From 4f73d0dec0a1ffbf4ffbf36315c5510af5f9235d Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sun, 1 Jan 2006 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2006-01-01 | BWBR0001888 | Ziektewet --- wet/ziektewet/BWBR0001888/README.md | 204 ++++++++++------------------ 1 file changed, 68 insertions(+), 136 deletions(-) diff --git a/wet/ziektewet/BWBR0001888/README.md b/wet/ziektewet/BWBR0001888/README.md index 9f0cd671437..d9debe193ca 100644 --- a/wet/ziektewet/BWBR0001888/README.md +++ b/wet/ziektewet/BWBR0001888/README.md @@ -27,7 +27,7 @@ d. vreemdeling: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Vreemdelingenwet 2000; e. onbetaald verlof: een tussen werkgever en werknemer voor een gedeelte of het geheel van de arbeidstijd overeengekomen verlof, waarin de werknemer geen arbeid jegens de werkgever verricht; f. rechtens zijn vrijheid is ontnomen: rechtens zijn vrijheid is ontnomen, behoudens de gevallen, bedoeld in de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen en in artikel 37, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht; g. justitiële inrichting: een penitentiaire inrichting, een inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden, of een inrichting als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen; -h. eigenrisicodrager: de werkgever aan wie de toestemming is verleend, bedoeld in artikel 63, eerste lid; +h. eigenrisicodrager: de werkgever aan wie de toestemming is verleend, bedoeld in artikel 40, aanhef en eerste lid, onderdeel a, van de Wet financiering sociale verzekeringen; i. overheidswerkgever: de werkgever, bedoeld in artikel 1, onderdeel k, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen. **2.** @@ -180,11 +180,12 @@ d. degene, die tegen beloning persoonlijk arbeid verricht en wiens arbeidsverhou Als dienstbetrekking wordt niet beschouwd de arbeidsverhouding van: -a. degene, die minister, staatssecretaris, Nationale ombudsman of substituut-ombudsman is; +a. degene, die minister, staatssecretaris, Nationale ombudsman, substituut-ombudsman, lid van gedeputeerde staten of wethouder, waaronder begrepen een lid van het dagelijks bestuur van een deelgemeente, is; b. degene die als vrijwilliger werkzaamheden verricht als politiebeambte, alsmede van degene die als vrijwilliger al dan niet tegen loon werkzaamheden verricht bij een gemeentelijke brandweer; c. degene, die ten behoeve van de natuurlijke persoon, tot wie hij in dienstbetrekking staat, uitsluitend of nagenoeg uitsluitend huiselijke of persoonlijke diensten in diens huishouding verricht en die diensten doorgaans op minder dan drie dagen per week verricht; d. de directeur-grootaandeelhouder; -e. een persoon, indien degene met wie hij de arbeidsverhouding heeft, met betrekking tot die arbeidsverhouding op grond van artikel 6a van de Wet op de loonbelasting 1964 niet als inhoudingsplichtige wordt beschouwd. +e. een persoon, indien degene met wie hij de arbeidsverhouding heeft, met betrekking tot die arbeidsverhouding op grond van artikel 6a van de Wet op de loonbelasting 1964 niet als inhoudingsplichtige wordt beschouwd; +f. degene die als vrijwilliger als bedoeld in artikel 2, zesde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964, uitsluitend vergoedingen of verstrekkingen als bedoeld in dat lid ontvangt met een gezamenlijke waarde van ten hoogste € 150 per maand en € 1 500 per kalenderjaar. **2.** @@ -222,7 +223,9 @@ c. degene, die wegens ziekte niet werkt, doch aan wie geen ziekengeld wordt beta ### Artikel 8a -Voor de toepassing van deze wet wordt mede als werknemer beschouwd degene, die op grond van de verplichte verzekering ingevolge de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen dan wel ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering uitkering ontvangt. +**1.** Voor de toepassing van deze wet wordt mede als werknemer beschouwd degene, die op grond van de verplichte verzekering ingevolge de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen dan wel ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering uitkering ontvangt. + +**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op diegene die niet in Nederland woont. ### Artikel 8b @@ -283,7 +286,9 @@ Als werkgever wordt beschouwd: **2.** In de gevallen, bedoeld in artikel 7, onderdeel b, artikel 8, onderdeel b, en artikel 8c, onderdeel b, wordt als werkgever beschouwd degene, die door Onze Minister als werkgever wordt aangewezen. -**3.** Ingeval het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de uitkering of toeslag, bedoeld in de artikelen genoemd in het eerste lid, vermeerderd met de daarover door de werkgever verschuldigde premies, betaalt aan de werkgever, bedoeld in artikel 9, 10 of 12, teneinde deze uitkering of toeslag door diens tussenkomst te doen uitbetalen, treedt voor de toepassing van het eerste lid, deze in de plaats van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onafhankelijk van het voortbestaan van de dienstbetrekking met die werkgever. +**3.** Ingeval het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, de uitkering of toeslag, bedoeld in de artikelen genoemd in het eerste lid, vermeerderd met de daarover door de werkgever verschuldigde premies en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, betaalt aan de werkgever, bedoeld in artikel 9, 10 of 12, teneinde deze uitkering of toeslag door diens tussenkomst te doen uitbetalen, treedt voor de toepassing van het eerste lid, deze in de plaats van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onafhankelijk van het voortbestaan van de dienstbetrekking met die werkgever. + +**4.** Bij ministeriële regeling kunnen met betrekking tot de door de werkgever verschuldigde premies, bedoeld in het derde lid, nadere en zonodig afwijkende regels worden gesteld. ### Artikel 11a @@ -313,23 +318,23 @@ De werkgever is verplicht de werknemer gelegenheid te geven tot het uitoefenen v ### Artikel 14 -**1.** Deze wet verstaat onder loon het loon in de zin van de Coördinatiewet Sociale Verzekering. +**1.** Deze wet verstaat onder loon het loon in de zin van hoofdstuk 3 van de Wet financiering sociale verzekeringen. **2.** Loon, door verschillende personen tezamen onverdeeld genoten, wordt, voor zover niet blijkt van een andere verdeling, geacht door ieder van hen voor een gelijk deel te zijn genoten. ### Artikel 15 -**1.** Voor de berekening van het ziekengeld, waarop ingevolge deze wet aanspraak bestaat, wordt als dagloon beschouwd: hetgeen de werknemer tijdens het genot van het ziekengeld bij een vijfdaagse werkweek gemiddeld per dag zou hebben kunnen verdienen in het beroep, dat hij laatstelijk voor het ontstaan van de ongeschiktheid tot werken uitoefende. +**1.** Voor de berekening van het ziekengeld waarop op grond van deze wet recht bestaat wordt als dagloon beschouwd 1/261 deel van het loon dat de werknemer in de periode van één jaar, die eindigt op de laatste dag van het aangiftetijdvak voorafgaande aan het aangiftetijdvak waarin de ongeschiktheid tot werken is ingetreden, verdiende, doch ten hoogste het bedrag, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen, met betrekking tot een loontijdvak van een dag. -**2.** Onze Minister stelt met betrekking tot de vaststelling van het dagloon nadere regels. +**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden ten aanzien van de vaststelling van het dagloon, bedoeld in het eerste lid, en de herziening ervan nadere en zo nodig afwijkende regels gesteld. -**3.