2012-01-01 | BWBR0031132 | Hygiënebesluit vleeskuikenbedrijven (PPE) 2011

This commit is contained in:
Coornhert 2012-01-01 12:00:00 +00:00
parent ee98de422b
commit 4fe26d31b5

View file

@ -16,16 +16,11 @@ citeertitel: Hygiënebesluit vleeskuikenbedrijven (PPE) 2011
Dit besluit verstaat onder:
1. 1.
ondernemer: een natuurlijk persoon of rechtspersoon die een vleeskuikenbedrijf uitoefent;
2. 2.
uitlaadstalkoppel: het deel van het stalkoppel dat vóór het weglaadkoppel naar de slachterij wordt afgevoerd;
3. 3.
weglaadstalkoppel: het laatste deel van het stalkoppel dat naar de slachterij wordt afgevoerd;
4. 4.
Salmonella Typhimurium mede: monofasische Salmonella Typhimurium met de antigene formule 1,4,[5],12:i:-;
5. 5.
pluimveedierenarts: degene die is ingeschreven in het register van praktiserende dierenartsen, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990;
1. ondernemer: een natuurlijk persoon of rechtspersoon die een vleeskuikenbedrijf uitoefent;
2. uitlaadstalkoppel: het deel van het stalkoppel dat vóór het weglaadkoppel naar de slachterij wordt afgevoerd;
3. weglaadstalkoppel: het laatste deel van het stalkoppel dat naar de slachterij wordt afgevoerd;
4. Salmonella Typhimurium mede: monofasische Salmonella Typhimurium met de antigene formule 1,4,[5],12:i:-;
5. pluimveedierenarts: degene die is ingeschreven in het register van praktiserende dierenartsen, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990;
en neemt voor het overige de begrippen als omschreven in artikel 1 van de Verordening hygiënemaatregelen en bestrijding zoönosen in pluimveebedrijven en kuikenbroederijen (PPE) 2011 over.
@ -49,10 +44,8 @@ en neemt voor het overige de begrippen als omschreven in artikel 1 van de Verord
De monsters als bedoeld in artikel 13, eerste lid, van de Verordening worden genomen:
a) a)
met inlegvellen door of namens de ondernemer bij de plaatsing van de vleeskuikens op het vleeskuikenbedrijf, overeenkomstig Bijlage I;
b) b)
met overschoentjes in opdracht van de ondernemer door een voor geborgde monsterneming mest erkende HOSOWO-instantie of een pluimveedierenarts, binnen 21 dagen voor de datum waarop het stalkoppel vleeskuikens aan de slachterij wordt geleverd, overeenkomstig Bijlage II.
a) met inlegvellen door of namens de ondernemer bij de plaatsing van de vleeskuikens op het vleeskuikenbedrijf, overeenkomstig Bijlage I;
b) met overschoentjes in opdracht van de ondernemer door een voor geborgde monsterneming mest erkende HOSOWO-instantie of een pluimveedierenarts, binnen 21 dagen voor de datum waarop het stalkoppel vleeskuikens aan de slachterij wordt geleverd, overeenkomstig Bijlage II.
**2.** De uitslagen van de detectie en de serotypering van de monsters met overschoentjes als bedoeld in het eerste lid, onder b), zijn gedurende 21 dagen geldig vanaf de datum van de monsterneming.
@ -60,10 +53,8 @@ b) b)
De monsters als bedoeld in artikel 13, eerste lid, van de Verordening kunnen tevens genomen worden naar aanleiding van blindedarm uitslagen op grond van de Verordening hygiënemaatregelen en bestrijding zoönosen pluimveeslachterijen en - uitsnijderijen (PPE) 2011. Dit is het geval in de volgende situaties:
a) a)
Indien het blindedarmonderzoek bij uitlaadstalkoppels, geslacht op *stalniveau*, Salmonella Enteritidis of Salmonella Typhimurium heeft aangetoond, terwijl het onderzoek van de monsters als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b) geen Salmonella Enteritidis of Salmonella Typhimurium heeft aangetoond. Er worden extra monsters met overschoentjes *in de betreffende stal* genomen door een voor geborgde monsterneming mest erkende HOSOWO-instantie of een pluimveedierenarts, overeenkomstig Bijlage II indien het weglaadstalkoppel nog op het vleeskuikenbedrijf aanwezig is;
b) b)
Indien het blindedarmonderzoek bij uitlaadstalkoppels, geslacht op *bedrijfsniveau*, Salmonella Enteritidis of Salmonella Typhimurium heeft aangetoond terwijl het onderzoek van de monster als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b) geen Salmonella Enteritidis of Salmonella Typhimurium aantoonde. Er worden extra monsters met overschoentjes *in alle stallen* genomen door een voor geborgde monsterneming mest erkende HOSOWO-instantie of een pluimveedierenarts, overeenkomstig Bijlage II indien het weglaadstalkoppel nog op het vleeskuikenbedrijf aanwezig is.
