2025-06-21 | BWBR0049611 | Besluit huis- en hobbydierenlijst

This commit is contained in:
Coornhert 2025-06-21 12:00:00 +00:00
parent c9bb9a6cb7
commit 4fce616e79

View file

@ -21,7 +21,7 @@ Aan de volgende houders wordt vrijstelling verleend van het verbod, bedoeld in a
a. degene die damherten (Dama dama) en Middeneuropese edelherten (Cervus elaphus) houdt;
b. dierenartsen in de uitoefening van hun praktijk ten behoeve van het verrichten van een diergeneeskundige handeling;
c. exploitanten van een dierentuin waaraan een vergunning is verleend als bedoeld in artikel 4.2, eerste lid, van het Besluit houders van dieren;
d. opvangcentra waaraan het op grond van een omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onderdeel g, van de Omgevingswet, in samenhang met de artikelen 11.46, 11.47 en 11.54 van het Besluit activiteiten leefomgeving, of een maatwerkvoorschrift als bedoeld in artikel 11.31 in samenhang met de artikelen 11.93, 11.96 en 11.101 van Besluit activiteiten leefomgeving, is toegestaan om dieren van soorten, genoemd in die artikelen, onder zich te hebben en die voldoen aan de bijlage bij de Beleidsregel kwaliteit en opvang diersoorten;
d. opvangcentra waaraan het op grond van een omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onderdeel g, van de Omgevingswet, in samenhang met de artikelen 11.46, 11.47 en 11.54 van het Besluit activiteiten leefomgeving, of een maatwerkvoorschrift als bedoeld in artikel 11.31 in samenhang met de artikelen 11.93, 11.96, 11.101 en 11.108 van Besluit activiteiten leefomgeving, is toegestaan om dieren van soorten, genoemd in die artikelen, onder zich te hebben en die voldoen aan de bijlage bij de Beleidsregel kwaliteit en opvang diersoorten;
e. opslaghouders die dieren houden in opdracht van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en die voldoen aan de bijlage bij de Beleidsregel kwaliteit en opvang diersoorten;
f. instellingen met een vergunning als bedoeld in de artikelen 2 en 11 van de Wet op de dierproeven;
g. degene die dieren onder zich houdt vanwege vervoer van die dieren van en naar een Nederlandse zee- of luchthaven, voor de duur van hoogstens vier werkdagen, of zoveel langer indien dat met het oog op de uitreiking van een officieel certificaat onder toepassing van artikel 87 van de verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen, tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 999/2001, (EG) nr. 396/2005, (EG) nr. 1069/2009, (EG) nr. 1107/2009, (EU) nr. 1151/2012, (EU) nr. 652/2014, (EU) 2016/429 en (EU) 2016/2031 van het Europees Parlement en de Raad, de Verordeningen (EG) nr. 1/2005 en (EG) nr. 1099/2009 van de Raad en de Richtlijnen 98/58/EG, 1999/74/EG, 2007/43/EG, 2008/119/EG en 2008/120/EG van de Raad, en tot intrekking van de Verordeningen (EG) nr. 854/2004 en (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad, de Richtlijnen 89/608/EEG, 89/662/EEG, 90/425/EEG, 91/496/EEG, 96/23/EG, 96/93/EG en 97/78/EG van de Raad en Besluit 92/438/EEG van de Raad (verordening officiële controles) (PbEU L 95), noodzakelijk is;