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan, zo nodig in afwijking van de door Onze Minister op grond van het tweede lid gestelde regels, regels stellen met betrekking tot de vaststelling van het dagloon voor één of meer categorieën van werknemers. Deze regels behoeven goedkeuring van Onze Minister. +### Artikel 16 -**4.** De in het tweede en derde lid bedoelde regels kunnen bepalingen bevatten op grond waarvan het dagloon tijdens de uitkering kan worden herzien. +**1.** De daglonen worden herzien met ingang van de dag waarop en in de mate waarin het bedrag genoemd in artikel 8, eerste lid, onderdeel c, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag wordt herzien. -### Artikel +**2.** Onze Minister maakt in de Staatscourant bekend met ingang van welke dag en met welk percentage een herziening als bedoeld in het eerste lid plaatsvindt. -Vervallen +**3.** Op een beschikking als gevolg van een herziening van het dagloon op grond van dit artikel zijn de artikelen 3:41 en 3:45 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing. ### Artikel 17 @@ -457,8 +462,8 @@ b. degene wiens aanspraak berust op artikel 46, vanaf de derde dag van de ongesc c. de verzekerde van wie de dienstbetrekking, bedoeld in artikel 3, binnen het in het vijfde lid genoemde tijdvak van 104 weken eindigt, vanaf de eerste dag van ongeschiktheid tot werken nadat de dienstbetrekking is geëindigd, doch niet eerder dan vanaf de derde dag van de ongeschiktheid tot werken; d. de verzekerde die op grond van artikel 7 als werknemer wordt beschouwd, vanaf de eerste dag van de ongeschiktheid tot werken; e. de verzekerde die wegens orgaandonatie ongeschikt is tot het verrichten van zijn arbeid, vanaf de eerste dag van de ongeschiktheid tot werken; -f. de vrouwelijke verzekerde, overeenkomstig artikel 29 a; -g. de werknemer, bedoeld in artikel 29 b. +f. de vrouwelijke verzekerde, overeenkomstig artikel 29a; +g. de werknemer, bedoeld in artikel 29b. **3.** Als eerste dag van de ongeschiktheid tot werken geldt de eerste werkdag waarop wegens ziekte niet is gewerkt of het werken tijdens de werktijd is gestaakt. Bij ministeriële regeling kunnen nadere en afwijkende regels worden gesteld in verband met het voor bijzondere gevallen vaststellen van welke dag als eerste werkdag wordt aangemerkt. @@ -585,14 +590,14 @@ b. de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschik **2.** -Indien de verzekerde ter zake van de ongeschiktheid tot werken wegens ziekte zowel recht heeft op toekenning van ziekengeld op grond van deze wet als op herziening van een arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met de artikelen 38, 39 of 39a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, 14, 15 of 16 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of de artikelen 13, 14 of 15 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten wordt het ziekengeld slechts uitbetaald voorzover het: +Indien de verzekerde ter zake van de ongeschiktheid tot werken wegens ziekte zowel recht heeft op toekenning van ziekengeld op grond van deze wet als op herziening van een arbeidsongeschiktheidsuitkering in verband met de artikelen 38, 39 of 39a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, 13, 14, 15 of 16 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of de artikelen 12, 13, 14 of 15 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten wordt het ziekengeld slechts uitbetaald voorzover het: -a. het bedrag, waarmee de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in verband met die herziening is verhoogd, overtreft, indien artikel 14, 15 of 16 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of artikel 13, 14 of 15 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten van toepassing is; of -b. het bedrag, waarmee de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering in verband met die herziening is verhoogd, overtreft, indien zowel artikel 38, 39 of 39a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering als artikel 14, 15 of 16 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of artikel 13, 14 of 15 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, van toepassing zijn, dan wel uitsluitend artikel 38, 39 of 39a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering van toepassing is. +a. het bedrag, waarmee de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in verband met die herziening is verhoogd, overtreft, indien artikel 13, 14, 15 of 16 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of artikel 12, 13, 14 of 15 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten van toepassing is; of +b. het bedrag, waarmee de arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering in verband met die herziening is verhoogd, overtreft, indien zowel artikel 38, 39 of 39a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering als artikel 13, 14, 15 of 16 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of artikel 12, 13, 14 of 15 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, van toepassing zijn, dan wel uitsluitend artikel 38, 39 of 39a van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering van toepassing is. **3.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is bevoegd in bijzondere gevallen van het ziekengeld een hoger bedrag uit te betalen, dan in het eerste en tweede lid is bepaald. -**4.** Onze Minister kan met betrekking tot gevallen van samenloop van ziekengeld met arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten regels stellen. Bij deze regels kan worden afgeweken van het eerste tot en met derde lid. +**4.** Onze Minister kan met betrekking tot gevallen van samenloop van ziekengeld met arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten regels stellen. Bij deze regels kan worden afgeweken van het eerste tot en met derde lid en van artikel 32a. ### Artikel 32a @@ -689,12 +694,14 @@ c. bij ontstentenis van de in de onderdelen *a* en *b* bedoelde personen, aan de **4.** Indien de werkgever de verplichting, bedoeld in het de eerste zin van het tweede lid of in het derde lid niet of niet behoorlijk is nagekomen, legt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen hem een boete op van ten hoogste € 454. De artikelen 45a, vierde, vijfde en zevende lid, 45b, 45c, 45e, eerste lid, eerste volzin, en tweede lid, en 45g, eerste, vierde, zesde, achtste en negende lid, zijn van overeenkomstige toepassing. -**5.** Dit artikel is, met uitzondering van de tweede zin van het tweede lid, niet van toepassing op de werkgever van de verzekerde, die aanspraak maakt op ziekengeld op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel e, f of g, met dien verstande, dat die werkgever het reïntegratieverslag aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verstrekt. +**5.** Dit artikel is, met uitzondering van de tweede en derde zin van het tweede lid en het achtste lid, niet van toepassing op de verzekerde, die aanspraak maakt op ziekengeld op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel e, f of g, en de werkgever van die verzekerde. **6.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de aangifte van de ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid, bedoeld in het eerste lid, en met betrekking tot het tweede lid. **7.