From 501fdc2f49b2f4d839aa702e6c570c22b3bd4b8b Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 6 Dec 2024 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2024-12-06 | BWBR0049842 | Tijdelijke subsidieregeling zero-emissie mobiliteit --- .../BWBR0049842/README.md | 37 +++++++++++++------ 1 file changed, 26 insertions(+), 11 deletions(-) diff --git a/ministeriele-regeling/tijdelijke-subsidieregeling-zero-emissie-mobiliteit/BWBR0049842/README.md b/ministeriele-regeling/tijdelijke-subsidieregeling-zero-emissie-mobiliteit/BWBR0049842/README.md index bd6ab926170..685bd737e80 100644 --- a/ministeriele-regeling/tijdelijke-subsidieregeling-zero-emissie-mobiliteit/BWBR0049842/README.md +++ b/ministeriele-regeling/tijdelijke-subsidieregeling-zero-emissie-mobiliteit/BWBR0049842/README.md @@ -109,14 +109,14 @@ b. een vestiging in Nederland hebben. **4.** Voor de subsidiabele activiteit bedoeld in artikel 2.1.3, eerste lid, onderdeel b of c, zijn subsidiabel de kosten die op grond van artikel 36ter van de algemene groepsvrijstellingsverordening voor subsidie in aanmerking komen. -**5.** In afwijking van het vierde lid zijn de kosten voor de aanschaf of retrofitting van een emissievrij licht waterstofvoertuig van categorie M1 slechts subsidiabel indien het een voor rolstoelen toegankelijk voertuig betreft als bedoeld in artikel 86c van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en het voertuig over meer dan vijf zitplaatsen beschikt. +**5.** In afwijking van het vierde lid zijn de kosten voor de aanschaf of retrofitting van een emissievrij licht waterstofvoertuig van categorie M1 slechts subsidiabel indien het een voor rolstoelen toegankelijk voertuig betreft als bedoeld in artikel 86c van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en het voertuig over meer dan vier zitplaatsen beschikt. ### Artikel 2.1.6 De subsidie bedraagt: a. voor de investering in de aanleg of opwaardering van een waterstoftankstation dat geschikt is of wordt voor zwaar wegvervoer: maximaal 40% van de in aanmerking komende kosten, tot een maximum van € 2.000.000 per aanvraag; -b. voor de aanschaf van één of meerdere nieuwe emissievrije waterstofvoertuigen, of voor de retrofitting van één of meerdere vervoermiddelen, waardoor deze als emissievrij lichte of zware waterstofvoertuigen kwalificeren: maximaal 80% van de in aanmerking komende kosten, tot een maximum van € 4.000.000 per aanvraag en een maximum van: +b. voor de aanschaf van één of meerdere nieuwe emissievrije waterstofvoertuigen, of voor de retrofitting van één of meerdere vervoermiddelen, waardoor deze als emissievrij lichte of zware waterstofvoertuigen kwalificeren: maximaal 80% van de in aanmerking komende kosten, tot een maximum van € 5.000.000 per aanvraag en een maximum van: i. € 60.000 per emissievrij licht waterstofvoertuig van categorie N1; ii. € 150.000 per emissievrij zwaar waterstofvoertuig van categorie N2 dat voorzien is van een brandstofcel; @@ -132,9 +132,19 @@ xi. € 100.000 per emissievrij zwaar waterstofvoertuig van categorie M3 dat vo ### Artikel 2.1.7 -**1.** Het subsidieplafond is voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.1.3, eerste lid, voor het jaar 2024 € 13.000.000. +**1.** -**2.** Het subsidieplafond is voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.1.3, tweede lid, voor het jaar 2024 € 9.000.000. +Het subsidieplafond voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.1.3, eerste lid, is: + +a. € 18.000.000 voor het jaar 2024; +b. € 26.000.000 voor het jaar 2025. + +**2.** + +Het subsidieplafond voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.1.3, tweede lid, is: + +a. € 10.000.000 voor het jaar 2024; +b. € 14.000.000 voor het jaar 2025. **3.** Indien een subsidieplafond, als bedoeld in eerste lid, voor dat jaar ontoereikend is om alle daarvoor in aanmerking komende aanvragen te kunnen toewijzen, worden de bedragen aangevuld met de onaangesproken middelen gereserveerd op grond van het tweede lid. @@ -167,12 +177,12 @@ d. het aantal onafhankelijk van elkaar werkende tankpunten, zoals blijkt uit de **7.** -Indien subsidie voor de subsidiabele activiteit bedoeld in artikel 2.1.3, eerste lid, wordt aangevraagd door een samenwerkingsverband waarvan het waterstoftankstation is of wordt gevestigd in een stedelijk knooppunt waar nog geen waterstoftankstation operationeel is dat is opgenomen in bijlage 1, heeft deze aanvraag in afwijking van het bepaalde in het zesde lid voorrang op aanvragen van een samenwerkingsverband waarvoor geldt dat het waterstoftankstation: +Indien subsidie voor de subsidiabele activiteit bedoeld in artikel 2.1.3, eerste lid, wordt aangevraagd door een samenwerkingsverband waarvan het waterstoftankstation is of wordt gevestigd in een stedelijk knooppunt dat is opgenomen in bijlage 1, heeft deze aanvraag in afwijking van het bepaalde in het zesde lid voorrang op aanvragen van een samenwerkingsverband waarvoor geldt dat het waterstoftankstation: -a. is of wordt gevestigd in een stedelijk knooppunt waar reeds een waterstoftankstation operationeel is dat is opgenomen in bijlage 1, of +a. is of wordt gevestigd in een stedelijk knooppunt dat is opgenomen in bijlage 1, of b. is of wordt gevestigd buiten een stedelijk knooppunt. -**8.