a) Indien het blindedarmonderzoek bij uitlaadstalkoppels, geslacht op *stalniveau*, Salmonella Enteritidis of Salmonella Typhimurium heeft aangetoond, terwijl het onderzoek van de monsters als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b) geen Salmonella Enteritidis of Salmonella Typhimurium heeft aangetoond. Er worden extra monsters met overschoentjes *in de betreffende stal* genomen door een voor geborgde monsterneming mest erkende HOSOWO-instantie of een pluimveedierenarts, overeenkomstig Bijlage II indien het weglaadstalkoppel nog op het vleeskuikenbedrijf aanwezig is;
b) Indien het blindedarmonderzoek bij uitlaadstalkoppels, geslacht op *bedrijfsniveau*, Salmonella Enteritidis of Salmonella Typhimurium heeft aangetoond terwijl het onderzoek van de monster als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b) geen Salmonella Enteritidis of Salmonella Typhimurium aantoonde. Er worden extra monsters met overschoentjes *in alle stallen* genomen door een voor geborgde monsterneming mest erkende HOSOWO-instantie of een pluimveedierenarts, overeenkomstig Bijlage II indien het weglaadstalkoppel nog op het vleeskuikenbedrijf aanwezig is.
### Paragraaf . Detectie en serotypering in het kader van
@ -91,26 +82,16 @@ b) b)
De meldingen als bedoeld in het eerste, tweede, derde en vierde lid bevatten de volgende gegevens:
a) a)
KIP-nummer,
b) b)
activiteit (vleeskuikens)
c) c)
geboortedatum stalkoppel,
d) d)
stalnummer,
e) e)
datum monsterneming,
f) f)
monsternemer: naam HOSOWO-instantie of naam (inclusief naam dierenartspraktijk) + registratienummer pluimveedierenarts;
g) g)
type monster (inlegvellen of overschoentjes),
h) h)
type onderzoek (regulier of officieel onderzoek naar Salmonella)
i) i)
in geval van een negatieve uitslag: de uitslag van de detectie, inclusief de datum van de uitslag,
j) j)
in geval van een positieve uitslag: de uitslag van de serotypering, inclusief de datum van de uitslag.
a) KIP-nummer,
b) activiteit (vleeskuikens)
c) geboortedatum stalkoppel,
d) stalnummer,
e) datum monsterneming,
f) monsternemer: naam HOSOWO-instantie of naam (inclusief naam dierenartspraktijk) + registratienummer pluimveedierenarts;
g) type monster (inlegvellen of overschoentjes),
h) type onderzoek (regulier of officieel onderzoek naar Salmonella)
i) in geval van een negatieve uitslag: de uitslag van de detectie, inclusief de datum van de uitslag,
j) in geval van een positieve uitslag: de uitslag van de serotypering, inclusief de datum van de uitslag.
### Paragraaf . Monsterneming in het kader van
@ -140,17 +121,33 @@ j) j)
### Artikel 8
Vervallen
**1.** Indien op grond van het onderzoek naar Salmonella als bedoeld in artikel 3 dan wel artikel 6 van dit besluit Salmonella Java in een monster genomen met overschoentjes is aangetoond, reinigt en ontsmet de ondernemer na afvoer van het betreffende stalkoppel de stal overeenkomstig Bijlage III.
### Paragraaf . Maatregelen in het geval van Salmonella
**2.** Indien op grond van het onderzoek naar Salmonella in de slachterij in blindedarmmonsters van een door de ondernemer aan de slachterij geleverd uitlaad koppel of weglaadkoppel Salmonella Java is aangetoond, reinigt en ontsmet de ondernemer tijdens de eerstvolgende leegstandsperiode de stal overeenkomstig Bijlage III.
**3.** Na het reinigen en ontsmetten als bedoeld in het eerste en tweede lid laat de ondernemer onverwijld een stalonderzoek in de stal uitvoeren door een erkende HOSOWO-instantie.
**4.** Nadat in het kader van het stalonderzoek als bedoeld in het derde lid monsters zijn genomen, mag de ondernemer een stalkoppel vleeskuikens in de stal plaatsen in afwachting van de uitslag van het stalonderzoek.
**5.** Indien uit de uitslag van het stalonderzoek als bedoeld in het derde lid blijkt dat Salmonella Java in de stal is aangetoond, laat de ondernemer de stal gedurende drie weken leeg staan nadat het zittende stalkoppel uit de stal is afgevoerd.
**6.** Tijdens de leegstandsperiode als bedoeld in het vijfde lid reinigt en ontsmet de ondernemer de stal overeenkomstig Bijlage III en laat hij aansluitend een stalonderzoek uitvoeren door een erkende HOSOWO-instantie. Na het verstrijken van de leegstandsperiode van drie weken mag de ondernemer een stalkoppel vleeskuikens in de stal plaatsen.