** Indien bij de behandeling van de aangifte, bedoeld in het tweede lid, blijkt dat de werkgever zijn verplichting om een reïntegratieverslag op te stellen niet of niet volledig is nagekomen, stelt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan de werkgever een termijn waarbinnen het reïntegratieverslag wordt verstrekt of aangevuld. +**8.** Indien bij de behandeling van de aangifte, bedoeld in het tweede lid, blijkt dat de werknemer zijn verplichting tot het verstrekken van het reïntegratieverslag aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen niet of niet volledig is nagekomen, stelt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan de werknemer een termijn waarbinnen het reïntegratieverslag wordt verstrekt onderscheidenlijk aangevuld. + ### Artikel 38a **1.** De verzekerde die aanspraak maakt op ziekengeld is in geval van ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte verplicht dit zo spoedig mogelijk, doch in elk geval niet later dan op de tweede dag van die ongeschiktheid, te melden aan zijn werkgever, of, indien de verzekerde geen werkgever heeft als bedoeld in paragraaf 3 van deze wet, aan de het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.. @@ -727,29 +734,31 @@ c. bij ontstentenis van de in de onderdelen *a* en *b* bedoelde personen, aan de ### Artikel 39a -**1.** Indien bij de behandeling van de aangifte of de beoordeling, bedoeld in artikel 38, tweede lid, blijkt dat de werkgever zonder deugdelijke grond zijn verplichtingen op grond van de tweede zin van dat lid of artikel 71a, eerste, tweede, of vijfde lid van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering dan wel de krachtens het zevende lid van dat artikel gestelde regels of op grond van artikel 25, eerste, tweede, of vijfde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen dan wel de krachtens het zevende lid van dat artikel gestelde regels, niet of niet volledig nakomt of onvoldoende reïntegratie-inspanningen heeft verricht, verhaalt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op die werkgever het ziekengeld, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering verschuldigde premies die niet op deze uitkering in mindering kunnen worden gebracht, dat zal worden betaald over een door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen vast te stellen tijdvak. Dit tijdvak vangt aan op de eerste dag van ongeschiktheid tot werken nadat de dienstbetrekking is geëindigd en wordt afgestemd op de periode waarin de werkgever de in de vorige volzin bedoelde verplichtingen of regels niet is nagekomen of onvoldoende reïntegratie-inspanningen heeft verricht. Het tijdvak bedraagt ten hoogste 52 weken. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt regels met betrekking tot het vaststellen van het in de tweede zin bedoelde tijdvak. Deze regels behoeven de goedkeuring van Onze Minister. +**1.** Indien bij de behandeling van de aangifte of de beoordeling, bedoeld in artikel 38, tweede lid, blijkt dat de werkgever zonder deugdelijke grond zijn verplichtingen op grond van de tweede zin van dat lid of artikel 71a, eerste, tweede, of vijfde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering dan wel de krachtens het zevende lid van dat artikel gestelde regels of op grond van artikel 25, eerste, tweede, of vijfde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen dan wel de krachtens het zevende lid van dat artikel gestelde regels, niet of niet volledig nakomt of onvoldoende reïntegratie-inspanningen heeft verricht, verhaalt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op die werkgever het ziekengeld, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering verschuldigde premies die niet op deze uitkering in mindering kunnen worden gebracht en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, dat zal worden betaald over een door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen vast te stellen tijdvak. Dit tijdvak vangt aan op de eerste dag van ongeschiktheid tot werken nadat de dienstbetrekking is geëindigd en wordt afgestemd op de periode waarin de werkgever de in de vorige volzin bedoelde verplichtingen of regels niet is nagekomen of onvoldoende reïntegratie-inspanningen heeft verricht. Het tijdvak bedraagt ten hoogste 52 weken. Indien binnen het door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen vastgestelde tijdvak een periode van ongeschiktheid tot werken gedurende een periode van vier weken of meer wordt onderbroken door geschiktheid tot werken, wordt het ziekengeld over de periode van ongeschiktheid tot werken die is gelegen na die vier weken of meer weken, niet verhaald op de werkgever, bedoeld in de eerste zin. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt regels met betrekking tot het vaststellen van het in de tweede zin bedoelde tijdvak. Deze regels behoeven de goedkeuring van Onze Minister. **2.** Indien de werkgever, bedoeld in het eerste lid, niet meer bestaat, wordt voor de toepassing van het eerste lid onder werkgever verstaan de rechtsopvolger van die werkgever. De eerste zin is niet van toepassing met betrekking tot de rechtsopvolger na faillissement. -**3.** Het besluit waarbij de in het eerste lid bedoelde uitkering en premies worden verhaald, vermeldt de termijn of de termijnen waarbinnen deze moeten worden betaald, alsmede de wijze waarop het besluit bij gebreke van tijdige betaling, overeenkomstig het vierde tot en met zesde lid zal worden ten uitvoer gelegd. +**3.** Het besluit waarbij de in het eerste lid bedoelde uitkering, premies en vergoeding worden verhaald, vermeldt de termijn of de termijnen waarbinnen deze moeten worden betaald, alsmede de wijze waarop het besluit bij gebreke van tijdige betaling, overeenkomstig het vierde tot en met zesde lid zal worden ten uitvoer gelegd. -**4.** Het besluit waarbij de in het eerste lid bedoelde uitkering en premies worden verhaald, levert een executoriale titel op in de zin van het Tweede Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. De titel heeft mede betrekking op de rente en kosten, bedoeld in het zesde lid. +**4.** Het besluit waarbij de in het eerste lid bedoelde uitkering, premies en vergoeding worden verhaald, levert een executoriale titel op in de zin van het Tweede Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. De titel heeft mede betrekking op de rente en kosten, bedoeld in het zesde lid. -**5.** Het besluit waarbij de in het eerste lid bedoelde uitkering en premies worden verhaald, wordt bij gebreke van tijdige betaling met toepassing van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering op kosten van de werkgever of diens rechtsopvolger betekend en ten uitvoer gelegd. +**5.** Het besluit waarbij de in het eerste lid bedoelde uitkering, premies en vergoeding worden verhaald, wordt bij gebreke van tijdige betaling met toepassing van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering op kosten van de werkgever of diens rechtsopvolger betekend en ten uitvoer gelegd. **6.** Bij gebreke van tijdige betaling wordt het te verhalen bedrag verhoogd met de wettelijke rente en de op de invordering betrekking hebbende kosten. -**7.** De artikelen 13 en 16 van de Coördinatiewet Sociale Verzekering zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot dit artikel. +**7.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld. -**8.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld. +### Artikel 39b -### Artikel +**1.