenlandse luchtvaartterreinen Noord- en Midden-Limburg (Niederrhein) +## Bijlage A -*[afbeelding]* +De bijlage is niet opgenomen. -## Bijlage B. behorende bij het Besluit zonering buitenlandse luchtvaartterreinen Noord- en Midden-Limburg (Brüggen) +## Bijlage B -*[afbeelding]* +De illustratie is niet opgenomen. ## Bijlage C