**7.** Indien uit de uitslag van het stalonderzoek als bedoeld in het zesde lid blijkt dat Salmonella Java in de stal is aangetoond, herhaalt de ondernemer na afvoer van het zittende stalkoppel de reiniging en ontsmetting overeenkomstig Bijlage III en laat de ondernemer opnieuw een stalonderzoek uitvoeren door een erkende HOSOWO-instantie, totdat geen Salmonella Java meer in de stal is aangetoond.
**8.** Slechts indien uit het stalonderzoek als bedoeld in het zevende lid blijkt dat Salmonella Java niet meer in de stal is aangetoond, mag de ondernemer een stalkoppel vleeskuikens in de stal plaatsen.
**9.** De ondernemer meldt alle uitslagen van de stalonderzoeken als bedoeld in dit artikel binnen 24 uur nadat deze bij hem bekend zijn aan de voorzitter.
### Paragraaf . Maatregelen in het geval van Salmonella van een ander serotype dan Salmonella Java
### Artikel 9
**1.** Indien op grond van het onderzoek naar Salmonella als bedoeld in artikel 3 dan wel artikel 6 van dit besluit blijkt dat in een monster genomen met inlegvellen of overschoentjes Salmonella is aangetoond, laat de ondernemer na afvoer van het betreffende stalkoppel en na het reinigen en ontsmetten als bedoeld in artikel 12 van de Verordening onverwijld een stalonderzoek in de stal uitvoeren overeenkomstig het Besluit erkenningsvoorwaarden en werkwijzen HOSOWO-instanties (PPE) 2011.
**1.** Indien op grond van het onderzoek naar Salmonella als bedoeld in artikel 3 dan wel artikel 6 van dit besluit blijkt dat in een monster genomen met inlegvellen of overschoentjes een ander serotype Salmonella dan Salmonella Java is aangetoond, laat de ondernemer na afvoer van het betreffende stalkoppel en na het reinigen en ontsmetten als bedoeld in artikel 12 van de Verordening onverwijld een stalonderzoek in de stal uitvoeren overeenkomstig het Besluit erkenningsvoorwaarden en werkwijzen HOSOWO-instanties (PPE) 2011.
**2.** Nadat in het kader van het stalonderzoek als bedoeld in het eerste lid monsters zijn genomen, mag de ondernemer een stalkoppel vleeskuikens in de stal plaatsen in afwachting van de uitslag van het stalonderzoek.
**3.** Indien op grond van de uitslag van het stalonderzoek Salmonella in de stal is aangetoond, laat de ondernemer na afvoer van het zittende stalkoppel vleeskuikens en nadat de stal gereinigd is, de stal ontsmetten door een professioneel bedrijf.
**3.** Indien op grond van de uitslag van het stalonderzoek een ander serotype Salmonella dan Salmonella Java in de stal is aangetoond, laat de ondernemer na afvoer van het zittende stalkoppel vleeskuikens en nadat de stal gereinigd is, de stal ontsmetten door een professioneel bedrijf.
### Paragraaf . Graan
@ -168,7 +165,29 @@ Vervallen
### Artikel 11
Vervallen
**1.** De ondernemer neemt de monsters als bedoeld in artikel 13, derde lid, van de Verordening twee maal per kalenderjaar in alle stallen, overeenkomstig Bijlage V.
**2.** De uitslag van de detectie van de monsters als bedoeld in het eerste lid is gedurende twee weken geldig vanaf de datum van afgifte van de uitslag door het voor detectie van Campylobacter erkende laboratorium.
**3.**
De ondernemer zorgt ervoor dat een kopie van de uitslag van de detectie van Campylobacter wordt verstrekt aan:
a) de slachterij, ten minste 24 uur voordat het stalkoppel vleeskuikens waarvan de monsters zijn genomen aan de slachterij worden afgeleverd;
b) de voorzitter, binnen twee weken nadat de uitslag van de detectie bij de ondernemer bekend is.
**4.**
De meldingen als bedoeld in het derde lid bevatten naast de uitslag van het onderzoek naar Campylobacter de volgende gegevens:
a) KIP-nummer,
b) activiteit: vleeskuikens,
c) geboortedatum stalkoppel,
d) stalnummer,
e) datum monsterneming,
f) type monster (mest),
g) type onderzoek (Campylobacter),
h) de datum van de uitslag.
### Paragraaf . Bewaarplicht
@ -192,10 +211,6 @@ Vervallen
## Bijlage III. Protocol voor het reinigen en ontsmetten van vleeskuiken-stallen en inventaris in verband met Salmonella Java
Vervallen
## Bijlage IV. Werkvoorschrift voor de bemonstering van graan ten behoeve van onderzoek naar Salmonella
## Bijlage V. Werkvoorschrift voor het nemen van mestmonsters voor Campylobacter
Vervallen