** Een beschikking tot verhaal van uitkering, premies en vergoeding als bedoeld in artikel 39a, eerste lid, wordt niet meer gegeven indien meer dan vijf jaren sedert het einde van het kalenderjaar zijn verstreken, waarin zij zijn betaald of afgedragen. -Vervallen +**2.** Uitkeringen, premies en vergoedingen die niet zijn ingevorderd binnen tien jaren na het geven van de beschikking tot verhaal, worden niet meer ingevorderd. -### Artikel +**3.** De rechtsvordering tot terugbetaling van een onverschuldigd betaald bedrag in verband met verhaal van uitkering, premies en vergoeding verjaart door verloop van vijf jaren sedert het einde van het kalenderjaar waarin de beschikking tot verhaal is gegeven. -Vervallen +### Artikel 39c + +De vordering van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen wegens verhaal als bedoeld in artikel 39a, eerste lid, is bevoorrecht op alle goederen van de werkgever en gaat boven alle andere voorrechten met uitzondering van die van de artikelen 287 en 288 onder a, alsmede dat van artikel 284 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek. ### Artikel 39d @@ -757,11 +766,11 @@ Vervallen ### Artikel 40 -**1.** Indien degene, aan wie ziekengeld is toegekend, ingevolge het bepaalde bij of krachtens artikel 6, derde lid, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten een bijdrage verschuldigd is in de kosten van een verstrekking als bedoeld in de artikelen 6 en 11 van die wet of een vergoeding als bedoeld in de artikelen 11 en 12 van die wet, is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bevoegd het ziekengeld tot het bedrag van die bijdrage in plaats van aan degene, aan wie het ziekengeld is toegekend, zonder diens machtiging uit te betalen aan het College voor zorgverzekeringen, genoemd in artikel 1a van de Ziekenfondswet. +**1.** Indien de degene aan wie ziekengeld is toegekend, aanspraak heeft op verstrekking of vergoeding van zorg als bedoeld in de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten en op grond van die wet een bijdrage voor die zorg verschuldigd is, is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bevoegd het ziekengeld tot het bedrag van die bijdrage in plaats van aan degene aan wie het ziekengeld is toegekend, zonder diens machtiging uit te betalen aan het College voor zorgverzekeringen, genoemd in artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet. **2.** Indien degene, aan wie ziekengeld is toegekend, in een inrichting ter verpleging van geesteszieken of van zwakzinnigen is opgenomen en het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, van de desbetreffende inrichting of van de gemeente die de opnamekosten betaalt, het verzoek ontvangt om het ziekengeld aan die inrichting of die gemeente uit te betalen, is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bevoegd dat verzoek zonder het stellen van andere voorwaarden in te willigen. -**3.** Indien het eerste lid toepassing vindt, heeft de in het tweede lid bedoelde bevoegdheid betrekking op het gedeelte van het ziekengeld, dat niet aan het College voor zorgverzekeringen, genoemd in artikel 1a van de Ziekenfondswet wordt uitbetaald. +**3.** Indien het eerste lid toepassing vindt, heeft de in het tweede lid bedoelde bevoegdheid betrekking op het gedeelte van het ziekengeld, dat niet aan het College voor zorgverzekeringen wordt uitbetaald. **4.** Op de herziening van een beschikking op grond van het eerste lid als gevolg van een wijziging van de verschuldigde bijdrage zijn de artikelen 3:41 en 3:45 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing. @@ -777,7 +786,7 @@ Vervallen ### Artikel 43 -De verzekerde, aan wie een vrijstelling als bedoeld in artikel 17 der Coördinatiewet Sociale Verzekering is verleend, komt geen ziekengeld toe. +De verzekerde, aan wie een ontheffing wegens gemoedsbezwaren als bedoeld in artikel 64 van de Wet financiering sociale verzekeringen is verleend, komt geen ziekengeld toe. ### Artikel 44 @@ -819,7 +828,7 @@ p. indien de belanghebbende de verplichtingen die zijn opgenomen in het plan van **2.** Een maatregel als bedoeld in het eerste lid wordt afgestemd op de ernst van de gedraging en de mate waarin de verzekerde de gedraging verweten kan worden. Van het opleggen van een maatregel wordt in elk geval afgezien, indien elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt. -**3.** Indien het niet tijdig nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 31, eerste lid, of 49, niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van uitkering, kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen afzien van het opleggen van een maatregel als bedoeld in het eerste lid en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van de verplichting, tenzij het niet tijdig nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de verzekerde een zodanige waarschuwing is gegeven. +**3.** Indien het niet tijdig nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 31, eerste lid, 38, tweede lid, derde zin, of 49, niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van uitkering, kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen afzien van het opleggen van een maatregel als bedoeld in het eerste lid en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van de verplichting, tenzij het niet tijdig nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de verzekerde een zodanige waarschuwing is gegeven. **4.** Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen besluiten van het opleggen van een maatregel af te zien. @@ -839,9 +848,9 @@ p. indien de belanghebbende de verplichtingen die zijn opgenomen in het plan van **5.** Degene aan wie een boete is opgelegd is verplicht desgevraagd aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de inlichtingen te verstrekken die voor de tenuitvoerlegging van de boete van belang zijn. -**6.** Voor zover de boete nog niet is geïnd vervalt zij door het overlijden van degene aan wie zij is opgelegd. +**6.** Voorzover de boete nog niet is geïnd, vervalt zij door het overlijden van degene aan wie zij is opgelegd. -**7.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot het eerste en tweede lid. +**7.** Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot het eerste en het tweede lid. ### Artikel 45b @@ -992,7 +1001,7 @@ Bij de vaststelling van de schadevergoeding, waarop de verzekerde naar burgerlij **1.** Het bepaalde in het vorige artikel geldt ten aanzien van de naar burgerlijk recht tot schadevergoeding verplichte werkgever van de verzekerde, onderscheidenlijk ten aanzien van de naar burgerlijk recht tot schadevergoeding verplichte verzekerde, die in dienstbetrekking staat tot dezelfde werkgever als de verzekerde jegens wie naar burgerlijk recht verplichting tot schadevergoeding bestaat, slechts indien de ongeschiktheid tot werken is te wijten aan opzet of bewuste roekeloosheid van die werkgever onderscheidenlijk verzekerde. -**2.** Voor de toepassing van het vorige lid wordt mede als werkgever beschouwd degene, die krachtens het bepaalde bij het eerste lid van artikel 16*a* der Coördinatiewet Sociale Verzekering mede als werkgever wordt beschouwd, ongeacht de bij het tweede lid van dat artikel bedoelde uitzonderingen. +**2.