** Indien meerdere aanvragen worden ingediend door samenwerkingsverbanden waarvan het waterstoftankstation is of wordt gevestigd in een stedelijk knooppunt waar nog geen waterstoftankstation operationeel is dat is opgenomen in bijlage 1, geldt de voorrangsregel uit het zevende lid uitsluitend voor de aanvraag die het hoogste aantal punten heeft behaald zoals deze volgt uit toepassing van het vierde en vijfde lid. +**8.** Indien meerdere aanvragen worden ingediend door samenwerkingsverbanden waarvan het waterstoftankstation is of wordt gevestigd in een stedelijk knooppunt dat is opgenomen in bijlage 1, geldt de voorrangsregel uit het zevende lid uitsluitend voor de aanvraag die het hoogste aantal punten heeft behaald zoals deze volgt uit toepassing van het vierde en vijfde lid. **9.** Indien aanvragen na toepassing van het achtste lid op een gelijk puntenaantal eindigen, wordt rangschikking van die aanvragen bepaald door loting en geldt de voorrangsregel uit het zevende lid uitsluitend voor de aanvraag die als hoogste is gerangschikt. @@ -180,7 +190,12 @@ b. is of wordt gevestigd buiten een stedelijk knooppunt. ### Artikel 2.1.9 -**1.** Een aanvraag tot subsidieverlening op grond van deze paragraaf kan worden ingediend in 2024 van 15 juli 2024, 9.00 uur tot en met 6 september 2024, 12.00 uur. +**1.** + +Een aanvraag tot subsidieverlening op grond van deze paragraaf kan worden ingediend: + +a. in 2024 van 15 juli 2024, 9.00 uur tot en met 6 september 2024, 12.00 uur; +b. in 2025 van 1 april 2025, 9.00 uur tot en met 7 mei 2025, 17.00 uur. **2.** Een wijziging of aanvulling van een ingediende aanvraag, die na de sluiting van de aanvraagperiode op eigen initiatief door de aanvrager wordt ingediend, wordt niet bij de beoordeling betrokken. @@ -226,7 +241,7 @@ i. beschikt over mogelijkheden waardoor de eindgebruiker elektronisch kan betale 2° apparatuur voor contactloos betalen die ten minste in staat is betaalkaarten te lezen; ii. voorzien is van prijsinformatie die beschikbaar is vóór het begin van een tankbeurt waarbij de in rekening gebrachte prijs redelijk, gemakkelijk en duidelijk vergelijkbaar, transparant en niet-discriminerend is. -**4.** Indien hij in aanmerking wil komen voor de extra punten bedoeld in artikel 2.1.8, vijfde lid, verstrekt de aanvrager in aanvulling op het tweede lid een garantie van oorsprong als bedoeld in artikel 19 van Richtlijn (EU) 2018/2001 van het Europees Parlement en de Raad ter bevordering van het gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen, of toont hij op basis van artikel 25, 27, 28 en 30 van Richtlijn (EU) 2018/2001 aan dat sprake is van hernieuwbare waterstof van niet-biologische oorsprong. +**4.** Indien hij in aanmerking wil komen voor de extra punten bedoeld in artikel 2.1.8, vijfde lid, verstrekt de aanvrager in aanvulling op het tweede lid een garantie van oorsprong als bedoeld in artikel 19 van Richtlijn (EU) 2018/2001 van het Europees Parlement en de Raad ter bevordering van het gebruik van energie uit hernieuwbare bronnen, of toont hij op basis van Richtlijn (EU) 2018/2001 aan dat sprake is van hernieuwbare waterstof van niet-biologische oorsprong. **5.** Indien hij niet in aanmerking wil komen voor de extra punten bedoeld in artikel 2.1.8, vijfde lid, verstrekt de aanvrager in aanvulling op het derde lid een toezegging dat het waterstoftankstation uiterlijk op 31 december 2035 uitsluitend hernieuwbare waterstof zal leveren. @@ -624,8 +639,8 @@ b. voor een mkb-onderneming € 160 per kWh opslag. Het subsidieplafond bedraagt voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.3.3, eerste lid, voor het jaar 2024: -a. € 17.900.000 voor advisering en voor de aanleg van laadinfrastructuur die AC laadstations betreft; -b. € 15.542.000 voor advisering en voor de aanleg van laadinfrastructuur die DC laadstations voor andere aanvragers dan OV-concessiehouders of touringcarbedrijven betreft; +a. € 9.900.000 voor advisering en voor de aanleg van laadinfrastructuur die AC laadstations betreft; +b. € 23.842.000 voor advisering en voor de aanleg van laadinfrastructuur die DC laadstations voor andere aanvragers dan OV-concessiehouders of touringcarbedrijven betreft; c. € 3.480.000 voor advisering en voor de aanleg van laadinfrastructuur die DC laadstations voor OV-concessiehouders of touringcarbedrijven betreft. **2.** In aanvulling op het eerste lid geldt dat de Minister in totaal ten hoogste 400 subsidies verstrekt voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.3.3, eerste lid, onderdeel a.