** Voor de toepassing van het vorige lid wordt mede als werkgever beschouwd de inlener, bedoeld in artikel 34 van de Invorderingswet 1990. ### Artikel 52c @@ -1073,13 +1082,13 @@ Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald, dat in bij die maatregel ### Artikel 60 -De uitkeringen op grond van deze wet komen ten laste van de wachtgeldfondsen en ten laste van het Algemeen Werkloosheidsfonds, bedoeld in de artikelen 102 en 103 van de Werkloosheidswet. +De uitkeringen op grond van deze wet komen ten laste van de wachtgeldfondsen en ten laste van het Algemeen Werkloosheidsfonds, bedoeld in de artikelen 94 en 93 van de Wet financiering sociale verzekeringen. ### Artikel 61 -**1.** In afwijking van artikel 60 komen de uitkeringen op grond van deze wet ten aanzien van overheidswerknemers en degenen die op grond van artikel 7, artikel 8 of artikel 8a werknemer zijn wegens het ontvangen van een uitkering uit hoofde van een dienstbetrekking als overheidswerknemer, ten laste van het Uitvoeringsfonds voor de overheid, bedoeld in artikel 104 van de Werkloosheidswet. +**1.** In afwijking van artikel 60 komen de uitkeringen op grond van deze wet ten aanzien van overheidswerknemers en degenen die op grond van artikel 7, artikel 8 of artikel 8a werknemer zijn wegens het ontvangen van een uitkering uit hoofde van een dienstbetrekking als overheidswerknemer, ten laste van het Uitvoeringsfonds voor de overheid, bedoeld in artikel 106 van de Wet financiering sociale verzekeringen. -**2.** In afwijking van het eerste lid en artikel 60 komen de uitgaven en de kosten verbonden aan de verstrekking van uitkeringen en aan de reïntegratie van personen als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdelen i en j, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkeringen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verschuldigde premies die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht, ten laste van het Rijk. +**2.** In afwijking van het eerste lid en artikel 60 komen de uitgaven en de kosten verbonden aan de verstrekking van uitkeringen en aan de reïntegratie van personen als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdelen i en j, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkeringen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verschuldigde premies die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, ten laste van het Rijk. ### Artikel 62 @@ -1089,67 +1098,15 @@ Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verstrekt, volgens nadere bij m ### Artikel 63 -**1.** - -Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verleent aan een werkgever op aanvraag toestemming om het risico van betaling van het ziekengeld aan de personen, bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdelen a, b en c, die laatstelijk tot hem in dienstbetrekking stonden, zelf te dragen, indien: - -a. de werkgever een schriftelijke garantie overlegt, waaruit blijkt dat een kredietinstelling of een verzekeraar zich jegens het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verplicht, op het eerste verzoek van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen waarbij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen schriftelijk meedeelt dat de verplichtingen die voortvloeien uit het zelf dragen van dit risico niet worden nagekomen, die verplichtingen na te komen tot een bedrag dat wordt berekend overeenkomstig artikel 63e; -b. de werkgever ter zake van de begeleiding van zijn zieke werknemers artikel 14, eerste lid, onderdeel b, van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 in acht neemt en een afschrift overlegt van de schriftelijke vastlegging, bedoeld in artikel 14, vierde lid, van die wet. - -**2.** De overheidswerkgever, bedoeld in artikel 1, onderdeel k, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen, voorzover deze door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Financiën is aangewezen, is ontheven van de verplichting tot het overleggen van een schriftelijke garantie, bedoeld in het eerste lid. - -**3.** De in het eerste lid bedoelde toestemming wordt niet verleend gedurende drie jaren nadat het door de werkgever zelf dragen van het in de eerste lid bedoelde risico is beëindigd. - -**4.** Onder een kredietinstelling als bedoeld in het eerste lid, wordt verstaan een op grond van artikel 52, tweede lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992 geregistreerde kredietinstelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1°. - -**5.** - -Onder een verzekeraar als bedoeld in het eerste lid, wordt verstaan een verzekeraar: - -- die in het bezit is van de op grond van artikel 24, eerste lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 vereiste vergunning of heeft voldaan aan de op grond van de artikelen 37 of 38 van die wet vereiste procedure met betrekking tot een bijkantoor in Nederland; of -- die heeft voldaan aan de vereiste procedure, bedoeld in de artikelen 111, eerste lid, onderdelen a tot en met c, of tweede lid, 113, eerste of vierde lid, 116, eerste lid, onderdelen a tot en met c, of derde lid, of 118, tweede of vijfde lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 indien het de aldaar bedoelde dienstverrichting naar Nederland betreft. - -**6.** De garantie, bedoeld in het eerste lid, wordt voor onbepaalde tijd gegeven. Deze garantie strekt zich uit tot rechtsopvolgers onder algemene titel van de eigenrisicodrager en tot het risico dat overgaat op de verkrijgende werkgever, bedoeld in artikel 63b, derde lid. Deze garantie kan door de desbetreffende kredietinstelling of verzekeraar niet worden beëindigd zonder schriftelijke opzegging bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. - -**7.** - -De garantie, bedoeld in het eerste lid, strekt zich niet uit tot: - -- ziekengeld ter zake van ongeschiktheid tot werken die is ontstaan door een omstandigheid als bedoeld in artikel 64, tweede lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993, of door een kernongeval als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet aansprakelijkheid kernongevallen; -- de boete, bedoeld in het negende lid. - -**8.** De toestemming, bedoeld in het eerste lid, wordt verleend met ingang van 1 januari of 1 juli van enig jaar, mits de aanvraag ten minste dertien weken voor de desbetreffende datum is ingediend. Aan een startende werkgever wordt op zijn verzoek toestemming verleend met ingang van het tijdstip waarop deze aanvangt werkgever te zijn. - -**9.** Indien de werkgever zich met betrekking tot de begeleiding van zijn zieke werknemers niet meer laat bijstaan door een persoon als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 die belast is met de taken, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdeel b, van die wet of een arbodienst als bedoeld in de Arbeidsomstandighedenwet 1998 meldt hij dat zo spoedig mogelijk. Indien de werkgever deze verplichting niet is nagekomen legt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen hem een boete op van ten hoogste € 454. De artikelen 45a, vierde, vijfde en zevende lid, 45b, 45c, 45e, eerste lid, eerste volzin, en tweede lid, en 45g, eerste, vierde, zesde, achtste en negende lid, zijn van overeenkomstige toepassing. - -**10.** - -Het door de werkgever zelf dragen van het risico, bedoeld in het eerste lid: - -a. eindigt met ingang van de dag waarop de schriftelijke garantie, bedoeld in het eerste lid, eindigt, onderscheidenlijk met ingang van de dag waarop de eigenrisicodrager in staat van faillissement is verklaard of ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard dan wel de dag waarop hij ophoudt werkgever te zijn; -b. wordt door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op 1 januari of 1 juli van enig jaar beëindigd op aanvraag van de werkgever, mits deze aanvraag ten minste dertien weken voor de desbetreffende datum is ingediend; -c. kan door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen zonder aanvraag van de werkgever met onmiddellijke ingang worden beëindigd indien: - -1. de rechtbank de noodregeling, bedoeld in hoofdstuk IX van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 onderscheidenlijk de bijzondere voorziening als bedoeld in hoofdstuk X van de Wet toezicht kredietwezen 1992 heeft uitgesproken over de betrokken verzekeraar onderscheidenlijk kredietinstelling; of -2. de werkgever zich met betrekking tot de begeleiding van zijn zieke werknemers niet meer laat bijstaan door een persoon als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet 1998 die belast is met de taken, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdeel b, van die wet of een arbodienst als bedoeld in de Arbeidsomstandighedenwet 1998. - -**11.** - -Aan een gemeente kan toestemming worden verleend om het risico, bedoeld in het eerste lid, zelf te dragen met uitzondering van dat risico ten aanzien van zijn werknemers die werkzaam zijn bij: - -- een door een of meer gemeenten, al dan niet tezamen met een of meer privaatrechtelijke rechtspersonen met volledige rechtsbevoegdheid, in stand gehouden school; -- een door een openbare rechtspersoon als bedoeld in artikel 47 van de Wet op het primair onderwijs in stand gehouden school; -- een door een stichting als bedoeld in artikel 17 of artikel 48 van de Wet op het primair onderwijs in stand gehouden school; -- een door het bevoegd gezag van een openbare school, al dan niet met één of meer andere bevoegde gezagsorganen als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra of de Wet op het voortgezet onderwijs, in stand gehouden centrale dienst zoals die beschreven wordt in artikel 68 van de Wet op het primair onderwijs, voorzover de kosten voor de betrokken werknemers door het Rijk worden bekostigd; of -- openbare scholen als bedoeld in artikel 1, onderdelen a tot en met c, en artikel 124, onderdelen a tot en met c, van de Wet op het voortgezet onderwijs. +Vervallen ### Artikel 63a -**1.** De eigenrisicodrager verricht met betrekking tot de persoon, bedoeld in artikel 63, eerste lid, de werkzaamheden ter zake van de voorbereiding van besluiten op grond van deze wet inzake uitkeringen, met uitzondering van besluiten op grond van artikel 45a en besluiten op grond van bezwaar of beroep. De eigenrisicodrager begeleidt de persoon, bedoeld in artikel 63, eerste lid, bij gebleken ongeschiktheid als zou hij in een privaatrechtelijke dienstbetrekking tot de eigenrisicodrager staan, met toepassing van artikel 26, derde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen dan wel artikel 71b, derde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering. +**1.** De eigenrisicodrager verricht met betrekking tot de personen, bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdelen a, b en c, die laatstelijk tot hem in dienstbetrekking stonden, de werkzaamheden ter zake van de voorbereiding van besluiten op grond van deze wet inzake uitkeringen, met uitzondering van besluiten op grond van artikel 45a en besluiten op grond van bezwaar of beroep. De eigenrisicodrager begeleidt de personen, bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdelen a, b en c, die laatstelijk tot hem in dienstbetrekking stonden, bij gebleken ongeschiktheid als zou hij in een privaatrechtelijke dienstbetrekking tot de eigenrisicodrager staan, met toepassing van artikel 26, derde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen dan wel artikel 71b, derde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering. **2.** Bij de uitvoering van het eerste lid treedt de eigenrisicodrager voor de toepassing van de artikelen 28, eerste lid, 30, derde lid, 37, eerste lid, en 39, eerste en tweede lid, in de plaats van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. De eerste zin blijft buiten toepassing voorzover noodzakelijk voor het verrichten van werkzaamheden op grond van het vierde of vijfde lid door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. -**3.** De eigenrisicodrager betaalt het door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen toegekende ziekengeld namens het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan de persoon, bedoeld in artikel 63, eerste lid. Indien de eigenrisicodrager het ziekengeld niet betaalt, wordt dit betaald door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verhaalt het ziekengeld, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering verschuldigde premies die niet op deze uitkering in mindering kunnen worden gebracht, op de eigenrisicodrager. +**3.** De eigenrisicodrager betaalt het door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen toegekende ziekengeld namens het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan de personen, bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdelen a, b en c, die laatstelijk tot hem in dienstbetrekking stonden. Indien de eigenrisicodrager het ziekengeld niet betaalt, wordt dit betaald door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verhaalt het ziekengeld, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering verschuldigde premies die niet op deze uitkering in mindering kunnen worden gebracht en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, op de eigenrisicodrager. **4.** Op verzoek van een eigenrisicodrager verricht het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de werkzaamheden als bedoeld in de eerste zin van het eerste lid, of onderdelen hiervan. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen brengt de kosten daarvan, alsmede de kosten die voortvloeien uit het derde lid, in rekening bij de eigenrisicodrager. @@ -1161,9 +1118,9 @@ Aan een gemeente kan toestemming worden verleend om het risico, bedoeld in het e ### Artikel 63b -**1.** De eigenrisicodrager draagt het risico, bedoeld in artikel 63, eerste lid, voorzover de eerste dag van ongeschiktheid tot werken is gelegen op of na de dag waarop de werkgever eigenrisicodrager is geworden. +**1.** De eigenrisicodrager draagt het risico, bedoeld in artikel 40, aanhef en eerste lid, onderdeel a, van de Wet financiering sociale verzekeringen, voorzover de eerste dag van ongeschiktheid tot werken is gelegen op of na de dag waarop de werkgever eigenrisicodrager is geworden. -**2.** Indien het zelf dragen van het risico eindigt of wordt beëindigd blijft de werkgever ten aanzien van een persoon het risico, bedoeld in artikel 63, eerste lid, dragen, voorzover de eerste dag van ongeschiktheid tot werken is gelegen voor het einde van het eigenrisicodragen. Indien de werkgever in staat van faillissement is verklaard, of indien ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel indien hij ophoudt werkgever te zijn, betaalt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen het ziekengeld en verhaalt het deze uitkering, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering verschuldigde premies die niet op deze uitkering in mindering kunnen worden gebracht, op de kredietinstelling of verzekeraar, bedoeld in artikel 63, eerste lid. +**2.** Indien het zelf dragen van het risico eindigt of wordt beëindigd blijft de werkgever ten aanzien van een persoon het risico, bedoeld in artikel 40, aanhef en eerste lid, onderdeel a, van de Wet financiering sociale verzekeringen, dragen, voorzover de eerste dag van ongeschiktheid tot werken is gelegen voor het einde van het eigenrisicodragen. Indien de werkgever in staat van faillissement is verklaard, of indien ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel indien hij ophoudt werkgever te zijn, betaalt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen het ziekengeld en verhaalt het deze uitkering, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering verschuldigde premies die niet op deze uitkering in mindering kunnen worden gebracht en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, op de kredietinstelling of verzekeraar, bedoeld in artikel 40, tweede lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen. **3.** In geval van overgang van een onderneming in de zin van artikel 662 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede in geval van een dergelijke overgang bij faillissement, waarbij de werkgever die de onderneming overdraagt eigenrisicodrager is, gaat het risico van de betaling van ziekengeld dat is of wordt toegekend aan de werknemer die op de eerste dag van de ongeschiktheid tot werken in dienstbetrekking stond tot de werkgever die de onderneming heeft overgedragen alsmede aan degene die op grond van artikel 46 van deze wet aanspraak op ziekengeld heeft en laatstelijk voor het einde van de verzekering tot voornoemde werkgever in dienstbetrekking stond, over op de werkgever die de onderneming verkrijgt, ook indien deze geen eigenrisicodrager is. @@ -1171,7 +1128,7 @@ Aan een gemeente kan toestemming worden verleend om het risico, bedoeld in het e ### Artikel 63c -De eigenrisicodrager die ter dekking van het risico, bedoeld in artikel 63, eerste lid, een verzekering heeft afgesloten, mag de door hem ter zake van die verzekering verschuldigde premie niet verhalen op de werknemer. Elk beding waarbij wordt afgeweken van de eerste zin is nietig. +Indien de werkgever zich met betrekking tot de begeleiding van zijn zieke werknemers niet meer laat bijstaan door een arbodienst meldt hij dat zo spoedig mogelijk. Indien de werkgever deze verplichting niet is nagekomen legt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen hem een boete op van ten hoogste € 454. De artikelen 45a, vierde, vijfde en zevende lid, 45b, 45c, 45e, eerste lid, eerste volzin, en tweede lid, en 45g, eerste, vierde, zesde, achtste en negende lid, zijn van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 63d @@ -1179,29 +1136,7 @@ Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt de ongeschiktheid tot werken geacht n ### Artikel 63e -**1.** Het bedrag, bedoeld in artikel 63, eerste lid, onderdeel a, is gelijk aan de helft van het voor de werkgever door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen voor het kalenderjaar vastgestelde ziekterisicocijfer, vermenigvuldigd met de som van het loon, waarover op grond van de Werkloosheidswet het, over het voor dat kalenderjaar voorafgaande kalenderjaar, door de werkgever verschuldigde bedrag aan voorschotpremie is vastgesteld. - -**2.** Indien het in het eerste lid bedoelde som van het loon niet kan worden vastgesteld wordt daarvoor in de plaats gesteld de som van het loon waarover op grond van de Werkloosheidswet laatstelijk ten laste van de werkgever premie is vastgesteld of, bij het ontbreken daarvan, de som van het loon waarover op grond van de Werkloosheidswet voorschotpremie of premie zal worden vastgesteld. - -**3.** Het bedrag, bedoeld in artikel 63, eerste lid, onderdeel a, is niet lager dan de helft van het door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen voor het kalenderjaar vastgestelde gemiddelde premieplichtige loon per werknemer. - -**4.** - -Het ziekterisicocijfer wordt berekend op basis van de formule: - -A = U/L - -waarbij: - -A = het ziekterisicocijfer; - -U = de uitkeringen in het kalenderjaar die op grond van artikel 90, eerste lid, onderdeel c, juncto het vierde en vijfde lid, van de Werkloosheidswet ten laste komen van het wachtgeldfonds van de sector waartoe de werkgever behoort, bedoeld in artikel 102 van die wet, alsmede de uitvoeringskosten met betrekking tot die uitkeringen en de op grond van enige wet over die uitkeringen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verschuldigde premies die niet op die uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht; - -L = het totaalbedrag van het loon, bedoeld in artikel 84 van de Werkloosheidswet, waarover het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in het kalenderjaar, ten gunste van het wachtgeldfonds van de sector waartoe de werkgever behoort, de aldaar bedoelde premies ontvangt, met uitzondering van de uitkeringen en het loon waarop artikel 85, derde lid, van de Werkloosheidswet van toepassing is. - -**5.** Indien een wachtgeldfonds bestaat uit onderdelen die niet afzonderlijk worden beheerd, terwijl het deel van de premie dat ten gunste komt van het wachtgeldfonds voor elk van die onderdelen afzonderlijk wordt vastgesteld, wordt voor de toepassing van het vierde lid onder het wachtgeldfonds verstaan het onderdeel van het wachtgeldfonds. - -**6.** Bij de vaststelling van de som van het loon, bedoeld in het eerste en tweede lid, blijft artikel 9, derde en vierde lid, van de Coördinatiewet Sociale Verzekering buiten toepassing. +Vervallen #### Hoofdstuk IV. De vrijwillige verzekering @@ -1216,7 +1151,7 @@ b. degene, die, terwijl hij hier te lande woonde, in het buitenland verplicht ve 1°. hij niet meer in het buitenland verzekerd is, omdat hij niet langer werkzaamheden verricht in het buitenland; 2°. op grond van gebleken omstandigheden redelijkerwijze valt aan te nemen, dat het zijn bedoeling is bij geboden gelegenheid opnieuw een dienstbetrekking aan te gaan; -c. degene, wiens verplichte verzekering is geëindigd en die als zelfstandige een bedrijf of beroep uitoefent of gaat uitoefenen, of als echtgenoot van de zelfstandige in dat bedrijf of beroep meewerkt of gaat meewerken, indien gedurende één jaar, onmiddellijk voorafgaande aan het einde van zijn verplichte verzekering, onafgebroken, al dan niet in Nederland, bij of krachtens een wettelijke regeling een voorziening tegen geldelijke gevolgen van ziekte op hem van toepassing is geweest; +c. degene, wiens verplichte verzekering is geëindigd en die als zelfstandige als bedoeld in artikel 4, vijfde lid, werkzaamheden verricht of gaat verrichten, of als echtgenoot van die zelfstandige meewerkt of gaat meewerken in diens onderneming, indien gedurende één jaar, onmiddellijk voorafgaande aan het einde van zijn verplichte verzekering, onafgebroken, al dan niet in Nederland, bij of krachtens een wettelijke regeling een voorziening tegen geldelijke gevolgen van ziekte op hem van toepassing is geweest; d. degene wiens dienstbetrekking ertoe strekt, dat slechts een gedeelte van een normale werkweek arbeid wordt verricht - niet uitsluitend als gevolg van een voor betrokkene geldende werktijdregeling, krachtens welke een normale werkweek van gemiddeld minder dan zes dagen van toepassing is - en die uit hoofde van die dienstbetrekking verplicht verzekerd is, indien gedurende de drie jaren, onmiddellijk voorafgaande aan de dag van aanvang van zijn vrijwillige verzekering, onafgebroken, al dan niet hier te lande, ingevolge het bepaalde bij of krachtens een wettelijke regeling een voorziening tegen geldelijke gevolgen van ziekte op hem van toepassing is geweest; e. degene, wiens arbeidsverhouding op grond van artikel 6, eerste lid, onderdeel c, niet als dienstbetrekking wordt beschouwd; f. degene wiens recht op een uitkering krachtens de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen is beëindigd; @@ -1301,15 +1236,11 @@ f. indien niet langer wordt voldaan aan andere vereisten voor toelating tot de v De persoon, die om toelating tot de vrijwillige verzekering verzoekt, bedoeld in artikel 64, eerste en tweede lid, bepaalt bij de aanvang van de vrijwillige verzekering de hoogte van het dagloon, met dien verstande dat: -a. dit niet meer kan bedragen dan het in artikel 9, eerste lid, van de Coördinatiewet Sociale Verzekering genoemde bedrag eventueel verhoogd of verlaagd krachtens artikel 9a van die wet; +a. dit niet meer kan bedragen dan het in artikel 17, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekering bedoelde bedrag met betrekking tot een loontijdvak van een dag, eventueel verhoogd of verlaagd op grond van artikel 18 van die wet; b. dit niet meer kan bedragen dan het loon of het inkomen dat hij in geval van ziekte naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen derft; en c. dit, ingeval naast de vrijwillige verzekering een vrijwillige verzekering als bedoeld in hoofdstuk III van de Werkloosheidswet is afgesloten, gelijk is aan het dagloon dat ten grondslag ligt aan de vrijwillige werkloosheidsverzekering. -**2.** De premie voor de vrijwillige verzekering wordt geheven over het in het eerste lid bedoelde dagloon. - -**3.** De premie bedraagt een percentage van het in het eerste lid bedoelde dagloon. - -**4.** De uitkering op grond van de vrijwillige verzekering wordt berekend naar het in het eerste lid bedoelde dagloon. +**2.** De uitkering op grond van de vrijwillige verzekering wordt berekend naar het in het eerste lid bedoelde dagloon. ### Artikel 69 @@ -1328,9 +1259,8 @@ c. dit, ingeval naast de vrijwillige verzekering een vrijwillige verzekering als Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt nadere regels met betrekking tot de vrijwillige verzekering. Deze regels bevatten in ieder geval bepalingen met betrekking tot: a. de toelating tot de vrijwillige verzekering; -b. het einde van de vrijwillige verzekering; -c. de premie voor de vrijwillige verzekering, en -d. het dagloon, bedoeld in artikel 68, eerste lid. +b. het einde van de vrijwillige verzekering; en +c. het dagloon, bedoeld in artikel 68, eerste lid. ### Artikel 72 @@ -1342,6 +1272,10 @@ Met betrekking tot het bepaalde bij of krachtens dit hoofdstuk zijn, met inachtn ### Artikel 72a +In afwijking van artikel 1:2 van de Algemene wet bestuursrecht is de werkgever geen belanghebbende bij een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen over het verzekerd zijn op grond van deze wet als bedoeld in artikel 72c, eerste lid. + +### Artikel 72b + **1.** Onverminderd artikel 72b, worden beschikkingen op grond van deze wet en de daarop berustende bepalingen gegeven binnen een redelijke termijn na ontvangst van de aanvraag. **2.** De redelijke termijn is in ieder geval verstreken wanneer binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag geen beschikking is gegeven, noch een kennisgeving als bedoeld in het derde lid is gedaan. @@ -1350,9 +1284,9 @@ Met betrekking tot het bepaalde bij of krachtens dit hoofdstuk zijn, met inachtn **4.** Indien in verband met het geven van een beschikking als bedoeld in het eerste lid informatie is gevraagd aan een persoon of instantie buiten Nederland en om die reden de beschikking niet binnen acht weken gegeven kan worden, wordt die termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en wordt de aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis gesteld. -### Artikel 72b +### Artikel 72c -**1.** Een beschikking over het verzekerd zijn op grond van deze wet wordt gegeven binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag. +**1.** Een aanvraag tot het geven van een beschikking over het verzekerd zijn op grond van deze wet kan door de werknemer uitsluitend bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen worden ingediend. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen geeft de beschikking binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag. **2.** Een beschikking die uitsluitend betrekking heeft op het al dan niet bestaan of voortbestaan van de ongeschiktheid tot werken wordt gegeven binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag, de aangifte van de ongeschiktheid of van de ziekmelding aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, bedoeld in de artikelen 29a, vierde lid, 38, tweede lid, en 38a, eerste en tweede lid. @@ -1471,7 +1405,7 @@ b. ten minste twee dagen voorafgaand aan de hoorzitting voor belanghebbenden ter ### Artikel 75m -**1.** Tegen uitspraken van de Centrale Raad van Beroep kan ieder der partijen beroep in cassatie instellen ter zake van schending of verkeerde toepassing van artikel 1, derde tot en met zevende lid, en de daarop berustende bepalingen. +**1.** Tegen uitspraken van de Centrale Raad van Beroep kan ieder der partijen beroep in cassatie instellen ter zake van schending of verkeerde toepassing van de artikelen 1, derde tot en met zevende lid, 2 tot en met 12 en 14, eerste lid, en de daarop berustende bepalingen. **2.** Op dit beroep zijn de voorschriften betreffende het beroep in cassatie tegen de uitspraken van de gerechtshoven inzake beroepen in belastingzaken van overeenkomstige toepassing, waarbij de Centrale Raad van Beroep de plaats inneemt van een gerechtshof. @@ -1604,9 +1538,7 @@ De termijnen van het ziekengeld, welke niet zijn ingevorderd binnen twee jaren n ### Artikel 86 -**1.** Ten aanzien van de verzekerde wiens eerste dag van ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte, zwangerschap of bevalling is gelegen voor 1 januari 2004 blijven de artikelen 29, met uitzondering van het vijfde lid, tweede en derde zin, 29a, 38, met uitzondering van het eerste lid, derde en vierde zin, en 45 van toepassing zoals deze luidden op 31 december 2003 en blijft artikel 39a buiten toepassing. - -**2.** Voor de bepaling van de eerste dag van ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte, zwangerschap of bevalling, bedoeld in het eerste lid, worden perioden van ongeschiktheid tot werken geacht eenzelfde, niet onderbroken periode van ongeschiktheid te vormen, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen of indien zij direct voorafgaan aan en aansluiten op een periode waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond van artikel 3:7, eerste lid, 3:8 of 3:10, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg wordt genoten, tenzij de ongeschiktheid redelijkerwijs niet geacht kan worden voort te vloeien uit dezelfde oorzaak. +Artikel 15 en de daarop berustende bepalingen, zoals die luidden op de dag voorafgaand aan de dag van inwerkingtreding van artikel IV, onderdeel A, van de Wet administratieve lastenverlichting en vereenvoudiging in socialeverzekeringswetten, blijven van toepassing op de persoon wiens recht op ziekengeld is ontstaan voor de datum van inwerkingtreding van dat artikel met betrekking tot die uitkering. ### Artikel 87